<?xml version='1.0' encoding='UTF-8'?><?xml-stylesheet href="http://www.blogger.com/styles/atom.css" type="text/css"?><feed xmlns='http://www.w3.org/2005/Atom' xmlns:openSearch='http://a9.com/-/spec/opensearchrss/1.0/' xmlns:georss='http://www.georss.org/georss' xmlns:gd='http://schemas.google.com/g/2005' xmlns:thr='http://purl.org/syndication/thread/1.0'><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654</id><updated>2011-04-22T04:37:35.781+02:00</updated><title type='text'>Johan en Christine op wereldreis</title><subtitle type='html'></subtitle><link rel='http://schemas.google.com/g/2005#feed' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/posts/default'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default?max-results=100'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/'/><link rel='hub' href='http://pubsubhubbub.appspot.com/'/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><generator version='7.00' uri='http://www.blogger.com'>Blogger</generator><openSearch:totalResults>35</openSearch:totalResults><openSearch:startIndex>1</openSearch:startIndex><openSearch:itemsPerPage>100</openSearch:itemsPerPage><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-9137092172541473806</id><published>2007-09-02T15:52:00.000+02:00</published><updated>2007-09-02T15:54:44.490+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>17 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Alexandroùpoli – grens Griekenland-Macedonia – Bitola – &lt;br /&gt;grens Macedonia-Albanië&lt;br /&gt;Na een dag rust is de reismicrobe weer een beetje aanwezig, en besluiten we toch nog de Balkan (wel een beetje in snel tempo) door te reizen.&lt;br /&gt;We rijden 300 km langs de prachtige Griekse kust. Een oase voor vrijkampeerders zoals wij. Er is overal plaats, en het is wennen: niemand komt naar je toegelopen om te praten…We zijn hier weer ‘normaal’. Een zwembroek is hier ook weer normaal. Je voelt een druk van je afvallen, na zo’n lange tijd in Islamlanden. Voorlopig hoeft het voor ons niet meer. Welcome home!&lt;br /&gt;Het binneland van Griekenland en Macedonië zijn adembenmend mooi. In die tijd van het jaar vallen de rijpe kersen je zo in de mond. De mensen zien er heel rustig en vriendelijk uit in Macedonië. We vinden vlak voor de grens een slaapplaats aan de rand van het bos.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;18 juni ’07&lt;br /&gt;grens Macedonië-Albanië – Elbassan – Tirana – Shakoder – grens Albanië-Montenegro – Podgorica – Petrovac – Kotor&lt;br /&gt;Weer eens gewekt vannacht, dit maal door de boswachter: ‘Wat doen jullie hier eigenlijk??’&lt;br /&gt;Albanië is het armste land van Europa. Misschien voor ons het duurste. Hier is nog een visum van 10€ verplicht, en een wegentaks van 4€/dag!&lt;br /&gt;De tocht door het gebergte naar Tirana is weer eens adembenemend: een echte ‘route des crètes’, dus nogal gevaarlijk. Neem het roekeloze rijgedrag van de Albanezen in hun mercedessen er nog eens bij, en je hebt een perfecte coctail voor een aaneenschakeling van autokerkhoven. We stoppen er bij eentje en doen ons tweede reservewiel cadeau. Bij ons is het toch maar voor de storthoop. Hier rijden ze de versleten band nog volledig op!&lt;br /&gt;Tirana ziet er een leuke stad uit, wel zonder ook maar één wegwijzer…Een klein probleempje dus voor ons. Ja,juist. Met een tong in de mond…&lt;br /&gt;Ondanks alle mediaberichten a la ‘Albanese mafia, zo arm als de straat, al kommer en kwel…zijn 3 auto’s op vier van het merk Mercedes! Misschien nodig om je te verschansen in het supergevaarlijk verkeer?&lt;br /&gt;Monenegro. De jongste Europese staat! Meer dan een bezoek waard. De kust is adembenemend mooi… &lt;br /&gt;Met welk geld moet je hier nu weer betalen? Simpel meneer. In Euro’s, alhoewel we (nog) geen lid zijn.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt; 19 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kotor – grens Montenegro-Kroatië – Dubrovnik – &lt;br /&gt;grens Bosnië-Hercegovina – Omis&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;We blijven maar grenzen overgaan langs de prachtige Balkankust! Een diepblauwe zee met de meest grillige rostsformaties, eilanden, versterkte stadjes..&lt;br /&gt;Dubrovnik. Foto’s getuigen van de recente oorlogen maar je kunt er niets meer van zien. Hoe hier in zo’n korte tijd alles hersteld is en waarom in Afrika alles blijft duren…?&lt;br /&gt;Omdat het hooggebergte tot aan de kust reikt valt het niet mee om een kampeerplaats te vinden. Muggen zijn ook overal van de partij dicht aan zee…&lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;20 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Omis – Split – Ravanjska – Karlobag – Rijeka – grens Kroatië-Slovenië – Podgrad – grens Slovenië-Italië – Treviso – Vicenza – San Bonifàcio&lt;br /&gt;We rijden maar verder, inham in, inham uit. Tot de weg resoluut kiest voor het bijnnenland vlak voor Rejika. Slovenië ziet er heel liefelijk en mooi uit, maar we rijden maar door tot Triëste.&lt;br /&gt;Dit deel van  Noord-Italië is een echte hel! We waren vergeten hoe druk de wegen in Europa eigenlijk wel zijn. Over de gewone weg is echt niet te doen: wellicht is de lintebouwing nog erger dan bij ons. Een plaats om vrij te kamperen geven we op en belanden op de parking van de snelweg.&lt;br /&gt;’t Is eens wat anders.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;21 juni ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;San Bonifàcio – Verona – Brescia- Cremona – Piacenza – Alessandria – Asti – Alba – Fossana – Cuneo – grens Italië-Frankrijk(Tunnel de Tende) – Tende – Vintimiglia – Menton&lt;br /&gt;We bevoorraden in de Italiaanse versie van de Auchan. De weelde en overvloed, vooral van het klaargemaakte eten, stoot je tegen de borst als je van Afrika komt. Je mag er niet aan denken wat er gebeurt met al dat lekkers dat niet verkocht is vanavond, en toch weet je het: het wordt weggeworpen…Hoe triest. Illeret, Hira,,…Het komt als een film, weerkaatst op de eindeloze, blinkende koeltafels.  &lt;br /&gt;De weg over de Alpen naar Menton is super! Zowel aan de Italiaanse als aan de Franse kant is het genieten in de hoogste graad. Wat is Europa toch mooi. Ieder dorp is weer een juweeltje…&lt;br /&gt;En dan, de Middelandse Zee, en Menton. We draaien onze vertrouwde camping op, nu is het écht ‘welcome home’!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Menton&lt;br /&gt;De olijventuin zonder muggen is zalig om te kamperen! Een echte rust en verademing voor ons. Wat is het heerlijk om in Europa te zijn, en zeker in Franrijk. &lt;br /&gt; &lt;br /&gt;23 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Menton – Monaco – Menton&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;24 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Menton&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;25 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Menton – Castellar – Grammondo(Italië) – Berceau – Plan de Lion – Menton&lt;br /&gt;&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;26 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Menton – Nice – Puget-Théniers – Entrevaux – St André-les-Alpes – Sisteron - Amandes&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;27 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Amandes – Laragne – Serres – Aspres – Col de Cabre – Die – Valence – Annonay – St-Etienne – Roanne – La Pacaudière &lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;28 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;La Pacaudière – Moulins – Nevers – Montargis – Fontaineblau – Paris&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;29 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Paris – Lille – grens Frankrijk-België – Oostende – Dranouter&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;30 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Dranouter&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;1 juli ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Dranouter – Brugge, Kievitstraat!&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-9137092172541473806?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/9137092172541473806/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=9137092172541473806' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/9137092172541473806'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/9137092172541473806'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/09/17-juni-07-alexandropoli-grens.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-7728081376199150954</id><published>2007-06-16T11:04:00.000+02:00</published><updated>2007-06-16T11:08:50.501+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>11 juni ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Okurcalar – Antalya&lt;br /&gt;We genieten toch nog een half dagje na van het blauwe zwemwater, maar zeggen dan definitief de gebetonneerde kust vaarwel. Je komt direct weer in een andere wereld. Dennebossen maken plaats voor drukte. We slaan een boswegel in en vinden een mooie plaaats onder de dennebomen. Het groen van het bos doet deugd.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;12 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Antalya – Yesilova (Salda Yolu)&lt;br /&gt;Het binneland van Turkije is prachtig! Na elke bocht weer een ander mooi zicht. De dorpen stralen rust en gezelligheid uit. Via kleine wegen reizen we verder tot aan het Saldameer. We kunnen kamperen aan de rand van het meer, ons privé aards paradijsje. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;13 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Yesilova – Pamukale – Pamucak&lt;br /&gt;Pamukale moet ooit mooi geweest zijn, maar nu? De moeite niet waard.&lt;br /&gt;We vervolgen de hoofdweg richting Izmir, maar draaien af naar het strand van Pamukak om te kamperen. Je staat er alleen en goed om te zwemmen, maar de muggen en het vuil moet je erbij nemen…&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;14 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Pamucak – Efese – Pamucak&lt;br /&gt;De marktplaats van Efese is de moeite waard om te bezoeken. Wellicht is er nu méér volk dan in de Romeinse tijd! &lt;br /&gt; &lt;br /&gt;15 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Pamucak – Canakkale – grens Turkije-Griekenland – Alexandroùpoli&lt;br /&gt;We vervolgen de drukke kustroute met prachtige zichten op de Griekse eilanden. En dan. Plots! We zien aan de overkant van de Dardanellen…Europa!&lt;br /&gt;Twintig minuutjes veerboot, en ja. We zetten weer voet op Europese bodem.&lt;br /&gt;Twee uur later zijn we in de Europese Unie, Griekenland! Welcome home! &lt;br /&gt;Ja, het is home…!&lt;br /&gt;Euro’s rollen zonder problemen en wisselkoersen uit de muur. Tanken? Visa, zonder kosten, natuurlijk. We nemen een kampeerterreintje in Alexandroùpoli aan het strand en weten direct weer wat een supermarkt is, een warme douche en een pròper strand… &lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;16 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Alexandroùpoli&lt;br /&gt;We hebben een mooie beschaduwde kampeerplaats, vlak aan zee. En een kampeerterrein geeft je dan weer dat ontspannen gevoel waar we nu eigenlijk wel nood aan hebben. Nog een kleine twee weken…&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-7728081376199150954?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/7728081376199150954/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=7728081376199150954' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/7728081376199150954'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/7728081376199150954'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/06/11-juni-07-okurcalar-antalya-we.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-1974418124744186698</id><published>2007-06-11T14:10:00.000+02:00</published><updated>2007-06-11T14:12:34.068+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>27 mei – 3 juni&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nuweiba&lt;br /&gt;Verslag en foto’s van méér dan een maand. Het vraagt véél meer tijd dan we dachten. Nuweiba is de ideale plats daarvoor…’s Avonds, 1 juni is alles afgewerkt. Moe, maar voldaan nemen we ons laatste avondmaal bij Ashraf. Zijn zelfgevangen en gebakken vis is overheerlijk. We besluiten ook voor de rest van de reis geen gedetailleerd verslag meer bij te houden. We gaan op rust! &lt;br /&gt;In die 8 dagen zijn we hier echt een beetje thuis geweest. Maar, we namen geen vakantie. Dat is dan het nadeel een laptop mee te hebben! Tijdens het overgezellige avondmaal overspoelt ons het geluid van de branding, en besluiten nog één dag te blijven, gewoon om wat te zwemmen en te niksen…&lt;br /&gt;Tijdens het niksen krijgen we het aanbod om alsnog te gaan duiken, met een lokale Bedouin. De prijs is  maar een fraktie van wat je normaal betaalt. Waarom niet? De laatste dag wordt dus genieten van de onderwaterwereld in de Rode Zee. Toch nog steeds indrukwekkend…&lt;br /&gt;En natuurlijk ontmoet je steeds weer mensen. Bladzijden en bladzijden interessante gedachten kun je noteren…De conservatoriumstudent, Ashraf, de caféhouder in Nuweiba… Het zijn stuk voor stuk gesprekken die je steeds weer aan het denken zetten. Over de corruptie van hoog tot laag in de Egyptische maatschappij: Hoe de inkomsten van olie, Toerisme en het Suezkanaal niet gebruikt worden voor de gewone mens, maar een kleine groep steenrijk maken. Hoe onderwijs voor iedereen er enkel op papier is: de leraar is misschien 5 min per dag in klas, of slaapt de ganse dag. De dokter heeft zijn diploma ‘gekocht’ en kent er niets van…&lt;br /&gt;De invloed van het kolonialisme, de wereldpolitiek, de almacht van de VS en Israël…&lt;br /&gt;We vergelijken het starre van de Islam met de situatie in Europa in de middeleeuwen. De kruistochten brachten ons in contact met de Arabische wereld, waar wetenschap en wiskunde een hoge bloei kenden. Veel van die manier van denken brachten we mee naar huis. Het is de kiem voor wetenschappen geweest in Europa, in een tijd waarin ‘niets’ mocht.&lt;br /&gt;Hier mag nu ook ‘niets’. Maar je kunt het niet tegenhouden. Via satelliet TV en internet kunnen mensen alles zien. Een vrouw is hier ‘onbereikbaar’, maar jongeren kunnen de ganse dag naar pornosites kijken. En dit verontrust ouders. Terecht. Ze weten er geen weg mee. De imam is het zeker: het westen is verderfelijk!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;4 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nuweiba – grens Egypte-Jordanië – Aqaba&lt;br /&gt;Zonder chai raken we hier niet weg. Ashraf neemt afscheid als een echte vriend, met de nodige geschenken…’Je komt ooit terug!’ We denken het niet.&lt;br /&gt;Dan de ‘gekke boot’. En de corruptie aan de grens. Nu moeten we plots een brandblusapparaat in de auto hebben! We laten ons natuurlijk niet doen maar alleen is dat alles zo vermoeiend…Het duurt ùren, maar we plooien niet: géén smeergeld!&lt;br /&gt;Op de boot praten we met Amerikanen. Ze kunnen reizen in het Midden Oosten, maar worden extra begeleid en beschermd op hun trip. Nee, ze zijn het helemaal niet eens met de buitenlandse politiek van Geoge W. Bush. Maar wat hen nog meer verontrust is de stijgende ongelijkheid binnen de VS. Voor een goed college of universiteit moet je astronomische bedragen op tafel leggen. Enkel rijken kunnen dit. Ook een volledige ziekteverzekering is voor veel Amerikanen niet meer te betalen…Wij kunnen fier antwoorden: ‘In ons land heb je hetzelfde onderwijs en dezelfde dokters, als je nu arm bent of rijk!’ Leven wìj dan toch in het aards paradijs?&lt;br /&gt;Vier uur varen…Je komt al in een andere wereld: Jordanië. De grensformaliteiten worden correct en snel afgehandeld. We bevoorraden in het centrum van Aqaba, je proeft de ontspanen sfeer. Het beklemmende van Egypte ligt achter ons…&lt;br /&gt;De storm op het strand van Aqaba is weinig bevorderlijk voor een rustige nacht! &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;5 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Aqaba – grens Jordanië-Syrië – Al Qutayfah&lt;br /&gt;Woestijn, droogte, hitte…We rijden het gewoon voorbij, nu. Het is genoeg geweest. We verlangen naar groen! Friste!&lt;br /&gt;Syrië is minstens zo erg als Egypte. De grensovergang ook hetzelfde: we hebben Syrische ponden genoeg mee om alles te betalen, maar nee. Je wordt verplicht vreemde valuta te wisselen, die we niet voldoende bij ons hebben…En natuurlijk is iemand bereid te wisselen onder tafel…Dit eindeloze gesjoemel zijn we kotsbeu. Toch lachen we in ons vuistje bij de nauwkeurige controle van het paspoort: hihi, we waren tòch in Israël!&lt;br /&gt;In de Syrische bergen vinden we een leuke kampeerplaats.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;6 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Al Qutayfah – Homs – Craq des Chevaliers – Tartus – Latakia – &lt;br /&gt;Ash Shabatliyah&lt;br /&gt;We schuiven snel op in Syrië via het uitstekende wegennet, maar besluiten de omweg naar Aleppo niet meer te maken. We hebben Arabische steden, Souks…genoeg gezien.&lt;br /&gt;Craq des chevaliers is een schitterende kruisvaardersburcht, maar we lopen er een beetje vermoeid bij. Je moet het bekennen: ons reisvatje zit vol. We zijn gewoon oververzadigd…&lt;br /&gt;Het strand is vuil maar het is toch een ontspannen kampeerplaats. Mensen komen een praatje maken. Ook vrouwen zonder sluier. We zijn precies niet meer in Syrië. Alles ruikt al naar Turkije…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;7 juni ‘07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ash Shabatliyah – grens Syrië-Turkije – Antakia&lt;br /&gt;De autoriteiten zijn ook hier weer bijzonder lastig. Alle chauffeurs in de rij vòòr me geven smeergeld. Ik dus niet. Jammer voor hen kan ik de Arabische getallen lezen op de takszegels, en ik wil geen cent méér betalen. De controles duren daardoor langer. De auto wordt onderzocht, maar ik kijk zelfverzekerd schuin in de lucht. (Bij mezelf denk ik: als ze zoeken tot op het bot vinden ze nog onze Israëlische reisgids, of het restje shenkels voor mijn klarinetleraar…) Na een tijd geven ze het op, er komt toch geen geld, het is heet in de auto en de beambte is dik en zweterig.&lt;br /&gt;Welcome to Turkey! In Antiochië ben je precies weer in de vrije wereld! Alles is zo ontspannen, gezellig…We nemen een hotelletje in het stadscentrum, want het is lang geleden dat we een goede douche zagen.&lt;br /&gt;.&lt;br /&gt;8 juni ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Antakia – Erdemli&lt;br /&gt;Het historische centrum en de musea van Antiochië zijn niet superboeiend, of hebben we gewoon zin om dichter naar huis te rijden?&lt;br /&gt;Na Adana buigt de snelweg richting Ankara.&lt;br /&gt;-Als we hier inslaan en doorrijden kunnen we in 5 dagen thuis zijn.&lt;br /&gt;-Ik heb er eigenlijk wel zin in. Misschien is dit na een jaar het énige wat je nog écht wil…&lt;br /&gt;-Misschien wel, maar het is niet verstandig, zo halsoverkop. We voelen ons vermoeid, het is beter in die laatste weken op ’t gemak naar huis te rijden en nog wat te recupereren. Niets mòet nu nog…We rijden niet méér dan een uur of vier per dag.&lt;br /&gt;-Het is ook leuk dat de kinderen ons opvangen in het laatste stukje buitenland en dat we dan samen het weekend doorbrengen.&lt;br /&gt;-Ja, en Menton willen we ook nog passeren.&lt;br /&gt;-En in Parijs in de rue St.-Jacques is de cirkel pas helemààl rond.&lt;br /&gt;-Op zondag 1 juli komen we dan terug thuis in de Kievitstraat.&lt;br /&gt;-Net 365 dagen na ons vertrek…&lt;br /&gt;-Hmm…, misschien. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Erdemli – Anamur &lt;br /&gt;Het hooggebergte komt hier tot aan de zee. We rijden voortdurend hoge bergpassen over, met zicht op de blauwe Middellandse Zee.&lt;br /&gt;We belanden 7 km voor Anamur op een leuk kampeerterreintje, maar toch niet leuk genoeg om er te blijven.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;10 juni ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Anamur – Alanya – Okurcalar&lt;br /&gt;Parlementsverkiezingen en vaderdag in België. Je mist het weer…&lt;br /&gt;Telefoneren gaat moeilijk. De Vlaamse wereldomroep op de korte golf kun je wellicht enkel nog goed ontvangen op de top van een kerktoren in Vlaanderen.;;! ‘Pa, neem het vrt-nieuws op internet!’ (Koenraad) We zien de eerste extrapollaties van de verkiezingsresultaten.&lt;br /&gt;De Turkse rivièra kan ons helemaal niet bekoren! Veel verkeer, wegen, bebouwing… Het stikt hier van de Duitse toeristen. Je wordt ook gewoon in het Duits aangesproken: Het Duitse Benidorm. En een mooie plaats vinden om vrij te kamperen zit er met de drukke kustweg vlak aan zee ook niet in. We belanden op een vuil strand dicht bij de weg. Het water is azuurblauw, maar…wat doen we hier eigenlijk???&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-1974418124744186698?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/1974418124744186698/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=1974418124744186698' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/1974418124744186698'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/1974418124744186698'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/06/27-mei-3-juni-nuweiba-verslag-en-fotos.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-931782046405078314</id><published>2007-05-31T11:52:00.000+02:00</published><updated>2007-05-31T11:54:48.147+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>20 april ’07&lt;br /&gt;Nuweiba&lt;br /&gt;Vandaag onze laatste kans om te duiken in de Rode Zee. Maar, de foto’s zijn nog steeds niet volledig bijgewerkt en de rugzakken nog niet volledig gepakt. We werken verder. &lt;br /&gt;Het is 14 h nog niet klaar. We zijn het beu en maken een wandeling aan zee. Duiken zit er niet meer in. We voelen ons vermoeid en hebben beiden weinig zin om het laatste deel van onze reis te beginnen. We verlangen naar huis. De reisvoorbereiding van de laatste dagen heeft ons weinig enthousiast gemaakt: gevaar voor malaria, onveiligheid, geen of weinig openbaar vervoer…&lt;br /&gt;-We kunnen ook naar huis rijden, de kosten voor het Soedanvisum en ons treinticket zijn niet zo hoog. Het is niet erg als we het verliezen.&lt;br /&gt;-Ja, ik wil eigenlijk ook rust, vakantie! Op ’t gemak naar Turkije, Griekenland…&lt;br /&gt;-Ik weet het niet. Misschien, als we beginen rijden is er maar één plaats meer waar je echt naartoe wil: Belgïe?&lt;br /&gt;-Laat ons de rugzakken nu afwerken en morgenochtend beslissen of we naar Afrika gaan of niet…&lt;br /&gt;We werken verder tot 20 h, afspraakuur met Ashraf, de campingbaas. We nemen het avondmaal bij hem in plaats van zelf  te koken om hem iets extra te laten verdienen, want we mogen hier in principe gratis kamperen.&lt;br /&gt;Het is een maaltijd om ‘U’ tegen te zeggen! Een grote zeevis als ovenschotel, gevuld met groenten en aardappeltjes, rauwe groenten, rijst, brood, twee kleinere gebakken visjes…We laten wat over, wat niet onze gewoonte is!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;21 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nuweiba – Caïro&lt;br /&gt;We besluiten uitindelijk toch te vertrekken, maar het deel Kenia in te korten ivm malaria. We nemen tot Addis geen malariatabletten, omdat het risico tot daar ‘laag’ is. We nemen wél medicatie mee voor het geval we malaria oplopen in Sudan. Na Addis Abeba kunnen we die medicatie (malarone) dan voor 14 dagen preventief nemen. Omdat je na Addis afdaalt in de Centraal Afrikaanse Slenk, dus zeer heet. Het is daar ook regenseizoen. Heet en vochtig, risico ‘zeer hoog’. Indien we de planning goed bekijken zal onze tocht dus een goeie vier weken duren. We kiezen ook om het vliegticket niet vast te leggen. Indien we de nodige energie niet meer kunnen opbrengen kunnen we ook in Addis of Karthoum terugvliegen naar Caïro. Het is té gek om tegen heug en meug te moéten doorreizen.&lt;br /&gt;We nemen afscheid van de campsite-baas. Nu heeft hij geen enkele klant meer. Een beetje triest.&lt;br /&gt;Caïro direct, now! Maar wel met zes autostoppers.&lt;br /&gt;Over de ringroad naar de campsite in Giza. Nog alles wat op orde zetten, frigo uitwassen, accu loskoppelen. So long dear fellow..! Het is precies weer een stukje van jezelf achterlaten: de vleespotten van Egypte…&lt;br /&gt;We gespen de rugzakken om: het laatste deel van onze reis is begonnen!&lt;br /&gt;In de minibus naar pyramidroad en hebben een eerste plezant gesprek. ‘Kom je chai drinken bij me thuis? Ik ben hier in Caïro voor het huwelijksfeest van mijn neef. Waarom kom je niet meevieren morgen?’&lt;br /&gt;Nunog de bus op Pyrmidroad. ‘Giza metro, metro Giza; Giza metro, metro Giza…De busbegeleider hangt aan de buitenkant van de bus en schreeuwt voortdurend de bestemming in het rond. (bij ons is dit een plakkaatje…)&lt;br /&gt;Zijn stem gaat verloren in de immense drukte, maar het is voor mij mooier dan muziek. Metro Giza, Giza metro,…De nokvolle bus rond je. De chaotische piramidroad. Je wordt weer één met…Het doet deugd weer zò te reizen! &lt;br /&gt;Eerst internetten en telefoneren nu het hier nog vlotjes kan.&lt;br /&gt;We nemen een budgetkamer aan het station. Het lawaai en de drukte gaat door de oorstops. Maar…daar reis je toch voor?&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Caïro – Aswan&lt;br /&gt;Vanop de trein zie je een heel ander Egypte. Je merkt dat Caïro met zijn méér dan 15 miljoen mensen gewoon uit zijn voegen barst. Het vuil ligt overal.Vooral plastiek. Zoals overal op de wereld is ook hier de winkel erg kwistig met plastiek zakken, en er is geen vuilophaling. Mensen hebben zo hun persoonlijk stortje: achter de muur, in het kanaal…Of ze verbranden alles in een olievat! Dioxine geen probleem. Vòòr we kunnen sterven aan kanker zijn we al lang dood van iets anders. Naast het stinkend stort in het smerig kanaal wassen mensen hun kleren, doen de vaat, het groententuintje krijgt hetzelfde water…&lt;br /&gt;We rijden dwars door de Nijlvallei. Het landschap is groen, groen, groen. Mensen leven van de landbouw in een superdichtbevolkt gebied. Erachter de woestijn. Er zijn zovéél mensen. Ik durf niet zeggen téveel, maar als je na zo’n reis niet overtuigd bent dat geboortebeperking méér dan hoogdringend is moet je wel scheel en blind tegelijk zijn. Bijna alle mensen hier, en ook in Azïe zijn jong. Ik denk aan het ‘oude’ Europa. Binnenkort is de helft van België met pensioen. Tekort aan jongeren. Hier teveel. Waarom bij ons de pensioenleeftijd verhogen? Waarom kunnen we buitenlandse jonge mensen niet de kans geven enkele jaren bij ons te komen werken, met verplicht vertrek achteraf? In enkele jaren tijd kunnen ze een klein kapitaaltje bijeensparen om in hun eigen land iets te beginnen, wat daar dan weer daar de economie op gang kan trekken. Over die verplichte terugkeer moet je niet sentimentel doen, want het is niet goed dat massa’s mensen definitief naar Europa komen.&lt;br /&gt;Voor de meeste mensen is het leven moeilijk. Gore huizen of hutten met stoffige aarden steegjes ertussen. Hard werken op het veld in de hitte. Het doet aan de treinrit dwrs door Java denken. Toch sraalt alles rust en hoop uit.Ze hebben het véél moeilijker dan de meeste Europeanen maar zien het zitten: Allah zorgt voor hen. Of met de woorden van Ashraf: In Europa maar al ook hier zijn er veel mensen die voortdurend geld achternajagen. Een goed Moslim heeft voldoende als hij kan leven en werkt aan zijn binnenkant. Het zijn wijze woorden. Niet voor één of andere godsdienst, maar voor iedereen. Of in ons gesprek op de bus, gisteren: ‘Ik ben gehuwd met een Zweedse vrouw en was in Nederland. Ik vroeg aan een voorbijganger hoe laat het was, maar hij had geen tijd. Stel je voor!! Nederlanders moeten toch wel echt koude mensen zijn. Gelukkig zijn jullie geen Nederlander!’ Hier inderdaad onvoorstelbaar. ‘Welcome to Egypt’. Het moet gezegd. Mensen zijn over de ganse wereld een stuk warmer, gastvrijer dan de meeste Europeanen. En dit doet veel méér deugd dan onze materiële rijkdom. &lt;br /&gt;Vanop de trein kijk je binnen in de dorpen, de straatjes: Moeders met kinderen. De was. Eten koken. Al Jazeera, maar ook alle Amerikaanse soaps via het bos aan schotelantennes. Een boer op zijn ezel.&lt;br /&gt;Op de MP3-speler zingt Aznavour: ‘Moi, qui n’a connu que le ciel du nord, enmenez moi au bout de la terre, enmenez moi aux pays des merveilles, il me semble que la misère serait moins pénible au soleil’.&lt;br /&gt;‘La bohème, ça veut dire que je suis heureux, nous vivions de l’air du temps et nous ne mangions qu’un jour sur deux’ &lt;br /&gt;Je kijkt over de schoolmuur. Het wemelt van de kinderen (ik denk aan de speelplaats van Olva). Huizen in opbouw. Twee kinderen op een ezeltje. Karren en karren suikerriet. De Nijl. Palmbomen. Citroengele graanvelden. De volledig gesluierde vrouw in het coupé naast ons waarvan het zoontje zo graag met ons wil komen spelen. De arbeiders, glimmend van het zweet op ‘t perron…&lt;br /&gt;Het landschap schuift voorbij als een ode aan de mens. Ideaal om onze reisenergie weer vol te tanken.  &lt;br /&gt;     &lt;br /&gt;23 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Aswan&lt;br /&gt;De trein had ùren vertraging, dus slapen begon pas in de vroege uurtjes. Om 9 h schieten we wakker. Oei! te laat op het kantoor van de bootmaatschappij! &lt;br /&gt;Vlug kleren aanschieten en een ochtendloopje. &lt;br /&gt;-Vanaf vandaag is het kantoor verplaatst naar de high dam, sir, om U beter te kunnen dienen!&lt;br /&gt;-Is ons ticket in orde?&lt;br /&gt;-Weten we niet…&lt;br /&gt;Vlug nog de foto-cd’s op de post, wat inkopen doen en de taxi in naar de high dam.&lt;br /&gt;We spreken 20 Eg Pond (2,5€) af, maar na vertrek zaagt en discussiërt de chauffeur de ganse weg. ‘We spraken 20 € af, niet in Eg pond’. We hebben het al op de zenuwen van vanmorgen vroeg, en kunnen hem wel door het sleutelgat van zijn aftandse ‘peugeot familiale’ duwen! Hopelijks is ons ticket in orde, want de volgende boot is één week later!&lt;br /&gt;Aan de haveningang  is het chaos troef, maar na wat zoeken vinden we toch het juiste bureautje. Wonderbaarlijk, het ticket is greserveerd. Onze naam is op hun lijst ingevuld en al! ‘We waren op jullie aan het wachten, sir, je moet enkel nog betalen’&lt;br /&gt;Na de vele controles staan we op de kade. Wat een boel. De bagage is niet te overzien. Het schip wordt werkelijk volgestouwd. En volk! Alles wordt manueel uit kleine trucks overgeladen: frigo’s, TV’s, kisten sinaasappels, een Louis 15 salon,… Als òns schip té vol is, wordt een tweede, platte schuit volgepropt. En hoe? Alles door mekaar. Hoe dìe onderste kist fruit of wasmachine daar heel uitkomt??Alle pakken worden kriskras door mekaar gesmeten, op een toren, tot er écht geen meer bij kunnen. Wellicht vallen er pakken af onderweg.&lt;br /&gt;De boot zit afgeladen vol met Soedanezen. We zijn precies in een andere wereld terechtekomen: zwart Afrika. Als Azië dan al ‘slowly, slowly’ was, is het hier extra slowly.&lt;br /&gt;‘Wanneer vertekt de boot’ is een vraag die je hier niet stelt. ‘Als alles klaar is.’&lt;br /&gt;Op de boot ontmoeten we andere toeristen, net zoals wij. Het is leuk wat te praten met iedereen, maar toch valt het gezelschap wat uiteen in twee groepen: de backpackers en de jeeppackers (reizen eerste klas, méér onze leeftijd, wat bezadgder, en allen op weg met de jeep naar Kaapstad)&lt;br /&gt;Onder de backpackers ontmoeten we Kobe en Lea uit Antwerpen. Ze zijn reeds 7 maand met de fiets op weg van Antwerpen naar Oeganda. Daar willen ze een eigen ontwikkelingsproject opstarten, en daar nog één jaar in meedraaien, vòòr ze terugkeren naar België. Twee fijne jong mensen. Het klikt meteen heel goed tussen ons en het doet deugd je eigen taal te kunnen praten.&lt;br /&gt;We reizen alle vier tweede klas. Dat wil zeggen: je moet maar ergens op de stampvolle boot een slaap-of zitplaats zien te vinden.&lt;br /&gt;Vlak vòòr het vertrek arriveren nog 4 Finse jongens. Ze zien er heel avontuurlijk uit en sluiten meer aan bij de backpackers. Via sponsering hebben ze hun reis bekostigd. &lt;br /&gt;Het is 18.30 h en bijna donker, maar het is zo ver: We vertrekken!&lt;br /&gt;Christine mag op de mat zitten naast twee Soedanese vrouwen. Ze maken leute en stralen een ongelofelijke onafhankelijkheid uit.&lt;br /&gt;-Waarom draag je geen hoofddoek? Och, dit is enkel voor foto’s of zo. Niet echt verplicht in Soedan. Is dit je man?&lt;br /&gt;-Ja.&lt;br /&gt;-Hoelang ben je getrouwd met hem?&lt;br /&gt;-30 jaar.&lt;br /&gt;-Wablief? ’t Is tijd dat je eens verandert. ’t Is méér dan genoeg met dezelfde!&lt;br /&gt;-Mogen mannen hier meerdere vrouwen hebben?&lt;br /&gt;-Ja, maar niet met mij, anders zou ik vechten!&lt;br /&gt;-Wat is dat eigenlijk in de Islamwereld, er mag nies, maar als ik mijn man alleen laat in Aswan, wordt hij direct aangesproken door het kamermeisje: ‘Do you want sex with me?’ Ook op straat willen mannen sex met hem!&lt;br /&gt;-Och, alle mannen zijn gelijk. Ze bekijken Westerse porno-DVD’s en denken dat Westerlingen hen ongelofelijke sex kunnen bezorgen. Onder vrouwen gezegd: ’t zijn stupiede wezens. Als ’t je niet aanstaat, meisje, zet hem aan de deur!&lt;br /&gt;Ze schaterlachen en slaan op hun billen van plezier. Christine lacht naar mìjn idee net iets té hard mee.&lt;br /&gt;We dachten op het buitendek een slaaplaats gevonden te hebben, maar later blijkt dat dit vrij moet blijven voor…In elk geval het gebed. We hebben dus géén plaats. Maar we zien wel, want de man die het hevigst reageert en de plaats gebruikt voor zijn gebedsmatje verlaat de boot als we vertrekken…We lopen even naar beneden, maar zijn te laat terug. Die plaats is nu al ingenomen door anderen. En er is geen vierkante centimeter ruimte meer vrij op die boot.&lt;br /&gt;We gaan eerst eten met Kobe en Lea en na het eten is het dan plots ok om helemaal vooraan op het schip te slapen. Hebben wij geluk zeg. We klauteren direct met de Finnen naar beneden. Een heerlijke plaats onder de sterren. We vallen in slaap met de maan in onze facie…tot…ons voordek overpoeld wordt door de harde tegenstroom op de Nijl. We gritsen onze spullen naar veiliger oorden. Waar naartoe? Kobe doet navraag en nu kunnen we plots wél helemaal op het bovenste dak van het schip liggen. ‘Why?’ Geen vragen stellen en doorslapen… &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;24 april ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nassermeer - Grens Egypte-Soedan – Wadi Halfa&lt;br /&gt;Om 12 h doemt de haven van Wadi Halfa, Sudan op. Allé, pak je bagge maar vast. Maar oh nee! We gaven gisteren onze paspoorten af, maar die zijn nog  niet gecontroleerd. Nu pas begint de ambtenaar op ’t gemak zijn controle, en ook de kaart voor gele koortsvaccinatie wordt gevraagd. De man neemt elke vreemdeling een interview af. ‘Waarom kom je naar Sudan?Wat denk je van…’&lt;br /&gt;Iedereen is geslaagd voor zijn mondeling examen, maar het duurt ùren in die bloedhete boot.&lt;br /&gt;Eindelijk zetten we voet op Soedanese bodem. Welcome…!&lt;br /&gt;Daarna aan wal beginnen de échte grensformaliteiten, weer met interview,…Nee, tijd bestaat hier niet.&lt;br /&gt;Het is 18 h als we de douane buitenstappen. ‘Je moet je nog laten registreren in Wadi Halfa, maar dit kantoor is nu gesloten.’ Allé, ‘t is dus voor morgenochtend. &lt;br /&gt;Voor een taxi naar Wadi Halfa wordt een woekerprijs geraagd. Bargainen helpt niet. Ze lachen je vierkant uit. Maar dan kennen ze ons nog niet! We gaan die twee km gewoon te voet. Kobe en Lea met de fiets. Michaël (uit Parijs) en Hannes (uit Apeldoorn, Nl) komen met ons mee. Michaël is beroepsfotograaf, klassieke zwart-witfilm. Hij verkoopt zijn foto’s door aan de groothandel. Hannes is computerspecialist, maar heeft de computer voor het moment bekéken. Ze leerden mekaar kennen in Israël en besloten samen naar Kaapstad te reizen.&lt;br /&gt;Alle guesthouses in Wadi Halfa vragen woekerprijzen. Niet te doen. Wij, Kobe en Lea besluiten onze tent in de woestijn te plaatsen. Wanneer we dit van plan zijn komt een man naar ons toe, die tegen een kleine vergoeding een slaapplaats op zijn binnenkoer aanbiedt: dit is het hotel van de Soedanezen. Omdat we daar ook water hebben, nemen we het. We leggen gewoon onze matjes op de grond in open lucht. Best gezellig.&lt;br /&gt;Daarna naar het dorp om een ‘full’ te eten: gestampte bonen met wat rauwe tomaten en sla doorgeroerd. Niet slecht. Ons eten wordt op een nat bord gelegd en de sla is ook gespoeld met nijlwater. Het heeft hier dus weinig zin je water nog te filtreren. Ik drink dus direct het plaatselijk water. (Christine wil even afwachten  om te kijken of ik ziek wordt)&lt;br /&gt;Terwijl we eten op straat kun je het leven in Wadi Halfa gadeslaan. Alles is zo kleurrijk, zo levendig. Je krijgt er een gelukzalig gevoel van. Mensen komen goeiendag zeggen, een praatje maken…Dit contact is de energie die je op zo’n reis steeds terugkrijgt. We zijn heel blij hier te kunnen zijn. Helemaal anders dan Azië.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;25 april ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Wadi Halfa – Abri&lt;br /&gt;‘Registreren!’ Als je nog niet wist wat het was, weet je het nu. We worden van het ene politiekantoor naar het andere gezonden. Stempel hier, stempel daar. Met de nodige zegeltjes. Je moet goed opletten. Die deugnieten zeggen de prijs in USD, en dan betaal je een pak méér.&lt;br /&gt;Op het einde is het helemaal goed. De meeste toeristen vòòr ons betaalden 1000 Soedanese pond voor dossierkosten, maar Kobe ving op dat je dit niet moet betalen. &lt;br /&gt;Mìjn paspoort wordt als eerste afgestempeld. (Ik gìl als hij dat wil doen op een nieuwe bladzijde, dus niet!) ‘Dat is dan 1 000 S. Pond.’ Ik steek mijn paspoort in mijn zak. ‘No, sir, I don’t pay!’ Een heel turmult. Smijt zijn boek dicht en wil niet meer verder doen. Dan neemt hij enkele Soedanezen vòòr en loopt gewoon weg. Daar staan dan de andere drie! Na 20 min palaveren kan Kobe hem tot rede brengen: ‘Waar zijn de takszegeltjes?’ Die blijken er dan toch wél te zijn, voor 200 S P. De rest is ‘sevice’. Allé, ’t is toch maar 5X zoveel! We betalen dus die 200 wel, maar niet de sevice. Heel kwaad kunnen ze niet anders dan de andere drie paspoorten ook in orde brengen.&lt;br /&gt;Het heeft ons weer een halve dag gekost om dit in orde te krijgen. Maar ja, wat is tijd hier?&lt;br /&gt;Onze plaats op de bus is normaal gereserveerd van gisteren, maar we weten niet hoe laat hij vertrekt. De eigenaar zegt 14 h. De politie 16h en de mensen 17 h.&lt;br /&gt;We geloven misschien best de eigenaar. Om 14 h draait de motor al en toetert hij heel het dorp overhoop met zijn muziekale claxon: ‘snel, snel, we moeten direct weg!’ Oef, best dat we op tijd waren.&lt;br /&gt;De bus (in Europa noem je dit niet zo: een open stalen vehikel, waar de zitjes nog te smal zijn voor anorexiepatiënten) schiet weg, als was het voor de finale van de internationale busraces. Maar wat blijkt? De liedjes blijven rondtoeteren in Wadi Halfa tot hij bomvol zit. het wordt 15 h, 16 h, 17h,…Of: iedereen heeft gelijk: de bus vertrekt inderdaad om 14 h, maar ook om 15, 16,…&lt;br /&gt;Eén van de laatste haltes zijn we getuige van een hartverscheurend tafereel. Een tiental vrouwen nemen plaats op onze bus en vertrekken weelicht voor héél lang. Ze snikken hartverscheurend. De halve wijk is verzameld. Als we wegrijden gaat het gesnik over in hartverscheurend wenen, tieren van verdriet. Het typisch hoge keelgeluid ratelende tong wordt uitgestoten. Paniek! Een inferno! Hoe erg. We zijn ook heel aangedaan en durven bijna niet opkijken bij al dat menselijk leed. Ik steek me een beetje weg achter mijn zetel, maar, hoor ik daar niet lachen?? Niet te geloven, in enkele minuten tijd zijn de tranen gedroogd en is de sfeer méér dan uitbundig: er wordt gelachen, nee, geierd, gezongen, gebruld. Véél en véél luider dan een bus uitgelaten schoolkinderen, terugkerend van de jaarlijkse schoolreis. Je begrijpt niet wat ze naar de mannen roepen, maar ik zou de blikken weg en weer met zekerheid wulps durven noemen! &lt;br /&gt;Dit gaat zo maar door. Tot Lea een foto wil nemen van het jongetje dat in slaap viel op de schoot van Christine. De moeder veert recht. ‘Het mag niet!’Hup, plezier gedaan. Er barst een luide discussie los met pro en contra. Maar de ma (2X het volume van Christine en geen katje om zonder handschoenen aan te pakken!)moet het niet weten. Voor ons geen punt. Discussie gesloten. Het zingen (=brullen, klappen, dansen) gaat verder…&lt;br /&gt;Heerlijk zo’n bus!&lt;br /&gt;Dolle ma heeft bij haar bagage een grote ronde plateau in geweven stro. Op zo’n nokvolle bus een nogal onhandig ding. Ze probeert het ding aan iedereen op te solferen, wat met luid gedruis geweigerd wordt door de andere passagiers. Plots schuift ze hem bij Lea en Kobe. Maar Lea laat zich ook niet doen en geeft het onding beleefd, voorzichtig maar toch kordaat terug. Hij belandt naast de vrouw voor me,in de middengang. Maar, zìj schuift de ronde traagjes in mìjn richting!&lt;br /&gt;Ik laat me ook niet doen en duw hem regelmatig terug met mijn voet. Wat denken die matrones wel?? Plots zie ik op ongeveer 5 cm van het plafond een elektriciteitsbuis. Het onding kan er wellicht net tussen. Ik pak de strooien soepschotel en duw hem tussen buis en plafond. De ideale plaats. Niemand heeft er nu nog last van! Maar, er barst een turmult los zoals je je dit niet kunt voorstellen. Ik wordt gefeliciteerd, op de schouders geklopt, iedereen wil me zien al was ik de winnaar van de laatste nobelprijs. Vooral de mannen, maar ook de vrouwen gieren van de pret. Wat een onverwachte oplossing! (want iedereen was natuurlijk met spanning aan het volgen wie zou eindigen met die pieke zot)&lt;br /&gt;We komen rond middernacht toe in Abri. Er is maar één hotel. Als de prijs in Wadi Halfa woekerig was, is het hier super.&lt;br /&gt;-How much for a room?&lt;br /&gt;-1 000 S P.&lt;br /&gt;-You are joking! It’s even cheaper in Paris three stars!&lt;br /&gt;Maar geen geintjes. Te nemen of te laten.  &lt;br /&gt;We zien Michaël en Hannes terug. Met hen David, een Australiër en Eddy, een Engelsman.Ze besluiten samen met Kobe en Lea een kamer te huren (met zes dus), wat het betaalbaarder maakt. Wij willen in dit heet muggenkot niet slapen en draaien ons kont. Hij moet van verder komen om ons als enige hotelier onder druk te kunnen zetten. We vinden wel een kampeerplaats. Het is aardedonker in het dorp. Ik haal de zaklamp uit. Kapot. Stom ding…Toch hebben we geluk. De politie geeft ons een slaapplaats en licht met hùn zaklamp om ons te installeren…&lt;br /&gt;Wanneer we daar goed en wel liggen op onze matjes zien we Kobe en Lea.’Wat denkt die vent wel? Plots wilde hij nog méér geld. We mochten niet meer in de kamer, maximum vier. Dan kon hij nog een volledige kamer aan ons verhuren. Zo belanden we voor een derde nachtje samen onder de sterren.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;26 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Abri – Dongola&lt;br /&gt;Om 6 h maakt de politie ons wakker. Niets aan te doen. Why? helpt niet. We zijn nog bekaf na 5 uur slapen maar mòeten opstaan.&lt;br /&gt;Het is mooi ontwaken aan de Nijl maar we zijn nog alle vier doodmoe. Lea is al twee dagen ziek.&lt;br /&gt;Christine en ik gaan eten zoeken in het dorp. De full gaat er met moeite in bij mij, maar je moet nu eenmaal eten. We komen David tegen: ‘Er is een bocasi(= een soort jeep met laadbak, waar je in kunt plaatsnemen) naar Dongola om10h. We besluiten mee te gaan, samen met Michaël, Hannes en Eddy. Lea is niet voldoende hersteld om de rit aan te kunnen vandaag. Spijtig. We nemen afscheid maar beloven contact te houden…&lt;br /&gt;Er is plaats voor 8 man in de bocasi, vier per rij. We zitten met 5 in de rij, nog 2 of 3 in ’t midden. De rest op ’t dak, als er geen politie is. Bij een politiepost duiken de dakpassagiers er nog eens tussen. Dan kun je niet meer diep àdemen! Maar het is reuzeplezant. De lokale mensen zijn super vrienelijk, de kinderen wonderlijk schattig, met hun zwarte krullebolletje. Ik wil zo’n kleine dreumes een aai over zijn hoofdje geven, maar door het geschok kom ik in zijn oogje terecht. Hij laat zich willig troosten.&lt;br /&gt;‘Is dit je vrouw? Hoeveel kost ze ? Zijn de vrouwen écht waar gratis in België? Mag ik met je meekomen naar België, want ik kan hier geen vrouw betalen!’&lt;br /&gt;De eigenaar van de auto heeft vier vrouwen. Ik wil wat van de prijs afkrijgen en antwoord hem: ‘You are a rich man. Four woman. I’m a poor man, only one woman!’ We hebben veel leute maar de prijs blijft gelijk.&lt;br /&gt;De rit gaat verder dwars door het zand. Er is gewoon geen weg. De hitte is verschrikkelijk en je hoofd bonkt overal tegen door de putten en zandophopingen. Je kunt je voeten niet verzetten. Toch raast de bocasi aan méér dan 80 km/h door de woestijn met achter zich een meters hoog tornado van zand en stof.&lt;br /&gt;Het is lastig maar je krijgt veel in ruil. Het landschap is fenomenaal. Aan de westkant de magische Nijlvallei, oost de woestijn.&lt;br /&gt;Naast me zit een man en vrouw met drie schattige kinderen. Ze ondergaan alles met een waardige rust, in deze moeilijke, naar Europese normen mensonwaardige en gevaarlijke omstandigheden. Er straalt een diepe warmte uit hun blik naar hun kinderen, en ook naar ons.&lt;br /&gt;In Dongola nemen we de overzet en proberen een slaapplaats te vinden. Dit gaat zo: je ziet het opschrift ‘hotel’, maar er is niemand. De eigenaar zit op zijn luie kont aan de overkant van de straat maar doet niet de moeite om te komen. Zitten en niks doen. Wij kunnen het niet. Hier de meest beoefende sport. Wij noemen het wachten. Hier wachten ze op ‘ niets’. Als je na enig speurwerk ontdekt dat hij de eigenaar is, wil hij misschien wel een slaapplaats verhuren, als ’t niet te lastig is.&lt;br /&gt;We nemen een bed buiten, de andere vier in een kamer. Een goede keuze, want buiten is het een stuk frisser. De eigenaar slaapt ook buiten, op zijn ander binnekoertje.&lt;br /&gt;Ook hier moet je je laten registreren. Dit is een papier laten maken voor…?? We weten het niet. De politiepost is 3 km van het centrum. Meteen een avondwandeling. Daar duurt het een uur. Weerom, tijd bestaat hier niet.Je laat je niet registreren, maar je keuvelt en lacht een uurtje en intussen vult de politieman onze vier namen in, in een dik boek. De stroom valt af en toe wel eens uit en dan kun je natuurlijk niet voortdoen.&lt;br /&gt;Iets eten op straat is geestig om het dagelijkse leven gade te slaan. Er straalt een enorme rust uit de mensen. Ze willen ook geen geld van je, zoals in Egypte en laten je gerust. Natuurlijk zijn ze blij dat je iets bij hen eet, maar het is geen platte commerce. Ja, Soedan is een prachtig en heel aangenaam land! &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;27 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Dongola – Karima&lt;br /&gt;Het registratiepapier heb je nodig om de Nijl weer over te steken en verder te reizen. Omdat we met zes op hetzelfde papier staan, ben je verplicht samen te reizen. Maar, de hoteleigenaar wil het papier niet teruggeven. Hij denkt dat hij het moet houden. Na een uurtje palaveren krijgen we het toch los.&lt;br /&gt;David heef dit vanmorgen vroeg al uitgezocht. De tweeënzestigjarige Australiër is in dit moeilijke deel van onze reis een echt godsgeschenk. Hij weet alles direct uit te zoeken omdat hij zo’n enorme reiservaring heeft: werkelijk overal, nog het liefst in verboden gebieden. Wat kan die vent een energie opbengen. En humor! Ook de andere drie zijn aangename reisgezellen.&lt;br /&gt;Nu een bocasi voor Karima zoeken.&lt;br /&gt;Als we dan al dachten dat het gisteren lastig was, is het vandaag nog iets anders. We vinden een open bocasi (=zonde dak) voor de 140 km tussen tussen Dongola en Karima. Eerst is er nog een weg, maar dan gaat het weer dwars door het zand.&lt;br /&gt;Nokvol, in de blakende zon en stof vreten. Het kruipt overal door. Nu begrijp je waarom mensen hier een sluier hebben: om het stof tegen te houden! Een jongen braakt over de rand van de auto. Niemand klaagt.&lt;br /&gt;Het is vier uur berelastig maar onvergetelijk. De stofwolk achter de auto. De zinderende woestijn. De moordende zon. De mannen naast me in wit soepkleed (een term van Koenraad voor de witte jurken die vele  mannen hier dragen) Hun haar is geel. Hun zwarte huid ook. Ik kijk naar beneden om me te beschermen tegen een nieuwe zandwolk, de ogen half toegeknepen. Witte en zwarte tenen door mekaar gestrengeld op de bodem van de bocasi, in een gevecht met de natuurelementen. En dat is nu juist het verschil met enkel maar een mooie woestijn zien. Hier maak je hem mee met de Soedanezen.&lt;br /&gt;Mijn gesprekspartner (als de snelheid iets lager is) is een leraar wiskunde. Lager onderwijs  is hier ongeveer gratis tot 15 jaar en dus toegankelijk voor iedereen. Daarna wordt het moeilijk als je geen geld hebt. Toch lopen enkel de kinderen van de Nijldorpen school. Voor nomaden met kamelekuddes, dieper in de woestijn is onderwijs onbestaand en niemand weet hoeveel mensen er in de woestijn leven…&lt;br /&gt;In Karima is het 48°C, maar het bed is tenminste proper. We slapen weer buiten. Er komt water uit de douche dit keer, om het stof af te spoelen. Zàlig. Na weer eens full hebben we geen slaapliedje meer nodig.   &lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;28 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Karima&lt;br /&gt;Als je je ogen probert open te doen, plakken ze nog dicht van het stof van gisteren. We blijven hier een dag om ons lichaam rust te gunnen vòòr de volgende dolle rit.&lt;br /&gt;We verkennen het dorp in de morgen, maar rond 11h is geen mens meer op straat.Tot 17h moet je binnen blijven. Ook binnen is het 48°C! Drinken en stil liggen. Alles traag doen, ook verslag schrijven. Zo leer je het woestijnleven in één van de heetste landen van Afrika kennen.&lt;br /&gt;Water staat hier centraal. In de reisgids staat:drink enkel fleswater of gefilterd water. Te gek! We zijn het alle zes roerend eens: je moet je lichaam laten aanpassen aan de bacteriën hier, eventueel enkele dagen ziek zijn en dan het plaatselijke water drinken, wel 10 à 15l per dag. Overal staan aarden kruiken langs straat. De aarde is poreus, waardoor een deel van het water aan de buitenkant van de kruik verdampt.Dit vraagt verdampingsenergie ,waardoor de kruik afkoelt. Very clever, of hetzelfde principe waarop een frigo werkt! Een frigo avant la lettre!&lt;br /&gt;Na 17h is het te doen. Mensen komen weer op straat.We wandelen naar de magische  berg ‘Jebel Barkal’. Ooit kwam het Egypte van de farao’s tot hier en ja, rond deze berg zijn pyramiden gebouwd die wonderlijk mooi bewaard zijn. Kleiner dan in Giza, maar niet minder mooi. We zweten de berg op. Het is idillisch. De Soedanese kinderen laten zich aan de zandkant naar beneden rollen. Als kind deden we precies hetzelfde in onze eigen duinen, op hete zomerdagen…&lt;br /&gt;’s Avonds begint het dorp weer te leven. De full komt mijn oren en kont uit. Ik bak wat eieren met brood. Christine gaat met de anderen bonen vreten.&lt;br /&gt;Het is te heet om te slapen. Afspoelen met water. Terwijl de klanken van het dorp de lucht vullen tot wie weet hoe laat, lachen maan en sterren in ons gezicht. Hitte en muggen neem je erbij.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;29 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Karima – Atbara &lt;br /&gt;Dit keer een wat confortabeleler rit in de minibus. Maar toch weer bloedheet en lang. We vertrekken om 8.00 h en rijden bijna in één ruk door tot 15.30h. We zien het niet meer zitten om nog tot Meroe te rijden. Het is precies alsof je bloed op kookpunt staat en je hebt een niet te stillen dorst, alhoewel je de ganse dag bekers water binnen giet. &lt;br /&gt;We besluiten hier te slapen, en op ’t gemak ons potje te koken. Na meer dan een uur zoeken vinden we een geschikt hotelletje met nog juist 2 plaatsjes vrij. Als de anderen vertrekken blijkt er dan toch voor hen nog een kamer beschikbaar. De binnenplaats staat afgeladen vol met bedden. Je kunt er met moeite tussenwandelen. De douche doet zo’n deugd.&lt;br /&gt;Atbara is een gezellig stadje met vriendelijke mensen. We wandelen wat rond in de heerlijke souk en kopen de ingrediënten voor een simpel avondmaal. Roereieren met tomaat en een slaatje van verse tomaten en ajuin.O, we hebben geen bakolie. Geen punt. Iemand rent voor ons naar de winkel en keert terug met voor  1 S Pond olie in een plastiek zakje. Onze reisgenoten vinden het aanstekelijk en trekken ook naar de souk en koken op onze MSR-brander in plaats van het restaurant.&lt;br /&gt;’s Avonds raken we met de Soedanezen aan de praat. We zijn hier duidelijk een curiosum. Ze willen van alles weten! ‘Als je hier 2 maand verblijft, is je huid dan ook zo zwart als de onze?’ Christine doet haar schoenen af (meer mag niet voor een vrouw) om het verschil van enkele maanden te tonen. Leute en plezier verzekerd. Ook de foto’s in ons Soedanboek zijn zeer in trek. Om 22h slapen we onder de volle maan, het is nog steeds 35°C. &lt;br /&gt;Maar…plots begint een zandstorm op te steken! Het stof en de rommel in de lucht meegevoerd spaart ook de open binnenplaats niet. Iedereen draait zich in zijn sluier en bedlaken. Ik doe hetzelfde, maar het zwarte stof  vliegt overal door. Ogen, oren, neus… alles is zwart en onder het laken is het een heuse sauna. Na een dik uur gaat de wind wat liggen. Bed uitschudden en opnieuw douchen. Met antimugspray en oorstops kan de oorverdovende Soedanese TV niet verhinderen dat ik in een diepe slaap val. Christine heeft zich door dit alles niet laten verstoren. Ze slaapt en snurkt er lustig op los in haar lakenzak (waar ze als vrouw altijd in moet slapen), nat van het zweet.&lt;br /&gt;De volgende morgen maakt een oudere vrouw ons duidelijk dat ze onze reisgids wil zien.  Ze toont  ons de foto in het boek van één van haar stamgenoten en wijst heel trots naar haar identieke halssnoer. Ze vraagt aan Christin jouw halssnoer ook van je stam?&lt;br /&gt;30 april ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Atbara – Meroe – Karthoum    &lt;br /&gt;Reizen in Soedan is echt niet simpel. Om de piramiden van Meroe te bezoeken moet je eerst een permit halen . Gelukkig kan dit hier in Atbara. Voor teachers halve prijs. Daarna 2 bussen. Iedere keer wachten tot ze vol zitten. Het blijft dus maar duren. Soedanezen hebben er geen probleem mee: zitten en niets doen (buiten water drinken).Voor ons wat moeilijker, maar het wachten is ideaal om een praatje  te maken en het leven hier gade te slaan. Een hand geven gebeurt hier met een aanloop, een  “slag” op je hand! Diepgemeend en heel deugddoend. Het maakt je blij!&lt;br /&gt;Soedanezen zijn meestal rustige, vriendelijke mensen. Ze zijn niet uit op je geld. Bakshis is hier onbestaand, een verademing na Egypte. Omdat het prijsniveau hier vergelijkbaar is met Europa denken wij vaak dat we erop gelegd worden, maar achteraf blijkt dit meestal niet zo te zijn. Er is hier geen bargaincultuur. De prijs blijft de prijs en als je nu koopt of niet moet je zelf maar weten. Ze hebben de meeste leute van de wereld als je weggaat. Soms kan er snel een kortsluiting zijn. Bvb in het internetcafé. Voor 15 min. vroeg de man 4 U.S.D. Michael werd pas goed kwaad voor zo’n woekerprijs! Ben jij een eerlijke moslim!?? En plots wilde hij niet eens meer geld.&lt;br /&gt;Uitzonderlijk kan je wel eens grimmig aangesproken worden. Phoeaah, Engels…Waarom ken je geen Arabisch?? Of: weet je ’t al hé ventje: Allah is de Almachtige en Mohamed zijn profeet!!! Ik lach hem vierkant uit met zijn Allah. Ik leef toch ook?? Zonder Allah. Dan moet je niet veel terug zeggen.&lt;br /&gt;Vrouwen zijn een “cas speciale”. Het zelfbewustzijn van deze fiere schepsels is de natte droom voor de vrouwenemancipatie in Europa! Als ze een betere plaats op de bus willen moeten de mannen maar opschuiven. Maar dan hebben ze zonder de Westeuropese man gerekend: ik sta mijn plaats niet af! Zo’n heilige man die bij de jonge vrouw wil scoren grijpt me vast, maar ik blìjf! &lt;br /&gt;De site van Meroe is werkelijk de moeite waard! De piramiden zijn hier kleiner dan in Egypte, maar het landschap errond is sprookjesachtig. En je bent hier helemaal alleen. Je hoort de stilte. ’t Is precies of de farao’s naar je kijken. We wandelen in de rode zandheuvels en genieten van de hitte…&lt;br /&gt;Nu autostop. De eerste passerende truck stopt. We stappen in de laadbak van de tweede opligger. Een tweede truck brengt ons tot in Shendi, waar we net de bus naar Karthoum zien stoppen. Op een drafje. Net op tijd. We zijn in de beschaafde wereld beland: een geklimatiseerde bus! Rond 18h rijden we Karthoum binnen. Een minibus brengt ons naar het centrum, maar slaping vinden is weer eens niet simpel. We belanden op een vuile binnenkoer vol bedden. Uit de douche komt weinig water As usual. Maan en sterren boven ons maken alles goed.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;1 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Karthoum &lt;br /&gt;In het woestijngebied ten N. van Karthoum is het leven hard. Eén van de droogste en heetste gebieden van onze planeet. De Nijl is de levensader.We hebben met open mond gezien hoe de mens zich hier heeft aangepast. En hoe vol het leven hier is. Mensen maken leute, plezier, dansen, zingen. Overal muziek. Léven. Er is geen honger, en de Soedanese staat legt een splinternieuw wegennetwerk aan om alle dorpen te ontsluiten. In een gebied zo groot als W.Europa, een megaproject! De werken zijn overal tegelijk bezig. Er wordt een nieuwe dam op de Nijl gebouwd, die volgend jaar gans N.Soedan stroom en drinkwater moet leveren.  Of, hoe hoopvol alles er uitziet als je hier passeert!! En wat zie je dan op TV? De oorlog in Darfour, of je leest dat de enige spoorlijn naar Wadi Halfa niet eens meer rijdt. Niets van. Soedan is in volle ontwikkeling, alles verandert hier heel snel. Binnen enkele jaren kun je in een dikke week met je autootje van thuis tot hier rijden! Media bij ons vertellen enkel slecht nieuws. Ook BNP cijfers zijn belachelijk. Iedereen helpt iedereen. Mensen maken hun eigen bakstenen, kweken zelf hun voedsel of ruilen het. En dit zie je niet in die cijfers. De wereld is er véél en véél beter aan toe dan wij in Europa denken! En dat de meeste mensen méér leute maken dan wij is ook een feit…&lt;br /&gt;Michaël en Hannes, onze twee overgebleven reisgenoten hebben geen geld meer, en door het Amerikaans embargo kun je geen betaalkaart gebruiken. We hebben hen 50 € geleend maar hebben de rest zelf ook nodig.&lt;br /&gt;We gaan dus alleen naar de Ethiopische ambassade. Het visum aanvragen moet in de voormiddag, om 15 h mag je het al afhalen! Heel vlotjes, dus. Intussen internetten we. Alles ok thuis.&lt;br /&gt;Karthoum kan ons niet echt boeien, maar we willen toch graag het historisch museum en de samenvloeiing van de Witte en de Blauwe Nijl zien. &lt;br /&gt;In het museum zien we een ras dat we al lang niet meer zagen: andere ‘witte’ toeristen. Ook met camera. Die twee daar hebben nogal wat mee! Zo’n bak van een videocamera. Maar…de Belgische vlag staat erop!?!&lt;br /&gt;-Hello, sir! From Belgium?&lt;br /&gt;-Ja!&lt;br /&gt;-Oh la,maar…ik heb jou precies nog gezien.&lt;br /&gt;-Ah ja?&lt;br /&gt;-Wacht eens een momentje. Jij bent van de TV! Waar heb ik jou gezien?&lt;br /&gt;-Aha…&lt;br /&gt;-In de laatste show, de bloemetjes en de beestjes.&lt;br /&gt;-Aangenaam, Dirk Draulans.&lt;br /&gt;-En jou ken ik ook.&lt;br /&gt;-Aangenaam, Peter Verlinde.&lt;br /&gt;We vertellen kort wat over onze reis en vernemen dat Karel Degucht in het museum is. &lt;br /&gt;Even later schudden we handjes met onze bloedeigen minister van buitenlandse zaken… Het doet altijd deugd mensen van je eigen land tegen te komen.&lt;br /&gt;We nemen afscheid, maar…we namen geen foto!&lt;br /&gt;We lopen vlug terug. Op de foto met de minister.&lt;br /&gt;-En, heb je op je wereldreis een land tegengekomen waar het beter is dan in België?&lt;br /&gt;-Eh, nee…&lt;br /&gt;Nog een kiekje met Dirk en Peter. We worden onze email gevraagd en  wisselen dit en ook de website uit. Wie weet komt hier nog wel iets leuks van als we weer thuis zijn? &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;2 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Karthoum – Gedaref – Gallabad – grens Soedan-Ethiopië – Metema&lt;br /&gt;Michaël en Hannes blijven nog in Karthoum, dus we reizen vanaf vandaag weer alleen. De minibus brengt ons naar het zuidelijk busstation van Karthoum. Ticket nemen en de bus op.  &lt;br /&gt;Plots komt de politie mij van de bus halen! Als een bandiet wordt ik de security office binnengebracht. Wat is me dat??&lt;br /&gt;-Je hebt vanop de bus een foto genomen van het busstation. Dat is verboden!&lt;br /&gt;-Excuseer, dat wist ik niet. Ik fotografeerde niet het busstation, maar die kleine dreumes daar.&lt;br /&gt;De uitleg voldoet hen helemaal niet, ik moet voor de overste verschijnen. Een soldaat met machinegeweer wijst naar de camera, ik ben bang dat de geheugenkaart in beslag genomen wordt…&lt;br /&gt;Er wordt weg en weer gediscussieerd, in mijn paspoort gebladerd. Duidelijk een serieuze zaak.&lt;br /&gt;Door het groot aantal visa in mijn paspoort geloven ze uiteindelijk dat ik geen terrorist of spion ben, maar een rasechte toerist. Incident gesloten!&lt;br /&gt;De weg naar Gedaref leggen we af in een moderne lijnbus met airco en al. Rond 14 h zijn we er. Tijdens de lange rit is het landschap langzaam overgegaan van woestijn naar steppe: eindeloze graslanden met hier en daar een boom. Een typisch Afrika-landschap. In mijn verbeelding zie ik hier de eerste mensen rondlopen. Het is heel mooi.&lt;br /&gt;Vanaf Gedarf ligt een splinternieuwe asfaltweg naar Gallalabad. In plaats van 10 uur duurt de reis maar 2 uur meer! We laten het ons geen twee keer uitleggen maar jumpen in een bocasi naar de Ethiopische grens.&lt;br /&gt;Het landschap is adembenemend: Steppe met kleine dorpen. De dorpelingen zijn gitzwart en wonen in ronde hutten, opgetrokken uit takken en stro.&lt;br /&gt;Aan de Ethiopische grens verandert het landschap heel plots, omdat we een eerste lage bergketen inrijden. Het landschap is veel groener en de zwarte aarde heel vruchtbaar. Tijdens de grensformaliteiten breekt dan ook ons eerste tropisch onweer los! We zijn in enkele minuten kletsnat en stappen met een kilo kleverige kleismurrie aan elke voet al glijdend naar het volgend kantoortje. Intussen is het pikdonker en omdat er hier geen elektriciteit is, zie je geen hand voor je ogen! Gelukkig hebben we Anna, een jonge Ethiopische vrouw, die we leerden kennen op de bocasi. Ze spreekt wat Engels en kent hier goed de weg. Ze leidt ons naar de énige slaapmogelijkheid in dit donker gat. Natuurlijk is het er weer eens extra smerig, maar als je moe bent is alles goed…&lt;br /&gt;Joepie! Gedaan met full! (die gestampte bonen komen werkelijk na twee weken mijn oren uit) Hier krijg je een grote pannenkoek (wel 50 cm diameter) waar wat vlees en saus op ligt: njerra. Je eet met drie van dezelfde njerra. dit gaat zo: Je scheurt met je (gewassen!) rechter (!) hand een stukje pannenkoek af, en neemt met dit stukje wat vlees en saus. En dan, hop, in je mond.&lt;br /&gt;Anna was in Soedan op zoek naar werk, maar ze keert teleurgesteld terug. Er is in Karthoum voor haar geen werk en ze kan zich niet aanpassen aan de hitte daar. ‘Ethiopië is veel frisser, en groener!’ Het is niet haar eerste tocht op zoek naar werk. Via Syrië, Libanon en Turkije bereikte ze illegaan de E U, Griekenland. Ze beschrijft de gevaarlijke en moeilijke tocht, de mannen die hen als prostituee wilden gebruiken en verkopen. Ze vernietigde haar paspoort maar werd toch teruggestuurd naar Syrië. daar belandde ze in de gevangenis tot haar familie geld opzond om haar retourticket naar Addis Abeba te betalen.&lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;3 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Metema – Bahir Dar&lt;br /&gt;Alle bussen vertreken voor dag en dauw in Ethiopë. Om 5 h eruit! &lt;br /&gt;De weg klimt direct de Ethiopische bergen in. Het landschap is liefelijk mooi, de weg een marteling. We worden door mekaar geschud als nooit tevoren. De bus stopt regelmatig omdat de dieselleiding lekt, of een tot op de draad versleten band wordt vervangen door één die nog meer versleten is…&lt;br /&gt;je kunt hier helemaal niet plannen wanneer je ergens toekomt.&lt;br /&gt;We raken aan de praat met een jongeman uit het hoge noorden van Ethiopië. Hij is op weg naar Jibouti, waar hij hoopt werk te vinden in de horeca of zo. Als hij wat geld kan sparen wil hij studeren in China. Voor de busreis naar Jibouti leende hij, net als Anna, geld…Werk en studeren, het komt steeds terug.&lt;br /&gt;Het is al donker in Bahir Dar, maar Anna kent de weg.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;4 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bahir Dar – Tis Abai – Bahir Dar&lt;br /&gt;Reizen in Ethiopië is niet gemakkelijk. Met de gewone mensen reizen en praten op de bus is heel aangenaam, maar vanaf het moment dat je uitstapt omringen mensen je, om te bedelen, te verkopen, je te bedriegen…Vooral kinderen vinden het normaal dat je voortdurend geld geeft.’We are poor’ zeggen ze ons. En het is natuurlijk waar dat mensen heel weinig hebben, maar hier op het platteland merk je geen ondervoeding: Ethiopië is een rijk landbouwland, met de grootste Afrikaanse veestapel. Wel dicht bevolkt. Het gonst van de mensen. Via satelliettelevisie zien mensen het leven in Europa en vooral de VS, waardoor ze ook méér verlangen in het leven dan enkel een volle maag en een dak boven ’t hoofd…&lt;br /&gt;Ook hier in het busstation is een ticket naar Tis Abai bemachtigen compleet gekkewerk! Tientallen mensen roepen, brullen rond je. Een zwerm vliegen die je maar niet wegkrijgt. Ze willen je een jeeptocht naar de Nijlwatervallen verkopen, of een minibustrip, of het busticket voor jou nemen (+commissie natuurlijk), of…&lt;br /&gt;Via wat elleboogwerk vinden we de juiste bus. we weten al lang dat je het ticket betaalt aan de busbegeleider en dat de bus maar vertrekt als hij vol is.&lt;br /&gt;Als we vertrekken op de middag ben ik helemaal gedesoriënteerd. We moeten toch naar het zuiden rijden, maar die verdomde bus rijdt voortdurend noord! Pas achteraf valt mijnen Euro: we zijn al onder de zon dòòr gereden natuurlijk! Een korte berekening toont aan dat de zon zich nu loodrecht boven 12°NB  bevindt.&lt;br /&gt;Uit het dorp is het pad vinden een makkie en de watervallen zijn werkelijk prachtig, ook al is er in het droog seizoen veel minder water. Als er méér waterdebiet is wordt de rode aarde hier meegesleurd tot in Egypte: één van de plagen.&lt;br /&gt;We proberen wat te genieten, maar je wordt geen minuut gerust gelaten…&lt;br /&gt;Terug naar de bus. We komen Abraham weer tegen. Toen we toekwamen met de bus wilde hij ons overtuigen dat het hoogstnoodzakelijk was ons retourticket te reserveren:&lt;br /&gt;-Welkom, welkom. Waar kom je vandaan?&lt;br /&gt;-België.&lt;br /&gt;-Kan ik jullie helpen? Mijn naam is Abraham.&lt;br /&gt;-Niet direct.&lt;br /&gt;-Weet je dat de laatste bus om 16 h is?&lt;br /&gt;-Nee.&lt;br /&gt;-Hij zit steeds nokvol. Als je je plaats niet reserveert kun je hier vanavond niet meer weg, en er is geen hotelkamer.&lt;br /&gt;-We zien wel.&lt;br /&gt;-Geloof je me niet? Wat ga je dan doen? Je hebt dan een groot probleem.&lt;br /&gt;-Dat denk je maar. Het is jouw probleem. We slapen dan onder de Ethiopische sterren en nemen morgen de bus.&lt;br /&gt;-Je moet het maar weten (loopt kwaad weg)&lt;br /&gt;Nu zitten we in de bus. Hij kijkt ons aan met zijn zwarte ogen:&lt;br /&gt;-Ik probeerde jullie te bedriegen maar het is mislukt. Volgende keer stéél ik geld van julie, want ik heb geld nodig.&lt;br /&gt;-Dat moet je zelf dan maar beslissen…&lt;br /&gt;-Ik hoe niet van Belgen, wel van Amerikanen.&lt;br /&gt;-Ik denk dat je vooral van geld houdt. (algemeen gelach in de geamuseerde bus)&lt;br /&gt;-Waarom ga je niet werken?&lt;br /&gt;-Er is hier geen werk!&lt;br /&gt;Wat ik zelf een pijnlijk antwoord vindt. Ik geef hem een warme blik terug…Hij weet dat we hem begrijpen. &lt;br /&gt;Naast me zit een lerares Engels en moraal.We raken aan de praat over het Ethiopisch onderwijs. Weer eens, maar het blijft één van mijn favoriete onderwerpen. We wisselen email uit.&lt;br /&gt;Op een terrasje over het Tanameer uitkijken, de zon zien ondergaan en beseffen dat dit de bron is van de Blauwe Nijl…We zitten te midden van andere Ethiopiërs, die het goed stellen en ons dan ook gerust laten. ’t Is niet al kommer en kwel.&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;5 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bahir Dar – Muka Tur&lt;br /&gt;Om 5.30 h staan we aan de bus. Oei. Bijna vol, maar toch geluk: de twee laatste plaatsen.&lt;br /&gt;De weg is wondermooi maar superlastig. Het schudden kun je je gewoon niet voorstellen. Het stof, de hitte…&lt;br /&gt;We doen er twee uur over om het cañon van de Blauwe Nijl te passeren: eesrt naar beneden zwoegen en daarna via de slingerende grintweg met de puffende, krakende bus weer helemaal naar boven!&lt;br /&gt;Dezelfde chauffeur rijdt 12 uur, onafgebroken, met slechts één rust. Wij zijn kapot, en de chauffeur heeft het ook bekeken om 18 h. De laatste 200 km zijn voor morgen. Zo worden busritten hier georganiseerd. Je weet dat je naar Addis reist. Wanneer je toekomt? Vandaag, morgen? Dat zie je wel.   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;6 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Muka Tur – Addis Abeba&lt;br /&gt;We vertrekken weer eens om 5 h, voor de laatste 200 km. De weg is gelukkig geasfalteerd. Daardoor is de rit veel minder lastig, en dat merk je: iedereen is veel meer ontspannen. We maken een praatje met de mannen rond ons en worden kwad aangeboden. (een plant waarop je kunt kauwen en wat euforisch van wordt) Dat is het geestige als je zo reist. Natuurlijk zijn we weer de enige niet-Ethiopiërs. Maar… op zo’n bus zijn we ook altijd de oudsten. Oma en opa te midden van jonge mensen. Dit komt omdat zo’n busrit voor ouderen gewoon ondoenbaar is, maar ook vooral omdat de gemiddelde sterfteleeftijd hier 45 jaar is! (wij zijn hier in dit land dus stokoud)&lt;br /&gt;Na een korte minibusrit arriveren we om 9 h in Piazza, één van de centrumwijken van Addis.&lt;br /&gt;We houden het wat kalm vandaag want we zijn beiden een beetje ziekjes. Het stof en de vermoeidheid heeft ons een ontsteking op de luchtwegen bezorgd, met wat koorts. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;7 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Addis Abeba&lt;br /&gt;Christine is er weer bovenop vandaag, maar ik voel me grieperig en koortsig. Rustig aan, dus. Bij een eerste verkenning zie je dat Addis een gezellige stad is, met veel terrasjes, café’s, restaurants…Je kunt hier ook een biertje drinken, om niet te zeggen dat het de nationale drank is. De meeste mensen stellen het hier goed: proper gekleed, een terrasje doen, iets uit eten…&lt;br /&gt;Maar je ziet ook schrijnende armoede. Het is gewoon verschrikkelijk! Duizenden mensen liggen op straat, tussen lompen, als hoopjes vuil. Ook op de middenberm van de viervaksweg liggen honderden mensen. Je weet niet of ze nog leven of al gestorven zijn. Er zijn gewoon geen woorden voor alle ellende die je hier ziet. Kinderen in lompen vragen je voortdurend geld om te overleven. De meeste Ethiopiërs geven vlotjes, en wij kunnen het ook niet laten, alhoewel je aan kinderen eigenlijk niet mag geven. Het is anders hier. Het is overleven.&lt;br /&gt;Dit zijn de meest deprimerende beelden van onze ganse reis. En wat kun je doen? Je wordt er intriest van. Van thuis uit steunen we reeds enkele jaren het project Siddharta, dat oa met straatkinderen werkt. Eén van de volgende dagen bezoeken we enkele projecten. Misschien worden we dan wat wijzer.  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;8 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Addis Abeba&lt;br /&gt;Vandaag ben ik pas goed ziek en moet in bed blijven. Alhoewel. Onze kamer is zò lawaaierig dat je zelfs met oorstops niet kunt slapen. We verhuizen dus. &lt;br /&gt;En dan de financies. We slagen er maar niet in met de visakaart geld af te halen, en jawel, we zitten zonder. En…ons paspoort is op de Keniaanse ambassade, waardoor geen enkele bank geld wil geven.&lt;br /&gt;Christine regelt de meeste zaken en informeert ook voor een ‘tour’ naar Zuid Ethiopië, want we voelen ons zò slap. Té slap om weer zo’n harde busrit aan te kunnen. Pffff,de prijs is minimum 500 €! Ofwel eindigt onze reis hier en vliegen we terug naar Caïro… &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Addis Abeba &lt;br /&gt;De koorts is gezakt, waardoor ik weer in aktie kan schieten. Die tour kan ons plots gestolen worden. We gaan naar het busstation en informeren voor een busticket naar Jinka, op vrijdag. Tegen dan zijn we er wel door!&lt;br /&gt;Daarna de mercado. Even schrijnend. Miserie, miserie, miserie…&lt;br /&gt;Geen geld hebben met je visakaart is maar een tijdelijk probleempje voor dikke kapitalisten zoals wij.  Een mail naar huis om het codenummer te checken lost het probleem misschien op? Maar op de mercado komen we plots een geldautomaat tegen. (terwijl iedereen hier beweert dat je dit enkel in de sjieke hotels vindt) De birrs rollen uit de muur. Geldprobleem opgelost.&lt;br /&gt;We proberen in de namiddag wat foto’s op CD te plaatsen. Hoe vriendelijk iedereen hier ook is…Men probeert, herprobeert, downloadt een speciaal canonprogramma,…Tijd en moeite spelen hier geen rol, maar na 4 uur, 2 computercentra en een fotoshop geven we het op. Telefoneren lukt ook niet.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;10 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Addis Abeba&lt;br /&gt;Een auto van www.sidharta.be pikt ons op. We kunnen twee van de vele projecten bezoeken. Helemaal niet ver van waar we verblijven rijden we een woonwijk binnen. Bijna allemaal golfplaathuisjes, maar zo ziet bijna gans Addis eruit. Slechts een aantal straten hebben grotere gebouwen en erachter ben je direct in de sloppenwijken.&lt;br /&gt;We komen toe op een project voor straatjongens. Ze worden van de straat opgepikt en krijgen de gelegenheid in het centrum te blijven om een opleiding te volgen. Ze moeten ook bereid zijn in het project in te stappen. Wat niet makkelijk is omdat de meeste verslaafd zijn aan alcohol en drugs. Ook agressief gedrag is een probleem. Vooraf moeten ze meerdere intervieuws door om hun bereidheid en motivatie te onderzoeken. Heel wat jongens haken dan al af. Wie blijft krijgt in het eerst jaar psychologische begeleiding. Alles is toegespitst op verandering van gedrag en weerbaarheid aankweken. Bijvoorbeeld door het aanleren van jongleernummers je bewegingen ondercontrole krijgen. Het tweede jaar geeft opleiding voor hout-en metaalbewerking, eindigend op een diploma. Dan ben je klaar om de wereld in te stappen.&lt;br /&gt;‘Little heaven’, het tweede project, werkt met aidskinderen die door hun ouders niet verzorgd kunnen worden, of verlaten zijn. We komen in een klasje. Het alfabet wordt net aangeleerd. We bezoeken de slaapplaatsen, de uitgebreide infirmerie, want via medicatie aids in de hand houden is niet simpel. In dit centrum vinden een 30-tal kinderen een thuis, van de missschien wel 100 000 HIV- besmette kinderen in deze stad…&lt;br /&gt;Toch probeert de regering ook iets te doen. Aids medicatie wordt nu in de ziekenhuizen gratis verstrekt. Ook staatsonderwijs is gratis tot de tiende klas. Al horen we dat een klas soms 70 leerlingen telt en de rijkere kinderen een privéschool nemen.(Waar hoorden we dit nog? India, Nepal, China,…Overal, uitgenomen in Europa, want ook in de VS of Australië kost degelijk onderwijs een fortuin!) Voor de uniev kun je een goedkope staatslening afsluiten die je terugbetaalt als je werkt. &lt;br /&gt;Je merkt dat de economie hier nog niet wil beginnen draaien. Er is veel goede landbouwgrond en voedsel, maar door de enorme bevolkingstoename is er geen werk voor iedereen op het platteland. Jongeren trekken weg naar Addis, of nog verder.&lt;br /&gt;Of zoals de jongen die onze paspoorten en visa inscant (we zetten dit op ons emailadres, om, bij diefstal toch altijd een nieuwe afdruk te kunnen maken) me vertelt: Ik koos om niet te studeren. Je leent geld en achteraf heb je toch geen werk, tenzij je iemand kent bij de regering of industrie. Er is gewoon zo weinig werk. Ik leende geld om een computer te kopen, leerde er op mezelf mee werken, en kan nu de eindjes aan mekaar knopen via het geven van fotoservice, maken van kaartjes, inscannen…Ik ben nu door het moeilijkste.&lt;br /&gt;Werk, werk, werk. Je kunt het maar bekomen door industrialisering op grote schaal. De rest is dagdromerij. Maar in een land dat afgesneden is van de zee en geen delfstoffen heeft moet je eerst wegen krijgen. En dat is hier niet voor morgen…&lt;br /&gt;Je zou het vergeten. In Ethiopië en Kenia staat wellicht de wieg van de mensheid. We gaan naar het nationaal museum. Indrukwekkend! De oudste ‘prehominide’ (=voorloper van de homo sapiëns) is in Ethiopië gevonden: 4,5 miljoen jaar oud! Om stil van te worden. Toch is het 3,5 miljoen jaar oude skelet van ‘Lucy’ het meest indrukwekkend. Ik weet hoe belangrijk deze ontdekking is om een beeld te krijgen van de menselijke evolutie en ben diep ontroerd dit voor 40% intact skelet met mijn eigen ogen te mogen zien. Eén van de indrukwekkendste momenten van onze reis. Van hieruit is de mens via de Nijlvallei naar het Midden Oosten getrokken. We legden dezelfde weg af. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;11 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Addis Abeba – Arba Minch&lt;br /&gt;Om 4h eruit, want de bus  naar Jinka vertrekt om 5h. Een rit van twee dagen.&lt;br /&gt;We kunnen op onze twee oren slapen, want we namen gisteren reeds ons ticket.&lt;br /&gt;Zo’n busstation is niet iets goed georganiseerd zoals bij ons, of in Turkije of Spanje. Nee, het is gewoon een enorme open plaats aan de rand van de stad, waar honderden aftandse bussen van in de jaren stilletjes in ralantie draaien en  hun blauwe dieseldamp uitbraken. Er is niets aangeduid. Geen bestemming, geen vertrekuur. En toch weet iedereen waar zìjn bus staat. En als je ‘Jinka-bus’ vraagt, sta je in enkele minuten op de juise plaats.Onze vertrekplaats heeft toevallig een ander kemerk dan alle andere: overal staat een bus, hier niet. &lt;br /&gt;We leren 3 jongens van een jaar of 20 uit Jinka kennen. ‘De bus komt elk moment, don’t worry!’&lt;br /&gt;Na een uur nog geen bus. Ik ga naar de ticketverkoper. ‘Don’t worry.’&lt;br /&gt;Intussen vertrekken in snel empo bussen naar het ganse land. Ik voel me een gerookte vis in dieselparfum. Maar allé. Don’t worry.&lt;br /&gt;Intussen is het al 6.30 h. Het wordt klaar. De ticketverkoper komt: ‘technical problems! Je zou beter je ticket wisselen voor Arba Minch (=halverwege) en dan kun je morgen daar de bus nemen naar Jinka.&lt;br /&gt;Maar gelukkig hebbben wa alweer vriendjes. Steven, één van de drie Jinkaboys komt vlug naar ons toe. ‘Er komt seffens een andere bus. Je moet je geld terugeisen en een nieuw ticket nemen.’ Sisay, de verkoper ziet het liever anders, maar de jongens discussiëren met hem zodat hij niet anders kan dan wisselen.&lt;br /&gt;Het wordt 7.30 h. Nog geen bus te zien. ‘Don’t worry’ fluistert Steven ‘Maar pas op. er zijn méér tickets verkocht dan er plaatsen zijn. Van zodra de bus toekomt moet één van jullie bij de rugzakken blijven en de andere zo snel mogelijk naar binnen gaan en twee plaasen bezetten. &lt;br /&gt;Intussen maak ik een praatje met Sisay, vooraan in de twintig. ‘Ik studeerde marketing, maar vind geen werk. Daarom verkoop ik nu bustickets. Met dit inkomen kan ik geen gezin stichten. Hier in dit land komt het bijlange nog niet in orde. De spanningen tussen de 38 verscillende volkeren in Ethiopië en een regering die niet deugt! Ik studeer nog, om een hoger diploma te behalen. Als ik dit heb kan ik emigreren naar de VS. Wat kun je anders doen?Of, hoe je de gekende ‘braindrain’ nu eens van de andere kant hoort.&lt;br /&gt;Om 8 h zien we ons vehikel afkomen. De wachtende meute kan misschien voor de helft mee? Het wordt trekken en duwen. Ook Sisay helpt ons om als één van de eersten op de bus te komen. Voor de overgebleven passagiers is ’t voor morgenochtend…&lt;br /&gt;We rijden het chaotische Addis buiten. Om het nog wat deprimerender te maken passeren we de reusachtige vuilnisbelt met afval van 5 miljoen Addissers. Honderden mensen doorzoeken met hun blote handen minutieus alle afval op zoek naar voedselresten, petflessen, plastiek…Wat een wereld!&lt;br /&gt;We zitten op een veel betere plaats en de weg is ook een stuk beter dan op de vorige busrit. De bus heeft ook maar 2X een korte panne. Ook een meevaller. We dalen van het Ethiopisch hoogplateau af in  de Centraal Afrikaanse Slenk. De eerste meren en vulkanen doemen op in ’s werelds grootste ‘scheur’. Het landschap wordt steeds groener, de mensen kleurrijker, Afrikaanser. Een lust voor het oog. De ganse dag weer genieten van de bovenste plank.&lt;br /&gt;Het is avond als we in Arba Minch toekomen, gedropt aan het benzinestation. In het donker kunnen we het busstation  voor morgen of een hotel, niet vinden.&lt;br /&gt;Gelukkig ontmoeten we na wat ronddolen een jongeman die ons naar een simpele kamer leidt en ook het busstation aanwijst. ‘Of we samen met zijn vriend iets kunnen gaan eten?’ OK voor ons.&lt;br /&gt;Tijdens het eten is ons contact toch niet zo belangeloos. Beide jongens zijn ‘local guides’, en doen ons een voorstel: ‘We kunnen jullie begeleiden om de lokale stammen te bezoeken, maar dan helemaal anders dan in een ‘tour met jeep’ zoals je die kunt nemen in Jinka. Zo’n tour is duur en je bezoekt enkel stammen zoals de Mursi, die gewoon voor de show vlug zo’n schijf in hun onderlip steken en doen alsof ze nog zo leven. Het levert je mooie fto’s op (aan 1 birr per genomen foto!) maar dat is alles. Puur toneel en ze kunnen dan nog agressief worden ook als je niet genoeg betaalt. Wat we voorstellen is het volgende:  Mijn vriend Kassa reist mee met jullie, en regelt alles. Je reist met  openbaar vervoer of truck, naar Omorate, via Woito en Turmi. In deze dorpen zijn er lokale markten waar stammen aanwezig zijn, en heb je een natuurlijk contact met hen. We kunnen in Turmi ook koffie drinken bij vrienden van ons, in zo’n traditioneel dorp. Je wordt afgezet aan het immigratiekantoor van Omorate. Kostprijs voor  4 dagen: 1 500 birr (=125 €) Begeleiding, overnachtingen en twee maaltijden per dag inbegrepen voor twee personen.’ &lt;br /&gt;Het is wel buiten ons budget, maar het is een interessant voorsel en een eerlijke prijs, waardoor we niet bargainen. We geven wel maar een klein voorschot want we weten niet of we Kassa kunnen vertrouwen. Misschien zien we hem morgen wel helemaal niet. &lt;br /&gt;   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;12 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Arba Minch – Woito&lt;br /&gt;Om 5h klopt Kassahun Bekele, onze local guide, op de deur. ‘Hurry, hurry, the bus is leaving!’&lt;br /&gt;Hij ziet er nogal moetjes uit. ‘Slecht geslapen. Ik was bang niet wakker te komen om 4 h, en de bus te missen.’ Zo te zien zal Kassa dus wel meevallen. We betalen de helft van het bedrag, de andere helft op het einde.&lt;br /&gt;De weg naar Woito is nog mooier dan gisteren. We bollen steeds verder in de slenk, met aan beide zijden hoge bergen, die eigenlijk twee horsten (=opgduwde stukken) zijn, langs het breukvlak.&lt;br /&gt;De hitte is niet te harden en de weg is heel slecht. Grote stukken ontbreken, bruggen zijn vernield en er is geen asfalt. Naast me zit een man die de wegenwerken hier in de streek coördineert:&lt;br /&gt;-Wat vind je van de weg?&lt;br /&gt;-Hij is niet zo goed, maar in het Noorden van je land was het véél slechter. er wordt wel op vele plaatsen gewerkt. Trager dan in Sudan, maar toch. Misshien zal het zuiden binnen 10 jaar over een behoorlijk wegennetwerk beschikken, broodnodig voor economische ontwikkeling? Er wordt ook elektriciteit doorgetrokken. Dit is hoopvol.&lt;br /&gt;-Ja, er is een plan. Met geld van de wereldbank moet het wegennetwerk er komen. Maar op de hogere niveau’s neemt iedereen zo zijn deeltje van het geld, waardoor veel te weinig overblijft voor de werken zelf…Ook veel kleine corruptie. Daardoor is het asfalt te dun en schiet het niet op. Dat is hier zo. Ons kent ons. Het komt in orde, maar wanneer…? Hier is geen revolutie met wapens nodig zoals in het verleden, maar een revulutie van de geest! Een complete mentaliteitswijziging, wil het in dit land ooit in orde komen.&lt;br /&gt;Rond de middag arriveren we in Woito. Met Kassa trekken we naar de lokale markt. Hij zorgt ervoor dat we ons zo onopvallend mogelijk tussen de mensen bewegen en praat met de locals om hen gerust te stellen. Natuurlijk val je als enige blanken toch wel heel erg op, maar na wat verwondering worden we opgenomen in het geheel. Op de markt zijn twee stammen aanwezig: de Tsamai en de Buana, in hun traditionele kledij. Alhoewel van kledij hier vaak weinig sprake is, buiten een prachtig versierde lendendoek. Jonge mannen en vrouwen hebben hun slanke zwarte lichaam prachtig versierd. Een lust voor het oog, en ook erg sexueel geladen. Ja, we zijn hier ver weg van allerlei godsdientregeltjes: sexualiteit, vruchtbaarheid is hier zo natuurlijk, een deel van het dagelijkse leven, een deel van de mens. &lt;br /&gt;Mensen komen ons heel spontaan een goeiendag zeggen, een hand schudden. Sommigen komen aan ons voelen. Vooral het goudblonde haar op mijn armen intrigeert ze. ik voel ook aan hun zwarte armen.&lt;br /&gt;We gaan zitten en proeven de plaatselijke sorgumdrank. Nu zijn we helmaal opgenomen in die sierlijke massa…&lt;br /&gt;Christine heeft er het handje van weg heel onopvallend foto’s te nemen (fluistert Kassa me toe) van dit voor ons wonderlijke gebeuren.&lt;br /&gt;Wanneer we ’s avonds wegwandelen zijn we weer omringd door kinderen. Wat hebben die hier een leven in vergelijking met de meeste Belgische kinderen…Hun ogen zijn twee karbonkels van levensvreugde.&lt;br /&gt;We wandelen de savanne verder in en genieten van de zonsondergang boven dit Afrkaanser-kan-het-niet landschap. Twee jongens geven ons een hand en tewijl ik in hun gitzwarte ogen kijk, besef ik dat we vandaag één van de meest indrukwekkende dagen van onze reis beleefden.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;13 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Woito – Turmi&lt;br /&gt;Na een bloedhete nacht voelen we ons niet bijzonde fit. Woito is het eindpunt van het busvervoer, omdat alle bussen naar Jinka rijden. Wij willen nu richting Turmi en moeten dus een truck afwachten. Goed om wat slaap in te halen.&lt;br /&gt;Kassa doet navraag bij iedere truckchauffeur en om 13 h hebben we geluk. We klimmen in de laadbak, bovenop wat bagage. We zijn niet alleen. De truck zit vol lokale mensen in hun typische klederdracht. Het is dus ‘hun bus’, want op die weg kunnen bussen niet passeren. Het wemelt hier van de kleine dorpjes, en regelmatig stopt de truck om mensen op en af e laden. Het is machtig hier te passeren en de slenk verder te volgen! Iedereen moet betalen, maar doet dit niet graag. Bij het innen van het geld zijn er steeds weer hoogoplopende discussies. Eén man discussiërt niet. Hij is doodziek. Wellicht malaria, vertelt Kassa. Hij moet naar het gezondheidscentrum in Turmi, en wordt ondersteund door zijn twee zoons in de hardschokkende truck. een echte marteling…&lt;br /&gt;Na het uitgedroogde Chew Bahirmeer schiet de weg omhoog, het gebergte in. Bijna alle bruggen zijn weggespoeld, we rijden door de droge rivierbedding. Als het hier begint te regenen mag je het vergeten!&lt;br /&gt;Na 4 uur arriveren we in Turmi, misschien nog niet het einde van de wereld, maar toch bijna.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;14 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Turmi&lt;br /&gt;Onze overnachtingsplaats was tevens lokale bar en disco. Niet te doen. We zoeken vanmorgen eerst een andere slaapplaats.&lt;br /&gt;Daarna naar een klein dorp in de omgeving, waar nog geleefd wordt als vroeger. We slenteren wat rond. Heel interessant, maar onwennig. We voelen ons echt indringers en durven geen foto’s te nemen. &lt;br /&gt;Daarna worden we ontvangen in de hut van het stamhoofd. (Dit is geen spontane gastvrijheid. We betaalden 35 birr (=3 €)voor de ingang van het dorp omdat dit een nationaal park is. Met dit geld kan de stam voedsel en andere gebruiksvoorwerpen aankopen. Een aanvulling van het harde bestaan, hier.) De oudste dochter zet koffie en we maken kennis met de oudste zoon en toekomstig stamhoofd. De mooie dochter is te koop. Je moet het aantal koeien en birr met pa overeenkomen. Dan is ze van jou.&lt;br /&gt;Zo’n hut heeft twee verdiepingen. Boven slapen de ouders, beneden de leefruimte en slaapplaats van de kinderen. Iedereen slaapt op een dierenhuid, rechtstreeks op de aangestampte aarde. De vuurkuil is zò aangelegd zodat de wind de rook meeneemt in de juiste richting, dwars door de wand van de hut, want die bestaat enkel uit takken met overal luchtspleten tussen. Dit is nodig, want de tocht in de hut zorgt ervoor dat de hitte uit te houden is.&lt;br /&gt;Heel interessant dit alles te zien, maar we missen de hartelijkheid van gisteren. Het lijkt ons té georganiseerd, of zijn we te moe?&lt;br /&gt;De lokale markt in de namiddag is absoluut de moeite waard. Het is de ontmoetingsplaats voor stammen uit de brede omgeving, heel schilderachtig. De mensen zijn prachtig, maar…vragen je voortdurend 1 birr om een foto te nemen. We hebben er wat moeite mee. Meer dan de plaatselijke mensen zelf die heel graag fier op de foto staan, en zo een zakcentje verdienen…&lt;br /&gt;We ploffen neer op ons bed.Deur en venster dicht! Oververzadigd. Kinderen, mensen,…dringen rond je wanneer je die twee vierkante meter verlaat. Soms kan het eens te veel zijn en dan verlang je intens naar huis, hoe overweldigend mooi alles hier ook is.&lt;br /&gt;Kassa vindt geen transport naar Omorate, het grensstadje. Wachten tot morgen, dus.  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;15 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Turmi&lt;br /&gt;Gisterenavond hadden we een kleine discussie met onze gids. Of we de rest van zijn loon kunnen uitbetalen, want hij kan de onkosten niet verder betalen. We kunnen dit wel begrijpen en geven nog een deeltje. De laatste 400 birr weiger ik. ‘In Omorate, aan de immigratie, zoals afgesproken.’ Hij is nogal kwaad en dringt ook erg aan. We begrijpen niet waarom, maar vermoeden dat er iets schort met het transport. De vrachtwagen die ons vandaag zou meenemen kan de Konsorivier niet passeren, want het regenseizoen is hier sinds gisteren echt begonnen. Regelmatig plenst een tropische regenbui neer. Snel over, maar de waterhoeveelheid is enorm. Droge rivieren worden kolkende watermassa’s.&lt;br /&gt;‘Wanneer kunnen we vertrekken’ is een vraag die we niet meer stellen. We wachten. Het is al namiddag. En we leren het nooit omdat we Europeanen zijn. De mensen hier hebben geen probleem met tijd. Als je nu vandaag of morgen vertrekt, wat maakt het uit?&lt;br /&gt;Kassa komt langs terwijl we zwetend een boek lezen. &lt;br /&gt;-Geen zorgen, er komt ten laatste vanavond een truck. Intussen ben ik hier naast de deur om wat met vrienden te praten. Mag ik je MP3-speler even lenen terwijl je een boek leest?&lt;br /&gt;-Ja, natuurlijk.&lt;br /&gt;Maar terwijl ik hem geef denk ik: Hij zal toch niet verdwijnen met mijn MP3-speler ipv die 400 birr?&lt;br /&gt;Christine hoort de vrachtwagen voor Woito vertrekken, loopt vlug de straat op en vangt nog een glimp op van –wellicht Kassa- in de laadbak!&lt;br /&gt;We kijken overal rond. Nergens te vinden. Dada Kassa en MP3-speler. Wat zijn we stom geweest…&lt;br /&gt;We doen navraag. ‘Wel nee, Kassa is niet naar Woito. Hij is meegereden naar de rivier om zélf te kijken of de truck kan passeren, 5 km verderop.’ We geloven het niet echt, en hebben er een slecht voorgevoel bij. &lt;br /&gt;Daar zitten we nu. Als we hier al iets leerden is het wel dat iedereen hier iedereen indekt.&lt;br /&gt;Ik neem een besluit. Bloedheet of niet, met mijn oude loopinstinct ben ik in een halfuur aan de Konso.&lt;br /&gt;Van ver zie ik de auto’s die niet kunnen passeren met hun driver aan de rivier staan. Maar geen Kassa.&lt;br /&gt;-Kun je de rivier nog steeds niet passeren?&lt;br /&gt;-Nee, misschien morgen, als het niet meer regent. Jullie gids ligt daar wat verder onder een boom. Hij probeert zo snel mogelijk transport te vinden, maar je ziet…&lt;br /&gt;Nu zie ik inderdaad tussen het hoge riviergras Kassa. Te snoezen met mijn MP3-speler. Zijn vrienden hebben een disc-man. ik zet me bij voor een praatje en leg uit hoe je muziek op de speler kunt plaatsen, downloaden van internet…Hoeveel zo’n MP3-speler kost? ‘20 €’ lieg ik, omdat zelfs dit hier een onmetelijk bedrag is…&lt;br /&gt;Ik knijp mijn ogen tot spleetjes en kijk naar het wiegende bladerdak, glinsterend groen in het hete zonlicht. Een glukkig gevoel. Niet omdat ik mijn MP3-speler terugheb, maar omdat mijn vertrouwen in die andere mens niet geschonden is. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;16 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Turmi - Omorate&lt;br /&gt;Voor dag en dauw worden we gewekt door Kassa. ‘Kom, vlug! Er is een truck aan de andere kant van het dorp, uit Jinka, naar Omorate. ‘We lopen door het struikgewas zodat de politie ons niet ziet. Want vanaf vorige maand mogen vreemdelingen niet meer mee met trucks. Enkel nog met gehuurde tourauto’s omdat die taks betalen aan de staat op jullie transport. Ze moeten ook een verzekering nemen.&lt;br /&gt;Als drie indianen springen we uit het struikgewas in de truck. Over een zandweg rijden we de Omorivier tegemoet. Het landschap is prachtig (weeral), het wordt bloedheet.&lt;br /&gt;Om 10 h staan we aan de immigrationoffice. Gesloten. Dat is wel raar.&lt;br /&gt;-De ambtenaar komt om 11 h.&lt;br /&gt;-OK, dan gaan we eerst ontbijten en informeren we hoe we aan de Keniaanse grens kunnen komen.&lt;br /&gt;Er blijken twee wegen te zijn. Langs de oostkant van het Turkanameer is het nog 80 km naar de grens. Je kunt ook de Omorivier oversteken en via de westkant reizen. Makkelijker en sneller. Dan is de grenspost 28 km ver. Dus beiden te ver om in de vochtige hitte hier te voet te doen…Kwestie van transport te vinden dus.&lt;br /&gt;We informeren, maar merken meteen dat het opletten geblazen is! Overal moet eerst geld op tafel komen voor zogezegde ‘local guides’ die alles voor jou willen organiseren. Maar er zijn slechts vage beloftes: morgen of overmorgen komt er zeker transport. De prijs? Weten we niet.  Moet je afspreken met de bestuurder. Intussen horen we dat een groepje Ethiopiërs al vier dagen wacht op transport!&lt;br /&gt;We nemen het volgende besluit: als we -vandààg!- geen zékere oplossing vinden, gaan we gewoon (hum: ’t is maar efkens twee dagen via Turmi en Konso) terug en nemen de grensovergang via Moyale.&lt;br /&gt;Intussen is de immigration nog steeds potdicht. ‘ Middagrust, sir. Om 15h.’&lt;br /&gt;We verspreiden ons in het dorp op zoek naar informatie. Christine hoort dat een truck vanavond vertrekt via de oostkant van het meer.&lt;br /&gt;De chauffeur kan of wil geen Engels praten. Ik neem een local guide mee voor de vertaling. (en die zeker ook zijn commissie bekonkelfoest) Ze discussiëren wat weg en weer.&lt;br /&gt;-De prijs is 800 Birr (70€) voor jullie beiden.&lt;br /&gt;-Wablief? Je denkt zeker dat ik gek ben? Voor 80 km truck?&lt;br /&gt;-Hoeveel wil je betalen?&lt;br /&gt;-40 birr per persoon is de normale prijs!&lt;br /&gt;De man draait zijn kar, en ik ook. We reizen dan wel terug via Moyale! Wat denken ze wel! Ik laat niet met me sollen. Ze zullen de Europeanen hier nog eens leren kennen!&lt;br /&gt;Ik stap resoluut naar Christine , die nog steeds wacht aan de immmigration met onze bagage, maar onderweg denk ik: Je bent niet slim. Je wil naar het Turkanameer, oostkant, de wieg van de mensheid. Via rustig onderhandelen haal je misschien je slag thuis.&lt;br /&gt;Ik loop terug, maar de driver is onvindbaar. De local guide (?) vindt hem snel. Met wat onderhandelen wordt het 500 birr. Nog een woekerprijs. Ik laat niet profiteren van me en sla het af.&lt;br /&gt;Met de local guide wandel ik het plaatselijk cafe binnen. Een andere man spreekt me aan.&lt;br /&gt;-Ik ben de immigrationofficer. Wat is je probleem?&lt;br /&gt;-Waarom is je kantoor dicht? Mijn vrouw wacht al de godganse dag aan je gesloten deur.&lt;br /&gt;-Ik weet al lang dat jullie hier zijn, maar als je geen transport kunt regelen stempel ik je niet uit. Want misschien vertrek je weer via Moyale, en na mijn stempel kun je dit niet meer.&lt;br /&gt;-Er is transport, maar veel te duur. Het is een echte schande hoe jullie hier met toeristen omgaan. Jullie denken slim te zijn maar je bent stom. Reizigers informeren mekaar, ik plaats op internet in mijn reisverslag hoe het er hier aan toe gaat in Omorate. Voor een gewone reiziger is er geen betaalbaar transport. Klaag dan niet dat je niemand ziet.&lt;br /&gt;-Jamaar, niet iedereen is hier zo!&lt;br /&gt;-Wel, vind jij dan iets voor me?&lt;br /&gt;-Hoeveel wil je betalen?&lt;br /&gt;-200 birr is zeker méér dan genoeg!&lt;br /&gt;De ambtenaar zoekt dezelfde chauffeur op. Er wordt weg en weer gepraat.&lt;br /&gt;-200 birr is OK, maar, zou je nog 50/pers kunnen bijbetalen omdat de chauffeur jullie alleen nog een heel stuk moet doorvoeren, tot het eerste dorp in Kenia?&lt;br /&gt;Ik vemoed dat die 100 birr zijn eigen commissie is, en antwoord daarom:&lt;br /&gt;-300 is OK voor ons, maar wel te betalen in Illeret, het eerste dorp in Kenia, bij aankomst!&lt;br /&gt;-OK, om 18h kun je vertrekken.&lt;br /&gt;We gaan naar het immigratiekantoor. Paspoort gestempeld. We bevinden ons in ‘niemandsland’, nu.&lt;br /&gt;Plots krijgen we weer een tropische regenbui. De wegen worden herschapen in één modderpoel…&lt;br /&gt;‘Vertrek om 8 h, morgenochtend, sir. Nu is het niet meer mogelijk.’&lt;br /&gt;Dus nog een nachtje Ethiopia op een gore binnenkoer met oorverdovende discomuziek tot 3 h ’s nachts…     &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;17 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Omorate – grens Ethiopië-Kenia – Illeret&lt;br /&gt;Om 8h geen enkele beweging aan de truck.Wanneer vertrekken we? Binnen een uur. Het wordt 9h, 10h,,…&lt;br /&gt;Intussen zoek ik verder naar transport. Een truck rijdt terug naar Konso om 14h, wat wil zeggen dat we morgen in Moyale kunnen zijn. We beslissen dat dit voor ons de deadline is: Indien we vòòr 14h niet écht vertrokken zijn, nemen we de truck en blazen we het Turkanameer spijtig genoeg af. Intussen kunnen we nog andere mogelijkheden zoeken. In het café zie ik  een man in Keniaans uniform.&lt;br /&gt;-Ben je hier met de auto?&lt;br /&gt;-Ja.&lt;br /&gt;-Rijd je terug via de westkant van het meer?&lt;br /&gt;-Ja, mijn auto staat aan de overkant van de Omorivier. Ik rijd vanmiddag tot Lodvar in Kenia. Vanaf daar heb je de bus naar Naïrobi.&lt;br /&gt;-We willen wel graag met je meegaan. Hoeveel vraag je?&lt;br /&gt;Een groepje jonge mannen die zich uitgeven voor ‘local guides’ staat rond ons. Er wordt weg en weer gepraat met de Keniaan. Ik weet wat dit is: commissies, baschis, worden afgesproken.&lt;br /&gt;-150 USD per persoon.&lt;br /&gt;-Wablief? Denk je dat ik gek ben? Nog in geen 150 jaar!&lt;br /&gt;Ik vertrek, maar na een half uur kom ik de man met de local guides weer tegen.&lt;br /&gt;-Hoeveel wil je maximum geven?&lt;br /&gt;-50 USD voor ons beiden, en geen halve dollar meer!&lt;br /&gt;-We kunnen tot een overeenkomst komen, maar je moet met de local guides onderhandelen. Ikzelf wil niet meer met je praten.&lt;br /&gt;-Waarom? Ik heb met hen niets te maken. Jìj bent chauffeur!&lt;br /&gt;Nu neemt één van de jonge mannen het woord:&lt;br /&gt;-Ga eerst gaan afkoelen in de Omorivier, man! Dan kunnen we rustig praten en je probleem bekijken.&lt;br /&gt;-Ik moet niet afkoelen en heb ook geen probleem. Er rijdt een truck richting Moyale, vanmiddag. Dan nemen we die, en dan heb jij een probleem: je verdient niks, vandaag.&lt;br /&gt;-Je snapt niets van Afrika. Als je wil dat er hier iets gebeurt moet je geld onder tafel schuiven en tijd en geduld hebben. Dit is Afrika, man!&lt;br /&gt;-Dit is Afrika niet. Het is gewoon platte corruptie. Jouw Afrika, en dat van velen met jou, waardoor Afrika niet vooruit komt. Corruptie van hoog tot laag. Werk ik niet aan mee. Je denkt slim te zijn, maar je bent stom. Reizigers informeren reizigers op internet.&lt;br /&gt;-We zitten daar niet mee in. Niet iedereen leest dit. Verdienen we morgen niets, dan is het overmorgen.&lt;br /&gt;-OK, als dat je houding is. Maar klaag dan niet dat alles zo goed is in Europa. Of dacht je misschien dat wegen, bruggen enz. er in een land kunnen komen door de ganse dag op je luie kont te zitten zoals jij? Hoe denk je dat Europa er gekomen is? Door te werken! Europeanen hebben dit alles gemaakt!&lt;br /&gt;Neem elk een schop vast en herstel de weg door je dorp! Morgen ploeter je dan niet meer in het slijk na elke regenbui! Ik zie hier enkel vrouwen werken.&lt;br /&gt;-Toch ga je met geld over de brug moeten komen voor ons.&lt;br /&gt;-Ploeter verder in je slijk! Ik betaal 50 USD, enkel aan de chauffeur, en bij aankomst in Lodvar! Te nemen of te laten. Saluut!&lt;br /&gt;Zo werkt het hier inderdaad altijd. ‘Vrienden’ zijn onontbeerlijk om te overleven. Ik doe dit voor jou, jij doet dit voor mij. De jongens leveren illegale klanten aan de Keniaanse ambtenaar. Betaalt hij niet, dan geven we hem aan en leveren we geen klanten meer. De ganse Afrikaanse maatschappij is op dit principe gebaseerd. Van hoog tot laag.&lt;br /&gt;Intussen is het 13 h. Christine voert met een andere man een glijkaardig gesprek. Hij wil, zoals de meeste Ethiopiërs naar Europa omdat alles er zoveel beter is. Wij zijn rijk en hebben geluk. &lt;br /&gt;‘Stel je eens voor dat je hier in zo’n slijkdorp als Omorate je ganse leven moet slijten. Er is hier niets…En een gewoon eerlijk gesprek, zoals wij dit nu hebben kan in Afrika niet. Achter ieder gesprek zit een bedoeling. Iedereen wil steeds iets van je. Soms ben je dit kotsbeu, ook als Ethiopiër’&lt;br /&gt;Intussen is het 13 h. Onze zogezegde truck staat daar nog steeds te staan, maar de chauffeur is de jeep met laadbak ernaast aan het inladen.&lt;br /&gt;Christine praat met Gabriël, een Keniaanse jongen, die ook wil meerijden naar zijn geboortedorp aan de grens. Iemand die geen geld aan ons wil verdienen, hij komt uit de hemel gezonden omdat hij ons weet te vertellen dat we kunnen overnachten net over de grens en dat er ook transportmogelijkheden zijn. Een hele gruststelling!&lt;br /&gt;‘We vertrekken wel’ zegt Gabriël,. Maar wanneer?? &lt;br /&gt;Om 14h is het zover. &lt;br /&gt;Uiteindelijk zit de laadbak afgeladen vol met goederen en mensen. We zitten en liggen door mekaar zo goed het kan. Er is geen weg, we rijden dwars door de begroeiing. Takken schuren langs je huid. Ik trek een lange doorn uit de rug van de jongen vòòr me. Regelmatig valt iets uit de té volle auto. In de bocht vliegt een andere jongen uit de laadbak…&lt;br /&gt;Er zijn twee babies mee. Vastgekneld in de armen van hun moeder om zoveel mogelijk schokken op te vangen. Anderen, ook wij, houden om beurt iets boven hun hoofdje voor het brandende zonlicht. Iedereen ziet af. Niemand klaagt. Ook dit is Afrika…&lt;br /&gt;Voor ons wordt het een unieke tocht. De majestueuze natuur in ’s werelds grootste slenk. Maar dat niet alleen. We rijden van dorp naar dorp als gewone passagier en zijn zo de stille getuige van het leven in stamverband zoals dit wellicht al bestond in de steentijd…Het is niet te beschrijven. Zò overweldigend.&lt;br /&gt;Kinderen lopen naakt en gaan op in die kleurrijke natuur. De sierlijke, ook bijna naakte lichamen van jonge mannen en vrouwen zijn gemaakt door een Beeldhouwer nog veel groter dan Rodin. Het lichaam van oudere mannen en vrouwen is ook om stil van te worden. Ik kijk naar een oudere vrouw en zie een beeld van musée Rodin in Parijs voor me. Heel mager. Ze heeft veel kinderen gehad. Haar borsten en buik tonen dit levenswerk. In onze westerse cultuur noemen we dit een uitgezakt, versleten lichaam en probeer je dit wat te camoufleren. Hier mag je fier zijn op zo’n lichaam, en de vrouw straalt dit ook uit. Ik vind haar heel mooi. Haar gerimpelde gezicht zou je zò in je twee handen kunnen koesteren, want de tekenen van dit lichaam tonen je ook hoe hard het leven hier is. De jonge vrouw naast haar heeft nog geen kinderen gehad. Ze is prachtig. De gespannen huid rond de volmaakte lichaamsvorm  straalt jeugd en levenskracht uit. De Meesterbeeldhouwer….&lt;br /&gt;Dan doemt het Turkanameer op, de wieg van de mensheid. Mijn hart jubelt van vreugde.&lt;br /&gt;Wolken pakken samen. Iedereen heeft het zien aankomen, de dagelijkse portie in het regenseizoen. Het water gutst in bakken naar beneden. We kruipen nog dichter bijeen onder een doek, maar alles is direct drijfnat. De weg is in een handomdraai een glijbaan en net vòòr de grens zitten we onherroepelijk vast in het slijk. In de striemende regen, met aan elke voet een kilo slijk: uitgraven, takken onder de wielen, duwen… &lt;br /&gt;Om 18 h arriveren we in Illeret, het eerste dorp in Kenia. Ik betaal maar 200 birr (15€), want de auto reed niet voor ons alleen tot hier. &lt;br /&gt;Er is geen grens of douane. De volksstammen leven aan beide zijden en trekken zich van die twee landen niets aan. &lt;br /&gt;Er is gelukkig een Benedictijnermissiepost waar we onderdak vinden, hier, op het einde van de wereld.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;18 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Illeret&lt;br /&gt;De missiepost is een mooi gebouw. Er heerst orde. We kregen gisteren een propere kamer, en het is stil om te slapen. Een gezellige leefruimte met kleine bibliotheek, een zithoek. Dit beetje beschaving doet zo’n deugd, na al die weken smerigheid, lawaai, slijk en stof.&lt;br /&gt;We verblijven echt ìn het dorp en zijn daardoor geen bezoekers. We leven hier precies mee, waardoor je op een natuurlijke manier het leven kunt zien.&lt;br /&gt;De mensen hier zijn duidelijk niet gewoon blanken te zien. We worden soms aangegaapt als een nieuw wereldwonder. Kinderen zijn bang en lopen weg. Weg van die twee bleekscheten…&lt;br /&gt;Mensen leven in simpele hutten. Je kunt er niet in rechtstaan. Het krot van Hira is een paleis daarmee vergeleken! Als het regent (wat hier wel bijna nooit gebeurt) sroomt het water over de vloer, en er wordt op de vloer geslapen op een simpele dierenhuid…&lt;br /&gt;Nochtans kun je met natuurlijke materialen een grotere, mooiere hut bouwen. Een simpele aarden wal kan het water tegenhouden…Maar het gebeurt niet omdat mannen hier niet werken. Ze zitten de ganse dag onder een boom. Werk is voor vrouwen. De mannen zijn nog luier geworden door de voedselhulp van het rode kruis. Nu moeten ze niet meer met hun kuddes naar Ethiopië, om dieren voor graan te wisselen…&lt;br /&gt;Mensen hebben hier tijd zat. Datgene wat we in de westerse wereld niet meer hebben. Maar of we dit zo zouden willen? Nee hoor. De dag is rond als je wat eten klaarmaakt en met de kudde rondloopt. En wat moet je dan nog meer doen dan voor je hut zitten? Er is hier echt niets…&lt;br /&gt;De missiepost heeft een school opgericht en probeert een stuk ontwikkeling te brengen. We kunnen dit alleen maar toejuichen. Ook als een meisje tegen haar zin uitgehuwelijkt wordt vindt ze hier bescherming. &lt;br /&gt;Toch bespeuren we een heel groot misprijzen voor de lokale cultuur, wanneer we met de Keniaanse pater praten. Mensen worden verplicht kleren te dragen, naakt lopen is slecht. Waarom godsdiensten het zò moeilijk blijven hebben met dit deel van Gods schepping? Veelwijverij? Verboden. ‘One woman, one man!’ roept de pater me méér dan heftig toe. Bij het doopsel worden mensen ook verplicht een ‘Christian name’ te nemen. Die naam wordt dan op school gebruikt…&lt;br /&gt;Ze leren mensen betere huizen te bouwen, maar dan wel naar Westers model…&lt;br /&gt;De pater ‘doet hier dienst’ in dit godvergeten gat, maar wil graag zo snel mogelijk weer vertrekken van bij die ‘wilden’. &lt;br /&gt;Mensen willen toch zo dringend met ons een praatje maken. Het zijn geen gewone praatjes. Iedereen in die missiepost wil iets van je. Na enkele minuten komt onherroepelijk de vraag. Geld. Wil je mijn studies niet sponseren? Ik wil zo graag naar België komen. Mijn ogen moeten verzorgd worden…Je moet het de ganse dag geduldig aanhoren, maar kunt weinig méér doen dan je emailadres geven en een dikke cent achterlaten op de missiepost… &lt;br /&gt;Ja, in Afrika ben je nooit alleen! Maar toch kunnen we op het onbeleefde af alle gidsen en bereidwillige mensen van ons afschudden en (alleen!) wegglippen om een wandeling te maken naar het meer.&lt;br /&gt;Ik zwem in het zoute water, zie de hutten van de omliggende dorpen. Kudden met gitzwarte herders grazen op de oever. Een vrouw spant een net en vangt in een handomdraai twee grote vissen. Een slanke jongeman met speer in aanslag passeert…&lt;br /&gt;Het contact met de natuurvolkeren aan het sprookjesachtige Turkanameer is voor mij wellicht de  diepste ervaring van onze ganse reis… &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;19 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Illeret &lt;br /&gt;Ik zit nog altijd met een ontsteking van de luchtwegen en Christine met een typisch vrouwelijk probleem. Tijd voor een bezoek aan het plaatselijk gezondheidscentrum. We krijgen er zicht op de aidsproblematiek: Er is in de dorpen een heel hoge besmettingsgraad. Preventie is jammer genoeg nog steeds de enige mogelijkheid. De peilers van de campagne zijn:  vrijwillige controle na risicogedrag, condoomgebruik en als je seropositief bent, wordt gevraagd al je sexpartners op te biechten in het centrum. Ze kunnen dan ook gecontroleerd worden! Want er is hier geen mogelijkheid op verzorging. De dichtste medische post is Marsabit, op 2 dagen rijden over een verschrikkelijke weg. Terwijl andere aidspatienten met medicatie nog 20 jaar kunnen leven ben je hier gewoon in enkele jaren dood. Er zijn hier dus veel wezen, die dan gelukkig door de missie gesteund en opgevangen worden.&lt;br /&gt;Toch is dan de houding van de paters tov aids weer onverantwoord: Ik lees een biologieboek van de plaatelijke missieschool door in de leefruimte. Er is maar één methode om aids te voorkomen, nl geen sex voor het huwelijk. Ook zoenen geeft soa’s over! In het ganse boek 3 regeltjes over condoomgebruik: indien je partner via bloedtransfusie of zo besmet raakt is het toegelaten binnen het huwelijk een condoom te gebruiken. Stel je voor! Afrikaanse mannen houden het nu eenmaal niet bij één vrouw (wij ook met moeite zeker?), dus hélpt zo’n houding gewoon aidsverspreiding. Dit biologieboek zou in ons land door de leerplancommissie afgekeurd worden! Terwijl ik dit lees kijkt de paus uit zijn foto naar me toe. Bange blanke man…&lt;br /&gt;Er is natuurlijk veel concurrentie. Ook op het einde van de wereld , hier, midden in het dorp staat een kleine moskee en wat verder een protestandse missiepost! ‘Maar dat zijn niet de goeie!’ verzekert Gabriël me met klem. De Katholieke missiepost doet het meest voor de mensen. &lt;br /&gt;Intussen raken we hier niet weg. De pater belooft altijd maar: ’s Morgens zeker!&lt;br /&gt;Nee, om 14h vertrekt een vrachtwagen naar Kobi Fora. Jawel, er komt een auto… &lt;br /&gt;’s Avonds doe ik weer navraag bij de pater: &lt;br /&gt;-Nee, ’t zal morgenvroeg zijn…&lt;br /&gt;-Goed, als de vrachtwagen morgenvroeg vertrekt, is er dan voor ons iets geregeld?&lt;br /&gt;-Nee, want ik heb nog niemand gezien van het Leaky-centrum, en ik kan hen ook niet opbellen.&lt;br /&gt;-Hoe kunnen zij dan weten dat we willen meerijden?&lt;br /&gt;-Tja… Hoe kun je daar geraken? ’t Is 7 km ver, en in die moordende hitte…&lt;br /&gt;-Dat dacht je maar. Als ik weet waar het is gaan we er wel naartoe.&lt;br /&gt;-Als je dat wil. Ik roep een jongen om met je mee te lopen.&lt;br /&gt;We gaan met drie op pad, maar, de avond is al aan het vallen. We raken er nooit voor het donker en dan kunnen we natuurlijk fluiten naar de vrachtwagen morgenochtend. Lopen is de oplossing. Christine keert terug, de jongen wil met me meelopen.&lt;br /&gt;Het is erg lastig lopen in het zand, bergop en de vochtige hitte snijdt je adem af. Naast me loopt een 16-jarige Keniaan. Hij behoort tot het ras dat de beste lopers van de wereld levert en schiet dan ook als een pijl uit de boog weg. Mijn hart bonst bijna uit mijn ribbekast. &lt;br /&gt;-Are you tired?(ik zie een smerig glimlachje)&lt;br /&gt;-No, no…(Mijn oude lopersinstinct komt boven. Wacht maar, als ik kan zal ik je pakken!)&lt;br /&gt;Na twintig minuten hoor ik aan de adem van mijn partner dat de energie opraakt. Ik zet ongemerkt een klein tandje bij. Na enkele minuten:&lt;br /&gt;-Stop, stop…zijn de enige woorden die er nog uitkomen. Hij ontploft bijna…&lt;br /&gt;Met eenzelfde smerig glimlachje:&lt;br /&gt;-Je dacht dat Europeanen niet konden lopen hé.&lt;br /&gt;-Ja…&lt;br /&gt;-Je dacht dat oude ventjes niet konden lopen hé.&lt;br /&gt;-Ja…&lt;br /&gt;Ik geef hem een flinke schouderklop.&lt;br /&gt;-Troost je maar. Kenianen en Ethiopiërs zijn de beste lopers van de wereld! Veel beter dan de meeste Europeanen.&lt;br /&gt;Intussen doemt het tentenkamp van de Leaky-stichting in het donker op. Ik ken het titanenwerk van Dr. Richard Leaky en zijn ouders redelijk goed en heb grote bewondering voor de fossielen die zij konden vinden rond het Turkanameer. Ze zijn van een onschatbare waarde, omdat ze een groot stuk van de evolutieweg van de mens aantonen. Dr Leaky is iemand waar ik veel bewondering voor heb. Het is dus niet moeilijk om via een uitgebreid gesprek to the point te komen (ja, je leert het na een tijdje toch wel om op de ‘African way’ iets te vragen)&lt;br /&gt;-Ben ik hier toegekomen in het Leaky-center?&lt;br /&gt;-Ja…&lt;br /&gt;-Ik ken het werk van Richard Leaky heel goed, omdat ik zelf een biologieleraar ben, in België.&lt;br /&gt;-Oh, kom jij uit België? Wat kom je hier zoeken in zo’n verlaten en onherbergzaam gebied?&lt;br /&gt;-De fossiele vondsten van Dr Leaky aan het meer hebben een grote indruk op me gemaakt. Daarom wilde ik dit meer met mijn eigen ogen aanschouwen. Het is de wieg van de mensheid en wellicht de grootste fossiele schatkamer van de wereld.&lt;br /&gt;-Ja, dat is zo. Er liggen hier naar schatting nog 100 000 onontgonnen fossielen.&lt;br /&gt;-Ik bewonder Dr Leaky misschien nog meer, omdat hij voorzitter is van de ‘transparancy organisation’. Ik denk dat de Afrikaaanse corruptie op alle niveau’s de economische ontwikkeling  tegenhoudt. Daarom is zijn werk zo belangrijk. Een ware revolutie in mentaliteit is nodig op dit continent!&lt;br /&gt;En wat jullie hier doen is m.i. ook heel belangrijk. Het bouwen van een centrum met museum, waardoor de fossielen in de streek kunnen blijven. Dan komen er ook wegen,  wat toerisme en werkgelegenheid…&lt;br /&gt;-Dat is inderdaad onze bedoeling. We willen ons echt inzetten voor de ‘vergeten streek’, zoals de oostkant van het Turkanameer wel eens genoemd wordt, want niemand verblijft hier voor zijn plezier op de heetste plaats van Afrika! Infrastructuur is hier zeker nodig, maar boven alles is een mentaliteitswijziging het allerbelangrijkst. De streek heeft àlles om te ontwikkelen. Er zijn leraars voor de scholen, bouwmaterialen, voldoende voedsel…Vreemde hulp is niet nodig, maar het moet gewoon gebéuren!&lt;br /&gt;À propos, Dr Leaky is hier gisteren geweest.&lt;br /&gt;-Ik weet het en ben erg spijtig hem net gemist te hebben! (Grrr de pater zijn fout natuurlijk! We hadden gevraagd te mogen meekomen gisterenmorgen met hem, het was OK, maar plots was de olijke pater vertrokken. Vergeten te zeggen, ik kon hem wel een draai rond zijn oren geven!)&lt;br /&gt;-Wat kom je hier zo laat op de avond nog doen?&lt;br /&gt;-Wel, we logeren al 2 dagen op de missiepost in Illeret en raken daar niet weg. We hoorden dat er morgenochtend een truck vertrekt richting Kobi Fora. Als we konden meerijden…&lt;br /&gt;-Dit moet ik bespreken met de ‘driver’. Maar ik denk dat je geluk hebt.&lt;br /&gt;Eerst kijkt de driver me nogal stuurs aan, maar ons gesprek wordt doorverteld…&lt;br /&gt;Zijn gezicht klaart op&lt;br /&gt;-Het is OK. Morgen om 6 h moet je hier zijn, maar ik geef je de raad niet in Kobi Fora te blijven, want om dààr weg te raken…! Je kunt beter meerijden tot Naïrobi, in drie dagen, en eventjes stoppen daar.&lt;br /&gt;-Dat is goed voor ons. Wat moeten we betalen?&lt;br /&gt;-Dr Leaky zou dit nooit willen! Je krijgt gewoon een lift van ons.&lt;br /&gt;-Ik wil dit niet gratis. Dan maak ik iets over voor de organisatie.&lt;br /&gt;-Ook dat zal dr Leaky niet willen. Hij is daar echt heel streng in. Alles moet zuiver zijn. Maar, geef misschien je emailadres. We willen wel graag met jou in contact blijven. De chauffeur kun je wél een fooi geven.&lt;br /&gt;Zo’n correcte houding doet na een maand Afrika met bakshis en bargainen voor alles toch zo’n deugd!&lt;br /&gt;We moeten de 7 km niet teruglopen. Als dikke vrienden worden we teruggevoerd. Christine springt een gat in de lucht, en nog één erbij als ze hoort dat we niet om 4 h moeten opstaan om die 7 km te voet af te leggen met onze rugzak. Dit vervoer heeft de pater dan weer voor ons geregeld.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;20 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Illeret – Kobi Fora – Sibiloi national park – Loiyangalani&lt;br /&gt;Voor de eerste keer in Afrika vertrekken we op tijd en ook de truck past bij het werk van de Leaky-stichting: prehistorisch. Maar oerdegelijk. Enkel de speciale 4WD en de keiharde vering kunnen het hier uithouden.  Omdat er niet echt een weg is bollen we over stenen, door zand en worden we door mekaar geschud als nooit tevoren. We komen één truck tegen in de loop van de dag, vast in een droge rivierbedding. We rijden zo dicht mogelijk tegen de oever van het Turkanameer, eerst naar Kobi Fora. Op onze planeet is dit de meest vermaarde fossiele vindplaats. We genieten er van de prachtige omgeving, maar de belangrijkste fossielen liggen in het nationaal museum in Naïrobi.&lt;br /&gt;Het Sibiloi national park is gewoon schitterend om door te rijden! We zien wilde zwijnen, bavianan, giraffes, zebra’s. Niet echt dicht, want de dieren in dit park zijn mensen niet gewoon omdat er bijna nooit bezoekers zijn: onbereikbaar, ook voor een gewone 4WD! We passeren stammen die enkel leven op een visdieet…&lt;br /&gt;Daarna dalen we weer af tot de oever van Turkana: Loiyangalani. We zijn doodop en hebben de daver op ons lijf, maar het was weer eens onvergetelijk .&lt;br /&gt;In het dorp komen we een jongeman tegen die met ons een gesprek aanknoopt. We zijn doodmoe en weten al waar het na 5 minuten op uitdraait. &lt;br /&gt;-Wil je mijn studies niet sponseren? Ik wil zo graag studeren maar mijn ouders kunnen dat niet betalen.&lt;br /&gt;-Weet je dat je in de laatste twee weken misschien al de honderdste bent die mij dat vraagt? En besef je dat dit voor ons echt niet geestig is? Bijna alle gesprekken die wij hebben draaien steeds rond geld. Jullie denken dat het geld aan de bomen groeit in Europa. Zelfs als ik dat zou willen, ik kàn niet al die studies betalen.&lt;br /&gt;-Wel, betaal dan enkel de mijne.&lt;br /&gt;-Dat zal ik niet doen. Wij steunen de ontwikkeling in Afrika op een andere manier, via organisaties.&lt;br /&gt;-Misschien kun je dan iets van me kopen?&lt;br /&gt;-Nee!&lt;br /&gt;-Wel, we hebben nu met mekaar gepraat. Dit wil zeggen dat we vrienden zijn. Vrienden geven mekaar geschenken. Maar ik kan aan jou niets geven, want ik heb niets. Jij kunt aan mij als vriend wél iets geven als geschenk.&lt;br /&gt;We antwoorden niet meer. Het is zo vermoeiend. Ook de guesthouse vraagt de dubbele prijs…&lt;br /&gt;Maar onze chauffeur is als een rots in de branding! Hij vertelt ons de ware prijs, en raadt ons aan meer komaf te maken met jongeren die zo’n gesprekken voeren. Ze willen enkel profiteren en meestal is er niets van aan!&lt;br /&gt;Spijtig. We hebben zeker begrip voor de noden, maar de veel Afrikanen denken nog steeds dat ‘het’ zal néérdalen terwijl ze onder een boom zitten. Een plaatselijke politica bevestigt ons: buitenlandse hulp is niet nodig, wel een mentaliteitsrevolutie! In Azië weten mensen heel goed dat er voor een stuk welstand gewerkt moet worden, en dat je dat zélf moet doen. Je kunt ook het resultaat zien. &lt;br /&gt;Vlug naar de oever van het meer voor de sunset. Een oranje bol zakt in het jadekleurige meer. Een moment om nooit meer te vergeten.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt; 21 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Loiyangalani – Maralal&lt;br /&gt;Genieten, genieten, genieten…En schudden en schokken!&lt;br /&gt;In Maralal kom je weer in de bewoonde wereld. Een verademing, na zo’n weg…!&lt;br /&gt;De chauffeur is toch ook weer niet zo transparant als zijn organisatie wel zou willen: hij vraagt me 14 000 shilling fooi! (140€) Begrijpelijk allemaal. Hij heeft 11 kinderen, waarvan er één studeert aan de unief… &lt;br /&gt;Ik was van plan hem 3 000 te geven voor het lange transport, en zeg hem dat ook. Een meer dan behoorlijke fooi.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 mei ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Maralal – Nairobi&lt;br /&gt;De weg is vandaag een heel stuk beter. De omgeving is niet meer zò mooi, maar toch nog meer dan de moeite waard: we krijgen voortdurend zichten op de vele meertjes van de Riftvalley, de grote slenk die we verder volgen. Christine ziet nog net het bordje en roept: ‘We rijden de evenaar over!!’&lt;br /&gt;Naast dit bordje zijn de grote plakkaten van honderden Amerikaanse sektes à la getuigen van Jehova niet te tellen. Een echte wildgroei. Ze hebben hier precies méér succes dan in Europa.&lt;br /&gt;Omdat de chauffeur bevoorrading meeheeft voor zijn gezin, rijden we eerst naar zijn huis. Hij is blij met zijn fooi, en ook erg tevreden ons te kunnen ontvangen in de leefruimte. Een geestig afscheid van een toch wel erg sympathiek man.&lt;br /&gt;We worden afgezet aan het nationaal museum. Een minibus (hier matatu genoemd) brengt ons in het centrum, waar we snel een guesthouse kunnen vinden. We slepen enkel nog onze doodvermoeide lichamen naar het internetcafé, want het is een kleine twee weken geleden dat we contact hadden met thuis. De verbinding is heel slecht, maar met tijd en boterhammen kunnen we toch de berichten openen. Nee, er zijn gelukkig geen problemen thuis.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;23 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nairobi&lt;br /&gt;Eerste werk: een vliegticket kopen voor Caïro. Op internet vinden we niets interessants, en de verbindingen zijn zò slecht… Het blijft duren. Dan maar rechtstreeks naar Egypt air. Ook niet goedkoop: 300€. We nemen toch het ticket:  vrijdagmorgen( overmorgen), om 5 h.&lt;br /&gt;Op straat word je voortdurend aangesproken om mee te gaan op safari. Veel te duur (300€) maar we luisteren toch, want we willen eigenlijk wel nog zo’n park zien. We horen dat Nakuru in die periode van het jaar heel mooi is en in één dag te doen. Misschien morgen, en als het te betàlen is. Kwestie van nog andere mensen te vinden en een auto te delen. We lopen een ander backpackerslodge binnen en ontmoeten  Angelica, een Duits meisje. Ook zij wil wel meegaan en vindt een telefoonnummer om rechtstreeks te reserveren in Nakuru. We kunnen een auto (met gids) huren voor drie personen. We nemen dan gewoon de matatu naar Nakuru. Dit is veel goedkoper. Als we alles uitrekenen komen we op 50€/pers,  matatu (6€) en ingang park (30€) inbegrepen. &lt;br /&gt;Vandaag nemen we het wat op ’t gemak,  maar eerst naar de fossielen van het   het national museum!&lt;br /&gt;’t Is nie waar hé!’ Gesloten. Verbouwing. Tot 1 juli. ‘Je kunt dan toch eens terugkomen?’ Weer iemand die nu denkt dat we in Europa naast geldbomen ook bomen hebben waar vliegtickets in hangen,.&lt;br /&gt;Ik wil vertrekken, maar Christine begrijpt wellicht beter de African way dan ik. ‘Laat ons nog eens rondkijken’. Het national museum is heel groot. We zien een eerste receptie. ‘Nee, gesloten. Sorry!’ We dralen nog wat rond. De vliegticketboom-man komt nog eens naar ons toe. &lt;br /&gt;-Na één juli is het heus wel open hoor. &lt;br /&gt;-Begrijp je wel hoe ver wij wonen? En hoe duur zo’n vliegticket ook voor ons wel is?&lt;br /&gt;We leggen het verder uit, en doen ons ganse verhaal. Als bioleerkracht, Kobi Fora, Turkana, drie dagen met de truck, de Leaky-stichting…&lt;br /&gt;-Deden jullie die drie verschrikkelijke dagen met onze truck??&lt;br /&gt;-Ja, en het was een heel diepe ervaring om aan den lijve te ondervinden hoe afgelegen een plaats op de wereldbol wel kan zijn!&lt;br /&gt;-Dit is inderdaad hééél ver weg! Ongelofelijk ver. Wacht, ik probeer jullie te helpen.&lt;br /&gt;We worden bij het hoofd van het labo gebracht. ‘Sorry sir, enkel voor wetenschappelijk onderzoek. Je moet een vergunning van de regering hebben.’&lt;br /&gt;Maar, de African way is nog niet uitgeput. We praten en doen weer het hele verhaal...&lt;br /&gt;‘Mààr…, het kàn niet dat jullie die fossielen niet zien! This story and you two people really touched my hart! Wacht, ik roep Mary.&lt;br /&gt;Met grote gebaren wordt alles doorverteld in het Swahillisch. Wij knikken mee alsof we het verstaan. Mary wil ons heel graag rondleiden…&lt;br /&gt;Een wereld gaat open. We zien het grote labo van dr Leaky in werking. De fossielencollectie is enorm. Je gaat terug in de prehistorie, en aan de hand van echte fossielen legt Mary ons de evolutie van olifant, neushoorn, giraffe enz uit. We kunnen de fossielen ook aanraken. Grandioos gewoon! We zijn ongelofelijk dankbaar dìt te kunnen meemaken en vallen van de ene verwondering in de andere. &lt;br /&gt;-Het wetenschappelijk onderzoek gaat hier heel traag omdat we maar een kleine ploeg zijn. Een land als Kenia heeft zòveel andere prioriteiten…Gelukkig krijgen we vaak hulp van buitenlandse universiteiten, die een ploeg studenten zenden. Weet je dat er rond Lake Turkana alleen al wellicht nog honderdduizend fossielen liggen te wachten op ontdekking? Dit kan in de toekomst misschien de geheimen van de evolutie van vele diersoorten, ook van de mens verder blootleggen. Turkana is zo’n bijzonder rijk gebied omdat het er zo heet en droog is, maar ook omdat de volkeren daar nooit aan landbouw deden. De grond is er niet omwoeld, waardoor ook voetafdrukken van de prehistorische mens konden bewaard blijven…&lt;br /&gt;-Hoe komt het dat het nu vakantie is in België?&lt;br /&gt;Ik leg kort het systeem van loopbaanonderbreking uit.&lt;br /&gt;-Hoe oud ben je nu?&lt;br /&gt;-51.&lt;br /&gt;-Oh, net zoals ik!&lt;br /&gt;(Ik vraag het nog eens opnieuw, want Mary ziet er wel twintig jaar jonger uit.)&lt;br /&gt;-Wel, ik moet zeggen dat je nog beter bewaard bent dan de fossielen die we hier zagen! (Ook Christine lacht mee en bevestigt)&lt;br /&gt;We nemen heel hartelijk afscheid, van bakshis is hier geen sprake.&lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;24 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nairobi – Nakuru nationaal park – Nairobi&lt;br /&gt;De rit in de matatu duurt bijna vier uur. Rond de middag rijden we in de speciale tourauto het park binnen, telelens in aanslag. Onze gids is een echte kenner. Hij vertelt honderduit over de dieren die we zien. Hij weet ook precies hoe hij ze moet naderen om –heel vaak- oog in oog met ze te staan.&lt;br /&gt;Op het meer van Nakuru leven 1,5 miljoen roze flamingo’s. Op het blauwe water zijn ze een niet te evenaren kleurspectakel. We observeren hun golvende bewegingen van heel nabij. Precies een roze zee.&lt;br /&gt;Buffels en  neushoorns zijn echte kolossen. Gelukkig vredelievend. Een gier is al wat meer in het oog te houden. Pelikanen zijn dan weer uiterst sierlijk.&lt;br /&gt;Gazelles kun je minder makkelijk naderen, maar het lukt toch ook.&lt;br /&gt;Zebra’s in hun streepjespyjama kijken ons aan. &lt;br /&gt;Mijn favoriete dier (in national geografic) is en blijft de impala! Het zijn majestatische, sierlijke dieren met prachtige kleurbanden op hun huid. Dìe in levende lijve te kunnen zien…!&lt;br /&gt;Enkele giraffes eten zomaar een boompje op. Wat een fiere blik in die prachtige natuur! We staan oog in oog met bavianen en apen. Baboons willen mijn banaan.&lt;br /&gt;Rond 18h rijden we terug. ‘Er is een leeuw!’ roept onze gids heel fier. Wel van héél ver zien we hem luieren in de zon. Met de telelens maken we toch een behoorlijke foto.&lt;br /&gt;Het is al donker als we voldaan terugrijden naar Naïrobi. Christine (nog steeds chef foto) heeft prachtige opnames kunnen maken. Het was heel mooi, maar toch maakte dit park minder indruk op ons dan de ganse omgeving van Turkana. We konden daar de dieren niet zo dicht zien, maar alles leek nog veel wilder, natuurlijker. Het is 23 h als we Naïrobi binnenrijden. In elke reisgids wordt verwittigd voor de veiligheid, maar we merken er niets van. We nemen toch uit voorzichtigheid een taxi naar de luchthaven. De chauffeur bevestigt wat we hier voortdurend horen: ‘De nieuwe regering pakt de corruptie écht aan. Van hoog tot laag. Zie maar in Nairobi. Enkele jaren terug kon je na 19 h niet meer buitenkomen. Nu is het redelijk veilig. Er is een wegenplan, elektriciteitsplan…&lt;br /&gt;We geloven erin. Binnen 10 jaar is Kenia een ander land! Het is een mooie boodschap om afscheid te nemen van dit prachtige land.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;25 mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nairobi (vlucht) – Caïro (Egypte) – Suez &lt;br /&gt;We doen een tukje (Christine zegt me dat ik direct in slaap donder, en nu al zittend kan slapen ook) tot 3h en kunnen dan inchecken. Om 5h rijdt de airbus van Egypt air de startbaan op…De vlucht duurt 5 uur, want we hebben in bussen en trucks toch wel een grote afstand afgelegd: naar Zuid Afrika is het eigenlijk niet meer zo ver, maar je moet nu eenmaal eens eindigen…&lt;br /&gt;Afrika, we zijn heel dankbaar voor wat we hier mochten zien en leren! Het was het moeilijkste deel van onze reis, maar misschien wel één van de boeiendste. In dit continent moet nog heel veel gebeuren, maar het komt. Je merkt de eerste tekenen van economische ontwikkeling. Een eerste groot struikelblok zijn de aanslepende spanningen en militaire conflicten tussen de vele bevolkingsgroepen. (In Soedan raakt dit gelukkig opgelost. In Ethiopië met moeite. Het tweede de corruptie van hoog tot laag. Die mentaliteit wijzigen zal nog wel een generatie duren. Maar het komt. Vooral in Kenia merk je de kentering, maar ook in de andere landen is er een begin.&lt;br /&gt;Afrika is niet overgekomen als een wanhoopscontinent met honger, armoede en aids. (Enkel in Addis waren we de wanhoop nabij. Dit is het ergste wat we zagen op onze wereldreis. Het zijn beelden die voor altijd op je netvlies blijven branden.) Mensen stellen het véél beter dan wij in Europa willen of kunnen geloven! Wellicht is dit het belangrijkste dat we leerden dit jaar: Er is armoede en miserie, maar de wereld is er véél beter aan toe dan je denkt! De meeste mensen zijn biezonder flexibel om te leven en te overleven. Ook als het lastig is wordt niet geklaagd. Overal wordt leute en plezier gemaakt met kleine simpele dingen…Als je dààr de verzuring in veel Europese landen mee vergelijkt…We zààgen er maar op los. Zonodig over het weer als we niets anders vinden. Zelf beloof ik plechtig dit nooit meer te doen. We hebben één van de gezegendste klimaten van onze planeet en leven in een aards paradijs! Alleen wéten de meeste mensen het niet meer. &lt;br /&gt;Door het raampje zien we het Nassermeer. De Nijlvallei slingert zich als een groen lint door de gele woestijn. Woestijn. Wat is er toch woestìjn op onze planeet. Ook dat besef je niet in het prachtig groene Europa…&lt;br /&gt;Caïro ligt onder ons. Een megastad. Eindeloze, grauwe flatgebouwen in de vele buitenwijken. 15 miljoen mensen. Uit de lucht zie je dat alles uit zijn voegen barst.&lt;br /&gt;We nemen de bus naar het centrum. Christine laat nog eens haar haar knippen bij de knappe knipper van de vorige keer. Onze auto staat er nog, wel geel van de laatste zandstorm. Maar dat is snel vergeten. We koppelen de accu aan. De motor start direct. Op ‘t gemak nog naar Suez. We eten falafel aan het Suezkanaal. Dit keer zonder Koenraad. Als ik eraan denk verlang ik naar huis… &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;26  mei ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Suez – Nuweiba&lt;br /&gt;Onze slaapplaats was weer blijkbaar niet zo’n goede keuze. In the middle of nowhere vindt de politie midden in de nacht dat je er niet mag parkeren… &lt;br /&gt;We bevoorraden op de markt voor een kleine week.&lt;br /&gt;Dan naar Nuweiba, onder het Suezkanaal door. Ons geografisch afscheid van Afrika. Bye, bye…We hebben het gevoel dat onze reis hier eindigt, en dat we nu eigenlijk gewoon rustig naar huis rijden. Als je je gevoel zou volgen reed je in een week naar huis! We doen dit niet omdat we alles willen afwerken in schoonheid. We nemen eerst een week om het verslag te maken, de foto’s te selecteren en wat op kracht te komen…Dan op ’t gemàk naar huis! We werken geen plannen, geen programma meer af. Gewoon samen nog een maandje  nagenieten van wat we mochten meemaken in dit jaar…   &lt;br /&gt;We draaien het kampeerterreintje van Amon Jaro voor de derde maal op. Ashraf, de uitbater lacht ons warm tegemoet: ‘welcome home!’&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-931782046405078314?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/931782046405078314/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=931782046405078314' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/931782046405078314'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/931782046405078314'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/05/20-april-07-nuweiba-vandaag-onze.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-5362167791321379495</id><published>2007-04-19T18:47:00.000+02:00</published><updated>2007-04-19T18:55:49.574+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>11 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Aswan – Aswan bridge – Western Desert Road – Baris – El Karga&lt;br /&gt;We rijden Aswan buiten in noordelijke richting en omdat we na 10 km reeds de eerste brug over de Nijl nemen, kunnen we het convooirijden ontwijken. Het is een rustige goede weg, dwars door de woestijn. Het ene prachtige zicht volgt het andere op…&lt;br /&gt;Toch slaat de vermoeidheid bij de kinderen toe. De autorit wordt gebruikt om wat slaap in te halen. Ze hebben allen op hun manier een razend druk jaar achter de rug en zijn hier vermoeid toegekomen. Met wat spijt denk ik aan al het moois dat we thuis missen door onze reis… Gisterenavond hielden Roeland en Elke in onze tuin een feestje om de ondertekening van het contract voor de aankoop van hun huis te vieren. Mét champagne…Natuurlijk wilden we erbij zijn. Dit gemis knaagt soms aan je, maar er is ook de voldoening en dankbaarheid omdat iedereen het zo goed stelt. Dank zij internet kunnen we een heel nauw contact houden: je blijft door dat wonderlijke middel diep met mekaar verbonden. In zo’n lange reis stap je precies uit je leven en bekijk je alles vanop afstand: is alles wat ik in dit korte leven doe wel de moeite? 51 jaar. Het is voorbij gevlogen, maar je bent oud genoeg om te weten dat veel gebeurtenissen die misschien op het eerste zicht negatief en pijnlijk waren, toch nodig geweest zijn. Steeds sterker is het besef gegroeid tot een zekerheid: in het leven word je geleid. Ook het ‘zogezegd negatieve’ is goed…Zoiets weten tot in iedere vezel van je lichaam is het voordeel van ouder zijn?&lt;br /&gt;Genoeg gemijmerd, want na een vijftal uur op ’t gemak doorbollen weten we helemààl niet meer waar we ons bevinden. Het wonderlijke GPS middel brengt raad. Op de ingescande michelinkaart zien we direct waar we ons bevinden, en in welke richting we rijden in de woestijn! &lt;br /&gt;De afwisseling in kleur tussen de verschillende woestijnen is werkelijk prachtig. Het groen van de Baris oase is een streling voor het oog en wordt meteen onze picknickplaats. Alhoewel. De ‘tourista’heeft toegeslagen: nogal matig bij Nele en Koenraad, maar Goedele heeft het heel erg te pakken. Na twee dagen immodium is het nog steeds diarrhee geblazen…&lt;br /&gt;Na Baris rijden we noord, om het grotere centum van El Karga te bereiken. Een jeep van het leger begeleidt ons. De manschappen zijn vooral gïnteresseerd in de ‘begeleiding’ van Nele en Goedele. Het kampeerterreintje stikt van de muggen en is precies geploegd. We nemen het niet maar raken onze militairen niet kwijt, want we willen een plaats te zoeken in de woestijn om wild te kamperen. Ze vragen voortdurend waar we naartoe gaan. ‘Oh, we rijden nog twee uur door naar Dakhla!’ zeg ik hen, in de hoop dat ze dit te ver vinden. Het werkt. Na de laatste checkpost van El Karga telefoneren ze naar de volgende post om ons aan te kondigen. Ik glimlach poeslief, maar weet dat we daar vandaag niet meer zullen toekomen! &lt;br /&gt;Het landschap is heel ruw en bergachtig, en wanneer we een dertigtal kilometer verder zijn, zien we een kleine grintweg waar we kunnen inrijden. We vinden een mooie kampeerplaats onder een feërieke woestijnsterrenhemel. Moet er nog zand zijn? &lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;12 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;El Karga – Dakhla – Bir Abu Minqâr&lt;br /&gt;Je merkt dat de western desert heel weinig toeristen aantrekt. We rijden ongeveer alleen op de weg en er is ook niets aangeduid. Je moet alles zelf zoeken, wat veel tijd vraagt omdat bijna niemand Engels begrijpt. Wij spreken de plaatsnamen ook helemaal anders uit dan de mensen hier, en een naam aanwijzen in onze reisgids heeft ook geen zin, omdat de dorpelingen enkel Arabisch schrift kunnen lezen. Het zou dus superhandig zijn als de plaatsnamen op je kaart in het Engels én Arabisch zouden genoteerd zijn! Op onze Michelinkaart dus niet.&lt;br /&gt;We belanden in het oude centrum van Balat. Eén van de nog meest authentiek gebleven oasedorpen in Egypte. De kleine straatjes met lemen huisjes zijn erg schilderachtig, alles dicht op mekaar gebouwd voor de hitte.  We durven met moeite in het dorpje doordringen, en worden ook aangegaapt als een soort ufo’s die net geland zijn. Prachtig gewoon, maar voor het grootste deel verlaten en vervallen. Rond het dorp staan modernere huizen, en je merkt dat mensen veel liever daar wonen, hoe schilderachtig de oude huisjes ook zijn… Toch krijg je een mooi beeld van de vroegere oasecultuur terwijl je door de straatjes slentert. &lt;br /&gt;In Dakhla nemen we op het heetste van de dag een…warmwaterbad! Te gek natuurlijk, maar wel deugddoend. We plonzen in het zwavelhoudende water dat heel gezond schijnt te zijn.&lt;br /&gt;Abu Minqâris een grote oase waar we een slaapplaats voor de nacht zoeken,  in the middle of nowhere… Moet er nog zand zijn?&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;13 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bir Abu Minqâr - El Hais&lt;br /&gt;De kleurenpracht van de witte woestijn is niet onder woorden te brengen. Het is net alsof het hier gesneeuwd heeft! Dit schijnt de enige plaats op de aarde te zijn waar de woestijn zò wit is. We slaan een grintweg in, maar moeten toch wel regelmatig door zandophopingen. Tot…ja, we vastzitten. Derde keer en  serieus nu, tot bijna tegen het motorblok. We graven uit en leggen de houtblokken onder de wielen, maar het mag niet baten. Dan maar opkrikken en méér stenen onder leggen. Langzaam komen we uit de zandmassa. Als we bijna bevrijd zijn na twee uur, trekt een passerende jeep  ons het laatste stukje uit het zand. Nee, verder rijden we niet!&lt;br /&gt;In El Hais worden we aan het tankstation aangesproken door de eigenaar van een campsite. Bij de thee bargainen we wat en kiezen toch nog voor een klein arrangementje, alhoewel we daar eigenlijk niet veel tijd meer voor hebben. Verblijf, middagmaal, kamelentocht en ontbijt voor 100 Eg Pond/pers.(=14€)&lt;br /&gt;De zwarte woestijn kan ons wel iets minder bekoren. Na een uur is ons achterste al stijfgezeten, maar we hebben we toch de meeste leute van de wereld. Na een dikke twee uur is het welletjes geweest en hebben we moeite om onze benen weer tegen mekaar te krijgen! De campingbaas neemt ons mee voor de sunset in het gebergte boven El Hais. Met o-benen beklimmen we de top. Een prachtig vergezicht. Moet er nog zand zijn?&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;14 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;El Hais – Caïro&lt;br /&gt;Om 6 h is er op de camping nog niemand op. We staan reeds vertrekkensklaar, het ontbijt kunnen we dus vergeten. Caïro direct! Met een wat extra ingedrukt gaspedaal arriveren we nog vòòr de middag op de camping in Caïro. De cirkel is rond. We installeren ons eerst. Dan naar de metro voor een laatste stadsbezoek. De kinderen willen nog wat cadeautjes kopen in dezelfde soek als twee weken geleden. Het blijft maar duren! Maar daarna maken we nog een prachtige stadswandeling, richting citadel. Om 19 h is er in de citadel zelf een optreden van de dansende derwishen. Dit zijn sofi dansgroepen: door het opzwepende van dans ( steeds maar sneller en sneller ronddraaien) en muziek in een soort extase komen en contact maken met het ‘hogere’. De dansers doen dit uit overtuiging, waardoor het twee uur durende optreden gratis is. Na de wandeling in de leuke buurt rond de citadel wordt het donker en genieten we van de kunstverlichting op de meer dan prachtige moskees hier in de omgeving. Cààjreu (zoals dit hier uitgesproken wordt) is een prachtige stad waar je jezelf kunt in verliezen! &lt;br /&gt;Het optreden blijkt niet meer in de citadel te zijn, maar in de Khan-el-Khalili wijk. Na een uurtje wachten en aanschuiven hebben we een meer dan behoorlijke plaats. Het is de moeite. Het opzwepende van dans en muziek stijgt je naar het hoofd, maar van het hogere kon ik niets bespeuren. Ik draaide dan ook niet rond. &lt;br /&gt;Als we terug aan de auto zijn is het al voorbij 23 h. Gezellig gaan eten met zijn allen voor de laatste avond zit er niet meer in omdat we nog alle bagage moeten pakken. Een laatste falafel uit het vuistje is de oplossing. Als afscheid van Egypte! Om 2h ’s nachts is alles klaar…&lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;15 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Caïro&lt;br /&gt;Om 4h, jawel, na twee uur slaap weer uit de veren. Christine kruipt bij Nele en Goedele in de tent om verder te slapen. Ik vertrek met Koenraad naar de luchthaven. Het is plezant om over de ringroad rustig door slapend Caïro te rijden en nog wat na te kaarten. Wat is die maand samenreizen toch snél gegaan! We  hebben van zijn aanwezigheid en opgeruimd karakter heel erg genoten. Zijn grappige vindingrijkheid kent geen grenzen. Zijn verlangen naar Inge evenmin.&lt;br /&gt;Ik heb het niet zo moeilijk bij het afscheid als in december: binnen een dikke twee maanden staan we thuis…&lt;br /&gt;Nu naar het centrum. Tussen de vlucht van Koenraad en Nele en Goedele probeer ik onze paspoorten binnen te krijgen op de Soedanese ambassade. Eerst moet je een aanbevelingsbrief afhalen op het Belgisch consulaat, normaal om 8.30 h open. &lt;br /&gt;De beide ambassades zijn snel gevonden, in de omgeving van het Egyptisch museum. Lopen en de metro zorgen ervoor dat ik er reeds om 8 h ben. Tevergeefs. Ze gaan beiden maar om 9h open. Te laat. Ik moet vroeger terug naar de camping om Nele en Goedele te voeren, want het verkeer zit hier nu pas goed strop. Nele zit al op hete kolen, maar om 9.30 h draai ik de camping binnen. Jump in the car! We vertrekken in a hurry en op Egyptische wijze. (= zo snel mogelijk al  toeterend overal tussen laveren!) Ik drop Christine aan het metrostation Giza. In de drukte is er geen tijd om stil te staan bij het afscheid, en misschien maar goed ook. We rijden verder het centrum in, er is geen doorkomen aan. Nele staat met het zweet in haar handen, wanneer ze op de kaart ziet welke afstand we in een half uur nog maar aflegden. Goedele kijkt ook bezorgd maar ondergaat het meer. Het wordt een race tegen de tijd. Gelukkig lopen heel wat stukken vlotter, zodat ik met een fier vaderhart mijn dochters just in time, om 11.30 h op de luchthaven kan afzetten. Omwille van het razende verkeer zit nakaarten tijdens de rit er niet echt in Het is voorbij gevlogen, die twee weken, wat hebben we genoten van onze lieve dochters. Mijn kleine meisjes zijn twee evenwichtige, volwassen vrouwen geworden. Het afscheid valt me ook niet echt moeilijk als ik ze een afscheidskus geef en door de gates zie verdwijnen…&lt;br /&gt;Nu weer vliegensvlug naar ’t stad. Ik parkeer as usual aan metrostation Giza en ben om 13. 30 h aan de Soedanese ambassade. Christine blijkt nog binnen te zijn. ‘Kom eens binnen tien minuten terug, dan zal het gregeld zijn’. Ik wandel weg, en zie daar plots mijn Egyptische schone met twee paspoorten zwaaien. &lt;br /&gt;‘t Is al in orde!!’ &lt;br /&gt;We maken een kleine wandeling langs de Nijloever om wat te bekomen van de supergekke morgen. Wanneer alles bezinkt pinkt Christine een traantje weg…&lt;br /&gt;We besluiten nog vandaag uit Caïro te vertrekken, maar eerst wil Christine nog naar het kapsalon. Ik heb een paar uur voor mezelf en wandel de stad in. Niets spectaculairs. Gewoon langs de rivier eens tijd hebben om na te denken…Plots krijg ik de enorme aandrang om bloemen te kopen. Niet evident hier. Ik doorzoek als een bezetene de halve stad. De rode rozen in het kleine winkeltje springen me direct in het oog. Ik bestel er dertig, en leg in de winkel uit waarom. Als ik het nu wil of niet, ik moet nog één roze roos in het midden van het boeket meenemen. Ik laat haar maar doen, seffens geef ik hem weg op straat. Maar plots bedenk ik, nee, dat is natuurlijk die van het éénendertigste jaar dat al bezig is! Hij is nog niet rood omdat we nog het grootste deel van dit jaar moeten beleven. De roze kleur van verlangen, de rode kleur van vervulling. Hoe toevallig romantisch. &lt;br /&gt;Ons afspraakje is om 18 h in metrostation Ataba. Ik sta daar als een schooljongetje met zijn bloementuil, te wachten op zijn lief. Ik heb veel bekijks. Vooral van de vrouwen. Ze glimlachen poeslief naar me vanachter hun sluier.&lt;br /&gt;Plots zie ik Christine. Haar kapsel is gewoon super! Ik geef mijn Egyptisce schone een profijtig zoentje, want ook dàt is hier al wat gedurfd… De rest is voor later. We eten eerst en rijden Caïro buiten. Omdat ik doodmoe ben kan ik me niet meer voldoende concentreren in het verkeer, maar geen nood, Christine neemt over. Een Egyptische chauffeuse waardig. Het toetertje staat zeker ook niet stil!&lt;br /&gt;Op de snelweg naar Suez nemen we de eerste parking om te slapen…&lt;br /&gt;Om 12 h wordt op de auto gebonkt. En nog, en nog.. Ik trek het raam open en zie een boom van een Egyptenaar. Hij maakt een obsceen gebaar: ‘mag ik meedoen?’ Wat denkt die vent wel! Ik smijt het raam weer dicht, maar hij geeft niet af. Blijft maar kloppen en binnengluren. We besluiten weg te rijden, maar kunnen de sleutel niet vinden in het donker. Bonk, bonk, bonk… Christine claxoneert en blijft claxoneren, maar de vent bonkt door… Waar is die verdomde sleutel toch??? Plots vinden we hem. Zetel achteruit, start de motor. We scheuren weg aan 120. Ik kijk goed in de spiegel, maar we worden niet gevolgd. De volgende stop is een moskee. Bij Allah zal ’t wel veilig zijn zeker?&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;16 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Caïro – Suez – Nakhl – Nuweiba&lt;br /&gt;Bij Allah als een blok geslapen! De oproep voor het morgengebed om 4.30 h niet gehoord.&lt;br /&gt;We besluiten rechtstreeks naar Nuweiba terug te rijden omdat we daar op een prachtig plaatsje aan zee kunnen kamperen. Eerst bevoorraden in Suez voor een kleine week. Groenten, vis, vlees, kaas,… je vindt het allemaal op de markt waar we wel twee uur rondstruinen.&lt;br /&gt;Daarna onder het Suezkanaal door naar de Sinaïwoestijn. We nemen een andere route dan in het doorgaan. Precies nog mooier! Vooral het stuk woestijn naar Nueba toe is zeer bergachtig, rood gekleurd en doorsneden met diepe kloven…&lt;br /&gt;‘Welcome home!’ begroet de campingbaas ons. We zijn zijn enige klanten en parkeren weer op dezelfde plaats. Christine pinkt weer een traantje weg.’Ik zie Koenraad daar nog zitten in zijn zeteltje, en ik mis hem…’&lt;br /&gt;Mijn grootvader kookte steeds zijn garnalen in zeewater op zijn schip, en ik volg zijn voorbeeld. In een schep water van de Rode Zee koken we de rauwe garnalen van de markt, en…ze zijn heerlijk! Ook de inktvisjes zijn overheerlijk.&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;17 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nuweiba&lt;br /&gt;We hebben nu vier dagen tijd om wat tot rust te komen. Alhoewel. We willen graag nog een dag duiken, en  er staat toch ook nog heel wat op het programma! Verslag en foto’s van de voorbije weken bijwerken, onze Afrika-trip voorbereiden… &lt;br /&gt;Eerst alle praktische zaken. De kinderen konden een deel van onze bagage naar huis meenemen (winterslaapzakken voor de Himalaya, fietsmateriaal, bergschoenen) waardoor we nu wat meer ruimte hebben in de auto. We halen alles uit om te herklasseren. Christine vindt tussen de bagage nog twee cadeautjes van de kinderen! Hoe is dat nu mogelijk? 26 november staat op het eerste. Benieuwd doen we het open: 4 kaarsjes. Hoe mooi, het begin van de Advent. We koesteren de kaarsjes in ons hart tot volgend jaar. December voor het tweede. Een pakje snoepjes van de Sint…&lt;br /&gt;We denken na wat we meenemen voor die laatste periode, waar we de auto achterlaten, nemen we een tent mee? En de laptop?&lt;br /&gt;Ik nodig de campingbaas uit voor een Chai. We zijn hier nog steeds de enige klanten. Het is een heel lieve man die niet uit is op geld. We kunnen hier eigenlijk gratis staan, maar willen dit natuurlijk niet.&lt;br /&gt;-Er is nogal weinig volk, voor het moment.&lt;br /&gt;-Ja, ik hoop dat het in de zomer beter is, maar voor het moment verdien ik niet voldoende om de huur van het terrein en de elektriciteit te betalen.&lt;br /&gt;-Hoe komt het?&lt;br /&gt;-Door de meer gespannen politieke situatie komen de Israëliërs voor het moment niet meer en de Europeanen gaan vooral naar Sharm-El-Sheik.&lt;br /&gt;Amerika denkt hier de baas te spelen in de regio, maar ik kan je verzekeren dat ze niet zullen lukken in hun opzet. Wij weten dat het om de olie te doen is, en macht…&lt;br /&gt;Het leven hier in Egypte is zeer moeilijk. De laatste jaren is het veel slechter geworden.&lt;br /&gt;-Hoe komt het?&lt;br /&gt;-Niet alleen internationaal zijn er veel spanningen, maar er is de enorme corruptie van hoog tot laag en het gebrek aan degelijke scholen. Onderwijs is er zogezegd voor iedereen, maar dat is niet zo. Je kunt hier gewoon alles verkrijgen met geld onder tafel.&lt;br /&gt;-We hebben ook ondervonden dat baksis hier een gewoonte is van hoog tot laag&lt;br /&gt;-Je kunt ook een diploma kopen, bijvoorbeeld van leraar. In de staatsscholen zit de leraar Engels gewoon in klas te slapen, want hij kent toch geen Engels. Daar verdient hij dan 500 Pond mee. Niet voldoende voor zijn gezin, maar hij doet nog allerlei ander werk om extra te verdienen. Hij kan dan uitslapen in klas.&lt;br /&gt;Of bij de douane of het leger. Je 500 pond is vast, en de rest vul je aan op een ‘snaky’(maakt het gebaar van een kronkelende slang)way…&lt;br /&gt;-Als niemand goed opgeleid is kan een land niet vooruit gaan.&lt;br /&gt;-Dat is zo. Als ik hier een elektrieker nodig heb, komt iemand af met zo’n diploma, maar hij kent er niets van en niets werkt achteraf… Ook zo voor het sanitair. (We hebben inderdaad ondervonden dat niets hier goed werkt) Als je ouders geen privéschool kunnen betalen mag je het vergeten een degelijke opleiding te krijgen!&lt;br /&gt;(Het is het trieste verhaal van bijna de ganse wereld…)&lt;br /&gt;-Waarom is de administratie hier zo moeilijk? Het is zo ingewikkeld om met de auto Egypte binnen te komen, hoe kun je dan vlotte handel hebben met je buurlanden? Waarom gaat het een stuk beter in Jordanië?&lt;br /&gt;-Heel het bureaucratisch systeem is gemaakt om de macht op ieder niveau te behouden. En dit tot op het hoogste niveau, in concentrische cirkels. De eerst cirkel is rond de president. Wetten worden niet gemaakt voor het volk, maar om in de zetel te blijven zitten!&lt;br /&gt;-Egypte heeft nochtans belangrijke troeven: olie en gas, toerisme en de inkomsten van he Suezkanaal…&lt;br /&gt;-Dat is zo. Het zou hier goed moeten gaan, maar het gaat steeds achteruit. Rijken worden hier rijker en armen armer. De rijken kunnen alle wetten aan hun laars lappen…&lt;br /&gt;-Ooit, in de Romeinse tijd, waren jullie één land met Europa. Er zijn nu ook al economische verdragen, maar ze werpen nog geen vruchten af, omwille van de terughoudendheid van sommige landen. Tot Turkije is de administratie vlot. De Turkse truks rijden over de Europese wegen tot in Brugge en verder…Dit betekent handel, werk,.. Zo kan de boel beginnen draaien! &lt;br /&gt;Maar dan heb je een eerste barrière in Syrië. Daar doen ze ook zo graag moeilijk. Je kunt de grens bijna niet over met een lading…En dan het probleem Israël…Indien alles wat vlotter kon? Het zal wel veranderen in de toekomst. Kijk naar Europa. Hoe lang is de tweede wereldoorlog gepasseerd? En het ijzeren gordijn? De EU is een zegen voor ons.&lt;br /&gt;-Wij kijken daar met grote ogen naartoe en verlangen ook zoiets, maar het zal niet meer voor mij zijn. Europa is een prachtig project. De Arabische landen zijn het voor het moment maar over één iets eens, namelijk dat ze het niet eens zijn!&lt;br /&gt;-Een situatie kan snel veranderen.&lt;br /&gt;-Ik geloof het niet. Mijn grootvader heeft nog geweten dat het hier allemaal één land was: Egypte, Soedan, Saoudi, daar aan de overkant, Lybië…&lt;br /&gt;De Europese landen hebben ons verdeeld, en de olielanden zoals Saoudi en Koeweit zijn stinkend rijk en beschermen hun grenzen. Het interesseert ze niet om samen te werken. Amerika heeft die Europese politiek overgenomen: verdeel en heers! Het is mijn droom dat er ooit vrede komt in onze regio, dat we kunnen praten van mens tot mens, zoals wij dat nu doen. En is dit in het Arabisch of Belgisch of Engels, dat speelt geen rol. Op school moet iedereen zo snel mogelijk dezelfde taal leren, bijvoorbeeld het Engels, zodat we kunnen praten met mekaar. In combinatie met internet kun je dan met iedere wereldburger contact hebben…&lt;br /&gt;-Het is ook onze droom. En ooit komt hij. In dit leven kun je proberen een klein steentje bij te brengen voor die grote droom. .&lt;br /&gt;-Je moet inderdaad naar de toekomst kijken. Al heb ik dat soms moeilijk. Ik kan hier met moeite mijn hoofd boven water houden. Meestal wil ik geen nieuws meer hòren…Veel mensen kunnen de eindjes niet meer aan elkaar knopen. Dan valt je droom soms snel in stukken en word je depressief.&lt;br /&gt;Voor mezelf heb ik een besluit genomen. Ik ben vroeger een goed visser geweest. Wanneer ik geen volk heb op mijn campsite ga ik weer vissen, dan heb ik tenminste eten en wat geld om sigaretten te kopen… Maar ook hier moet je steekpenningen betalen aan de overheid, anders vinden ze wat uit om je boot aan de ketting te leggen…&lt;br /&gt;Het is het probleem van veel mensen. We kunnen niet huwen omdat we niet genoeg inkomsten hebben om een gezin te onderhouden. Ik ben nu 44 en heb nog nooit genoeg kunnen sparen om te huwen. Langzamerhand is het voor mij gepasseerd. Wanneer ik te oud ben om te werken zal ik niets hebben. Als ik ziek word is er een enkele verzorging. Als je hier geen geld hebt laat men je dood gaan. Who cares?&lt;br /&gt;-In Europa is degelijk onderwijs en dezelfde gezondheidszorg toegankelijk voor iedereen. De staat steunt je gezin met kindergeld. (zeg ik een beetje beschaamd) Als je nu rijk bent of arm…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;18 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nuweiba&lt;br /&gt;Ik kijk uit over de diepblauwe Rode Zee. Geologisch heel speciaal. Het is een naad tussen twee stukken continent. In het noorden is de ‘naad’ heel diep: de Jordaan en de Dode Zee. De volgende weken volgen we de zuidkant: de naadverbinding loopt door in de ‘Centraal Afrikaanse Slenk’. De grootste slenk van onze aarde. In die slenk heeft de Nijl zijn weg gevonden, en ook de mens. Wellicht zijn de eerste mensen in het gebied Kenia – Ethiopië ontstaan. En daarna via de Nijlvallei en de zijderoute over de planeet uitgezwermd. Wat een avontuur. We zijn dankbaar dezelfde weg te mogen afleggen. Het avontuur van de mens is eindeloos. Een grote droom: ‘the brotherhood of men…’ Een lange weg maar de droom komt.&lt;br /&gt;Europa is het proefproject, de testcase: Voor de eerste keer in de menselijke geschiedenis wordt één groot gebied verenigd zonder oorlog. Op basis van democratie, solidariteit, en behoud van zijn eigenheid. Heel de wereld kijkt naar ons op. Het is een moeilijke, langzame geboorte omdat ieder land een stuk macht en eigenbelang moet afleggen. En dat is zo moeilijk, maar het komt. Het komt over de ganse wereld. Ooit krijgen we nog een bestuursniveau boven het Europese: een wereldparlement, waar op democratische manier minimumlonen, milieunormen,…enz afgesproken worden. Onze ‘wereldgrondwet’ is er al: de universele verklaring voor de rechten van de mens. Een document dat veel verder staat dan de wereldgodsdiensten. Aan die doom wil ik verder mijn klein steentje bijdragen en dan doet het er niet meer toe of de hemel bestaat of niet.&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-5362167791321379495?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/5362167791321379495/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=5362167791321379495' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/5362167791321379495'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/5362167791321379495'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/04/11-april-07-aswan-aswan-bridge-western.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-4907028667179673069</id><published>2007-04-10T22:45:00.000+02:00</published><updated>2007-04-10T22:48:58.633+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>6 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Safaga – Luxor&lt;br /&gt;We hebben een druk programma vandaag, en staan reeds vòòr 7 uur vertrekkensklaar. Natuurlijk na onze ochtendzwem in de heerlijke Rode Zee: 22°C!&lt;br /&gt;We vinden snel de juist weg, maar bij de eerste checkpost worden we tegengehouden:&lt;br /&gt;-Je mag hier niet verder rijden, enkel in convooi.&lt;br /&gt;-O ja?&lt;br /&gt;-Wel ’t is goed, we volgen wel.&lt;br /&gt;-Jamaar, het convooi vertrekt maar om 9 h!&lt;br /&gt;-Wablief? Da’s nog een uur wachten! We mogen toch wel doorrijden zeker?&lt;br /&gt;-No, sir! ’t Is voor je eigen veiligheid.&lt;br /&gt;We worden afgeleid naar het busstation, en moeten dus geduld oefenen…&lt;br /&gt;We vertrekken, samen met twee tour- en een drietal minibussen. Vòòr en achter rijdt politie.&lt;br /&gt;We suizen door een echt woestijngebergte. Prachtig! Maar, bergen schermen al snel de zeeinvloed af, waardoor we in een uur tijd in een ander klimaat terecht komen: het wordt bloedheet.&lt;br /&gt;We verliezen nogal veel tijd bij het wisselen van de patrouilles, maar ja, net als bijna overal op de wereld speelt tijd gewoon geen rol: komen we er vandaag niet, we komen er morgen of overmorgen. Slowly, slowly…Wij leren het natuurlijk nooit omdat je teveel op één dag wilt doen. Noodgedwongen krimpen we dus het verdere programma voor vandaag wat in.&lt;br /&gt;Rond de middag arriveren we in Luxor. We proberen het kampeerterreintje en hebben meteen prijs. Heel schappelijk (20 Eg P/pers=2,5 €), zwembad inbegrepen om onze verhitte lijven af te koelen.&lt;br /&gt;We eten snél een falafél (wordt een leuze, bij ons)&lt;br /&gt;De jonge, knappe eigenaar:&lt;br /&gt;-Is deze dochter nog vrij? &lt;br /&gt;-Nee, ze heeft een vriend. Maar wie weet, vindt ze jou veel mooier?&lt;br /&gt;-Is ze gehuwd?&lt;br /&gt;-Nee.&lt;br /&gt;-Ik ben de eigenaar van het restaurant! Dat is toch niet niks.&lt;br /&gt;-Wel, vertel het haar. Misschien kun je haar overtuigen…&lt;br /&gt;Op naar de tempel van Karnak.&lt;br /&gt;Het tempelcomplex is reuzegroot. We overlopen met een schema in onze reisgids de verschillende tempeldelen. De  pilonen in de zuilenhal  zijn reusachtig, en we vergapen ons door de telelens op de vele details van de hiërogliefen.&lt;br /&gt;De hitte in de ruïnes maakt het vrouwelijk deel van ons gezelschap duizelig en misselijk. Grote theoriën worden opgebouwd om de evidentie van die misselijkheid aan te tonen: ‘Het kan niet anders he pa! We hebben met moeite gegeten (hoorde ik gisteren niet in een andere – vrouwelijke - theorie dat falafel een superkrachtvoedsel was, met nìets te vergelijken???) Dan worden ingewikkelde berekeningen gemaakt die aantonen hoeveel liter water we te kort opgenomen hebben in de loop van de dag. (Ja, zelfs die sluwe Montignac kan hier zéker niet meer volgen!) Na een half uur ben ik hoogst verwonderd dat er ook wel nog iemand in léven is!&lt;br /&gt;En bloedheet is het natuurlijk ook. Daarom houden we het na twee uur voor bekeken. De tempel van Luxor is voor vanavond na een zwembadsessie. We gaan in een plaatselijk eethuisje ook de inwendige mens versterken.&lt;br /&gt;We hebben de meeste leute van de wereld: de kelner onderhandelt énkel met Nele: ‘she’s the chef!’ Wellicht moest het schaap nog geslacht worden, want het blijft maar duren: Luxor is voor morgen. &lt;br /&gt;Even halte houden aan de ‘corniche’. (de Nijloever)&lt;br /&gt;-Kom een bezoek brengen aan onze moskee?&lt;br /&gt;-Nee, we hebben er niet veel zin in.&lt;br /&gt;-Het is een historisch gebouw en je hebt vanop het binnenplein een prachtig zicht op de binnenplaats van de Karnaktempel&lt;br /&gt;-Nee, nee, nee&lt;br /&gt;Maar we hebben nog wat tijd en laten ons toch overhalen. De moskee is niet bijzonder, maar je kunt inderdaad het ganse binnenplein van de tempel zien. fotootje hier, fotootje daar.&lt;br /&gt;We bedanken de gids heel hartelijk en worden tot bij de imman geleid. Eerst poeslief:&lt;br /&gt;-Indien je wil, kun je iets geven voor de arme kinderen van de moskee.&lt;br /&gt;-Ha ja.&lt;br /&gt;Een beetje grimmiger:&lt;br /&gt;-Wil je iets geven voor de arme kinderen?&lt;br /&gt;-Ik wil dit graag doen, en doe dat ook, maar aan de kinderen die ik zelf wil.&lt;br /&gt;Nu behoorlijk kwaad:&lt;br /&gt;-Ik wil geld voor de moskee!!&lt;br /&gt;Ik kijk hem vurig in de ogen aan:&lt;br /&gt;-Ik geef geen pond voor jou moskee, omdat ik dat niet wil!!&lt;br /&gt;Op weg naar de auto wordt Koenraad (met Nele en Goedele naast zich) aangesproken:&lt;br /&gt;‘You are a lucky man with two women! How much camels do you want?&lt;br /&gt;   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;7 april&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Luxor&lt;br /&gt;We zijn al om 5.30 h op, om de hitte toch wat voor te zijn. Gewapend met zeven flessen water en twintig broodjes. Je ziet, de vrouwen zijn hier toch de baas! Eerst de vallei van de koningen. De graven liggen in een prachtige, woeste natuur. We gaan drie graven binnen die wel echt imponerend zijn. (Niet de grafkamer van Toetanchamon, omdat de andere mooier zijn, en je hier nòg eens extra moet betalen). Klimmen in het gebergte rond de graven doet ons extra genieten van het ruwe woestijnlandschap. Vanop de bergtop kun je zien dat de groene alluviale vlakte van de Nijl maar een smalle strook is, te midden van droge, droge woestijn. Niet verwonderlijk dat het in de negentiende eeuw een obsessie was, te weten waar die massale hoeveelheid water in die droge woestijn wel vandaan kwam. Hoe kan de Nijl blijven bestaan.&lt;br /&gt;De ligging van de tempel van Hatsjepoet tegen een loodrechte rotswand is sprookjesachtig, maar de binnenkant is de ingangsprijs eigenlijk niet waard.&lt;br /&gt;We zijn verzadigd voor vandaag, en aan afkoeling toe…&lt;br /&gt;Het vrouwelijk deel van ons gezelschap wil dolgraag naar de souk. Wellicht stel  je je bij dit woord één of ander  exotish paradijs voor. Maar nee, souk is synoniem voor bazaar! Uitleg uit mijn woordenboek: Een verzameling kleine winkeltjes, waar men de meest onnozele prullaria verkoopt. (= brol) Natuurlijk alles hand-made(= in China of Taiwan) Je doet er steeds de koop van je leven! Bij voorkeur vrouwen kunnen er niet genoeg van krijgen.&lt;br /&gt;Koenraad en ik gaan internetten. Om Christine te verrassen breng ik een bezoek aan de plaatselijke kapper.   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;8 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Luxor – Aswan&lt;br /&gt;Het convooi vertrekt om 6.30  h. Het is nogal losjes dit keer. We genieten de ganse morgen van mooie zichten op de Nijlvallei en arriveren rond de middag in Aswan. Het is hier 35°C, en daarom nemen we een hotelletje met een klein zwembad op het dak, vlak aan de corniche.&lt;br /&gt;Omdat er heel veel wind is kun je met een feluka (=plaatselijke zeilboot) niet in twee uur alle eilandjes op de Nijl tussen Aswan en de oude dam afvaren. Het is minder idillisch, maar we bargainen dus een kleine motorboot. (70 E P) De tocht is méér dan de moeite waard: Je krijgt voeling met die machtige rivier: de Nijl laat zich hier niet zo makkelijk temmen! De kapitein, waar vooral Koenraad graag een praatje mee maakt,  heeft de grootste moeite om de vele draaikolken en stroomversnellingen te ontwijken. De waterkanalen tussen de vele eilanden vormen een waar doolhof en zijn begroeid met exotische planten. &lt;br /&gt;De beide Nijloevers staan in schril contrast hiermee: pure woestijn rijst uit het water op. Je kon tijdens de autorit vanmorgen duidelijk merken dat de alluviale vlakte steeds smaller werd en het landschap langzaam bergachtiger werd. Op hoogte van Aswan stroomt de machtige stroom via een reusachtige doorbraakvallei uiteindelijk volledig in het laaggebergte. Daardoor was de aanleg van twee reusachtige dammen enkele kilometers stroomopwaarts mogelijk. We zien vele dorpen aan de rivier liggen. Kinderen stoeien in het water. De plaatselijke bevolking ziet er niet meer Arabisch uit, maar is veel zwarter : we bevinden ons reeds 2 000 km in het Afrikaanse binnenland in het land van de Nubiërs.    &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Aswan&lt;br /&gt;De tempel van Philae werd verplaatst naar een hoger gelegen eilandje, bij de aanleg van de eerste Aswandam. Zoals altijd vraagt het veel tijd om een eerlijke prijs voor het bootje te bedingen. De mannen willen ons laten betalen per persoon, maar dat nemen we niet. Uiteindelijk huren we samen met een andere Belgische familie het bootje af. de Belgen wonen reeds twee jaar in Caïro omdat vader dokter is en werkzaam in de leprabestrijding. Verwonderd hoeveel lepragevallen hier in Egypte bij de onderste bevolkingslaag nog voorkomen, en ook hier worden lepralijders nog steeds uitgestoten en verstopt.&lt;br /&gt;De witgele Philaetempel contrasteert prachtig tegenover het blauwe water van het stuwmeer, en de hiërogliefen zijn goed bewaard. Ze geven een beeld van het dagelijkse leven in het oude Egypte.&lt;br /&gt;De hoge dam is één van de grootste stuwdammen ter wereld. Het stuwmeer is 500 km lang (dit is van Brugge tot in de Bourgogne!), en reikt tot ver in Soedan. Het water was hoognodig om meer landbouwgrond te verkrijgen voor de snelgroeiende Egyptische bevolking ( elk jaar groeit de bevolking nu nog aan met 1 miljoen!) De krachtcentrale levert alle stroom aan Opper-Egypte. Hét wereldmegaproject van de jaren zeventig, maar ook weer met een keerzijde: 60 Nubische dorpen verdwenen onder het water. Voor hen bleef enkel woestijn over. Toch is de balans hier positief. Zonder de dam kon de voedselvoorziening niet worden gegarandeerd, en men heeft geprobeerd de schade voor de Nubiërs te beperken door de aanleg van nieuwe, moderene dorpen in de woestijn, die wel kunnen rekenen op constante watertoevoer voor de landbouw. Zelf heb ik voor zo’n boouwwerk grote bewondering. De hoogte en breedte is enorm: het is de grootste pyramide van Egypte, niet gebouwd voor één of andere Goddelijke farao die dan toch bijkbaar niet verrezen is, maar voor het welzijn van die Goddelijke ‘gewone’ mens.&lt;br /&gt;De rest van de namiddag wordt omgedoopt tot ‘free afternoon’. Koenraad gaat internetten en de vrouwen naar de souk. De zwemmende kinderen van de Nijl hebben mij al doen watertanden, dus bij mij staat een zwempartijtje op het programma. Ik wandel langs de Nijl in noordelijke richting Aswan buiten tot op een klein strandje. Door te zwemmen krijg je precies een veel dieper contact met misschien wel de Goddelijkste rivier van de wereld.  Dobberend in het water gaat de zon onder boven de okergele bergwoestijn. De lichtflikkering in het zenuwachtige water maakt je dronken van vervulling. Een moment om lang te koesteren.&lt;br /&gt;Afspraak om 19 h aan het station. De mannen zijn er, maar de vrouwen?? Een half uur te laat! ( weg verloren in de souk, koop van hun leven,…) Ja, ja…!&lt;br /&gt;We kopen een take-away pizza en placeren ons langs die hypnotiserende rivier die je niet meer loslaat.&lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;10 april ’07  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Aswan – Abu Simbel – Aswan&lt;br /&gt;Om 3 h wippen we uit ons bed voor de woestijnrit naar Abu Simbel. Het convooi komt om 4.30 h op gang, maar het is een lachertje dit keer. Al snel rijden we alleen door de woestijn langs de karavaanroute naar Soedan.  Langzaam wordt de oostelijke horizon lichter en komt de zon op. Wat een kleurenpracht! Het is weer genieten van de bovenste plank.&lt;br /&gt;Je passeert ook heel wat nieuwe Nubische dorpen. Mooi aangelegd, tussen groen. Precies een oase, maar in werkelijkheid komt het water uit het reusachtige Nassermeer. Abu Simbel  zou ook volledig verloren gaan door de dam, maar werd door de wereldgemeenschap in duizenden stukken gezaagd enkele meters verder op een hogere plaats weer opgebouwd. Twee bergen werden daarvoor verplaatst, want de tempel is volledig uitgekapt in harde rots.&lt;br /&gt;Het is verbluffend! De kolossale beelden in de rots uitgehouwen, de beelden in de tempel, de gekleurde hiërogliefen…Voor mij ontegensprekelijk het mooiste wat we hier in Egypte zagen. Het is om kippevel van te krijgen… Behoort tot de toppers van onze ganse reis! Net zoals de reuzebeelden van Ramses II kijken we  uit over de Nijl, nu een stuwmeer. De kleurrijke bergen worden weerkaatst in het azuurblauwe water. Op je rug voel je de ogen van Ramses, die je precies doorboren en in de betovering meeslepen…In de verte lonkt Soedan.&lt;br /&gt;Op de terugweg is de hitte niet te harden. De kleuren zijn nog intenser. We zien een oceaan, waar kegelvormige bergen en falaizekusten uit oprijzen. ‘Kijk, dit is precies Cap Blanc Nez.  En daar, Griz Nez…’ Wat een fata morgana! Of zit Ramses er voor iets tussen?&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-4907028667179673069?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/4907028667179673069/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=4907028667179673069' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/4907028667179673069'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/4907028667179673069'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/04/6-april-07-safaga-luxor-we-hebben-een.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-2655590066559146449</id><published>2007-04-05T21:19:00.000+02:00</published><updated>2007-04-05T21:20:11.265+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>30 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nuweiba – St Catherine ( Mt Sinaï)&lt;br /&gt;Omdat het hier zo geestig is aan zee, raken we pas in de late namiddag weg, de Sinaï woestijn in. Het landschap ondergaat een metmorfose. We rijden op een bochtige, snel stijgende weg, richting Mozesberg. Het woestijnlandschap is heel bergachtig, ruw en kurkdroog. Soms passeer je een oase. Je kunt de bijbelse verhalen van het mana dat uit de hemel viel, of Moses die op de rots sloeg om water te verkrijgen, hier in hun natuurlijk kader zien. Hoe Moses hier in de tijd de Joden in leven kon houden is me en raadsel. Een beetje extra hulp van Jahwe was zeker hard nodig! &lt;br /&gt;Het is donker als we  arriveren aan de voet van de Mt Sinaï. Na wat zoeken, vinden we een kamperplaats op de parking van het St Katharinaklooster.  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;31 maart ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;St Catherine ( Mt Sinaï) – Suez&lt;br /&gt;We horen hier dat de meeste mensen tussen 2 en 3 h vertrekken voor de opklim van de Mozesberg, om op de top de zon te zien opkomen. We vinden dit nogal vroeg, en hebben geen zin de ganse opklim met een zaklamp te lopen.&lt;br /&gt;We staan om 5.30 h op, en vertrekken om 6.30 h. Koenraad heeft slecht geslapen omdat er reeds vanaf 2 h veel volk passeerde voor de opklim. Ik heb er niets van gehoord. We besluiten het kamelenpad in het doorgaan te nemen, en de 3750 trappen in het terugkeren. &lt;br /&gt;Het eerste uur is niet te doen. Duizenden mensen kruisen ons, en komen reeds van de top. Je kunt met moeite van het prachtige landschap genieten.&lt;br /&gt;Daarna zijn we plots helemaal alleen. Het ruwe, droge gebergte is heel mooi.&lt;br /&gt;Na twee uur zijn we op de top, Koenraad na 1u30. Hier zou Mozes de tien geboden ontvangen hebben. Het uitzicht is uniek, maar het is een echte vuilnisbelt. Kinderen van terplaatse beginnen de troep op te ruimen. Morgenochtend kan de gekte dan herbeginnen. Zonde Gods, hoe zo’n mooie plaats door het massatoerisme helemaal ontkracht wordt! En hoe die duizenden mensen allen samen op dit topje konden?&lt;br /&gt;We dalen af, en genieten verder van het landschap, maar het is zeker geen diepgaande ervaring, zoals het bereiken van een bergtop wel kan zijn.&lt;br /&gt;Het klooster zelf zegt ons niet zo veel. Het is donker in de kerk, waardoor je de Iconen met moeite kunt zien. Bovendien is er te veel volk. We zijn het beu, en passen voor het museum.&lt;br /&gt;Verder nu in westelijke richting, dwars door de Sinaï woestijn. Het is precies nog mooier dan gisteren. In de oasen zie je voor dit woestijngebied nog verwonderlijk veel bewoning. Plots duikt de rode zee weer op aan de horizon, de Golf van Suez dit keer. We zien grote vrachtschepen klaarliggen voor het Suezkanaal, één van de twee belangrijkste kanaalerbindingen op de wereld.&lt;br /&gt;Toch is het alweer donker als we in Suez arriveren… We vinden niet direct een kampeerplaats, en nemen en hotelkamer, niet ver van de haven. Na twee fallafels en de twee laatste rondjes hartenjagen (want Nele en Goedele zijn hier morgen) houden we het voor bekeken voor vandaag. Jammer genoeg voor Koenraad ben ik de winaar van het volledige ‘Concours de Hertenjagen’.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;1 April 2007&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Suez – Luchthaven Caïro – Caïro&lt;br /&gt;Vandaag zijn Christine en ik 30 jaar gehuwd! 30 jaar! We wensen mekaar geluk, en wensen onszelf nog 30 jaar erbij. ‘Dan zijn we 81, als we nog leven’, zegt Christine. ‘Ik zal niet zo lang leven, laten we genieten van elk jaar samen’ Ook Koenraad spaart zijn gelukwensen niet…&lt;br /&gt;We zetten ons een uurtje langs het prachtige Suezkanaal, en bewonderen de constante passage van grote vrachtschepen en tankers.&lt;br /&gt;De politie is hier nogal lastig. Je mag niet parkeren, geen foto’s nemen. Maar als hij even niet oplet kunnen we toch mooie plaatjes schieten…&lt;br /&gt;Dan naar de luchthaven.&lt;br /&gt;Omdat we nog eerst inkopen deden in de bazaar van Suez, zijn we al wat laat, en het is ook nog 40 km verder naar Caïro dan op de kaart aangegeven. We snorren dus goed door over de meer dan behoorlijke autoweg. De luchthaven moet normaal vlak vòòr Caïro liggen op deze snelweg, maar we zien geen enkel bord. We vragen de weg en worden de ringweg opgezonden. Al snel zien we dat het verkeerd is (Eens je buiten Europa bent, zeggen mensen je nooit meer dat ze iets niet weten. Het wordt als onbeleefd beschouwd. Ze geven àltijd antwoord, maar je weet dus nooit of het juist is of niet!) &lt;br /&gt;Na nog wat zoeken arriveren we op ‘Caïro International Airport’,…drie kwartier te laat! Goed op mijn zenuwen  loop ik een eindje vòòr Christine en Koenraad en storm de aankomsthall binnen. Ik zie Goedele en direct daarna Nele net arriveren. We vallen in mekaars armen…&lt;br /&gt;Terug aan de auto raken we eerst niet uitgepraat. Er zijn ook allerlei wensen mee van thuis. Het doet deugd, maar het verlangen naar huis wordt er weer heviger door.&lt;br /&gt;De rit door het centrum van Caïro naar de camping valt best mee, al hebben we één enkele keer op een haar na toch bijna een aanrijding.&lt;br /&gt;Het terrein is niet veel soeps. Even duur als een hotelkamer (25 Eg Pound/pers of 3,5€) en erg stofferig. We besluiten toch te blijven voor één nacht omdat we hier op ons gemak in het zonnetje wat kunnen bijpraten en een lekkere maaltijd klaarmaken. We zien hier op het kampeerterreintje de rode zon ondergaan boven de pyramides van Cheops. Een volle maan komt ervoor in de plaats.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;2 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Caïro &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nele en Goedele hebben de Egyptische reisgidsen al goed doorgelezen op het vliegtuig. Onze privé gidsen vertellen voluit en dompelen ons onder in een wereld van bijna 5 000 jaar geleden. We beginnen met Dahsjour. Ergens in de verte zien we als oudste piramide een hoopje stenen staan: de zwarte piramide. Een misbaksel. Bij een eerste poging is het bouwwerk gewoon ingezakt!  Of hoe mensen enkel door ervaring kunnen leren, ook bij het bouwen van piramides. De knikpiramide is een tweede poging. Omdat het bouwwerk weer te zwaar werd, heeft men op een bepaald moment beslist de piramide kleiner te maken door de hellingsgraad te verlagen. Ook die piramide was niet volwaardig om de vader van Cheops te begraven. De rode piramide is hier de laatste in de rij. Een prachtig gevormde kegel! De lichtrode kleur betovert je in die gele woestijn…We staan ernaar te gapen met open mond. ‘ En? Gaan we nog naar binnen?’ We zweven in verdere piramidebetovering de trap op tot we vòòr de kleine opening staan. Een gang van een goeie meterenhalf gaat 65 m de dieperik in. Ik vertrek als laatste, maar raak niet ver. De betovering van de piramide stijgt me naar de keel, en ik vlucht weer naar buiten…De anderen dalen tot in de diepliggende grafkamer en bewonderen de ruimte waar eeuwen de sarcofaag rustte. De lucht is verstikkend. Vlug weer naar buiten voor de vloek van de Farao toeslaat!&lt;br /&gt;Farao Djoser zag het anders in de dodenstad van Sakkara. De oudste piramide, begonnen als een simpel graf of mastaba maar kreeg uiteindelijk de vorm van een reusachtige trap om de Farao te laten opklimmen naar de hemel. Meteen ook het prototype voor de piramides van Dahsjour. Zes reuzetrappen steken schril af tegen de azuurblauwe lucht. We wandelen verder rond in de dodenstad van Sakkara. Al wie het zich kon veroorloven werd begraven in de omgeving van de farao in een mastaba. Kwestie van samen met de Goddelijke Djoser de TGV naar het hiernamaals niet te missen!&lt;br /&gt;En dan de volwassen piramiden: Gizeh. De meeste toeristen komen rechtstreeks naar hier, en je zult het geweten hebben! Wanneer we toekomen is het moeilijk te weten wat corruptie is en wat echt: onze auto wordt bijna besprongen. Je moet naar hier, naar daar…Of ‘Kom hier, we kunnen je goedkoper binnen loodsen op de kameel via een achterpoortje, je kameel is dan gratis!’ Onze leuze is: Geen uniform is lucht voor ons, en we doen niet mee aan corruptie, zelfs al betalen we meer. Wanneer we niet luisteren en gewoon traagjes doorrijden zijn een paar mannen schuimig kwaad. Omdat hun ei niet braadt bonzen ze collèrig op de auto! De kinderen kijken ons met een lichte schrik in de ogen aan, maar ik rij zelfverzekerd door. We hebben al méér meegemaakt dan dat! Vlak voor het parkeerterrein wordt onze auto afgeleid door een politieman: ‘Sssst. No parkingticket! Cheap price.’ Ik draai hem mijn rug toe en koop een officieel ticket. Vooral Koenraad en Nele, die hoofdpijn hebben van de hitte, krijgen het danig op de zenuwen. Christine en ik vinden het niet zo erg omdat we zo’n situaties méér dan gewoon zijn. We zijn er een beetje immuun voor geworden, wat dan ook weer bedenkelijk is. ‘Toch moet je niet boos zijn op wie dan ook. Veel mensen verdienen heel weinig of hebben geen werk. Misschien zijn ze zo opdringerig om eten te hebben voor hun gezin vandaag…’ De politie werkt hier dus duidelijk mee met de corruptie, want later  zien we de kamelendrijvers geld overhandigen aan de politie.&lt;br /&gt;We konden de piramiden reeds zien vanop ons kampeerterreintje en nu merk je ook waarom: de twee grootste zijn bijna 150 m hoog! Je krijgt een stijve nek als je lang naar het topje kijkt. We proberen aan de basis te vergelijken hoeveel maal ons huis erin kan, maar raken telkens de tel kwijt. Napoleon dacht dat hij met de stenen een muur van één meter hoog rond heel Frankrijk kon bouwen, maar na een korte berekening hebben we daar onze bedenkingen bij.&lt;br /&gt;De derde piramide is een stuk kleiner, en de vierde is net een minidriehoekje tegenover de eerste twee. Dit komt omdat de farao’s steeds minder als Goddelijk werden beschouwd: Hun status als ‘God’ veranderde eerst in ‘tussenpersoon naar God’ en later geloofden de mensen er helemaal niets meer van. Op het einde van het oude rijk geloofden de meeste mensen zelfs niet meer in een hiernamaals en werd genieten van het leven de leuze. De laatste farao’s konden hun grote piramide dan wel op hun buik schrijven Een gelijkaardige evolutie als in onze eigen cultuur, 4 000 jaar geleden! Vanop bepaalde plaatsen kun je de 4 piramiden bewonderen, met de wakende sfinx erbij. Een beeld om zo lang mogelijk op je netvlies te houden…&lt;br /&gt;Voor onze huwelijksverjaardag gaan we iets eten in de buurt. Het is heel gezellig en plezant, maar we missen Roeland, onze ouders, maar ook Didier, Elke, Linus en Ine.  De bediening is chaotisch en na 20 minuten bedelen om te ‘mogen’ betalen vertrekken we en zijn we net op tijd voor de laatste voorstelling van  het klank-en lichtspel. Je kunt het volgen buiten het domein. De vele kleuren op de prachtige piramiden doen onze verbeelding op hol slaan. Bijna vluchten we weg voor een levende sfynx…&lt;br /&gt;   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;3 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Caïro&lt;br /&gt;We parkeren nabij metrostation Giza, toevallig over een internetcafé. Geen goed nieuws van thuis. Roeland heeft een kwetsuur opgelopen bij het voetballen (wééral!) en zit in de plaaster thuis voor 2 weken. Natuurlijk komt het in orde. Maar vooral met pa maak ik me zorgen. Hij is ziek geweest, maar maakt nog steeds koorts. Daarom een verder bloedonderzoek. Het resultaat komt vandaag binnen…Vanavond bellen we terug.&lt;br /&gt;Een bezoek aan het Egyptisch museum is een waar feest! &lt;br /&gt;Op de benedenverdieping zie je vooral beeldhouwwerk. Dit is voor mij de meest toegankelijke kunstvorm. Bij het bestuderen van de prachtig gevormde gezichten en lichamen kun je niet anders dan ontroerd zijn. 3 000 jaar oud! Na die grote wereldreis besef je dat ‘het’ (=uitdrukken van een gevoel in steen of hout en daardoor een ander mens ontroeren, duizenden jaren later)  van hier gekomen is! In de Hellenistische periode merk je de verdere perfectionering. We zagen veel moois in Azië, maar nergens kon ik met een beeld op die manier contact hebben. Ik ben deze kunstenaars dankbaar, want ze vormen het onbewuste collectieve kunstgeheugen waarop ook Michelangelo en Rodin konden voortbouwen. Indrukwekkend .&lt;br /&gt;De bovenverdieping is voor mij minder interessant. (mummies en sarcofagen) Tot je op de afdeling Toetanchamon komt! Alle voorwerpen van dit unieke, ongeschonden graf maken een diepe indruk op ons. Niet te geloven wat men allemaal meegaf met de dode! En dan de verschillende sarcofagen die zo mooi in mekaar passen, allemaal met het gezicht van de achttienjarige farao, omdat de ziel zijn lichaam zou herkennen. Uiteindelijk komen we bij het masker van de mummie.  Niet het goud van dit masker is verbluffend, maar wel de perfectie van de beeltenis. Je ogen worden er naartoe gezògen. Ik kan het niet làten stiekem toch een foto te nemen met de kleine camera van Goedele. Met open mond blijf ik maar staren naar dit prachtwerk.&lt;br /&gt;- Gaan we verder?&lt;br /&gt;- Heu…!   Ik scheur mijn blik los…&lt;br /&gt;Nadat we de inwendige mens versterkten met enkele falafels dwarrelen we rond in de kleine straatjes van Caïro. De textielwinkels kunnen vooral het vrouwelijk deel van ons gezelschap (maar ook Koenraad!) nog veel sterker opzwepen dan alle farao’s samen dat kunnen!&lt;br /&gt;De Al Azaar moskee brengt verlichting. Van al die wereldse, wulpse kleergeneugtes hier geen sprake: Christine, Nele en Goedele worden afgeleid in een zijgangetje. (Koenraad en ik tegen mekaar: ‘wat is het hier fijn om man te zijn. Hahaha’.) We denken dat ze de moskee enkel mogen bewonderen vanachter de tralies, maar niets van. Plots zien we daar drie heuse nonnen op het binnenplein afkomen. Enkel hun neus steekt uit de kap. We hebben de meeste leute van de wereld maar zijn het er over eens: dit is één van de mooiste moskees die we zagen! In de wirwar van straten verdwalen we in het dagelijkse Caïroleven. ‘Welcome to Egypt, welcome to Caïro…’ Drie straten ver hoor je het nog! Het is welgemeend, en zò anders dan in de straten waar toerisme de plak zwaait! De mensen vinden het leuk dat we op straat eten , gewoon tussen hen. Een broodje met, jawel,…falafel…!&lt;br /&gt;Met de metro terug. Eerst internetten. Het bloed van pa is voorlopig in orde, maar verder onderzoek is nodig. Morgen een borst-enbuikscan…&lt;br /&gt;Op zo’n momenten wil je direct naar huis rijden, en één ding is zeker, als er ook maar ìets met hem scheelt, rijden we dìrect naar huis…&lt;br /&gt;In de drukke avondspits terug naar de camping. De andere 22 miljoen Caïronezen hebben precies hetzelfde gedacht! De voorbank is niet meer de favoriete plaats uit schrik ter plaatse een hartinfarct op te doen. &lt;br /&gt;-Pa, niet zo schurdig rijden. We durven niet meer kìjken!&lt;br /&gt;-In India was ‘t véél erger, en…zonder verzekering.&lt;br /&gt;-Voorzekers wél. Men ‘t al tien keer hoort. Kiek mô voo je, vor da me pries en!&lt;br /&gt;Van schurdigheid is er geen sprake, maar als je je hier niet doorboort op Aziatische wijze (en dat is millimeterwerk, met toegenepen achterste!) sta je hier tot morgenochtend, en natuurlijk heb je ook hier je Engelbewaarder hard nodig! We kunnen op de Piramidroad onmogelijk omkeren, en raken daardoor toch weer in het centrum. Via vele wegen kunnen wen nu keren. Oei! Eénrichtingsverkeer! Met gids Koenraad komen we weer in de juiste richting, en Nele, die nu weer durft te kijken door de voorruit kan ons verder de Piramidroad oploodsen. Na een uurtje bewonderen we veilig en wel weer de piramids op onze camping.   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;4 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Caïro – Safaga&lt;br /&gt;We vertrekken maar om 9.30 h, omdat we gisteren pas tegen middernacht sliepen, nog de ganse boel moeten opbreken, en toch ook nog eerst een praatje maken met twee Franse wereldreizigers, die met hun autootje na twee jaar rondzwerven uit Afrika terugkomen. Ze bezorgen ons nuttige informatie ivm onze verdere trip.&lt;br /&gt;We bollen de ringroad op, en vinden via de Suez Highway makkelijk de weg richting Rode Zee. Er is weinig verkeer en de weg is uitstekend. Links heb je de diepblauwe Rode Zee, rechts het woestijnlandschap dat niet zo veel te bieden heeft. Om 15.30h rollen we na een dikke 600 km Safaga binnen. We willen graag kamperen, maar vinden de plaats niet mooi, en bovendien bijna even duur als een hotelkamer (30 Eg P/ pers of 4 €). Na een tip kijken we aan de zuidkant van Safaga, maar vinden niets. Dan weer naar de noordbaai. We zien een strandje. ‘Ja, je mag hier slapen, als je een cola of zo komt drinken aan de bar, vanavond’. OK, verkocht.&lt;br /&gt;Intussen zijn we al méér dan een uur op zoek en hangt er een lichte spanning in de wagen.&lt;br /&gt;Nele tegen ma: ‘Je moe gie toch veel geduld gehad en in die dertig jaar!’&lt;br /&gt;Koenraad:’Da’s hier een goeie plaats om met de auto te slapen, maar nu…’&lt;br /&gt;Goedele kijkt bedenkelijk. Hum, hum.&lt;br /&gt;En dan herinner ik mij levendig het gezicht van Christine, als de kinderen heel klein waren. Heel regelmatig had ik dan één of ander avontuurlijk plaatsje gevonden, in the middle of nowhere, waren de tentbuizen al uitgeschud, en zochten we dan toch een kampeerterrein op, wat praktisch met vier kleine kinderen ook beter was. En dat was dan ook best leuk. Later hebben we samen vele avontuurlijke reizen met de rugzak of met de fiets gemaakt.&lt;br /&gt;We zetten de tentzak weer in de auto, en rijden naar de kampeerplaats. Ik ga direct zwemmen, en we besluiten niet meer zelf te koken. Mee aanschuiven aan het open buffet van het hotel hiernaast, voor 6 €. Omdat we de ganse dag nog niet gegeten hebben verorberen we pantagruleske porties. Het Duitse publiek kijkt ons na, maar de kok heeft leute omdat we zijn keuken driedubbele eer aandoen! &lt;br /&gt;We kaarten nog wat na, en ik moet ook bekennen dat we hier echt goed staan. Het doet ook eens deugd de makkelijke weg te bewandelen, maar als ik de Westerse muziek vanop de beach in de verte hoor weet ik dat als je énkel zo zou reizen, dit niet voor mij is. Dit is Egypte niet, maar een stukje Europa in Egypte (voor de zoveelste keer, tot vervelens toe: Wij passen ons toch overal aan??)&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;5 april ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Safaga&lt;br /&gt;Gisterenavond laat nog een bericht van Roeland: ‘Het bod op een huis in de Beeweg is uiteindelijk toch aanvaard! Ten laatste in mei kunnen we erin.’&lt;br /&gt;Ik ben blij dat iedereen nu zijn eigen nestje gevonden heeft, en dan nog wel heel dicht in onze omgeving, en zeg tegen Christine bij het ontwaken: &lt;br /&gt;-Weet je dat we weer alleen zijn, als we terugkomen van onze wereldreis, net als 30 jaar geleden?&lt;br /&gt;-Ja, en ik heb er ook al aan gedacht. Ik voel me er triestig bij…&lt;br /&gt;We praten er verder over terwijl we pannenkoeken bakken als ontbijt.&lt;br /&gt;Christine en ik hadden graag twee duiksessies genomen, maar voor de kinderen is dit onmogelijk, omdat ze geen duikbrevet hebben. We besluiten om allen samen te snorkelen boven de prachtige koraalriffen, die hier niet ver uit de kust liggen. Een trip met de boot, huur materiaal, warme maaltijd en drank inbegrepen kost 15 €. (Een dag duiken 78 €.)&lt;br /&gt;We worden naar drie verschillende riffen gebracht. De kleurenpracht van de koralen en de visen is verbijsterend. Voor ons is het niet nieuw, maar op de kinderen maakt het grote indruk. Voortdurend wordt er geropen: ‘heb je dendienen al gezien? En dendienen? Je moet hier e keer komen kijken…’ Omdat de vissen er volgens Nele soms zo grappig uitzien, zit ze te lachen in haar snorkel. Uit een andere snorkel hoor ik een gesmoord ‘ooooh…’&lt;br /&gt;De gebakken vis smaakt overheerlijk op zee, en op zo’n boot uitkijken maakt altijd iets in me los. Het zit in de genen. Vissersbloed kruipt waar het niet gaan kan…&lt;br /&gt;Om 15.30 h zijn we terug. Er is een berichtje van pa: ‘ de scan is volledig in orde’ Oef. Wat een opluchting.&lt;br /&gt;We nemen wat tijd om het bezoek aan Luxor voor morgen te bekijken en ons verslag bij te werken.&lt;br /&gt;Didier is 25 vandaag. Omdat hij op paascursus is in Westouter wachten we tot ’s avonds om hem massaal onze wensen over te brengen!&lt;br /&gt;Ook Roeland en Elke willen we feliciteren met de aankoop van hun huis, en natuurlijk ook naar Opa voor het onderzoek… En Koenraad naar Ine, en…en…&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-2655590066559146449?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/2655590066559146449/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=2655590066559146449' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/2655590066559146449'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/2655590066559146449'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/04/30-maart-07-nuweiba-st-catherine-mt.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-8100685471796231493</id><published>2007-03-29T12:37:00.000+02:00</published><updated>2007-03-29T12:41:03.408+02:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>15 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jerash – Amman&lt;br /&gt;We rijden in een sneeuwbui Amman binnen! Aan de sneeuwpret te zien moet dit hier toch wel uitzonderlijk zijn. Omdat we nog steeds niet zeker weten of we de grensovergang met Israël zonder stempel kunnen passeren, gaan we eerst langs op de Belgische ambassade. Het advies luidt: ‘De Jordaniërs spelen het spel correct, en plaatsen inderdaad geen stempel, maar aan de Israëlische kant hangt het plaatsen van de stempel gewoon af van de ‘goodwill van diegene die aan het loket zit! Neem dus dit risico niet, en ga Israël niet binnen! Indien hoe dan ook een onregelmatigheid in je paspoort ontdekt wordt door de Syriërs, mag je het vergeten met de auto naar Europa terug te rijden.’&lt;br /&gt;Voor ons is het voornaamste dat we nu zeker weten dat de Jordaniërs geen stempel plaatsen. De Israeli hopen we te kunnen overtuigen, we proberen het dus. Ook voor ons bijna volle paspoort is er een oplossing: je kunt een voorlopig paspoort naast je eerste krijgen. De bladzijden met je identiteit in je oud paspoort worden dan geknipt, maar alle visa in je oud boekje blijven geldig. Kostprijs: &lt;br /&gt;100 €, direct af te halen in elke buitenlandse ambassade. We proberen dus heel profijtig te zijn met de bladzijden, maar als het toch niet lukt is er dus wel een snelle oplossing.&lt;br /&gt;We kunnen het oude Amman niet echt smaken door de regen en sneeuw, en zetten ons ten lange laatste in de auto om wat te lezen. &lt;br /&gt;Om 22 h rijden we naar de luchthaven om Koenraad af te halen. Het weerzien is allerheuglijkst, na de vele maanden. We vertellen honderduit, drinken een glas van de meegebrachte wijn, en leggen ons om 2 h te slapen in onze auto op de luchthavenparking.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;16 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Amman – King Housseinbridge: grens Jordanië-Israël – Jeruzalem&lt;br /&gt;We zijn niet zo vroeg wakker, maar naar de Israelische grensovergang is het maar een uurtje rijden. We parkeren de auto naast de grensbewaking ( gratis, en zeker veilig!) en moeten ons al haasten om de laatste bus te halen. De Jordaniërs schuiven een ‘uitreisdocument’ in het paspoort. Geen stempels, dus.&lt;br /&gt;Na de brug is de eerste Israëlische grenspost. We moeten ons paspoort afgeven:&lt;br /&gt;Komt er een stempel in mijn paspoort?&lt;br /&gt;Ja, natuurlijk!&lt;br /&gt;In dat geval gaan we terug, want we zijn hier met de wagen en kunnen niet anders dan door Syrië terug te keren;&lt;br /&gt;Jamaar, we plaatsen hiér geen stempel. Vraag dit duidelijk aan de 2de paspoortcontrole.&lt;br /&gt;We komen het douanegebouw binnen, waar de veiligheidsmaatregelen niet van de poes zijn. Ik zie iedereen naast zijn bagage ook zijn paspoort afgeven…&lt;br /&gt;Omdat we enkel handbagage meehebben slaan we die controle over, zodat we ons paspoort niet moeten afgeven.&lt;br /&gt;Aan de volgende controle:&lt;br /&gt;-Hallo, wil je mijn paspoort niet stempelen?&lt;br /&gt;-Waarom?&lt;br /&gt;-We moeten door Syrië terug.&lt;br /&gt;-Ik zal zien wat ik kan doen…&lt;br /&gt;Uiteindelijk krijgen we enkel de stempel op het inreisdocument, omdat we het duidelijk vroegen!! Op het paspoort van Koenraad komt wél een Israëlische stempel! (hij vroeg het niet)&lt;br /&gt;We nemen de minibus naar Jeruzalem, waar we in de Arabische wijk een goedkoop optrekje vinden in ‘El Arab’. Nogal vuil en gammel, maar soit. We kunnen zelf koken, hebben een warme douche en slapen op een kleine slaapzaal, enkel voor ons drieën. &lt;br /&gt;We slenteren wat rond, en komen in de ‘Via Dolorosa’ terecht. Monniken in pij, en met paternoster rond hun middel, zingen luidkeels in het Latijn het Onzevader, hier, in de Moslimwijk. Gevolgd door een grote meute verbeten zingende medegelovigen. Het komt bizar over.&lt;br /&gt;We wandelen tot in de grafkerk. Dit zou de plaats zijn geweest, waar Jezus werd gekruisigd en begraven. Je ziet er niet veel van: enkel en steen waar het lichaam van Jezus van het kruis zou zijn afgenomen. Ook de Via Dolorosa is wellicht niet de weg waar Jezus zijn kruisweg heeft afgelegd. Maar toch zijn we ontroerd  hier rond te lopen… Alles zit zò diep in je geworteld, en dat je hier nu in diezelfde straatjes loopt, 2 000 jaar later! Het is een diepe ervaring.&lt;br /&gt;We koken een lekkere maaltijd en hebben veel plezier in ons gammel hotelletje.&lt;br /&gt;Best leg je een handdoek op je kussen om op te slapen, wil je hier geen luizen vangen! &lt;br /&gt;&lt;br /&gt; 17 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jeruzalem&lt;br /&gt;We wandelen de stad uit in oostelijke richting, via de St Annakerk. Hier zou Jezus een lamme genezen hebben, aan het vroegere bad. Een Amerikaanse vrouw betuigt luidkeels op de binnenplaats haar geloof : ‘Dear Father…’ Wat daar allemaal uitkomt, en wat we hier in de stad reeds zagen van onze eigen ‘geloofsgenoten’moet zeker niet onderdoen voor al het zonderling of extremistisch gedrag dat  we op onze reis reeds tegenkwamen!  &lt;br /&gt;We wandelen naar de ‘Hof van Olijven’. Er staan nog bomen die hier toekeken, wanneer Jezus hier verraden werd. Het geheel laat niet zo’n diepe indruk, omdat je niet onder de bomen mag wandelen en er nogal veel volk is. Christine  blijft hangen in de Getsemane grot…&lt;br /&gt;We klimmen verder de heuvel op en genieten van een prachtig uitzicht op de tempelberg van Jeruzalem, één van de meest heilige plaatsen op de wereld, voor Christenen, Moslims en Joden.&lt;br /&gt;De Westelijke muur of ‘klaagmuur’ is indrukwekkend, zeker als je weet wat er hier vroeger, maar ook de laatste jaren allemaal is gebeurd. Omdat de Tora-bibliotheek enkel toegankelijk is voor mannen gaan Koenraaad en ik binnen,  met een kartonnen kepeltje op ons hoofd. Zonderling, al die Orhodoxe Joden met hun zwarte kledij, gekrulde bakkebaarden en hoed op. Ze zijn druk in de weer in hun studie van de heilige boeken.&lt;br /&gt;We bezoeken nog de plaats van het laatste avondmaal, maar de zaal zelf is niet toegankelijk.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;18 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jeruzalem&lt;br /&gt;Na informeren om met het openbaar vervoer toch nog een groter stuk van Israël te bezoeken, komen we tot de constatering dat een auto huren voor drie dagen met moeite duurder is en véél efficiënter. We reserveren een klein model voor morgen.&lt;br /&gt;Om de tempelberg te bezoeken moet je het nogal passen. De ingang is ‘s namiddags maar een uur open. En dan eerst een heel eind aanschuiven om door de veiligheidscontrole te raken. Het laat niet echt een grootse indruk, vooral omdat je in geen enkele moskee binnen mag.&lt;br /&gt;In de citadel loopt een tentoonstelling over de geschiedenis van Jeruzalem. Het boeit ons maar matig. In dit gebouw woonde Pilatus en Herodes, en zou Jezus ter dood zijn veroordeeld. Vanop de muren heb je een goed overzicht over de oude stad. Gesemane, Cenakel, Golgotha,… Het ligt allemaal op enkele minuten wandelen van mekaar. Veel dichter dan in onze vroegere verbeelding.&lt;br /&gt;Ons hotelletje wordt gerund door twee Arabieren, die mekaar op 24 uur steeds aflossen. De oude man ‘doet de dag’, de jongere (zijn naam is Tutu) de avond en nacht.&lt;br /&gt;Met Tutu praten we over het trieste Palestijnse vraagstuk, wat het betekent in de bijna volledig Arabische stad Jeruzalem eigenlijk niets te zeggen te hebben, of een gevangene te zijn in je eigen stad.&lt;br /&gt;Een andere bezoeker kent beter Engels omdat hij gehuwd is geweest met een Belgische. Zijn vrouw wilde niet meer blijven na het uitbreken van de Intefada, zodat een scheiding volgde. Bij zijn tweede vrouw heeft hij 7 kinderen. Christine heeft een interessant gesprek met hem:&lt;br /&gt;-Ik ben niet meer gïnteresseerd tot welk volk je behoort, of welke godsdienst je aanhangt.&lt;br /&gt;-Waarom niet?&lt;br /&gt;-Overal heb je goede en slechte mensen. Dit is wat je moet beoordelen bij elke mens!&lt;br /&gt;En ook wat hij met zijn verstand doet. Je moet niet alles van een godsdienst klakkeloos aanvaarden, maar je moet zélf nadenken. Je moet jezelf voortdurend de vraag stellen: ‘why, why…’&lt;br /&gt;-En hoe vind je dan het antwoord?&lt;br /&gt;-Door zoveel mogelijk te lezen! Niet enkel Islamboeken, maar àlles. En zélf proberen antwoorden te vinden. Dan kom je vaak tot heel andere besluiten.&lt;br /&gt;Wat een verstandige mens! ‘Why’ wordt meteen de lijfspreuk van Koenraad.   &lt;br /&gt;Het hotelletje is zò vervallen dat je het eigenlijk geen hotel meer kunt noemen. Veeleer verblijven hier mensen van de armere soort ‘permanent’ op kamers. Als de stroom weer eens uitvalt zijn we hier getuige van een vechtpartij: één van de huurders is razend op Tutu. Hij krijgt ervan langs maar vlucht zo snel mogelijk de straat op. Natuurlijk kan de sukkel er niets aan doen…Het is de baas die alles laat verkommeren. Een tutuhotelletje wordt voor ons synoniem voor ‘goedkoop, maar een beetje brik en brak.’&lt;br /&gt;Toch zijn we het er nu alle drie mee eens dat we zeker naar hier zouden terugkomen. Je hebt hier al wat je moet hebben, en ziet nog een stuk van het leven hier.  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;19 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jeruzalem – Masada – Dode Zee – Tiberias&lt;br /&gt;Enkel Koenraad heeft zijn rijbewijs bij, dus hij is de chauffeur van onze kleine Hyundai automatic. Gezwind rijden we de prachtige diepte van de Dode Zee in. Langs de weg zie je hoe ‘diep’ je bent: sealevel, -150m, -300m,… We arriveren op de diepste plaats van onze planeet: -400m!&lt;br /&gt;We rijden zuidwaarts langs de kust, tot we de burcht van Massada zien opdoemen. Nee, niet de kabelbaan, maar we klimmen de berg op omdat je dan  de tijd hebt om dit adembenemende landschap en ook de onvoorstelbare geschiedenis van de burchtheuvel te laten doordingen.&lt;br /&gt;Een strand aan de Dode Zee is welkom op deze bloedhete dag na onze klim. Wat een bizarre ervaring. Je moet helemaal geen moeite doen om te drijven! En zwemmen lukt bijna niet omdat je veel verder boven water uitzit en voortdurend je evenwicht verliest! Heel raar, maar  een rechtstreekse toepassing van de wet van Archimedes. We hebben er het meeste plezier mee. De lach van Koenraad weergalmt over het wateroppervlak. Maar, wanneer ik er helemaal in duik brandt het superzoute en zwavelhoudende  water zò in mijn ogen en neus, dat de zwempret voorbij is.&lt;br /&gt;Nog Qumram in a hurry, waar de Dode Zeerollen ontdekt zijn, en dan in één ruk door tot Tiberias.&lt;br /&gt;We vinden makkelijk een goedkoop hostal, en gaan ’s avonds iets eten. Voor mij wordt het natuurlijk een St Petrusvis uit het meer van Galilea.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;20 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Tiberias – Tabagha – Kafarnaum – Safed – Tiberias&lt;br /&gt;Vele bijbelse gebeurtenissen komen je hier voor de geest. Op elke plaats staat een kerk. Soms is nog een klein stukje rots zichtbaar, waar dan de broodvermenigvuldiging of zo zou gebeurd zijn. Dit op zich is voor ons niet  belangrijk.&lt;br /&gt;We zijn wel diep onder de indruk van de ganse omgeving in zijn bijbels kader. Als je het meer in de zon ziet schitteren, zie je voor je ogen dat Jezus hier de apostelen uit de vissers uitkoos.&lt;br /&gt;Pickniken aan de rand van het meer. Je ziet de vissen uit het water opspringen en de vissersbootjes passeren…Daarna klimmen we de heuvel op en wandelen tot Kafarnaum door de weiden. Het is heel mooi, en het doet je wat, te weten dat Jezus en zijn apostelen ook hier rondstruinden. De bergrede… het komt helder voor de geest…&lt;br /&gt;Safed is een Joods stadje in de bergen, maar het kan ons niet echt bekoren.&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;21 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Tiberias – Berg Tabor – Nazareth – Akko – Ceasarea – Jeruzalem&lt;br /&gt;De taborberg is een uitstekende ronding in de omgeving. Het bijbelverhaal is in die zin wel duidelijk dat er hier iets heel speciaal moet gebeurd zijn. Op de berg is enkel (weer) een kerk te zien, die dan nog het vergezicht wegneemt ook.&lt;br /&gt;In Nazareth een beetje hetzelfde, alhoewel we hier meer kunnen bekoord worden door de moderne kerk en kunstwerken, die geplaatst zijn op het vermeende huis van Maria. Het Arabische Nazareth ziet er heel gezellig uit.&lt;br /&gt;Bij het binnenrijden van Akko moeten we de weg vragen. Ik sla mijn portier open zonder kijken. Bam! een auto ertegen. Gelukkig een nogal oude bak. De Arabier scheldt me eerst de huid vol, maar vertrekt dan. Onze huurauto ziet er proper uit. Al ons nissen is eraan voor de moeite! (Nissen is een grapje van Koenraad, en betekent geld uitsparen. Afgeleid van New Israelian Shenkel) Een serieuze deuk in de deur, en de plastiekbekleding helemaal los. Oeioei. Wat nu?&lt;br /&gt;We lenen een hamer en schroevedraaier, en kloppen de boel een beetje op zijn plaats. Enkel de plastiekbekleding blijft niet zitten. Tot Koenraad in de goot een vijs vindt die net past. We schroeven alles vast, en bekijken ons werk. Je kunt het nog met moeite zien!&lt;br /&gt;Het doet deugd de Middellandse Zee terug te zien en onze boterhammetjes op het strand op te eten! De oude stad is prachtig. We wandelen op de stadsmuren en slenteren door de Arabische Souks. Je wordt hier  ondergedompeld in de geschiedenis van de kruisvaarders. De moskee is weer eens dicht voor gebed. Wat zijn ze daar toch naarstig!&lt;br /&gt;Ceasarea is een unieke Romeinse stad aan zee. Hier vertrok Paulus in gevangenschap naar Rome, om uiteindelijk toch veroordeeld te worden.&lt;br /&gt;Via de nodige files rijden we Tel Avif voorbij, terug naar Jeruzalem. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jeruzalem – Yad Vashem – Grens Israël-Jordanië – Dode Zee&lt;br /&gt;We staan om 6.30h op voor een ochtendwandeling, kriskras door de straatjes van Jeruzalem. Trap op, trap af… Winkels openen hun deuren, kinderen gaan naar school. Het is nog heel rustig in de Via Dolorosa. In die eenzaamheid kun je ook je eigen dolorosa toevertrouwen aan die eeuwige stenen, tot op Golgotha…&lt;br /&gt;Na het afleveren van de auto (de lichte deuk in de deur wordt niet opgemerkt) nemen we de bus naar de Yad Vashemberg, waar het indrukwekkende monument van de holocaust staat: een reusachtige betonnen driehoek dringt tot diep in de berg door en doet dienst als museum.&lt;br /&gt;Je wordt er triest van. Ook Pol Pot komt weer naar boven. De transporten, de ghetto’s, de uitroeiingskampen… Hoe komt het toch dat mensen zo wreed kunnen omgaan met mekaar??&lt;br /&gt;Alle aspecten van de uitroeiing worden heel goed belicht. Joden worden met de regelmaat van een klok in de geschiedenis van Europa vervolgd... Maar natuurlijk vooral de tweede wereldoorlog: het stille akkoord wanneer Hitler Tsjechië binnenviel, een afdruk van het akkoord tussen Stalin en Hitler om Polen gewoon te verdelen, de rol van Italië, Frankrijk, het weigeren van Joodse vluchtelingen in Amerika, het stilzwijgen van de ‘Heilige Vader’ tot lang na de oorlog…, of hoe heel Europa ergens medeplichtig is geweest aan deze gruweldaad…&lt;br /&gt;We komen later dan we dachten terug in Jeruzalem. Nog vlug bevoorraden, onze bagage bij Tutu ophalen en wegwezen.&lt;br /&gt;Er blijkt geen minibus meer te zijn naar de grens. Enkel ’s morgens! Dat hebben ze ons natuurlijk niet gezegd. 150 Nis.(=30€) voor een taxi. We hebben geen zin nog een dag te wachten en betalen dus. Aan 150 km/h, want de grens sluit al om 15h!&lt;br /&gt;Aan de controle wil de taxi niet verder en moeten we een andere nemen. We begrijpen niet waarom, maar Koenraad heeft het gemerkt: in onze haast hebben we niet opgemerkt dat het een gewone auto is, in plaats van een taxi! Onze laatste 25 Nis moet eraan geloven.&lt;br /&gt;Aan de grens is er een uitreistaks te betalen. Dan maar in Euro, tegen een slechte koers: 25€! (het visum was  wel gratis)&lt;br /&gt;We zijn weer heel attent met ons paspoort, omdat er geen stempel mag inkomen. Behoorlijk enerverend omdat je je papoortboekje geen seconde uit het oog mag verliezen! Het paspoort van Koenraad wordt afgestempeld.&lt;br /&gt;Na de dubbele conrole rijden we de Alenbybridge over en zien ons karretje goed en wel staan. Aan de Jordaanse kant zijn de grensformaliteiten snel afgehandeld, zonder…stempels. Of, eind goed al goed: We konden Israël bezoeken en toch kun je dit in ons paspoort niet merken.&lt;br /&gt;We kamperen op een mooi plaatsje aan de Dode Zee en genieten van het uitzicht. Vanop de berg achter ons zag Mozes ooit zijn beloofde land… Rechts zie je de Jordaan in de Dode Zee uitmonden: de plaats waar Jezus door Johannes de Doper gedoopt werd.&lt;br /&gt;Vòòr ons zien we de lichjes van de overkant langzaam in het donker flikkeren: Israël &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;23 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Dode Zee – Karak – Petra&lt;br /&gt;Het bleek toch niet zo’n goede slaapplaats. Muggen en ook groepjes jongeren  hielden ons uit de slaap. Het was ook nogal warm met drie in de auto. &lt;br /&gt;We komen dus wat langzaam wakker en genieten van ons ontbijt aan zee en een  bad in de Dode Zee. Koenraad is er niet uit te slaan, tot…hij enkele druppels van het bijtende water in zijn gezicht krijgt.&lt;br /&gt;De weg langs de zee is mooi en afwisselend. Overal strijken Jordaanse families neer op hun vrije vrijdag.&lt;br /&gt;Wanneer we opklimmen uit de Dode Zeevallei is het gebergte adembenemend.&lt;br /&gt;Na de kruisvaardersburcht van Karak rijden we door over de prachtige  Koningsroute tot Petra.&lt;br /&gt;De kampeerplaats is duur en op asfalt. We nemen voor enkele JD’s erbij een simpele kamer. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;24 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Petra&lt;br /&gt;Het is een miezerige dag, vandaag en het ingangstarief voor de oude stad is buiten proporties: 26 JD/pers! (wel  voor twee dagen) Een slecht begin.&lt;br /&gt;De stad is Petra enkel bereikbaar via een 3 km lange, smalle kloof, en dan komt het totaal onverwacht. Het bekendste zicht van Jordanië: Een 39 m hoog grafmonument, uitgehouwen in de roze zandsteen van het gebergte. Het is nog maar een begin. De grafmonumenten hier in de vallei zijn niet te tellen. Christine kan er maar niet genoeg van krijgen. Geen grafkamer slaat ze over. Koenraad probeert de verkopers te ontwijken, en ik loop er nogal verkleund bij.&lt;br /&gt;De Romeinse stad is niet zo indrukwekkend, maar het natuurlijk kader waarin alles is opgebouwd des te meer: hoge, scherpe pieken wisselen ruwe kloven af. De rode zandsteen is dooraderd met een kleurenpracht die varieert van geel over bruin, tot grijs, door de vele aanwezige mineralen. We ondernemen een heuse bergwandeling naar een verder gelegen grafmonument, het monasterio. Op de ongelofelijke ruwheid van de natuur raak je niet uitgekeken! Helemaal boven heb je een prachtig vergezicht op de vele vlijmscherpe pieken. &lt;br /&gt;’s Avonds hebben we bijlange nog niet alles gezien, maar het is genoeg geweest in de koude. We doen morgen de rest als het mooi weer is, anders houden we het voor bekeken.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;25 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Petra – Wadi Rum&lt;br /&gt;Vandaag is Koenraad 28, en dat laten we niet zomaar passeren! De bakker beneden ons hotelletje heeft er ons gisteren opgelegd, dus haal ik een feestelijk ontbijt bij een andere bakker. We zetten er de kaars van Ine erbij, die telt voor 28 kaarsjes…&lt;br /&gt;Omdat het stralend weer is vandaag, wandelen we de kloof van Petra nog eens door. Met een azuurblauwe lucht erboven is alles nog eens mooier. We maken een tweede bergtochtje, want het is toch vooral het natuurlijk kader dat hier het meest indrukwekkend is. Neem dat weg en je hebt Petra vlug gezien. &lt;br /&gt;Bij het buitenrijden van Wadi Musa na de middag, heb je nog een prachtig zicht op de toegangskloof en het ruwe gebergte van Petra. We eten er een verjaardagstaartje bij.&lt;br /&gt;De rest van de zuidelijke Koningsroute slingert zich door berg en dal tot we op de Desert Higway komen. De naam is niet gestolen. De lichtrode kleur van het woestijnlandschap is heel mooi, en wanneer we inslaan naar Wadi Rum is het landschap adembenemend.&lt;br /&gt;Vlak voor Wadi Rum rijden we nog een stuk dieper de woestijn in over een klein asfaltweggetje, tot we een verharde plaats zien waar we kunen kamperen in dit grandiose landschap. Koenraad: ‘Ja, en gelukkig niet ver van één van de weinige spoorwegen van Jordanië, zo is iedereen tevreden: Een beetje nostalgie!!’&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;26 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Wadi Rum - Aqaba&lt;br /&gt;Het is prachtig ontwaken in deze roze woestijn. Wanneer we de weg verder volgen weten we niet meer waar we zijn. De GPS brengt raad: in plaats van richting Aqaba, rijden we recht naar één van de grensovergangen met Saoudi Arabië. En omdat het landschap zò wondermooi is, rijden we op de GPS nog een eind door.&lt;br /&gt;Na al dat moois en wat discussie hoeft een toeristische tocht met vertrekpunt Wadi Rum niet meer. We rijden terug naar de hoofdweg richting Aqaba.&lt;br /&gt;Eerst naar de haven voor de veerboot naar Egypte. Juiste informatie verkrijgen is hier ongeveer onmogelijk. Men weet niet zeker of we op de snelle boot kunnen met onze auto, en men weet ook niet zeker wanneer de trage boot vertrekt. Dus men weet eigenlijk niets zeker! Enige raad: kom rond 9 h, en dan zien we wel wat mogelijk is. Ja, ze hebben hier tijd en enkele biljetten van 1 JD doen wellicht ook wonderen.&lt;br /&gt;Voor vandaag houden we het voor bekeken. We zoeken een plaatsje aan de Rode Zee, ten zuiden van Aqaba. De wind kan ons niet deren om te genieten van de zee.&lt;br /&gt;Als ’s avonds de zon ondergaat zien we de lichtjes van vier landen: Jordanië waar we kamperen, aan de overkant Egypte, de hoogbouw in Eilat Israël, en naar het zuiden is het maar enkele kilometers naar Saoudi Arabië. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;27 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Aqaba – grensovergang Jordanië-Egypte: veerboot – Nuweiba&lt;br /&gt;Omdat het nog steeds erg winderig is besluiten we toch vandaag over te steken naar Egypte. Om 9 h rijden we het haventerrein op. ‘Nee, de snelboot neemt vandaag geen voertuigen mee. Enkel de trage boot, en die vertrekt rond 14h. Als je hier om 13h bent is dit net op tijd voor de grensformaliteiten’&lt;br /&gt;Onze autopapieren hebben reeds een uitcheckstempel, maar gelukkig na wat aandringen mogen we toch nog het havengebied verlaten. We hebben nu ruim de tijd om voedsel voor enkele dagen in te slaan te Aqaba en te internetten. &lt;br /&gt;In de toeristische dienst van Aqaba is de gesluierde dame heel vriendelijk en welwillend. Ze telefoneert voor ons naar het hoofdkantoor van de scheepvaartmaatschappij in Amman en kan direct prijs en vertrekuren van de ferry meedelen: ‘De prijs is een stuk lager dan in de haven, de fast boat neemt geen voertuigen mee en de slow boat vertrekt om middernacht. Maar het is raadzaam een plaats te reserveren voor de auto in de loop van de dag.’ &lt;br /&gt;Wie moet je nu geloven? We besluiten rond 13 h naar de haven te rijden, en te kijken. Is de boot maar om 24 h, dan reserveren we gewoon ons ticket en brengen de namiddag op het strand door, waar we kunnen koken en zo.&lt;br /&gt;Om binnen te rijden moeten we weer alle controles (nu al voor de derde keer) passeren. Ik ga naar het loket voor de tickets:&lt;br /&gt;-De prijs is 60 USD heen/terug, per persoon, voor de auto 190, enkele reis.&lt;br /&gt;-Op mìjn papier heb ik hier maar 50/pers en 150 voor de auto en dit is informatie van het hoofdkantoor van Amman. Wanneer is de volgende boot?&lt;br /&gt;-Ik weet niet wanneer de volgende boot vertrekt, en voor de prijs stuur ik je door naar de hoofdmanager.&lt;br /&gt;Bij het zien van de prijzen schiet de manager in een Arabische collère: ‘dit zijn oude prijzen! De nieuwe prijs is 60!’&lt;br /&gt;Hìj  weet wel heel zeker wanneer de boot vertrekt: ‘om 16h.’&lt;br /&gt;Dus nog goed op tijd om alle grensformaliteiten te doorlopen. Om 15.30 h staan we in de rij om de boot op te rijden, maar we zien nog geen beweging. &lt;br /&gt;We leggen een kaartje, en na een uur doe ik opnieuw navraag: ‘het wordt wel 17.30 h;’ &lt;br /&gt;Nog wat lezen…, en weer navraag: ‘reken dat het 19 h wordt…’&lt;br /&gt;Nu beginnen er trucks op te rijden. We placeren ons ertussen, maar moeten terug.  Ik geef me niet zomaar gewonnen, en rij weer op het ponton. Nu worden we toegelaten, maar we mogen niet op de linkse  boot waar alle trucks oprijden. De rechtse is voor ons. Omdat alle trucks achteruit de boot opmoeten blijft het laden van die linkse boot maar duren en duren…&lt;br /&gt;We leggen nog een kaartje. Een politiebeambte die ‘onze’ rechtse boot bewaakt,  verveelt zich te pletter en wil graag meespelen. (wellicht kan hij niet hartenjagen?)&lt;br /&gt;-Wanneer vertrekt de boot?&lt;br /&gt;-Oh, wellicht rond 20 h. No problem, man!&lt;br /&gt;Rond 19. h is de linkse boot vol. En nu begint men inderdaad aan de rechtse. Ik start de motor. ‘No, sir! Personenauto’s rijden het laatst op.’&lt;br /&gt;Wachten, wachten,…Christine maakt intussen op het ponton een lekkere maaltijd klaar…&lt;br /&gt;Na een uur is de boot vol, en is er inderdaad net nog een plaatsje over voor ons.&lt;br /&gt;We rijden op en nemen de lift naar boven op het reusachtige schip.&lt;br /&gt;Op de vijfde verdieping zit de beambte van de Egyptische douane al klaar. Wij moeten ons paspoort afgeven voor de ganse boottocht. Koenraad heeft nog geen visum en krijgt hem maar terug in Nuweiba, bij de visadienst. Ook de Carnet de passage wordt gecontroleerd, en een papier (voor ons onleesbaar) wordt erin geschoven.&lt;br /&gt;Het praten, zoenen en handjesschudden van bemanning en ‘grondpersoneel’ op het ponton blijft maar duren. Het duurt nog nog tot 22h voor we uiteindelijk vertrekken, zegt Koenraad me achteraf, want ik lig al een uur te slapen. Insh’allah… &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;28 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;grensovergang Jordanië-Egypte: veerboot – Nuweiba&lt;br /&gt;Rond 1 h kom ik wakker. Christine en Koenraad slapen. Op het buitendek zie ik dat we reeds voor de haven van Nuweiba liggen. Het duurt nog een uur voordat de boot aangemeerd ligt.  Welcome to Aegypt…&lt;br /&gt;We krijgen een speciale beambte van de ‘tourist police’, die ons begeleidt door het kluwen van paperassen. Alle formaliteiten (verzekering voor 3 maand, taksen, Egyptische nummerplaat…) kosten ongeveer 120 Egyptische pond(=80€). Je kunt hier direct Euro’s of dollars omwisselen in de staatsbank.&lt;br /&gt;Of hoe reizen in het Midden Oosten véél en véél duurder is dan in Azië, en vooral veel omslachtiger ook!&lt;br /&gt;Maar, er blijkt iets niet in orde met ons visum. De multiple clausule zou maar voor 1 maand zijn… Voor de auto wil men ook maar 1 maand geven. Onze Afrika trip kan dan niet doorgaan, want we zijn er niet om een verlenging aan te vragen. Bovendien moet je wéér 80 € betalen!&lt;br /&gt;We praten weg en weer, maar het is niet te doen. Tot de man me op een woordje wist op de rode kaart: ‘van’&lt;br /&gt;Nu valt mijn frank!&lt;br /&gt;‘Jamaar, dat is geen ‘van’ voor personenvervoer! Het is Nederlands, en betekent: ‘van 19/8/99 tot…’ Ik vertaal in het Engels.&lt;br /&gt;Hij inspecteert nu de wagen en ziet dat er inderdaad maar 3 zitplaatsen zijn.(voor het moment, hum, hum)&lt;br /&gt;Intussen trekt mijn begeleider al uren voortdurend aan mijn mouw dat het door zìjn toedoen is dat alles geregeld wordt…! Ik geef hem 3 dollar, zodat hij zwijgt. Niet genoeg om smeergeld te zijn, maar als fooi…Baksis. Het woord dat op onze planeet vele deuren opent…&lt;br /&gt;We krijgen uiteindelijk 3 maand (Hopelijks, want voor ons is alles onleesbaar!), maar het multiple visum is niet in orde. Nu, dit zijn zorgen voor als we terug komen uit Afrika…&lt;br /&gt;Het is bijna 5 h als we het havengebied uitrijden. We parkeren in één van de eeste straten van Nuweiba om nog een paar uur te slapen. ‘Allaaaah…’ De imman roept met luide stem op voor het ochtendgebed. Is het nu voor ons nog avond of wat…?&lt;br /&gt;Rond 8.30 h zijn we wakker. ATM is snel gevonden, en een mooi kampeerterrein aan zee ook. Het is hier de ene ‘campingplace’ na de andere, nogal afgesteld op Israëli, die het nu laten afweten, door de minder goede betrekkingen tussen Egypte en Israël, het laatste jaar. We zijn hier alleen,maar het doet deugd hier eens op je gemak te zijn en een tent te kunnen bijzetten voor Koenraad.&lt;br /&gt;We drinken een welkomstthee met de uitbater. 'We spreken hier allemaal Arabisch, in dit deel van de wereld. Waarom komen we zo slecht overeen? Je kunt hier met moeite een grens over!In Europa is het net andersom. Jullie spreken vele talen, maar de Europese Unie is bijna 1 land geworden, zonder grenzen. Wij kunnen er maar van dromen.' &lt;br /&gt;Verder dan eten koken en op onze luie krent liggen komen we niet meer…  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;29 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Nuweiba &lt;br /&gt;Genieten van zon, zee en strand…&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-8100685471796231493?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/8100685471796231493/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=8100685471796231493' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/8100685471796231493'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/8100685471796231493'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/03/15-maart-07-jerash-amman-we-rijden-in.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-1875569146236346179</id><published>2007-03-15T12:51:00.001+01:00</published><updated>2007-03-15T12:51:54.492+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>1 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Persepolis – Shiraz – Kamaraj&lt;br /&gt;Midden in de nacht wordt op onze auto gebonsd! Als ik mijn ogen open doe zijn er lichten op ons gericht: politie! Of we ons niet enkele meter kunnen verzetten tot vlak voor het politiebureau, want dat is veiliger. Nee, dat is hier écht geen grap, en we verzetten ons dus enkele meters, terwijl het vriest dat het kraakt. De sterren en de bijna volle maan zinderen in de vorstlucht. Niet te geloven dat het tijdens de dag al zo warm is en dat de temperatuur toch nog onder nul duikt gedurende de nacht, zelfs al zijn we nog in Zuid Iran op 29° NB. Zo kun je eens aan den lijve ondervinden wat matigende zeeinvloed en opwarming door de Golfstroom in Europa op 50° NB wel is! Hier wordt de zeeinvloed afgeschermd door hoge bergen, vlak aan de kust. &lt;br /&gt;Gisteren is hier een Frans gezin toegekomen: ma, pa en twee kinderen. Ze richtten een truck in en zijn reeds drie jaar op reis. Het onderricht van de kinderen doen ze zelf, iedere morgen. Als ze terug thuiskomen volgt een examen voor een soort middenjury. Ze komen uit Afrika, net dezelfde weg die wij volgende maand willen afleggen, en kunnen ons allerlei bijzonderheden geven over de visa, de route en de mogelijkheden van het openbaar vervoer. Is me dat geluk hebben! We hadden nog heel wat twijfels over onze ‘langs-de-Nijl-tocht maar beslissen alles over land te doen: Van Egypte naar Soedan, daarna dwars door Ethiopië, naar Kenia. Zoveel mogelijk de Nijl volgen tot bij de bonnen. Uit Naïrobi vliegen we dan terug naar onze auto in Caïro. &lt;br /&gt;We hadden dit deel van de reis nog wat in het midden gelaten, omdat dit het moeilijkste en meest avontuurlijke wordt, en we dachten bij de planning: misschien zijn we naar het eind van het jaar reismoe en wat minder gemotiveerd? Maar niets is minder waar. We zijn weer goed op dreef en kunnen er maar niet genoeg van krijgen!&lt;br /&gt;De opgravingen van Persepolis zijn indrukwekkend als je ze in hun tijd ziet, want natuurlijk is er heel veel verwoest, door…Alexander De Grote. Ja, we hebben die al wel meerdere malen tegengekomen op onze reis! Toch ongelofelijk welk een rijk die Darius kon opbouwen, hier in dit gebied. De pracht en praal van de gebouwen geeft dit weer, samen met de vele basreliëfs, die het leven aan dit koningshof weergeven. We genieten van het geheel in de schitterende bergomgeving, onder een staalblauwe lucht. &lt;br /&gt;Rond de middag vertrekken we richting Shiraz, maar hebben geen zin nog eens twee moskees en een bazaar te bezoeken, en slaan de stad over recht naar de Perzische Golf. &lt;br /&gt;Omdat we bijna door onze voorraad eten uit Pakistan zitten stoppen we voor uitgebreide inkopen. Een hele waslijst. De jongeman begrijpt geen woord Engels en het duurt dus zijn tijd. Maar, als we willen betalen weigert de winkelier dit. Hebben we dit niet goed begrepen? Nee toch, ook na aandringen wil de man geen geld! We zijn te gast  in zijn land. Ik leg 20 000 Rial (zeker veel te weinig)  op de toonbank en wil vertrekken, maar niet te doen. We moeten het biljet weer opbergen. Een beetje beschaamd vertrekken we. Ja, we kunnen hier wel nog eens leren wat echte gastvrijheid is…&lt;br /&gt;We moeten volledig door het hooggebergte, richting kust. Machtige sneeuwtoppen omringen ons. Wellicht weer het mooiste wat we al zagen? Zo’n ongelofelijke ruwheid kwamen we nog nergens tegen! &lt;br /&gt;Er is veel verkeer en alles verloopt nogal traag. Ik haal een vrachtwagen in, over de volle streep.( nadat Christine zegt: je gaat hier toch niet voorbijsteken zeker?) Te laat zie ik ook de politiecombi in mijn spiegel. En halve kilometer verder worden we door 2 andere agenten tegengehouden. Ja, we weten hoe laat het is. Ik moet mijn internationaal rijbewijs afgeven. Hopelijks krijg ik het terug…Een boetebon wordt bovengehaald. &lt;br /&gt;-Excuseer, ik weet dat het niet mag, maar de vrachtwagen voor me reed heel traag, en ik had volledig zicht op de baan&lt;br /&gt;-In jouw land kan dit misschien, maar niet in Iran! Je rijdt hier rouwens veel te snel.&lt;br /&gt;-Nee, ook in België mag dit niet, en ik excuseer me voor die fout. Het zal in de toekomst niet meer gebeuren.&lt;br /&gt;De agenten blijven supervriendelijk tijdens het gesprek, en ik zie ze langzamerhand ontdooien. Het boeteboekje gaat weer dicht en ik krijg mijn rijbewijs terug…&lt;br /&gt;We schudden mekaar de hand, terwijl ik met de linker hand mijn hartstreek aanraak. Betekent hier: heel hartelijk bedankt!&lt;br /&gt;We blijven nu braafjes achter de vrachtwagens, en genieten des te meer van het adembenemende landschap. &lt;br /&gt;Bij de avondschemering slaan we een zandwegel in en kamperen in the middle of nowhere…!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;2 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kamaraj – Borazjan – Bandar Gonaveh - Bandar Deylam – Ahvaz – &lt;br /&gt;Dezful - Hoseyniyeh-ye’olya&lt;br /&gt;De zon is niet van de partij, vandaag. Integendeel, wanneer we de kust van de Perzische Golf naderen rijden we een dikke mistdeken in. Spijtig. We kunnen maar hier en daar een glimp van de kustlijn opvangen. Verder zien we dat de mist mede veroorzaakt wordt door de vele oliebronnen, waar de restgassen bovenaan verbrand worden. Ook de massale raffinage zorgt ervoor dat er op sommige plaatsen een prikkelende zwaveldamp hangt.&lt;br /&gt;We rijden het kustplaatsje Deylam binnen, en kopen vis op de plaatselijke markt.&lt;br /&gt;-Werk je misschien in de olieindustrie?&lt;br /&gt;-Nee, we zijn gewoon toeristen.&lt;br /&gt;-Oh, in dit geval geven we onze vis aan een cheap price. Welcome, welcome…!&lt;br /&gt;Intussen is Christine aan de praat geraakt met een vissersvrouw over…kinderen. Dit keer moet ze de duimen leggen. De vrouw heeft 6 kinderen, 3 zoons en 3  dochters.&lt;br /&gt;Het doet deugd op het strand te lopen en de branding te zien, te horen. Verder dan pootje baden durven we niet gaan. We zien niemand zwemmen, en zijn nu eenmaal in Iran…Het is nog steeds mistig boven zee. Jammer, want hier passeren alle tankers uit Irak, Iran en Koeweit. Dit is méér dan de helft van de wereldproduktie!&lt;br /&gt;De rest van de weg heeft weinig te bieden. Olievelden en nog eens olievelden, die door de verbranding van afvalgassen een dikke smog verspreiden. Een waar inferno: een rokend woestijnlandschap met vele vuurhaarden en olieleidingen. Ertussen zie nog het traditioneel leven: schaapherders hoeden de hun kuddes tussen de olieleidingen&lt;br /&gt;De Iraniërs laten het niet aan hun hart komen. Het is vrijdag en dus een vrije dag vandaag. Overal zie je families picknicken. De smog deert niet!&lt;br /&gt;We volgen hun voorbeeld, en slaan’s avonds als we al wat meer in het gebergte beland zijn een grintweg in. We vinden een mooie kampeerplaats en bakken ons visje  in een liefelijk valleitje.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;3 maart ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Hoseyniyeh-ye’olya – Pol-e-Doktar – Sarneh – Homeyl – Kermanshah – Sanandaj – Jonyan&lt;br /&gt;We ontwaken in ons privé valleitje bij een prachtige zonsopgang. Na het oplossen van de ochtendnevel rijden we onder een azuurblauwe lucht. Het landschap is weer subliem: de natuur is zwanger van de lente. We krijgen zelf ook een lentegevoel als we de vele schapekuddes de bergen zien intrekken met hebben en houwen: tenten, voedselvoorraad, ganzen, verse bébeetjes (geboren in de winter). Met stenen werpende pubers en honden houden de duizenden schapen in kudde… kortom, het zomer-nomadenleven is weer begonnen!&lt;br /&gt;We rijden steeds dieper het gebergte in, maar toch bolt de weg heel vlotjes. Hoger komen  we steeds meer tussen sneeuwtoppen, tot we volledig in de sneeuw rijden: enkel de weg is geruimd. Hier is het nog volop winter.  En dat in Iràn en in maart! De mensen in de dorpen hebben het hier bloedheet in de zomer en bitter koud in de winter. We klagen graag over het weer, maar als je hier eens op twee verschillende seizoenen passeert weet je dat we in Europa een gezegend klimaat hebben. &lt;br /&gt;Door de sneeuw vinden we moeilijk een slaapplaats. Het is al bijna volledig donker als we diep in de vallei enkele lichten van een dorpje zien. Daar moet een grintweg naartoe lopen…We slaan in en kunnen kamperen op een plaatsje naast de weg. Speciaal voor ons gemaakt, met zicht op de besneeuwde valleien,  volle maan bijbesteld…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;4maart ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jonyan – Bukan – Mahabad – Orumiyeh – Serdu (Turkse grens) – Esendere – Yuksekova - Akçali&lt;br /&gt;Vandaag is het maar een goeie 300 km meer naar de Turkse grens. Onze kilometerteller staat op 22 000 km, tijd om olie te verversen. En we hebben ook nog vele rials over, omdat Iran voor ons zo extreem goedkoop is: we wisselden voor onze ganse Irantrip 50€, en…hebben nog méér dan de helft over! &lt;br /&gt;De luchtfilter wordt ook gecontroleerd: vol woestijnzand! We hebben gelukkig een reserve mee. Bij de controle van de bandenspanning is één van de banden lager. Er steken twee stukken metaal in. We laten de twee gaten dichten en moeten aandringen om te ‘mogen’ betalen: ‘you are our guests…!’ &lt;br /&gt;Op onze terugroute zagen we een totaal ander Iran. Een Iran dat geen toerisme kent, maar ook geen jota Engels. We moeten van deze supergastvrije mensen weer eens afscheid nemen. Op vlak van kunst en cultuur is Iran wel de moeite waard, maar kom vooral naar hier omwille van de mensen en de grandioze landschappen…&lt;br /&gt;De Iraanse grensformaliteiten zijn in een kwartier geregeld. &lt;br /&gt;Het Turkse hek draait open. Welcome to Turkey!&lt;br /&gt;De grensformaliteiten zijn op zijn Turks: chaotisch. Eerst is de carnet de passage niet nodig, dan weer wel. Een stempel hier, een stempel daar… Een visum aanvragen… Het duurt 1,5 uur.&lt;br /&gt;Als we achterop kijken zien we nog de laatste berg van Iran, met 2 reuzegrote foto’s op de top: Khomeini en een andere ajathollah kijken je na: Let op! We zien alles wat je doet! Er valt toch iets van ons af… &lt;br /&gt;We komen hier een beetje thuis, en vallen veel minder op! De mensen hebben een veel blekere huidskleur, en onze auto past hier ook in het straatbeeld. Het weinig Turks dat we nog kennen van onze fietstocht komt snel terug, ook omdat we weer alles kunnen lezen in ons eigen alfabet. Je voelt je zoveel minder hulpeloos.&lt;br /&gt;Maar ook de huizen zijn veel mooier, en er zijn hier zowaar trottoirs in de straten. Ja, het doet deugd dat alles wat méér geordend en netter is.&lt;br /&gt;Het landschap is steeds méér besneeuwd, en ook echt weer adembenemend. Te midden van al dat moois vinden we een prachtige kampeerplaats. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;5 maart ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Akçali – Cisre&lt;br /&gt;Door het tijdsverschil zijn we al van 4.30 h wakker vanmorgen. We maken een ochtendwandeling, want we hebben al de tijd vandaag. &lt;br /&gt;De route is heel ruw, en je ziet dat de dooi hier nog maar pas ingetreden is. De weg is geruimd, maar soms rijden we tussen twee muren sneeuw van wel 2 meter hoog. Door de vorst en de sneeuwlawines is het wegdek op veel plaatsen beschadigd: grote gaten, of soms voor de helft weggespoeld. Het is dus opletten geblazen, als je hier de ene bergpas na de andere moet nemen. Bovendien begint het weer te sneeuwen! We haasten ons de laatste hoge pas over, en gelukkig verandert de sneeuw daarna in regen.&lt;br /&gt;De weg vordert dus maar heel langzaam, ook door de vele checkpoints. Om de haverklap moeten we stoppen: paspoortcontrole, carnet… We worden ook ondervraagd: kennen we wel de gegevens van ons paspoort? Ook de auto wordt iedere keer helemaal doorzocht. Heel grondig. Er wordt op de deuren en de carrosserie geklopt om te horen of er niets aan de binnenkant opgeborgen zit. Met een spiegel wordt de onderkant gecontroleerd. Zelfs de pak tarwebloem wordt opengemaakt, en er wordt in de bloem gevoeld! ‘Hebben jullie een eigen wapen?’ &lt;br /&gt;Wanneer voor de tiende maal vandaag alle schoven en kasten opengetrokken worden is mijn geduld wel een beetje op:&lt;br /&gt;-Waarom controleren jullie ons nu al voor de tiende maal??&lt;br /&gt;-Sorry, maar we moeten dit doen. Zie je daar de overkant van de rivier?&lt;br /&gt;-Ja, je kunt door dit kleine riviertje waden.&lt;br /&gt;-Wel, dit is Irak! We kunnen de smokkel bijna niet onder controle houden. Ik ben van Istanbul en doe hier ook maar gewoon mijn legerdienst. Het is hier gevaarlijk…&lt;br /&gt;Tegen de avond arriveren we dan toch in Cisre. We zoeken een internetcafé om nog wat bijzonderheden op te zoeken ivm de visa van de volgende landen waar we doormoeten. Kun je multiple entry’s krijgen, want ons paspoort is bijna vol? Hoe zit het met Israël? Nemen we de boot naar Turkije in juni, of rijden we terug?&lt;br /&gt;Eerste probleem: aan de Syrische grens moeten we de dieseltaks betalen in dollar. We hebben er geen meer, dus moeten we morgen eerst wisselen. &lt;br /&gt;Wat de toegang tot Israël betreft (Je mag Syrië niet meer binnen als je in Israël bent geweest!): als je de Jordaanse grensovergang over de King Husseinbridge neemt, beschouwt Jordanië dit als eigen bezet gebied, de westbank, en komt er geen stempel in je paspoort. Voor Israël moet je geen visum hebben, dus dat wil zeggen als je langs dezelfde grensovergang weer buiten gaat is het net alsof je Jordanië nooit verlaten hebt. De Syriërs kunnen het dus niet zien in je paspoort, en je kunt lekker terugrijden. De auto kan echter niet mee, omdat de Israëli hem in je paspoort inschrijven! We laten hem dus in Jordanië als we Israël bezoeken.&lt;br /&gt;Het visum voor Egypte en Jordanië kan multiple, waardoor we ook bladzijden genoeg komen in ons paspoort. &lt;br /&gt;Het duurt ùren om alles op te zoeken…&lt;br /&gt;We nemen hier in de stad een hotelletje en gaan een kebab eten. Voor de Haman is het al wat laat.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;6 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Cisre – Nusaybin ( grens Syrië) - Hasibah&lt;br /&gt;We raken redelijk vlotjes aan dollars: eerst met ATM Turkish lira, en daarna omwisselen. &lt;br /&gt;De wegcontroles zijn minder uitgebreid nu, maar toch: paspoort, carnet…&lt;br /&gt;Op naar de Syrische grens! We zien al van ver de prikkeldraadafsluiting en de wachttorens.&lt;br /&gt;We rijden Nusaybin binnen. De grensovergang is bijna niet te vinden. Na meerdere keren vragen rijden we het hekken van het niemandsland binnen. We zijn ongeveer de enige klanten!&lt;br /&gt;De Turken doen weer ingewikkeld/ Je weet nooit welke kantoren je nu eigenlijk moet passeren. We hebben blijkbaar een stempel te kort gekregen bij het binnenkomen. Na veel vriendelijk gepalaver krijgen we de paspoorten terug, elk met een reçu van 5 YTL. Ik weiger te betalen, waarop de beambte zegt:’jamaar je bent vrij dit te geven, het is voor de armen.’ Hum. Het ruikt naar corruptie, en we betalen niet!&lt;br /&gt;Na een uur draait het Turkse hek open.De Syriërs willen direct ons paspoort en carnet. We geven het af. Maar o wee. Ze sluiten gewoon weer hun hekken! We staan tussen Turkije en Syrië! Wat zal het hier worden?? &lt;br /&gt;Na 10 minuten: welcome to Syria! We mogen binnenrijden. De formaliteiten verlopen heel correct. We moeten een dieseltaks betalen( 100 USD)voor eeen week en ook direct een verzekering ( 38 USD, 3 weken), en de customs (8 USD). We wisselen naar Syrische pond in de staatsbank. Men wil hier enkel dollar wisselen, maar indien je al Syrische pond hebt is dit makkelijker.&lt;br /&gt;Alles verloopt heel correct en in volle vriendelijkheid. We drinken voortdurend thé ( de whisky van de Arabische wereld, zoals een beambte lachend zegt)&lt;br /&gt;De auto wordt gecontroleerd, maar niet grondig. Bij het zien van onze vele boeken: ‘Hebben jullie boeken over politieke onderwerpen?’ (De reisgids over Israël hebben we goed opgeborgen!)&lt;br /&gt;Na alle formaliteiten wuift het personeel ons uit en heet ons hartelijk welkom:&lt;br /&gt;-We vinden de Europese mensen heel sympathiek, maar hun regering vaak een beetje minder.&lt;br /&gt;-Wellicht verwar je met de VS&lt;br /&gt;-Nee, we moeten een onderscheid maken. Amerika en Blair! In België is de regering OK!&lt;br /&gt;-Dat dacht ik al!&lt;br /&gt;We nemen allerhartelijkst afscheid. Welcome to Syria…&lt;br /&gt;Telkens als we de weg vragen: welcome, welcome…&lt;br /&gt;Het landschap is veel groener en dichter bevolkt. Hier in de Noordoosthoek tegen de grens met Irak dachten we enkel woestijn tegen te komen.&lt;br /&gt;We slaan een zandwegel in. Direct komen mensen naar ons toe. ‘Slaap in ons huis… Je komt toch eten bij ons…’&lt;br /&gt;Maar we zijn moe, en slaan het af: ‘tomorrow chai…?’&lt;br /&gt;We rijden de nu toch wel woestijnvlakte in. De sunset is adembenemend…&lt;br /&gt;Tegen de ondergaande zon zien we een motorfiets met twee mannen afkomen. ’t Is nie waar he, we willen eens gerustgelaten worden!&lt;br /&gt;‘Je kunt bij ons slapen! Het zal hier erg koud zijn, vannacht!! Kom bij  ons eten…&lt;br /&gt;Wellicht zijn we onbeleefd, maar soms, na 8 maanden wil je ook echt eens alléén zijn… Maar  wat een gastvrijheid…!&lt;br /&gt;De sterrenhemel is zò klaar. Christine waant zich een dansende derwish onder de sterren maar komt met een harde smak weer tot de werkelijkheid…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;7 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Hasibah – Palmyra&lt;br /&gt;Het blijkt toch niet zo’n goede slaapplaats. Om 1.30 h, midden in de nacht worden we gewekt door een groepje jongeren: ‘hey, hey, we want to help you…’ Wellicht hebben ze er uren over gedaan om iets te bedenken en zijn ze zò nieuwsgierig dat ze wel iets moesten uitvinden. Wij van onze kant zijn niet op ons gemak. Hier zo helemaal alleen en midden in de nacht! Ons hart bonst in onze keel! We gebaren dat we doorslapen en wachten eerst af. We kunnen dan nog altijd vlug wegrijden als er iets agressiefs gebeurt…Na enkele minuten druipen ze af. Oef. Het was dus inderdaad helemaal niet kwaad bedoeld. &lt;br /&gt;‘s Morgens is het tijd om de laatste envelloppe van thuis open te trekken! Het is een foto van Koenraad: ‘Ma en pa, binnen een week ben ik bij jullie! Je moet maar een mail zenden als je iets héél graag zou willen van thuis. Ik breng het voor jullie mee naar Amman!’ Als we dààraan beginnen denken kunnen we een half vliegtuig vullen, te beginnen met onze ganse familie en al de vrienden en kennissen. Maar een stukje braadworst van onze eigen varkentjes is misschien beter haalbaar. En de koffiefilter om weer échte koffie te drinken, en misschien een fles wijn om het weerzien met Koenraad te vieren?&lt;br /&gt;We trekken verder door de woestijn. Hoe de vele schapen hier voedsel genoeg vinden is voor ons een raadsel. Het landschap is mooi, maar wat eentonig. De mensen wonen in kleine lemen huisjes en leven van de schapenteelt. Je ziet dat ze  niet veel hebben, zoals de meeste mensen op onze wereldbol.&lt;br /&gt;We proberen geld te wisselen in Dayr az Zawr, maar alle banken zijn toevallig ‘out of service’, en op de zwarte markt is de koers een heel suk minder.We kunnen dus geen diesel kopen, maar raken net tot in Palmyra. Je merkt direct dat het hier heel toeristisch is. We kunnen direct Euro’s wisselen en gooien de dieseltank vol. Omdat de enige camping gesloten is, zoeken we ons een kampeerplaats tussen de bergen, schaapherders en ruïnes van Palmyra, en besluiten enkele uren rust te nemen, gewoon genieten in het voorjaarszonnetje. We koken eerst (Iraanse en Turkse groenten, Syrisch schapegehakt) en beklimmen daarna de berg naast onze auto. De zon gaat langzaam onder. Onze auto staat beneden, en rondom ons hoor je de bleirende schapen, opgevrolijkt door de klepperende halsbelletjes. De zon is onder, een moment om vast te houden en te koesteren… Venus verschijnt, en daarna de eerst sterren van Orion. We genieten ervan. Genieten van die kleine dingen is iets wat we de laatste tijd weinig deden. Door het heel hoge reistempo, en vooral, waar je ook komt, je bent nooit op je gemak: iedereen wil je zien, wil met je praten, wil spullen verkopen. Nu zitten we hier eens alleen. Je hoort de stilte.&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;8 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Palmyra&lt;br /&gt;De ruïnes van Palmyra zijn ronduit schitterend! We verkennen op ons gemak de volledige site. We wandelen in het lentezonnetje en laten de verbeelding zijn werk doen, want bij zo’n ruïnes heb je dit natuurlijk altijd nodig. De grootsheid van de gebouwen is indrukwekkend, zeker als je het in zijn tijd plaatst. Niet te geloven welk een beschaving er hier al was, duizenden jaren geleden!&lt;br /&gt;We nemen dezelfde slaapplaats als gisteren. Het pastoraal landschap doet deugd aan het hart: een schapekudde wordt hier vlak voor onze neus gehoed door een jongen van een jaar of veertien. Plots loopt een lam weg en raakt achter een rots. En een schaap is dan zo dom dat het over die rots naar de kudde terugwil, in plaats van terug te keren. De jongen komt erachter. Het is een bijbeltafereel dat zich afspeelt vlak voor je ogen: ook dat ene schaap wordt gered. Maar wel een beetje minder zachtzinnig: het dier krijgt een steentje naar zijn kop, zodat het in de juiste richting wegspringt.  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Palmyra – Damascus&lt;br /&gt;Het is vrijdag en rustdag, een ideale dag om een grootstad als Damascus binnen te rijden. Het kampeerterrein, ligt nogal ver van het centrum, en is ook duurder dan een simpele hotelkamer. We nemen dus een kamer. Weer een belevenis op zich. Vijf verdiepingen hoog in een goor gebouw. Ja, de plaaster valt van de muur, en er is nog wat schimmel erbij. Warme douches? Jawel meneer! Binnen 2 uur, we moeten eerst de kachel aansteken.(dan heb ik al lang een koude genomen!) De keuken is niet vuil, maar stinkend vuil. &lt;br /&gt;Maar de uitbaters zijn zo ongelofelijk vriendelijk en gastvrij… &lt;br /&gt;En waarom klagen? In dit hotel ‘verblijven’ ook enkele families met kinderen. Op hun éne kamer voeden ze hun ganse gezin op, in diezelfde keuken maken ze eten.&lt;br /&gt;We doen nog een kleine wandeling. Het belooft: Damascus ziert er heel gezellig uit.&lt;br /&gt;10 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Damascus&lt;br /&gt;Damascus is inderdaad een magnifieke stad! We verdwalen in de oude stad, de shouks…Je wordt opgenomen in het kosmopolitische. We eten op straat en ik laat me schrobben in de hammam.&lt;br /&gt; Welcome, welcome, what do you think about our country??&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;11 maart&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Damascus – Bosra&lt;br /&gt;De Egyptische ambassade is vandaag open. Voor we vertrekken willen we op aanraden van de Fransen die we ontmoetten in Persepolis, ons visum regelen. Het valt mee. Wanneer de ambassade opent om 9.30 h kunnen we ons paspoort binnengeven en kunnen het om 14.30 h weer afhalen. &lt;br /&gt;Intussen verkennen we de lokale markt en bevoorraden we weer voor enkele dagen. Je moet hier goed uit je doppen kijken! Soms vraagt de verkoper gewoon 10 maal de prijs! Een beetje meer mag wel, maar omdat we de Arabische cijfers kunnen lezen laten we ons niet doen!&lt;br /&gt;Om 14.30 h is het visum klaar. Alles in het Arabisch, ik kan er niets van lezen!&lt;br /&gt;Ik laat het vertalen, en het blijkt maar voor één maand, single entry. We vroegen duidelijk multiple! Eerst wil men het niet meer veranderen, maar ik geef me niet zo direct gewonnen. ‘We vulden het formulier heel duidelijk in en hebben écht een multiple nodig, omdat we vrienden bezoeken in Soedan en onze auto in Caïro achterlaten…’&lt;br /&gt;Ik word ontboden bij de consul. Een vriendelijk man. ‘Geen probleem, we veranderen het visum.’ Met dat kleine beetje geluk dat je elke dag moet hebben is ook dìt weer in orde.&lt;br /&gt;We lopen de toeristische dienst binnen om te informeren voor ons Jordaans visum. Ze bellen direct voor ons naar de Jordaanse ambassade, waar men antwoordt dat een multiple visum ook aan de grens kan verkregen worden. Ik heb er toch mijn twijfels over, maar we gaan het maar geloven…&lt;br /&gt;Naar Bosra is het niet ver. We vinden snel een goede slaapplaats en ontmoeten twee Fransen die op doorreis zijn. Na drie keer ‘vous prenez une petite goutte?’ gaan we binnen in hun grote ‘camping-car’. We blijven er twee uur praten en hebben direct veel bewondering voor deze mensen. Ze zijn beiden ver boven de zeventig, reisden de wereld rond nadat ze beiden hun goed betaalde job in Frankrijk lieten staan. Ze hebben drie kinderen en een bende kleinkinderen die ze regelmatig meenemen op reis en waarmee ze mailen als ze voor maanden weg zijn. Digitale fotografie? Comprimeren? Bien sur! Als ze horen dat je makkelijk kunt doorrijden tot India staat het direct op hun programma. Niet te geloven, sommige mensen worden in hun hart nooit oud!&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;12 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bosra – grens Jordanië&lt;br /&gt;De ruïnes van de oude stad zijn niet zo uitzonderlijk, maar het amfitheater wel. Het is bijna zo mooi als dat van Orange. En met de azuurblauwe lucht erboven…We verkennen de vele gangen die een echt doolhof vormen en proberen of het wel echt waar is dat als je fluistert beneden, je dit tot boven kunt horen…&lt;br /&gt;In de late namiddag rijden we weg uit Bosra, om een kampeerplaats in de natuur te zoeken. De laatste dagen zien we olie onder de auto, en daarom stoppen we eerst aan een garage om te controleren waar dit vandaan komt. Het is de dichting tussen het motorblok en het oliekarter. Een serieus lek, maar geen paniek. Misschien op te lossen in Caïro, dan kunnen we die dichting bestellen terwijl we in Afrika zijn. In het oog te houden, we zien wel.&lt;br /&gt;We vinden een mooie slaapplaats tussen de olijfbomen, langs een kleine weg.&lt;br /&gt;Toch niet zò klein, want er is wel een beetje passage. Mensen zwaaien, en zeggen een goeiendag tegen ons. Plots stopt een man op een motorfiets: ‘Waarom kom je niet bij ons slapen en eten?’ Maar zijn Engels is heel slecht, en ik wimpel het af. We willen wat op ons gemak zijn en de vele dagen verslag die we achterstaan aanvullen vòòr Koenraad bij ons is.&lt;br /&gt;Maar… Ik ben nog maar net begonnen op de laptop, of de man is daar terug met zijn broer, die wél Engels praat. &lt;br /&gt;-We blijven liever hier…&lt;br /&gt;-Ik zal mijn familie inlichten dat jullie geen tijd hebben om met ons te praten. Dat is heel erg spijtig.’&lt;br /&gt;-OK, we willen wel eens langs komen om te praten, maar we blijven niet eten en ook niet slapen, omdat we morgenvroeg in Jordanië moeten zijn.&lt;br /&gt;-No problem, kom maar mee…&lt;br /&gt;We worden in hun zitkamer ontvangen. De kachel wordt ontstoken, en je mag op de grond zitten of liggen zoals je dat wil, met of zonder kussen. En natuurlijk met de nodige the. We proeven verschillende soorten, en krijgen er een okkernotenmix bij. &lt;br /&gt;Vòòr ons zitten drie broers. Er is ook nog een vierde, die in Parijs studeert. Vader werkt in Koeweit omdat de lonen daar vele malen hoger zijn dan hier. Hun zonen, zelfs al zijn ze nog heel klein kunnen bijzitten, maar de vrouwen krijgen we niet te zien…&lt;br /&gt;Wij halen ons fotoboekje uit de  auto om onze kinderen te tonen en ook wat te vertellen over het leven in Europa. Als ze mij bezig zien in de keuken op een foto, vinden ze dit heel raar: &lt;br /&gt;-Dit is vrouwenwerk, het is beneden een man zijn waardigheid, een man rust terwijl de vrouw het eten klaarmaakt!&lt;br /&gt;-Bij ons is een man en een vrouw gelijk. &lt;br /&gt;-Bij ons ook, maar ze vervullen andere taken. (hum, hum, hoeveel hebben we dat al niet gehoord, zelfs in onze eigen godsdienst!)&lt;br /&gt;We komen bij een andere foto, waar Christine mij helpt om faiencetegels in de badkamer te plaatsen. Grote verwondering…&lt;br /&gt;Over godsdienst:&lt;br /&gt;-Elke godsdienst is voor ons gelijk, maar dan verder: ‘van een écht goede moslim kun je een vrede op zijn gezicht zien die niemand anders heeft…(Zò gelijk dus toch weer niet!) Toch moet je ook zeggen dat in alle moslimlanden ook Kristelijke kerken aanwezig zijn (zelfs in Iran !) Overal vind je Kristelijke wijken. De oproep voor ‘heilige oorlog’ die wij menen uit de koran te halen heeft hier dus geen betekenis. Moslims komen ons inderdaad over als heel vredelievend: ze begroeten je met ‘shalaam’ ( de vrede zij met u)&lt;br /&gt;Trouwens, ook in onze bijbel staan heel oorlogzuchtige passages. Als je ze er wil uithalen…Je moet alles in zijn tijd zien.&lt;br /&gt;Na godsdienst ligt politiek niet ver…&lt;br /&gt;We praten over de rol en de onmacht van de Europese Unie, van de Arabische landen en ook van de UNO.&lt;br /&gt;Ik druk de wens uit voor méér en betere politieke samenwerking tussen de Europese landen, om een tegengewicht te vormen op de wereld. Ik roep ook op voor een betere samenwerking tussen de Arabische landen en de Europese. Hebben, we niet een historische band? In de Romeinse tijd vormden we één wereld! Het is niet omdat we overwegend een andere godsdienst hebben dat we mekaar moeten bestrijden.&lt;br /&gt;Ik roep ook op voor begrip voor Israël, en zeg hen dat we wel vinden in Europa dat Israël écht geen toegevingen genoeg doet voor een duurzame vrede, maar dat het volledig negeren van de staat Israël, zoals Syrië dit doet ook nooit een oplossing kan geven… Als je vrede wil moet je vertrekken van de huidige situatie, en niet van die van honderd jaar terug toen Israël niet bestond. Zo heb je ook Joden die vinden dat de situatie van 2 000 jaar terug moet hersteld worden…&lt;br /&gt;Zonderling, hoe je aan een intussen rijk gevulde tafel ( we kunnen er niet van uit…) zoveel politieke problemen opgelost worden. We zijn het namelijk roerend eens!&lt;br /&gt;Mensen hebben hier vaak totaal verkeerde beelden over Europa!&lt;br /&gt;‘Is het waar dat kinderen de deur uitgaan als ze 18 worden en gewoon naar hun ouders nooit meer omkijken??’&lt;br /&gt;Wat later op de avond merken we dat de drie broers eigenlijk ook doodgraag naar Europa zouden komen om er enkele jaren te werken…&lt;br /&gt;‘We hoorden dat een schijnhuwelijk mogelijk is? Of, als je je paspoort wegwerpt kunnen ze toch niet weten waar je vandaan komt? Je kunt je toch verstoppen op een boerderij, en enkel werken, en nooit buiten komen?’&lt;br /&gt;We leggen goed uit dat dit gewoon fabeltjes zijn, en dat je inderdaad méér verdient in Europa, maar ook veel méér nodig hebt om te leven… We vertellen de wantoestanden bij zwart werk…&lt;br /&gt;‘We hebben een heel ander beeld van Europa, omdat we dit enkel kennen van in de film…’&lt;br /&gt;Na vier uur zijn we doodmoe. Er wordt heel erg aangedrongen om te blijven slapen, maar het is genoeg geweest. We wisselen ons emailadres uit en zoeken onze zelfde slaapplaats tussen de olijfbomen terug op.&lt;br /&gt;Maar… wat is dat ??? Een zelfde auto passeert ons zeker reeds vier maal, en dat op zo’n eenzame weg. Daarna weer, al toeterend, en nog eens. We zijn klaar wakker. De auto draait en stopt voor enkele minuten naast onze auto. Draait weer, en nog eens! Ik zit vliegensvlug achter het stuur, en we schéuren naar de hoofdweg…&lt;br /&gt;Tot aan de Jordaanse grens, waar we overnachten op de parking.   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;13 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Grens Syrië-Jordanië – Jerash&lt;br /&gt;Tijdens het ontbijt denken we na op wat gisteren gebeurde. Het is de tweede maal dat we hier zoiets tegenkomen, zonder voorgaande. En telkens nadat we een uitnodiging weigeren… Kan het, dat de drie broers kwaad zijn omdat we niet volledig ingaan op hun gastvrijheid? Gastvrijheid is hier iets heiligs. &lt;br /&gt;Je toont hier ook niet dat je kwaad bent, je doet iets anders. De auto wilde ons geen kwaad doen (anders doe je dit direct!), maar wel bang maken of pesten. Waarom wilde één van de broers persé zijn telefoonnummer geven bij ons vertrek (je weet nooit dat je hulp nodig hebt…!), alhoewel ik vele malen antwoordde dit niet nodig te hebben en het via email wel te kunnen ontvangen?  &lt;br /&gt;We zullen het nooit weten, maar plezant is het niet.&lt;br /&gt;De Syrische grensformaliteiten zijn in vijf minuten afgehandeld. &lt;br /&gt;Aan de Jordaanse kant hebben we tal van moeilijkheden.  Eerst en vooral kunnen we geen multiple entry krijgen. Wel een gewoon visum aan 10 JD (= ong 10€), voor 1 maand. Om je duim in je neusgat te breken! De informatie van hun eigen ambassade is dus verkeerd! We hebben bijna geen pagina’s meer over in ons paspoort, en dat betekent dus wéér een bladzijde extra… &lt;br /&gt;De verzekering kost ons 78 Jordaanse Dinar voor 3 maand. Ik kan de tarieven niet lezen, maar dit is veel te veel, omdat ze de auto als ‘van’ rekenen. Ik maak wel een uur van mijn voeten, de grote baas wordt erbij gehaad, er wordt gebeld naar Amman, maar het kan niet baten...&lt;br /&gt;Daarna nog 15 JD voor de invoer van de auto…Wat een duur landje!&lt;br /&gt;Op de vraag ‘Is dit diesel?’ blijf ik Oostindisch doof, maar schuif een papier naar voor waar niets op staat (ze kunnen welicht enkel ‘diesel’ lezen) De beambte ziet de term diesel niet staan en het is OK. Geen dieseltaks dus. Wat een meevaller, en ik loog ook niet!&lt;br /&gt;We rijden op ’t gemak Jordanië binnen. Het landschap is weer veel bergachtiger. Heel mooi, maar koud en regenachtig vandaag. &lt;br /&gt;Op internet is er nieuws van de kinderen, van OLVA, de mountainbikers… De nostalgie slaat weer toe:&lt;br /&gt;-Weet je dat ik naar huis verlang…&lt;br /&gt;-Niet klagen, he, binnen enkele dagen komt er een stuk van je huis naar jou!&lt;br /&gt;En binnen twee weken nog een groter stuk!&lt;br /&gt;-Jij hebt toch àltijd gelijk. Inch’ Allah…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;14 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jerash&lt;br /&gt;Het regent vandaag bijna de ganse dag pijpestelen en het is bitter koud. We zetten de verwarming goed aan en sorteren de ganse voormiddag foto’s, branden DVD’s, werken ons dagboek bij. Je moet er nu eenmaal toch eens tijd voor maken, en we willen het in orde hebben vòòr we Koenraad morgen oppikken op de luchthaven van Amman.&lt;br /&gt;Tussen de vlagen door bezoeken we de Romeinse stad Jerash. Indrukwekkend. We zijn nog nooit op een plaats geweest waar je zo’n mooi beeld krijgt van de opbouw van een stad uit die tijd omdat er veel intact is  gebleven. Liever slenterden we hier wat langer rond, maar na een paar uur zijn we verkleund van regen en koude, ja, en dit in Jordanië in de lente!&lt;br /&gt;We nemen weer dezelfde slaapplaats als gisteren en maken het ons gezellig warm…&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-1875569146236346179?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/1875569146236346179/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=1875569146236346179' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/1875569146236346179'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/1875569146236346179'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/03/1-maart-07-persepolis-shiraz-kamaraj_15.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-4758297684554286547</id><published>2007-03-15T12:38:00.000+01:00</published><updated>2007-03-15T12:40:00.941+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>1 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Persepolis – Shiraz – Kamaraj&lt;br /&gt;Midden in de nacht wordt op onze auto gebonsd! Als ik mijn ogen open doe zijn er lichten op ons gericht: politie! Of we ons niet enkele meter kunnen verzetten tot vlak voor het politiebureau, want dat is veiliger. Nee, dat is hier écht geen grap, en we verzetten ons dus enkele meters, terwijl het vriest dat het kraakt. De sterren en de bijna volle maan zinderen in de vorstlucht. Niet te geloven dat het tijdens de dag al zo warm is en dat de temperatuur toch nog onder nul duikt gedurende de nacht, zelfs al zijn we nog in Zuid Iran op 29° NB. Zo kun je eens aan den lijve ondervinden wat matigende zeeinvloed en opwarming door de Golfstroom in Europa op 50° NB wel is! Hier wordt de zeeinvloed afgeschermd door hoge bergen, vlak aan de kust. &lt;br /&gt;Gisteren is hier een Frans gezin toegekomen: ma, pa en twee kinderen. Ze richtten een truck in en zijn reeds drie jaar op reis. Het onderricht van de kinderen doen ze zelf, iedere morgen. Als ze terug thuiskomen volgt een examen voor een soort middenjury. Ze komen uit Afrika, net dezelfde weg die wij volgende maand willen afleggen, en kunnen ons allerlei bijzonderheden geven over de visa, de route en de mogelijkheden van het openbaar vervoer. Is me dat geluk hebben! We hadden nog heel wat twijfels over onze ‘langs-de-Nijl-tocht maar beslissen alles over land te doen: Van Egypte naar Soedan, daarna dwars door Ethiopië, naar Kenia. Zoveel mogelijk de Nijl volgen tot bij de bonnen. Uit Naïrobi vliegen we dan terug naar onze auto in Caïro. &lt;br /&gt;We hadden dit deel van de reis nog wat in het midden gelaten, omdat dit het moeilijkste en meest avontuurlijke wordt, en we dachten bij de planning: misschien zijn we naar het eind van het jaar reismoe en wat minder gemotiveerd? Maar niets is minder waar. We zijn weer goed op dreef en kunnen er maar niet genoeg van krijgen!&lt;br /&gt;De opgravingen van Persepolis zijn indrukwekkend als je ze in hun tijd ziet, want natuurlijk is er heel veel verwoest, door…Alexander De Grote. Ja, we hebben die al wel meerdere malen tegengekomen op onze reis! Toch ongelofelijk welk een rijk die Darius kon opbouwen, hier in dit gebied. De pracht en praal van de gebouwen geeft dit weer, samen met de vele basreliëfs, die het leven aan dit koningshof weergeven. We genieten van het geheel in de schitterende bergomgeving, onder een staalblauwe lucht. &lt;br /&gt;Rond de middag vertrekken we richting Shiraz, maar hebben geen zin nog eens twee moskees en een bazaar te bezoeken, en slaan de stad over recht naar de Perzische Golf. &lt;br /&gt;Omdat we bijna door onze voorraad eten uit Pakistan zitten stoppen we voor uitgebreide inkopen. Een hele waslijst. De jongeman begrijpt geen woord Engels en het duurt dus zijn tijd. Maar, als we willen betalen weigert de winkelier dit. Hebben we dit niet goed begrepen? Nee toch, ook na aandringen wil de man geen geld! We zijn te gast  in zijn land. Ik leg 20 000 Rial (zeker veel te weinig)  op de toonbank en wil vertrekken, maar niet te doen. We moeten het biljet weer opbergen. Een beetje beschaamd vertrekken we. Ja, we kunnen hier wel nog eens leren wat echte gastvrijheid is…&lt;br /&gt;We moeten volledig door het hooggebergte, richting kust. Machtige sneeuwtoppen omringen ons. Wellicht weer het mooiste wat we al zagen? Zo’n ongelofelijke ruwheid kwamen we nog nergens tegen! &lt;br /&gt;Er is veel verkeer en alles verloopt nogal traag. Ik haal een vrachtwagen in, over de volle streep.( nadat Christine zegt: je gaat hier toch niet voorbijsteken zeker?) Te laat zie ik ook de politiecombi in mijn spiegel. En halve kilometer verder worden we door 2 andere agenten tegengehouden. Ja, we weten hoe laat het is. Ik moet mijn internationaal rijbewijs afgeven. Hopelijks krijg ik het terug…Een boetebon wordt bovengehaald. &lt;br /&gt;-Excuseer, ik weet dat het niet mag, maar de vrachtwagen voor me reed heel traag, en ik had volledig zicht op de baan&lt;br /&gt;-In jouw land kan dit misschien, maar niet in Iran! Je rijdt hier rouwens veel te snel.&lt;br /&gt;-Nee, ook in België mag dit niet, en ik excuseer me voor die fout. Het zal in de toekomst niet meer gebeuren.&lt;br /&gt;De agenten blijven supervriendelijk tijdens het gesprek, en ik zie ze langzamerhand ontdooien. Het boeteboekje gaat weer dicht en ik krijg mijn rijbewijs terug…&lt;br /&gt;We schudden mekaar de hand, terwijl ik met de linker hand mijn hartstreek aanraak. Betekent hier: heel hartelijk bedankt!&lt;br /&gt;We blijven nu braafjes achter de vrachtwagens, en genieten des te meer van het adembenemende landschap. &lt;br /&gt;Bij de avondschemering slaan we een zandwegel in en kamperen in the middle of nowhere…!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;2 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kamaraj – Borazjan – Bandar Gonaveh - Bandar Deylam – Ahvaz – &lt;br /&gt;Dezful - Hoseyniyeh-ye’olya&lt;br /&gt;De zon is niet van de partij, vandaag. Integendeel, wanneer we de kust van de Perzische Golf naderen rijden we een dikke mistdeken in. Spijtig. We kunnen maar hier en daar een glimp van de kustlijn opvangen. Verder zien we dat de mist mede veroorzaakt wordt door de vele oliebronnen, waar de restgassen bovenaan verbrand worden. Ook de massale raffinage zorgt ervoor dat er op sommige plaatsen een prikkelende zwaveldamp hangt.&lt;br /&gt;We rijden het kustplaatsje Deylam binnen, en kopen vis op de plaatselijke markt.&lt;br /&gt;-Werk je misschien in de olieindustrie?&lt;br /&gt;-Nee, we zijn gewoon toeristen.&lt;br /&gt;-Oh, in dit geval geven we onze vis aan een cheap price. Welcome, welcome…!&lt;br /&gt;Intussen is Christine aan de praat geraakt met een vissersvrouw over…kinderen. Dit keer moet ze de duimen leggen. De vrouw heeft 6 kinderen, 3 zoons en 3  dochters.&lt;br /&gt;Het doet deugd op het strand te lopen en de branding te zien, te horen. Verder dan pootje baden durven we niet gaan. We zien niemand zwemmen, en zijn nu eenmaal in Iran…Het is nog steeds mistig boven zee. Jammer, want hier passeren alle tankers uit Irak, Iran en Koeweit. Dit is méér dan de helft van de wereldproduktie!&lt;br /&gt;De rest van de weg heeft weinig te bieden. Olievelden en nog eens olievelden, die door de verbranding van afvalgassen een dikke smog verspreiden. Een waar inferno: een rokend woestijnlandschap met vele vuurhaarden en olieleidingen. Ertussen zie nog het traditioneel leven: schaapherders hoeden de hun kuddes tussen de olieleidingen&lt;br /&gt;De Iraniërs laten het niet aan hun hart komen. Het is vrijdag en dus een vrije dag vandaag. Overal zie je families picknicken. De smog deert niet!&lt;br /&gt;We volgen hun voorbeeld, en slaan’s avonds als we al wat meer in het gebergte beland zijn een grintweg in. We vinden een mooie kampeerplaats en bakken ons visje  in een liefelijk valleitje.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;3 maart ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Hoseyniyeh-ye’olya – Pol-e-Doktar – Sarneh – Homeyl – Kermanshah – Sanandaj – Jonyan&lt;br /&gt;We ontwaken in ons privé valleitje bij een prachtige zonsopgang. Na het oplossen van de ochtendnevel rijden we onder een azuurblauwe lucht. Het landschap is weer subliem: de natuur is zwanger van de lente. We krijgen zelf ook een lentegevoel als we de vele schapekuddes de bergen zien intrekken met hebben en houwen: tenten, voedselvoorraad, ganzen, verse bébeetjes (geboren in de winter). Met stenen werpende pubers en honden houden de duizenden schapen in kudde… kortom, het zomer-nomadenleven is weer begonnen!&lt;br /&gt;We rijden steeds dieper het gebergte in, maar toch bolt de weg heel vlotjes. Hoger komen  we steeds meer tussen sneeuwtoppen, tot we volledig in de sneeuw rijden: enkel de weg is geruimd. Hier is het nog volop winter.  En dat in Iràn en in maart! De mensen in de dorpen hebben het hier bloedheet in de zomer en bitter koud in de winter. We klagen graag over het weer, maar als je hier eens op twee verschillende seizoenen passeert weet je dat we in Europa een gezegend klimaat hebben. &lt;br /&gt;Door de sneeuw vinden we moeilijk een slaapplaats. Het is al bijna volledig donker als we diep in de vallei enkele lichten van een dorpje zien. Daar moet een grintweg naartoe lopen…We slaan in en kunnen kamperen op een plaatsje naast de weg. Speciaal voor ons gemaakt, met zicht op de besneeuwde valleien,  volle maan bijbesteld…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;4maart ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jonyan – Bukan – Mahabad – Orumiyeh – Serdu (Turkse grens) – Esendere – Yuksekova - Akçali&lt;br /&gt;Vandaag is het maar een goeie 300 km meer naar de Turkse grens. Onze kilometerteller staat op 22 000 km, tijd om olie te verversen. En we hebben ook nog vele rials over, omdat Iran voor ons zo extreem goedkoop is: we wisselden voor onze ganse Irantrip 50€, en…hebben nog méér dan de helft over! &lt;br /&gt;De luchtfilter wordt ook gecontroleerd: vol woestijnzand! We hebben gelukkig een reserve mee. Bij de controle van de bandenspanning is één van de banden lager. Er steken twee stukken metaal in. We laten de twee gaten dichten en moeten aandringen om te ‘mogen’ betalen: ‘you are our guests…!’ &lt;br /&gt;Op onze terugroute zagen we een totaal ander Iran. Een Iran dat geen toerisme kent, maar ook geen jota Engels. We moeten van deze supergastvrije mensen weer eens afscheid nemen. Op vlak van kunst en cultuur is Iran wel de moeite waard, maar kom vooral naar hier omwille van de mensen en de grandioze landschappen…&lt;br /&gt;De Iraanse grensformaliteiten zijn in een kwartier geregeld. &lt;br /&gt;Het Turkse hek draait open. Welcome to Turkey!&lt;br /&gt;De grensformaliteiten zijn op zijn Turks: chaotisch. Eerst is de carnet de passage niet nodig, dan weer wel. Een stempel hier, een stempel daar… Een visum aanvragen… Het duurt 1,5 uur.&lt;br /&gt;Als we achterop kijken zien we nog de laatste berg van Iran, met 2 reuzegrote foto’s op de top: Khomeini en een andere ajathollah kijken je na: Let op! We zien alles wat je doet! Er valt toch iets van ons af… &lt;br /&gt;We komen hier een beetje thuis, en vallen veel minder op! De mensen hebben een veel blekere huidskleur, en onze auto past hier ook in het straatbeeld. Het weinig Turks dat we nog kennen van onze fietstocht komt snel terug, ook omdat we weer alles kunnen lezen in ons eigen alfabet. Je voelt je zoveel minder hulpeloos.&lt;br /&gt;Maar ook de huizen zijn veel mooier, en er zijn hier zowaar trottoirs in de straten. Ja, het doet deugd dat alles wat méér geordend en netter is.&lt;br /&gt;Het landschap is steeds méér besneeuwd, en ook echt weer adembenemend. Te midden van al dat moois vinden we een prachtige kampeerplaats. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;5 maart ’07 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Akçali – Cisre&lt;br /&gt;Door het tijdsverschil zijn we al van 4.30 h wakker vanmorgen. We maken een ochtendwandeling, want we hebben al de tijd vandaag. &lt;br /&gt;De route is heel ruw, en je ziet dat de dooi hier nog maar pas ingetreden is. De weg is geruimd, maar soms rijden we tussen twee muren sneeuw van wel 2 meter hoog. Door de vorst en de sneeuwlawines is het wegdek op veel plaatsen beschadigd: grote gaten, of soms voor de helft weggespoeld. Het is dus opletten geblazen, als je hier de ene bergpas na de andere moet nemen. Bovendien begint het weer te sneeuwen! We haasten ons de laatste hoge pas over, en gelukkig verandert de sneeuw daarna in regen.&lt;br /&gt;De weg vordert dus maar heel langzaam, ook door de vele checkpoints. Om de haverklap moeten we stoppen: paspoortcontrole, carnet… We worden ook ondervraagd: kennen we wel de gegevens van ons paspoort? Ook de auto wordt iedere keer helemaal doorzocht. Heel grondig. Er wordt op de deuren en de carrosserie geklopt om te horen of er niets aan de binnenkant opgeborgen zit. Met een spiegel wordt de onderkant gecontroleerd. Zelfs de pak tarwebloem wordt opengemaakt, en er wordt in de bloem gevoeld! ‘Hebben jullie een eigen wapen?’ &lt;br /&gt;Wanneer voor de tiende maal vandaag alle schoven en kasten opengetrokken worden is mijn geduld wel een beetje op:&lt;br /&gt;-Waarom controleren jullie ons nu al voor de tiende maal??&lt;br /&gt;-Sorry, maar we moeten dit doen. Zie je daar de overkant van de rivier?&lt;br /&gt;-Ja, je kunt door dit kleine riviertje waden.&lt;br /&gt;-Wel, dit is Irak! We kunnen de smokkel bijna niet onder controle houden. Ik ben van Istanbul en doe hier ook maar gewoon mijn legerdienst. Het is hier gevaarlijk…&lt;br /&gt;Tegen de avond arriveren we dan toch in Cisre. We zoeken een internetcafé om nog wat bijzonderheden op te zoeken ivm de visa van de volgende landen waar we doormoeten. Kun je multiple entry’s krijgen, want ons paspoort is bijna vol? Hoe zit het met Israël? Nemen we de boot naar Turkije in juni, of rijden we terug?&lt;br /&gt;Eerste probleem: aan de Syrische grens moeten we de dieseltaks betalen in dollar. We hebben er geen meer, dus moeten we morgen eerst wisselen. &lt;br /&gt;Wat de toegang tot Israël betreft (Je mag Syrië niet meer binnen als je in Israël bent geweest!): als je de Jordaanse grensovergang over de King Husseinbridge neemt, beschouwt Jordanië dit als eigen bezet gebied, de westbank, en komt er geen stempel in je paspoort. Voor Israël moet je geen visum hebben, dus dat wil zeggen als je langs dezelfde grensovergang weer buiten gaat is het net alsof je Jordanië nooit verlaten hebt. De Syriërs kunnen het dus niet zien in je paspoort, en je kunt lekker terugrijden. De auto kan echter niet mee, omdat de Israëli hem in je paspoort inschrijven! We laten hem dus in Jordanië als we Israël bezoeken.&lt;br /&gt;Het visum voor Egypte en Jordanië kan multiple, waardoor we ook bladzijden genoeg komen in ons paspoort. &lt;br /&gt;Het duurt ùren om alles op te zoeken…&lt;br /&gt;We nemen hier in de stad een hotelletje en gaan een kebab eten. Voor de Haman is het al wat laat.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;6 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Cisre – Nusaybin ( grens Syrië) - Hasibah&lt;br /&gt;We raken redelijk vlotjes aan dollars: eerst met ATM Turkish lira, en daarna omwisselen. &lt;br /&gt;De wegcontroles zijn minder uitgebreid nu, maar toch: paspoort, carnet…&lt;br /&gt;Op naar de Syrische grens! We zien al van ver de prikkeldraadafsluiting en de wachttorens.&lt;br /&gt;We rijden Nusaybin binnen. De grensovergang is bijna niet te vinden. Na meerdere keren vragen rijden we het hekken van het niemandsland binnen. We zijn ongeveer de enige klanten!&lt;br /&gt;De Turken doen weer ingewikkeld/ Je weet nooit welke kantoren je nu eigenlijk moet passeren. We hebben blijkbaar een stempel te kort gekregen bij het binnenkomen. Na veel vriendelijk gepalaver krijgen we de paspoorten terug, elk met een reçu van 5 YTL. Ik weiger te betalen, waarop de beambte zegt:’jamaar je bent vrij dit te geven, het is voor de armen.’ Hum. Het ruikt naar corruptie, en we betalen niet!&lt;br /&gt;Na een uur draait het Turkse hek open.De Syriërs willen direct ons paspoort en carnet. We geven het af. Maar o wee. Ze sluiten gewoon weer hun hekken! We staan tussen Turkije en Syrië! Wat zal het hier worden?? &lt;br /&gt;Na 10 minuten: welcome to Syria! We mogen binnenrijden. De formaliteiten verlopen heel correct. We moeten een dieseltaks betalen( 100 USD)voor eeen week en ook direct een verzekering ( 38 USD, 3 weken), en de customs (8 USD). We wisselen naar Syrische pond in de staatsbank. Men wil hier enkel dollar wisselen, maar indien je al Syrische pond hebt is dit makkelijker.&lt;br /&gt;Alles verloopt heel correct en in volle vriendelijkheid. We drinken voortdurend thé ( de whisky van de Arabische wereld, zoals een beambte lachend zegt)&lt;br /&gt;De auto wordt gecontroleerd, maar niet grondig. Bij het zien van onze vele boeken: ‘Hebben jullie boeken over politieke onderwerpen?’ (De reisgids over Israël hebben we goed opgeborgen!)&lt;br /&gt;Na alle formaliteiten wuift het personeel ons uit en heet ons hartelijk welkom:&lt;br /&gt;-We vinden de Europese mensen heel sympathiek, maar hun regering vaak een beetje minder.&lt;br /&gt;-Wellicht verwar je met de VS&lt;br /&gt;-Nee, we moeten een onderscheid maken. Amerika en Blair! In België is de regering OK!&lt;br /&gt;-Dat dacht ik al!&lt;br /&gt;We nemen allerhartelijkst afscheid. Welcome to Syria…&lt;br /&gt;Telkens als we de weg vragen: welcome, welcome…&lt;br /&gt;Het landschap is veel groener en dichter bevolkt. Hier in de Noordoosthoek tegen de grens met Irak dachten we enkel woestijn tegen te komen.&lt;br /&gt;We slaan een zandwegel in. Direct komen mensen naar ons toe. ‘Slaap in ons huis… Je komt toch eten bij ons…’&lt;br /&gt;Maar we zijn moe, en slaan het af: ‘tomorrow chai…?’&lt;br /&gt;We rijden de nu toch wel woestijnvlakte in. De sunset is adembenemend…&lt;br /&gt;Tegen de ondergaande zon zien we een motorfiets met twee mannen afkomen. ’t Is nie waar he, we willen eens gerustgelaten worden!&lt;br /&gt;‘Je kunt bij ons slapen! Het zal hier erg koud zijn, vannacht!! Kom bij  ons eten…&lt;br /&gt;Wellicht zijn we onbeleefd, maar soms, na 8 maanden wil je ook echt eens alléén zijn… Maar  wat een gastvrijheid…!&lt;br /&gt;De sterrenhemel is zò klaar. Christine waant zich een dansende derwish onder de sterren maar komt met een harde smak weer tot de werkelijkheid…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;7 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Hasibah – Palmyra&lt;br /&gt;Het blijkt toch niet zo’n goede slaapplaats. Om 1.30 h, midden in de nacht worden we gewekt door een groepje jongeren: ‘hey, hey, we want to help you…’ Wellicht hebben ze er uren over gedaan om iets te bedenken en zijn ze zò nieuwsgierig dat ze wel iets moesten uitvinden. Wij van onze kant zijn niet op ons gemak. Hier zo helemaal alleen en midden in de nacht! Ons hart bonst in onze keel! We gebaren dat we doorslapen en wachten eerst af. We kunnen dan nog altijd vlug wegrijden als er iets agressiefs gebeurt…Na enkele minuten druipen ze af. Oef. Het was dus inderdaad helemaal niet kwaad bedoeld. &lt;br /&gt;‘s Morgens is het tijd om de laatste envelloppe van thuis open te trekken! Het is een foto van Koenraad: ‘Ma en pa, binnen een week ben ik bij jullie! Je moet maar een mail zenden als je iets héél graag zou willen van thuis. Ik breng het voor jullie mee naar Amman!’ Als we dààraan beginnen denken kunnen we een half vliegtuig vullen, te beginnen met onze ganse familie en al de vrienden en kennissen. Maar een stukje braadworst van onze eigen varkentjes is misschien beter haalbaar. En de koffiefilter om weer échte koffie te drinken, en misschien een fles wijn om het weerzien met Koenraad te vieren?&lt;br /&gt;We trekken verder door de woestijn. Hoe de vele schapen hier voedsel genoeg vinden is voor ons een raadsel. Het landschap is mooi, maar wat eentonig. De mensen wonen in kleine lemen huisjes en leven van de schapenteelt. Je ziet dat ze  niet veel hebben, zoals de meeste mensen op onze wereldbol.&lt;br /&gt;We proberen geld te wisselen in Dayr az Zawr, maar alle banken zijn toevallig ‘out of service’, en op de zwarte markt is de koers een heel suk minder.We kunnen dus geen diesel kopen, maar raken net tot in Palmyra. Je merkt direct dat het hier heel toeristisch is. We kunnen direct Euro’s wisselen en gooien de dieseltank vol. Omdat de enige camping gesloten is, zoeken we ons een kampeerplaats tussen de bergen, schaapherders en ruïnes van Palmyra, en besluiten enkele uren rust te nemen, gewoon genieten in het voorjaarszonnetje. We koken eerst (Iraanse en Turkse groenten, Syrisch schapegehakt) en beklimmen daarna de berg naast onze auto. De zon gaat langzaam onder. Onze auto staat beneden, en rondom ons hoor je de bleirende schapen, opgevrolijkt door de klepperende halsbelletjes. De zon is onder, een moment om vast te houden en te koesteren… Venus verschijnt, en daarna de eerst sterren van Orion. We genieten ervan. Genieten van die kleine dingen is iets wat we de laatste tijd weinig deden. Door het heel hoge reistempo, en vooral, waar je ook komt, je bent nooit op je gemak: iedereen wil je zien, wil met je praten, wil spullen verkopen. Nu zitten we hier eens alleen. Je hoort de stilte.&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;8 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Palmyra&lt;br /&gt;De ruïnes van Palmyra zijn ronduit schitterend! We verkennen op ons gemak de volledige site. We wandelen in het lentezonnetje en laten de verbeelding zijn werk doen, want bij zo’n ruïnes heb je dit natuurlijk altijd nodig. De grootsheid van de gebouwen is indrukwekkend, zeker als je het in zijn tijd plaatst. Niet te geloven welk een beschaving er hier al was, duizenden jaren geleden!&lt;br /&gt;We nemen dezelfde slaapplaats als gisteren. Het pastoraal landschap doet deugd aan het hart: een schapekudde wordt hier vlak voor onze neus gehoed door een jongen van een jaar of veertien. Plots loopt een lam weg en raakt achter een rots. En een schaap is dan zo dom dat het over die rots naar de kudde terugwil, in plaats van terug te keren. De jongen komt erachter. Het is een bijbeltafereel dat zich afspeelt vlak voor je ogen: ook dat ene schaap wordt gered. Maar wel een beetje minder zachtzinnig: het dier krijgt een steentje naar zijn kop, zodat het in de juiste richting wegspringt.  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Palmyra – Damascus&lt;br /&gt;Het is vrijdag en rustdag, een ideale dag om een grootstad als Damascus binnen te rijden. Het kampeerterrein, ligt nogal ver van het centrum, en is ook duurder dan een simpele hotelkamer. We nemen dus een kamer. Weer een belevenis op zich. Vijf verdiepingen hoog in een goor gebouw. Ja, de plaaster valt van de muur, en er is nog wat schimmel erbij. Warme douches? Jawel meneer! Binnen 2 uur, we moeten eerst de kachel aansteken.(dan heb ik al lang een koude genomen!) De keuken is niet vuil, maar stinkend vuil. &lt;br /&gt;Maar de uitbaters zijn zo ongelofelijk vriendelijk en gastvrij… &lt;br /&gt;En waarom klagen? In dit hotel ‘verblijven’ ook enkele families met kinderen. Op hun éne kamer voeden ze hun ganse gezin op, in diezelfde keuken maken ze eten.&lt;br /&gt;We doen nog een kleine wandeling. Het belooft: Damascus ziert er heel gezellig uit.&lt;br /&gt;10 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Damascus&lt;br /&gt;Damascus is inderdaad een magnifieke stad! We verdwalen in de oude stad, de shouks…Je wordt opgenomen in het kosmopolitische. We eten op straat en ik laat me schrobben in de hammam.&lt;br /&gt; Welcome, welcome, what do you think about our country??&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;11 maart&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Damascus – Bosra&lt;br /&gt;De Egyptische ambassade is vandaag open. Voor we vertrekken willen we op aanraden van de Fransen die we ontmoetten in Persepolis, ons visum regelen. Het valt mee. Wanneer de ambassade opent om 9.30 h kunnen we ons paspoort binnengeven en kunnen het om 14.30 h weer afhalen. &lt;br /&gt;Intussen verkennen we de lokale markt en bevoorraden we weer voor enkele dagen. Je moet hier goed uit je doppen kijken! Soms vraagt de verkoper gewoon 10 maal de prijs! Een beetje meer mag wel, maar omdat we de Arabische cijfers kunnen lezen laten we ons niet doen!&lt;br /&gt;Om 14.30 h is het visum klaar. Alles in het Arabisch, ik kan er niets van lezen!&lt;br /&gt;Ik laat het vertalen, en het blijkt maar voor één maand, single entry. We vroegen duidelijk multiple! Eerst wil men het niet meer veranderen, maar ik geef me niet zo direct gewonnen. ‘We vulden het formulier heel duidelijk in en hebben écht een multiple nodig, omdat we vrienden bezoeken in Soedan en onze auto in Caïro achterlaten…’&lt;br /&gt;Ik word ontboden bij de consul. Een vriendelijk man. ‘Geen probleem, we veranderen het visum.’ Met dat kleine beetje geluk dat je elke dag moet hebben is ook dìt weer in orde.&lt;br /&gt;We lopen de toeristische dienst binnen om te informeren voor ons Jordaans visum. Ze bellen direct voor ons naar de Jordaanse ambassade, waar men antwoordt dat een multiple visum ook aan de grens kan verkregen worden. Ik heb er toch mijn twijfels over, maar we gaan het maar geloven…&lt;br /&gt;Naar Bosra is het niet ver. We vinden snel een goede slaapplaats en ontmoeten twee Fransen die op doorreis zijn. Na drie keer ‘vous prenez une petite goutte?’ gaan we binnen in hun grote ‘camping-car’. We blijven er twee uur praten en hebben direct veel bewondering voor deze mensen. Ze zijn beiden ver boven de zeventig, reisden de wereld rond nadat ze beiden hun goed betaalde job in Frankrijk lieten staan. Ze hebben drie kinderen en een bende kleinkinderen die ze regelmatig meenemen op reis en waarmee ze mailen als ze voor maanden weg zijn. Digitale fotografie? Comprimeren? Bien sur! Als ze horen dat je makkelijk kunt doorrijden tot India staat het direct op hun programma. Niet te geloven, sommige mensen worden in hun hart nooit oud!&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;12 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bosra – grens Jordanië&lt;br /&gt;De ruïnes van de oude stad zijn niet zo uitzonderlijk, maar het amfitheater wel. Het is bijna zo mooi als dat van Orange. En met de azuurblauwe lucht erboven…We verkennen de vele gangen die een echt doolhof vormen en proberen of het wel echt waar is dat als je fluistert beneden, je dit tot boven kunt horen…&lt;br /&gt;In de late namiddag rijden we weg uit Bosra, om een kampeerplaats in de natuur te zoeken. De laatste dagen zien we olie onder de auto, en daarom stoppen we eerst aan een garage om te controleren waar dit vandaan komt. Het is de dichting tussen het motorblok en het oliekarter. Een serieus lek, maar geen paniek. Misschien op te lossen in Caïro, dan kunnen we die dichting bestellen terwijl we in Afrika zijn. In het oog te houden, we zien wel.&lt;br /&gt;We vinden een mooie slaapplaats tussen de olijfbomen, langs een kleine weg.&lt;br /&gt;Toch niet zò klein, want er is wel een beetje passage. Mensen zwaaien, en zeggen een goeiendag tegen ons. Plots stopt een man op een motorfiets: ‘Waarom kom je niet bij ons slapen en eten?’ Maar zijn Engels is heel slecht, en ik wimpel het af. We willen wat op ons gemak zijn en de vele dagen verslag die we achterstaan aanvullen vòòr Koenraad bij ons is.&lt;br /&gt;Maar… Ik ben nog maar net begonnen op de laptop, of de man is daar terug met zijn broer, die wél Engels praat. &lt;br /&gt;-We blijven liever hier…&lt;br /&gt;-Ik zal mijn familie inlichten dat jullie geen tijd hebben om met ons te praten. Dat is heel erg spijtig.’&lt;br /&gt;-OK, we willen wel eens langs komen om te praten, maar we blijven niet eten en ook niet slapen, omdat we morgenvroeg in Jordanië moeten zijn.&lt;br /&gt;-No problem, kom maar mee…&lt;br /&gt;We worden in hun zitkamer ontvangen. De kachel wordt ontstoken, en je mag op de grond zitten of liggen zoals je dat wil, met of zonder kussen. En natuurlijk met de nodige the. We proeven verschillende soorten, en krijgen er een okkernotenmix bij. &lt;br /&gt;Vòòr ons zitten drie broers. Er is ook nog een vierde, die in Parijs studeert. Vader werkt in Koeweit omdat de lonen daar vele malen hoger zijn dan hier. Hun zonen, zelfs al zijn ze nog heel klein kunnen bijzitten, maar de vrouwen krijgen we niet te zien…&lt;br /&gt;Wij halen ons fotoboekje uit de  auto om onze kinderen te tonen en ook wat te vertellen over het leven in Europa. Als ze mij bezig zien in de keuken op een foto, vinden ze dit heel raar: &lt;br /&gt;-Dit is vrouwenwerk, het is beneden een man zijn waardigheid, een man rust terwijl de vrouw het eten klaarmaakt!&lt;br /&gt;-Bij ons is een man en een vrouw gelijk. &lt;br /&gt;-Bij ons ook, maar ze vervullen andere taken. (hum, hum, hoeveel hebben we dat al niet gehoord, zelfs in onze eigen godsdienst!)&lt;br /&gt;We komen bij een andere foto, waar Christine mij helpt om faiencetegels in de badkamer te plaatsen. Grote verwondering…&lt;br /&gt;Over godsdienst:&lt;br /&gt;-Elke godsdienst is voor ons gelijk, maar dan verder: ‘van een écht goede moslim kun je een vrede op zijn gezicht zien die niemand anders heeft…(Zò gelijk dus toch weer niet!) Toch moet je ook zeggen dat in alle moslimlanden ook Kristelijke kerken aanwezig zijn (zelfs in Iran !) Overal vind je Kristelijke wijken. De oproep voor ‘heilige oorlog’ die wij menen uit de koran te halen heeft hier dus geen betekenis. Moslims komen ons inderdaad over als heel vredelievend: ze begroeten je met ‘shalaam’ ( de vrede zij met u)&lt;br /&gt;Trouwens, ook in onze bijbel staan heel oorlogzuchtige passages. Als je ze er wil uithalen…Je moet alles in zijn tijd zien.&lt;br /&gt;Na godsdienst ligt politiek niet ver…&lt;br /&gt;We praten over de rol en de onmacht van de Europese Unie, van de Arabische landen en ook van de UNO.&lt;br /&gt;Ik druk de wens uit voor méér en betere politieke samenwerking tussen de Europese landen, om een tegengewicht te vormen op de wereld. Ik roep ook op voor een betere samenwerking tussen de Arabische landen en de Europese. Hebben, we niet een historische band? In de Romeinse tijd vormden we één wereld! Het is niet omdat we overwegend een andere godsdienst hebben dat we mekaar moeten bestrijden.&lt;br /&gt;Ik roep ook op voor begrip voor Israël, en zeg hen dat we wel vinden in Europa dat Israël écht geen toegevingen genoeg doet voor een duurzame vrede, maar dat het volledig negeren van de staat Israël, zoals Syrië dit doet ook nooit een oplossing kan geven… Als je vrede wil moet je vertrekken van de huidige situatie, en niet van die van honderd jaar terug toen Israël niet bestond. Zo heb je ook Joden die vinden dat de situatie van 2 000 jaar terug moet hersteld worden…&lt;br /&gt;Zonderling, hoe je aan een intussen rijk gevulde tafel ( we kunnen er niet van uit…) zoveel politieke problemen opgelost worden. We zijn het namelijk roerend eens!&lt;br /&gt;Mensen hebben hier vaak totaal verkeerde beelden over Europa!&lt;br /&gt;‘Is het waar dat kinderen de deur uitgaan als ze 18 worden en gewoon naar hun ouders nooit meer omkijken??’&lt;br /&gt;Wat later op de avond merken we dat de drie broers eigenlijk ook doodgraag naar Europa zouden komen om er enkele jaren te werken…&lt;br /&gt;‘We hoorden dat een schijnhuwelijk mogelijk is? Of, als je je paspoort wegwerpt kunnen ze toch niet weten waar je vandaan komt? Je kunt je toch verstoppen op een boerderij, en enkel werken, en nooit buiten komen?’&lt;br /&gt;We leggen goed uit dat dit gewoon fabeltjes zijn, en dat je inderdaad méér verdient in Europa, maar ook veel méér nodig hebt om te leven… We vertellen de wantoestanden bij zwart werk…&lt;br /&gt;‘We hebben een heel ander beeld van Europa, omdat we dit enkel kennen van in de film…’&lt;br /&gt;Na vier uur zijn we doodmoe. Er wordt heel erg aangedrongen om te blijven slapen, maar het is genoeg geweest. We wisselen ons emailadres uit en zoeken onze zelfde slaapplaats tussen de olijfbomen terug op.&lt;br /&gt;Maar… wat is dat ??? Een zelfde auto passeert ons zeker reeds vier maal, en dat op zo’n eenzame weg. Daarna weer, al toeterend, en nog eens. We zijn klaar wakker. De auto draait en stopt voor enkele minuten naast onze auto. Draait weer, en nog eens! Ik zit vliegensvlug achter het stuur, en we schéuren naar de hoofdweg…&lt;br /&gt;Tot aan de Jordaanse grens, waar we overnachten op de parking.   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;13 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Grens Syrië-Jordanië – Jerash&lt;br /&gt;Tijdens het ontbijt denken we na op wat gisteren gebeurde. Het is de tweede maal dat we hier zoiets tegenkomen, zonder voorgaande. En telkens nadat we een uitnodiging weigeren… Kan het, dat de drie broers kwaad zijn omdat we niet volledig ingaan op hun gastvrijheid? Gastvrijheid is hier iets heiligs. &lt;br /&gt;Je toont hier ook niet dat je kwaad bent, je doet iets anders. De auto wilde ons geen kwaad doen (anders doe je dit direct!), maar wel bang maken of pesten. Waarom wilde één van de broers persé zijn telefoonnummer geven bij ons vertrek (je weet nooit dat je hulp nodig hebt…!), alhoewel ik vele malen antwoordde dit niet nodig te hebben en het via email wel te kunnen ontvangen?  &lt;br /&gt;We zullen het nooit weten, maar plezant is het niet.&lt;br /&gt;De Syrische grensformaliteiten zijn in vijf minuten afgehandeld. &lt;br /&gt;Aan de Jordaanse kant hebben we tal van moeilijkheden.  Eerst en vooral kunnen we geen multiple entry krijgen. Wel een gewoon visum aan 10 JD (= ong 10€), voor 1 maand. Om je duim in je neusgat te breken! De informatie van hun eigen ambassade is dus verkeerd! We hebben bijna geen pagina’s meer over in ons paspoort, en dat betekent dus wéér een bladzijde extra… &lt;br /&gt;De verzekering kost ons 78 Jordaanse Dinar voor 3 maand. Ik kan de tarieven niet lezen, maar dit is veel te veel, omdat ze de auto als ‘van’ rekenen. Ik maak wel een uur van mijn voeten, de grote baas wordt erbij gehaad, er wordt gebeld naar Amman, maar het kan niet baten...&lt;br /&gt;Daarna nog 15 JD voor de invoer van de auto…Wat een duur landje!&lt;br /&gt;Op de vraag ‘Is dit diesel?’ blijf ik Oostindisch doof, maar schuif een papier naar voor waar niets op staat (ze kunnen welicht enkel ‘diesel’ lezen) De beambte ziet de term diesel niet staan en het is OK. Geen dieseltaks dus. Wat een meevaller, en ik loog ook niet!&lt;br /&gt;We rijden op ’t gemak Jordanië binnen. Het landschap is weer veel bergachtiger. Heel mooi, maar koud en regenachtig vandaag. &lt;br /&gt;Op internet is er nieuws van de kinderen, van OLVA, de mountainbikers… De nostalgie slaat weer toe:&lt;br /&gt;-Weet je dat ik naar huis verlang…&lt;br /&gt;-Niet klagen, he, binnen enkele dagen komt er een stuk van je huis naar jou!&lt;br /&gt;En binnen twee weken nog een groter stuk!&lt;br /&gt;-Jij hebt toch àltijd gelijk. Inch’ Allah…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;14 maart ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jerash&lt;br /&gt;Het regent vandaag bijna de ganse dag pijpestelen en het is bitter koud. We zetten de verwarming goed aan en sorteren de ganse voormiddag foto’s, branden DVD’s, werken ons dagboek bij. Je moet er nu eenmaal toch eens tijd voor maken, en we willen het in orde hebben vòòr we Koenraad morgen oppikken op de luchthaven van Amman.&lt;br /&gt;Tussen de vlagen door bezoeken we de Romeinse stad Jerash. Indrukwekkend. We zijn nog nooit op een plaats geweest waar je zo’n mooi beeld krijgt van de opbouw van een stad uit die tijd omdat er veel intact is  gebleven. Liever slenterden we hier wat langer rond, maar na een paar uur zijn we verkleund van regen en koude, ja, en dit in Jordanië in de lente!&lt;br /&gt;We nemen weer dezelfde slaapplaats als gisteren en maken het ons gezellig warm…&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-4758297684554286547?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/4758297684554286547/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=4758297684554286547' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/4758297684554286547'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/4758297684554286547'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/03/1-maart-07-persepolis-shiraz-kamaraj.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-498310099808639137</id><published>2007-03-03T12:23:00.000+01:00</published><updated>2007-03-03T12:27:20.102+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>13 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jaipur&lt;br /&gt;De oude stad Jaipur is India op zijn best! Natuurlijk bezoeken we een aantal mooie gebouwen, en staan we verwonderd over de nauwkeurigheid van de sterrekundige metingen in het 300 jaar oude observatorium. Ook bewonderen we de grootste zonnewijzer ter wereld met een nauwkeurigheid tot op 2 seconden!&lt;br /&gt;Maar, wat Jaipur echt interessant maakt is je verliezen in de kleine straatjes, kris kras... Chapati smullen met… we weten het niet.(je voelt het branden in je darmen: een goede ontsmetting van het drinkwater hier?)  Tussen moeder varken met haar kleintjes laveren. Waarvan de loslopende koeien hier leven? Kinderen roepen ons na om hun Engels te oefenen: ‘What is your name?’ Of, ‘Do you have chewing gum?’&lt;br /&gt;We klimmen naar de burcht voor de sunset. Een groepje studenten spreekt ons aan: ‘grandpa…’ Ze kennen goed Engels, we praten en lachen. Nee, het is niet al armoede in India! &lt;br /&gt;We zien de zon ondergaan over Jaipur. Huizen zo ver je kunt kijken, in een romantische rode gloed. Daar beneden één kolkende massa van geluiden: dieren, mensen, auto’s…Léven! Met de telelens vergroten we uit: voetballende kinderen. ‘Ah, jullie komen uit België? Het land van Cleysters!’&lt;br /&gt;Keuvelende mensen, een vrouw doet de was, varkens scharrelen in de hòpen vuil. De verstopte rioleringen. De stank.&lt;br /&gt;Dan huilen weer op één moment alle minaretten en overtroeven de gongs en bellen van de duizenden Bouddhistische en Hindoeïstische  tempels. Een magisch moment, om zo lang mogelijk te koesteren.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;14 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jaipur – Pushkar&lt;br /&gt;Vòòr we vertrekken willen we eerst het verslag en de foto’s van de laatse 2 maanden afwerken. Het is vaak nachtwerk geworden om alles bij te houden, maar kom, we zijn éindelijk bijgebeend. Proberen zo te houden, nu. &lt;br /&gt;We branden 8 fotoCD’s, die in een envelloppe naar huis gaan. Het verslag sturen we door op onze website. Intussen is het al na de middag. Net tijd om iedereen uit bed te bellen thuis. Het doet deugd iedereen eens te horen…!&lt;br /&gt;Naar Pushkar is het maar een paar uur rijden over een voortreffelijke, rustige weg.&lt;br /&gt;Pushkar is een Hindoeplaats. Er is een heilige vijver waar je kunt bidden. Hum. Het loopt er vol van de verlichte westerlingen, de één al raarder uitgedost dan de andere. Meestal met verlichtingssmile incluis: het nirwana reeds bereikt op deze planeet.&lt;br /&gt;De commercie draait: yoga, massage, meditatie,… &lt;br /&gt;In zo’n oorden word je niet met rust gelaten. Of we het nu willen of niet, we moeten een ritueel ondergaan, aan de vijver. Een heilig man staat me bij: Ik moet een aantal (voor mij onverstaanbare ) woorden in het sanskriet nazeggen. Er worden  op mijn opengevouwen handen bloemen, rijst en een aantal andere kruiden gelegd. Na alle wensen voor mezelf, familie en vrienden moet je de boel in de vijver gooien. Daarna worden je handen besprenkeld met heilig vijverwater. Rond mijn rechter pols komt een geel-en oranje armbandje(teken voor de andere heilige mannen: laat die nu maar verder met rust!) &lt;br /&gt;-Enkel heilige  mannen kunnen dit ritueel uitvoeren. Het verlicht je karma.&lt;br /&gt;-Oh ja?&lt;br /&gt;-Je voelt het geluk door je stromen!&lt;br /&gt;-Ik voel geen verschil met tien minuten geleden.&lt;br /&gt;-Dit komt omdat het laatste stuk van het ritueel nog niet af is: je hebt nog geen donatie gegeven. Uit welk land kom je?&lt;br /&gt;-Uit België, Europa.&lt;br /&gt;-Belgen zijn zeer goede mensen. Meestal geven ze minstens 10 Euro. Dit is voor de heilige plaats hier en voor de armen.&lt;br /&gt;-Ik zou niet weten waarom ik een donatie moet geven. Je hebt me bijna verplicht dit ritueel te ondergaan. Ik heb er helemaal niet om gevraagd. &lt;br /&gt;-Iedereen geeft een donatie, achteraf!&lt;br /&gt;-Wel dan ben ik de eerste die dat niet doet.&lt;br /&gt;-Geef jij dan nooit iets?&lt;br /&gt;-Jawel, maar dat zijn jouw zaken niet. Ik geef wanneer ik dat wil en aan wie ik zelf wil, en dat is toevallig niet aan jou!&lt;br /&gt;-Jij maakt onze rituelen belachelijk.&lt;br /&gt;-Oh ja? Ik zal je eens wat zeggen man. Je ziet er helemaal niet meer zo heilig uit. Ik dacht altijd dat heilige mannen zich niet boos maakten?&lt;br /&gt;-Dit is een serieuze zaak!!! Iederéén geeft!&lt;br /&gt;-Och, dan ben ik toch in iets de eerste.&lt;br /&gt;Ik stap op en laat hem verder in zijn eentje sudderen. &lt;br /&gt;Christine heeft met een ander heilig man hetzelfde tegengekomen, maar ze heeft er zich makkelijk vanaf gemaakt: ‘sorry, mijn man heeft de portemonnee’, en intussen heeft mijn heilige man al geseind dat het een dubbele njet is…&lt;br /&gt;We wandelen de heuvel op naar de Saraswati tempel voor de sunset, maar lopen wat verloren. Je komt direct in volkswijken, tussen de armoede. Toch zijn mensen heel vriendelijk. Kinderen komen naar ons toe, willen op de foto. Alles is er ongelofelijk vuil. Het doet pijn, zoiets went nooit.&lt;br /&gt;Vanop de heuvel zie je de ganse omgeving van Pushkar. Het is prachtig: een witte stad in een geelbruin woestijnlandschap. De rode gloed van de ondergaande zon overschildert alles. Elke dag bonst het in je hoofd: waarom is er in zo’n mooie wereld zoveel miserie?&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;  15 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Pushkar – Almer – Bar – Jodhpur&lt;br /&gt;Het landschap wordt steeds droger. We rijden door een soort woestijnsteppe. De dorpen zijn heel vriendelijk. Mensen hebben niet veel, maar er is ook geen zichtbare miserie.&lt;br /&gt;De burcht van Jodhpur zie je al van ver liggen. Het is de mooiste versterkte rots die we tot nu toe zagen. We beklimmen de heuvel en genieten van het prachtige landschap: een blauwe stad in de woestijn. De stad is weer zo’n gezellig mierennest: een eindeloze bazaar. Roepen, verkopen, een praatje maken met…&lt;br /&gt;Maar als de avond valt zie je weer de bittere armoede. Honderden mensen hebben geen dak boven hun hoofd. Ze brengen de dag door met schooien, eten zoeken in  de hopen vuil van de stad. ’s Avonds draaien ze zich in een deken en slapen op het trottoir.&lt;br /&gt;Ik zie een oude man slapen met zijn hoofd op de drempel van een huis: zijn dagelijks kussen. Terwijl we passeren doet hij zijn ogen open en kijkt me aan. En blik die door merg en been gaat, en die je nooit meer kunt vergeten.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;16 februari ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jodhpur – Jaiselmer&lt;br /&gt;De weg naar Jaiselmer is heel goed en er is weinig verkeer, zodat we reeds voor de middag de  okergele versterkte binnenstad tegen de horizon zien opdoemen. Het is een kleine stad, het binnenrijden is een fluitje van een cent. Een kamer huren is hier spotgoedkoop omdat men je dan probeert te bewerken om een woestijntocht met kameel te verkopen. Bij ons voorlopig geen succes. We willen eerst nog wat rondkijken.&lt;br /&gt;Jaiselmer is heel toeristisch! Dit is niet noodzakelijk negatief. Je merkt vooral  dat het grote vliegwiel van de economie hier draait aan de bouw. De mensen wonen hier veel mooier dan in de andere steden van India die we reeds passeerden. Er wordt overal gewerkt. We zien geen uitgesproken armoede of daklozen, hier. Dit doet eens deugd. &lt;br /&gt;We slentren rond in de oude stad. Je waant je een beetje in Frankrijk of Spanje.&lt;br /&gt;      &lt;br /&gt;17 februari ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jaiselmer – Ramgarh&lt;br /&gt;Jaiselmer ligt op een 100 km van de Pakistaanse grens, te midden van de woestijn. We willen toch wel eens dieper in dit prachtige landschap doordringen, en nemen een tweedaagse excursie, het eerste deel met de jeep, de rest met een kameel. (kostprijs: 900 Rps/pers = 15€)&lt;br /&gt;We reizen samen met twee aangenameAustraliërs. Eerst bezoeken we één van de verlaten woestijndorpen in de omgeving. De familie van onze gids woont reeds eeuwen in Jaiselmer. Hij behoort tot de soldatenkaste, en vertelt in een aantal legenden de geschiedenis van het dorp. &lt;br /&gt;Wanneer we niet meer verder kunnen met de jeep staan de kamelen op ons te wachten, om verder de woestijn, richting Pakistaanse grens, in te trekken. Op zo’n kameel rijden is ook nog niet alles. Het zijn rustige, waardige dieren, maar een tikkeltje eigenwijs. Je doet er zeker niet mee wat je wilt. De mijne is de meest eigenzinnige: hij loopt steeds weer naast het pad en krijgt regelmatig op zijn donder van de kamelendrijver.(past bij mij, zegt Christine) Wanneer hij plots nogal onverwacht een zandhelling afloopt in galop lig ik er bijna af!&lt;br /&gt;Toch is zo’n kamelenrit erg rustgevend. Je wiegt mee met de kadans van het dier, voet voor voet door het mulle woestijnzand, tussen glooiende zadvlaktes. Het is een schitterend woestijnlandschap. We stoppen op een uur kameelrijden van de Pakistaanse grens. Veel verder mag niet, want er is permanent militaire patroulle. Indien je probeert te passeren word je na één verwittiging neergeschoten. Pakistan en India zijn niet de beste vriendjes.&lt;br /&gt;De zonsondergang in dit gele landschap is grandioos.&lt;br /&gt;Daarna wordt voor ons een lekkere Indische maaltijd gekookt. De gids vertelt ons over zijn land bij het vuur: hoe zijn ouders nog volledig bepalen wanneer en met wie hij zal huwen, hoe het kastesysteem hier nog volop aanwezig is, of dat het de gewoonste zaak van de wereld is dat de hoogste kaste(de Brahmanen) dagelijks opium gebruikt om te bidden. De koeien bidden met hen…&lt;br /&gt;Ook de gids zelf gebruikt vele drugs(dit woord wil hij niet gebruiken) dagelijks door mekaar, en hoe later op de avond het wordt, hoe minder samenhangend de verhalen worden.&lt;br /&gt;Tijd om te slapen dus, en omdat het net nieuwe maan is ontplooit de sterrenlucht zich in al zijn glorie boven ons woestijnbed.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;18 februari ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ramgarh – Jaiselmer – Bikaner&lt;br /&gt;Eén van de woestijnlegendes is dat mensen die daar leven maar drie keer in hun leven grondig gewassen werden: bij hun geboorte, vòòr hun huwelijk, en na de dood. Omdat het er zo weinig regent, natuurlijk. Exept…ja, ja, vannacht. Voor de woestijnbewoners hier een waar feest, voor ons een beetje minder: we werden kleddernat geregend. Maar geen nood, na een half uurtje is het over. De dekens worden wat herschikt, en we slapen tot ’s morgens. &lt;br /&gt;Na het ontbijt zet de karavaan zich weer op gang. Tijdens de twee uur durende terugtocht loopt mijn eigenzinnige kameel nu steeds een tien meter voor al de rest. Maar we komen goed overeen. Ik laat hem regelmatig van een lekkere struik proeven, soms wat ver van het pad, en geniet van de totale eenzaamheid rond me. In die trage kadans  vorm je met zo’n dier een soort eenheid terwijl dit zinderende landschap voorbijglijdt. Net als mijn kameel wil je dit wel nog eens herkauwen.&lt;br /&gt;Na de middag vertrekken we pal noord, richting Amritsar. We rijden dwars door de woestijn. Het blijft prachtig!&lt;br /&gt;Omdat we niet ver van de Pakistaanse grens rijden, wemelt het er van de militairen. Overal basissen. De streek is heel dun bevolkt. Weinig volk op de heel goed geasfalteerde wegen. We kunnen makkelijk bijna 100 km in één uur afleggen en vinden in die verlaten woestijnstreek ook gemakkelijk een kampeerplaats. De zonsondergang is weer eens onvergetelijk.&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;19 februari ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bikaner – Faridkot&lt;br /&gt;Als je Rajastan verlaat en de Punjab deelstaat weer binnenrijdt merk je dit direct: het landscap is veel groener, en vooral dichter bevolkt, met de gekende chaos op de weg. Je moet hier goed uit je doppen kijken en voorzichtig zijn.&lt;br /&gt;Een kampeerplaats ‘vlak in ’t veld’ is niet zo evident. We slaan een veldwegel in en vinden toch een behoorlijk rustige plaats. Maar, als we net klaar zijn met eten wordt op de auto gebonkt. Ons hartje begint een beetje sneller te slaan! Ik ga naar buiten en sta oog in oog met een 120-kilogramwegende Indiër met paarse tulband op. De chef dus. Naast hem staan nog een vijftal mannen in witte kiel, klaar om zijn bevelen op te volgen… Ik moet iets serieus verkeerd gedaan hebben, want hij gaat redelijk tekeer tegen mij. Ik luister maar versta er geen woord van. Plots grijpt hij me hard vast bij mijn pols. Als ik nu iets niet kan verdragen is het wel dat iemand aan mijn vel komt als ik het niet wil. Ik sleur me redelijk bruut los en geef hem een bonk terug. Hij grijpt me terug vast , maar in de verwarring die nu ontstaat trek ik me los, spring in de auto (op zo’n plaatsen zorgen we er altijd voor dat we dìrect kunnen wegrijden!), start de motor en rij zo snel mogelijk weg, de zandwegel uit naar de hoofdweg. We vinden een iets minder idillische slaapplaats bij een benzinestation.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;20 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Faridkot – Amritsar&lt;br /&gt;Rond 10h ’s morgens rijden we Amritsar binnen, ook weer een stad met méér dan een miljoen zielen. We nemen een kamer dicht bij het station, omdat we dan de stad niet helemaal tot in het centrum moeten inrijden.&lt;br /&gt;De drukte werkt ons eigenlijk een beetje op de zenuwen. Je wordt geen moment gerust gelaten, en het lawaai is oorverdovend. Zes maand geleden zouden we dit misschien leuk gevonden hebben, maar nu…? Als we het groene landschap van Rajastan zagen, verlangden we beiden naar ons eigen, groene landschap. Als je weer in zo’n gore, ijskoude hotelkamer slaapt, waar niets werkt, verlang je gewoon naar huis…&lt;br /&gt;Natuurlijk willen we de gouden tempel zien. Het is mooi, maar we staan ombegrijpend naar aanschuivende, zingende, offerende mensenmassa te kijken.&lt;br /&gt;Religieuze gewoontes… Omdat je hier geboren bent doe je zus of zo. En dan maar geloven dat dit het juiste is. Stond je wieg in een ander land dan mocht je wel varkensvlees eten of zo. Elk zijn hobby, ware het niet dat godsdiensten zo handig zijn om de bestaande orde te handhaven en discriminaties te behouden omdat God het wil. Veel van India begrijpen we niet, maar ook hier zorgt het Hindoeïsme voor het behoud van de kasten en een afremming van de moderne ontwikkeling. We moeten niet zo ver zoeken. Ook onze godsdienst heeft zich tegen élke nieuwe ontwikkeling in de wetenschappen gekeerd, tégen de arbeidersbeweging, het is de laatst overgebleven Europese dictatuur, en discrimineert nog steeds de vrouw zoals dit in Europa nergens meer kan. En aids, homo’s…? Ja, ja, Opus Dei. Godsdiensten zijn gewoon overal gelijk. Ze zijn voorbijgestreefd door de universele verklaring voor de rechten van de mens. Gelukkig weten de meeste mensen het bij ons. Waarmee ik niets heb gezegd over spiritualiteit, religiositeit…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;21 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Amritsar – Lahore (Pakistan) –&lt;br /&gt;Na de vlotte gresformaliteiten aan de Indische kant rijden we de poort door. Good buye India…&lt;br /&gt;We voelen ons niet zo in reisvorm vandaag, maar zijn toch erg dankbaar hier op onze reis drie maal geweest te zijn. Het is een intense ervaring geweest. Het toeristische Rajastan, de megasteden zoals Dehli of Agra. En de godsdiensten. Voor elk wat wils: Islam, Boeddhisme, Hindoeïsme, in allerlei vormen. Veel westerlingen zijn erdoor gebeten en vullen religieuze centra, heilige plaatsen, volgen cursussen… Indiërs zijn er nog meer door gebeten. Het bepaalt hun leven. Dit zie je op de meest indrukwekkende manier in Varanasi, voor ons nog versterkt door de diepgaande ervaring met Hira. Omdat je weinig voeling hebt met die godsdienst kun je ook veel van de Indische maatschappij niet begrijpen… &lt;br /&gt;We hebben grote bewondering voor het optimisme en de flexibilieit van de toch nog grote groep arme Indiërs. Indië is niet meer het arme land van 20 jaar terug. De meeste mensen stellen het hier goed. Toch blijft een deel van de bevolking straatarm. Je komt ermee in direct contact en dat doet pijn. Het is ook je eigen pijn: te weten dat je eigenlijk een verwende rijke stinker bent! &lt;br /&gt;‘Welcome to Pakistan!’ Wanneer we de weg naar Lahore oprijden weten we het weer: de chaos en vuilte is hier nog véél erger dan in India! In Lahore wonen méér dan 5 miljoen zielen. Christine volgt op de kaart, en omdat we hier reeds waren vinden we vlotjes de weg. Maar er is geen doorkomen aan: de drukte, luchtvervuiling, hopen vuil op straat, het oorverdovend lawaai, de stank… Het duurt ùren We kunnen het niet meer zien, vandaag. &lt;br /&gt;We duiken een internetcafé binnen om te telefoneren naar ma, want het is haar verjaardag vandaag. Na een uur proberen, samen met de mensen van het café geven we het op. Sorry, sir, today no international connection possible in Pakistan. Ja, het is hier zo, en we merken ook dat de radiator van de auto lekt. We gieten nu water bij, maar morgen moeten we een oplossing vinden…&lt;br /&gt;Dan plots komen we op highway nr 5, richting Multan. Net een snelweg. Je rijdt er aan 100 km/h, bijna zoals in Europa!&lt;br /&gt;We kamperen op de parking van een klein restaurantje en vallen uitgeput in slaap.    &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Faridkot – Multan –Ghazi ghat &lt;br /&gt;Eerst het probleem van het koelwater oplossen. We stoppen in één van de eerste dorpen bij een straatgarage.(eigenlijk onnodig te zeggen, want alles gebeurt hier nu eenmaal op straat). We rijden boven de put, wat overschiet van de bekleding van de motor onderaan wordt weggenomen. Je ziet meteen het water uitdruppelen, maar niet uit de radiator. Eén van de rubber koelwaterslangen is uit zijn beugel losgekomen, en trilt tegen een scherp stuk metaal. Op die plaats is natuurlijk na verloop van tijd een lek ontstaan. Dit is een meevaller. Makkelijk te herstellen: de slang wordt doorgesneden, en met een suk metalen buis en twee colliers weer verbonden. Daarna koelwater weer aanvullen en klaar is kees.&lt;br /&gt;’t Is raar om te zeggen, maar zo’n panne doet je altijd een beetje deugd, door het contact dat je met de mensen hebt. We zijn hier natuurlijk een bezienswaardigheid, en iedereen uit de buurt die ook maar een woord Engels kan uitkramen komt een praatje met ons maken. Natuurlijk met de nodige chai.(=thee)&lt;br /&gt;Wanneer we wegrijden zien we de miserie, chaos, vuilte,… niet meer. Mensen zwaaien ons toe langs de weg, roepen goeiendag als we wat trager rijden… We waren een beetje vergeten hoe hartelijk de Pakistanen eigenlijk wel zijn! Het kent gewoon geen grenzen…&lt;br /&gt;De Hhw 5 is een écht goede snelweg tot Multan. Geen enkele maal wil men het tolgeld van ons aanvaarden: ‘you are our guests!’&lt;br /&gt;Daarna rijden we richting Dera Ghazi Khan om op de Indushighway te komen. Maar, na de brug over de Indus worden we tegengehouden: &lt;br /&gt;-je mag hier niet verder rijden, want de volgende zone is niet veilig. In D G Kahn is gisteren een bom ontploft. We kunnen je veiligheid niet garanderen.&lt;br /&gt;-Het is maar 10 km meer. Kun je ons niet escorteren?&lt;br /&gt;-Nee, je moet terug en via Muzaffargarh de Indushighway verder oppikken.&lt;br /&gt;We rijden de brug terug over, en stoppen aan de legerkazerne.&lt;br /&gt;-We kunnen niet doorrijden tot D G Kahn. Kunnen jullie ons geen begeleiding geven voor 10 km, zodat we dat ganse stuk niet moeten terugkeren?&lt;br /&gt;-Nee, dit is onmogelijk. Trouwens, morgen kun je wel passeren. Nu is het gewoon te laat.&lt;br /&gt;-Oh ja? Morgen is het dus wel mogelijk?&lt;br /&gt;-Absoluut. Nu telefoneren we naar de politie van het dorp, 5 km verder. Daar kunnen jullie dan slapen.&lt;br /&gt;We worden begeleid naar het politiebureau.&lt;br /&gt;-Kunnen we hier slapen?&lt;br /&gt;-Nee, je moet een hotel zoeken in Muzafargarh&lt;br /&gt;-Maar dat is nog 20 km, en we moeten dit dan morgen helemaal terugkeren!&lt;br /&gt;-Toch moet je naar daar.&lt;br /&gt;We vertrekken, en nog voor de politie goed en wel met ons kan meerijden slaan we een benzinestation in, en plaatsen ons achter een geparkeerde bus, zodat we niet gezien worden vanaf de weg. Het is direct OK. We mogen daar gerust slapen. En na we een heerlijke zelfgekookte maaltijd hebben we écht geen slaapliedje meer nodig.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;23 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ghazi Ghat – Jacobabad&lt;br /&gt;We rijden terug richting D G Kahn over de brug, en…komen dezefde politieagent tegen. Nee, we mogen niet passeren. Verboden zone. Tegenpruttelen helpt niet. We rijden dus voor de vierde keer de lange Indusbrug over. Niet lang daarna worden we gevolgd. Hum. Ze hebben ons gevonden. De politiebegeleiding komt vòòr ons en we worden aangemaand niet meer voorbij te steken en braafjes te volgen.&lt;br /&gt;We rijden over kleine wegen naar Alipur en Uch Sharif, waar we terug op de Hgw 5 komen.Het duurt heel lang omdat de weg archislecht is. Het is laveren en maneuvreren tussen de putten. Vanaf de Hgw 5 hebben we weer een prachtige viervaksweg. Maar, we worden geen duimbreed meer uit het oog verloren. De verschilende begeleiders lossen mekaar af. Heel vervelend omdat je ook met niemand mag praten. Soms rijdt het politieautootje maar 50 km/h op, terwijl je hier makkelijk boven de honderd kunt rijden. Ergerlijk gewoon. Iedereen steekt ons voorbij. Na een tijd hebben we er een truukje op gevonden. Wanneer de begeleiding verandert, moet je braafjes hun auto laten voorgaan. Maar dat doen we niet. We geven gewoon op het tweede rijvak plankgas aan 120 km/h. Het duurt dan wel héél lang tegen dat ze ons inhalen. Maar, ze verliezen er nooit hun humeur bij. Ze groeten ons en zwaaien terug alsof het niets is. Toch blijft het heel vervelend. Dan maar genieten van de prachtige zonsondergang: de zon zakt als een rode bol in de wateren van de Indus… &lt;br /&gt;Als we toekomen in Jacobabad worden we verplicht in het politiebureau te slapen, net zoals in Baluchistan, vorig jaar.&lt;br /&gt;We vinden het nogal overdreven en begrijpen het niet zo goed. De mensen op straat roepen naar ons: welcome, welcome…Als je je hand opsteekt krijg je steevast een warme glimlach terug. We zijn nu bijna de ganse Punjab in zuidwestelijke richting doorgereden, richting Karachi. Je merkt dat dit het economische hart is van Pakistan. Een heel ander Pakistan dan op onze andere route. Er liggen heel goede wegen, en je merkt aan het vrachtvervoer dat de economische molen hier begint te draaien. Mensen zijn ook direct anders. Terwijl je in het noorden gewoon géén vrouwen op straat zag is dit hier absoluut niet zo. Ze lopen er heel ontspannen bij, in kleurrijke kledij. En met losse sluier. Terwijl pakweg in Peshawar heel veel vrouwen (als je er dan al eens één ziet!) in een burka lopen, zie je dit hier maar sporadisch. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;24 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jacobabad – Quetta&lt;br /&gt;Onder begeleiding met blauw zwaailicht rijden we Jacobabad uit. Na 25 km eindigt de Punjab en rollen we Baluchistan binnen. De begeleiding wordt nu gelukkig wat losser. &lt;br /&gt;Het landschap verandert heel plots van groen in volledige woestijn: een bijna volledige kale zandvlakte. Wel heel mooi. We rijden door op een prachtige weg en halen makkelijk 110 km/h. Tot we het gebergte inmoeten. Het is koud en het regent pijpestelen. Overal zijn er wegenwerken. Maar geen nood. We hebben tijd vandaag en het landschap is adembenemend.&lt;br /&gt;Rond 14 h rijden we Quetta binnen. De cirkel is rond. We reden hier op dezelfde weg binnen, vorig jaar op 8 augustus. Dan was de chaos hier voor  ons een schok. Nu niet meer: het is heel rustig. We zijn veel erger gewoon!&lt;br /&gt;We wandelen rond op de bazaar en eten van de plaatselijke keuken: kipcurrie, want het is onze laatste kans. Vanaf Iran heb je niet meer in die mate straatverkoop. Het is weer meer de geregelde wereld.&lt;br /&gt;Er ligt sneeuw in het gebergte rond de stad, het is bitter koud en het regent. De open riolering stroomt over met alle vuil erin. Onze schoenen zijn kletsnat van het rioolwater, maar…dàt vind je niet meer erg, omdat het menselijk leed dat je gezien hebt veel dieper aan je knaagt.&lt;br /&gt;We parkeren op dezelfde plaats als vorig jaar. De man aan de balie wil weten hoe het in India was. Ik ben wat voorzichtig, want het is hun aartsvijand.&lt;br /&gt;-India is een heel mooi en groot land, maar de mensen zijn minder gastvrij dan hier. (en dat is ook écht zo. Het is gewoon niet te vergelijken!)&lt;br /&gt;-Ik zou niet graag in India wonen. Wat een mensen! Heb je ze daar zien liggen, op de straat? Zeg nu zelf. Pakistan is een veel armer land, maar zie je dat hier? Rijken moeten hier veel belastingen betalen, oa voor onderwijs. We zitten nu al op een alfabetisering van 75%.&lt;br /&gt;Onze regering doet zoveel mogelijk om de ontwikkeling op gang te brengen. Er worden miljoenen geïnvesteerd in het wegennet. Dit jaar wordt uitgeroepen tot het jaar van het toerisme. Waarom loopt iedereen altijd naar India? We hebben de mooiste bergen ter wereld…&lt;br /&gt;-Ik weet het niet. Wij hebben Pakistan ook ervaren als één van de mooiste en aangenaamste landen op onze reis!&lt;br /&gt;Het is waar. Pakistan is één van de armste landen van de wereld, maar je ziet dat alles hier vooruit gaat. Binnen 10 jaar is dit een ander land.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;25 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Quetta – Taftan (grens Pakistan) &lt;br /&gt;Omdat we nog moeten bevoorraden voor enkele dagen is het toch al bijna 10 h als we Quetta onder een staalblauwe lucht buitenrijden. Eigenlijk veel te laat voor de 650 km die ons nog van de Iraanse grens scheidt. We hopen dat de weg niet afgesloten is door de overvloedige regen van van gisteren.&lt;br /&gt;Tot Ushi is de weg zeer goed. We sliepen hier vorig jaar bij de politie, onze eerste nacht Pakistan. Daarna wordt de weg smal tot 30 km voor Dalbandin. We herinneren ons dit als een zeer slechte weg. Nu vinden we dat het nogal meevalt. Er is misschien 10 km echt slecht. De rest is smal maar rijdt méér dan behoorlijk, vinden we nu.&lt;br /&gt;Het woestijnlandschap is adembenemend. Door de regenval van de voorbije dagen zijn de kleuren zò intens! En alles staat in bloei. Er omringt ons een ware jasmijngeur, net als op de poesjestrap in Menton. Ik pluk een tuiltje bloemen voor Christine. Het is precies nog mooier dan de woestijn in Australië.&lt;br /&gt;Na Dalbandin rijden we heel goed door, maar het zwarte woestijnlandscap heeft veel minder te bieden. &lt;br /&gt;Het is al schemerdonker, en plots moeten we van de weg af voor wegenwerken. We herinneren ons deze plaats! We verloren in de vele grintweggetjes bijna onze weg. In het donker is het nog moeilijker. Het duurt niet lang of we merken dat we van de grintwegel af zijn. Met bang hart rijden we door, maar het valt nogal mee. Na een kwartier rijden we weer op de goede weg.&lt;br /&gt;Het is nu helemaal donker. Op 60 km voor de grens is de laatste checkpost. &lt;br /&gt;No, sir! Je moet hier blijven overnachten! &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;26 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Taftan – Bam ( Iran)&lt;br /&gt;De Pakistaanse grensformaliteiten zijn in een kwartier geregeld. Aan de Iraanse kant  is er een papierberg van 1,5 uur. Maar alles heel correct. We draaien ons uurwerk 1,5 uur terug, waardoor het nu nog maar 11 h is. &lt;br /&gt;Welcome to Iran! Keep to the right!&lt;br /&gt;We rijden een goede weg op, aan de rechterkant, ja, ja, en onze autoverzekering telt ook weer, hier! Een Peugeot steekt ons voorbij. Inderdaad, voor onze auto kun je hier ook onderdelen krijgen.&lt;br /&gt;We zijn blij en dankbaar die duizenden kilometers zonder grote pannes, ziektes en ongevallen doorgekomen te zijn. Als er hier iets gebeurt is alles veel beter geregeld.&lt;br /&gt;Maar we zijn vooral dankbaar voor alles wat we mochten leren in dit bruisende, jonge continent dat nu achter ons ligt. Azië. Binnenkort vier vijfden van de wereldbevolking…&lt;br /&gt;Intussen moet ik opletten rechts te blijven, want, na al die maanden…En je toeter gerustlaten. En weer leren je richtingaanwijzers te gebruiken. Bij het inhalen verschiet ik me rot! Alles gaat weer veel sneller: we stormen beiden met een snelheid van 110 km/h op mekaar af. Een heel andere inschatting.&lt;br /&gt;Na enkele kilometers moeten we aan de kant. Een soldaat met machinegeweer komt bij ons in de auto. De Baluchi’s zijn weer op pad! Regelmatig wisselt de begeleiding, wat voor ons uren wachttijd vraagt…Onder militaire escorte rijden we Zahedan binnen, naar de enige dieselpomp. Voor 0,75€ tanken we 60 l diesel (mineraal water is hier duurder!)&lt;br /&gt;Daarna is de weg gesloten omwille van een zandstorm. ‘Trouwens, jullie rijden veel te snel met zoveel wind!’&lt;br /&gt;We krijgen uiteindelijk toch toestemming om een bus te volgen, en we moeten het zeggen: het is enorm! De wind giert om onze oren, en het zand stuift overal door. Op de weg zie je maar enkele meters, en van de mooie omgeving die we konden bewonderen in het doorgaan al helemaal niets meer… Ja, je moet het ook eens meegemaakt hebben…&lt;br /&gt;Doodmoe arriveren we bij de historische woestijnstad Bam, waar we een mooie kampeerplaats vinden aan de voet van de oude stadsmuren. Nu nog koken op zijn Belgisch met Pakistaanse ingrediënten…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;27 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bam – Kerman&lt;br /&gt;Van de historische stad Bam is na de aardbeving van 2002 niet veel overgebleven. Ook in de rest van de stad is de opbouw nog volop bezig. Je merkt nog overal de littekens.&lt;br /&gt;We rijden onder een staalblauwe hemel richting Kerman. Het landschap is prachtig. Kerman wat minder. We kamperen op de parkeerplaats van een hotelletje:’oh no, sir, you are our guests, you dont have to pay!’&lt;br /&gt;De bazaar, de moskees, de zwarte sluiers. Het doet vertrouwd aan, en het doet deugd alles terug te zien. Maar het zijn vooral de mensen die deugd doen. Welcome, welcome…Ze komen je de hand schudden en zijn overgelukkig dat je hun stad wil bezoeken. Mannen proberen met je te praten, maar kennen veel minder Engels dan in de meer Noordelijke steden. Vrouwen lonken en lachen naar je, van achter hun sluier. Ook met die sluier zie je hoe mooi velen zijn!&lt;br /&gt;We gaan op zoek naar een donsdeken, want het is hier bitter koud, ’s nachts. Als Christine haar gedacht niet vindt, koopt ze dan maar stof en een paar meter vulling, en naait ze hem prompt zelf. Ik val erbij in slaap…  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;28 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kerman – Baghin – Sirjan – Neyris – Arsanjan – Persepolis&lt;br /&gt;We besluiten toch nog een omweg te maken via de Perzische golf, en rijden dus Kerman buiten richting Baghin. Ook de kleinere wegen rijden echt goed. Wat we in de 600 km van vandaag aan natuurschoon te zien krijgen, ja, man! Woeste zandvlaktes wisselen ruige roodbruine tot paarse berglandschappen af. We passeren zoutmeren, waarvan het wit schittert in de zon onder de azuurblauwe lucht. Flamingo’s bekijken ons vanop hun steltpoten vanuit een ander prachtig meer, helemaal omgeven door bergen. De Iraanse landschappen zijn gewoon niet te evenaren!&lt;br /&gt;Dit is écht reizen! Van zo’n schoonheid kun je nooit genoeg krijgen…&lt;br /&gt;We vinden makkelijk een slaapplaats bij de opgravingen van Persepolis.&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-498310099808639137?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/498310099808639137/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=498310099808639137' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/498310099808639137'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/498310099808639137'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/03/13-februari-07-jaipur-de-oude-stad.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-1792677980532855851</id><published>2007-02-13T15:24:00.000+01:00</published><updated>2007-02-07T17:18:46.239+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>Vervolg 7 februari ’07:&lt;br /&gt;We komen direct enkele bekenden tegen. &lt;br /&gt;-Ja, we hebben Hira gezien. De laatste dagen heeft hij uren op jullie gewacht. Je ziet hem vast en zeker morgen. Maar, koop geen silk bij die man! We hebben ook een silkshop, en veel goedkoper! &lt;br /&gt;-Wees gerust. Zijde interesseert ons niet. We kopen nergens! Wil je zeggen tegen !Hira dat we er zijn?&lt;br /&gt;We zien op het gezicht van de man dat hij Hira wel kan verwensen. Hij heeft òòk een riksja…!&lt;br /&gt;Nu, we komen Hira wel tegen.&lt;br /&gt;Eerst installeren, en daarna de auto proberen op te starten. Nee, de accu is leeg. Vergeten de kabel los te maken…Morgen zien we wel.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;8 februari&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Varanasi&lt;br /&gt;Dit is ook India: je bent nooit alleen! De man van gisteren ( ik noem hem René, omwille van een bijzondere gelijkenis!)heeft al snel gezien dat we niet kunnen starten, en biedt met een hele ploeg zijn diensten aan. Het is echt een figuur, met zijn tulband rond het hoofd gewikkeld, en goed ingeduffeld, want het is voor hier uitzonderlijk koud vandaag.&lt;br /&gt;Ik laat de auto op straat duwen en vraag stroom een een passerende jeep. We sluiten startkabels aan. Proberen, nog eens en nog eens… Het lukt niet. De kabels  kokendheet. Wellicht zijn ze te dun voor deze auto.&lt;br /&gt;No problem, man. We nemen een motorriksja naar, ik weet het niet, maar in elk geval een ‘battery- and hornshop. Na de nodige plichtplegingen, en beurt afwachten komt iemand met een grote volgeladen batterij mee. Met onze kabels lukt het nog niet, maar met twee eindjes dikke kabel slaat de motor terug aan. René en zoon krijgen een fooi. Het opladen zelf kost 100 rupees en de zaak is OK.&lt;br /&gt;Nu nog wat rond rijden om de batterij op te laden.&lt;br /&gt;-Sir, sir,&lt;br /&gt;In de allesomvattende Indische drukte rijdt een riksjarijder naast me. Het is Hira!&lt;br /&gt;Ik ga direct aan de kant. We omhelzen mekaar en zijn beiden ontroerd. Hij ziet er zo breekbaar en tenger uit. ’t Zijn al beenderen dat ik vastneem…&lt;br /&gt;-Ik ben mijn eigen baas nu. Kijk naar mijn riksja. Ik heb al een beter kunnen kopen, voor 8 500 rupees!( we leenden hem 4 500 rupees) Mijn familie is gelukkig sinds die dag, want ik heb goede zaken gedaan.&lt;br /&gt;Wat doe je vandaag? Ik wil je de stad rondleiden. Ik ben al elke dag komen kijken, want ik wist dat je zou komen. (René) zei dat ik niet meer moest komen, dat jullie niet meer zouden terugkomen, maar ik geloofde hem niet.&lt;br /&gt;-Ik ben voor het moment mijn batterij aan het opladen, daarom kan ik de motor niet uitdoen. Maar, kom met me mee, dan kunnen we praten. Ik moet ook nog iemand vinden om de banden op spanning te zetten.&lt;br /&gt;-Ja, ik weet wel iemand. We gaan naar de moslimpeople, die kun je vertrouwen!&lt;br /&gt;Hira praat honderduit, maar in de razenddrukke verkeerschaos kan ik weinig aandacht geven. Nog nooit heeft hij in zo’n mooie auto gezeten.&lt;br /&gt;-En zo groot. Hoeveel mensen kunnen in die auto?&lt;br /&gt;-zes&lt;br /&gt;-Oh, maar hier in India kunnen er met gemak 20 in!&lt;br /&gt;En ik denk erbij: ja, en nog 10 op het dak, en er kunnen er nog 10 overal aanhangen ook.&lt;br /&gt;We komen toe op het hotel, en ik probeer weer direct te starten, maar de accu is niet opgeladen. Hij is 7 jaar oud, en door die ontlading heeft hij nog verder de geest gegeven. Er moet dus een nieuwe in.&lt;br /&gt;Ik neem hem mee naar onze hotelkamer. Ook met Christine is het een blij weerzien. Hij ziet er erg gelukkig uit en praat honderduit, maar brengt het geleende geld niet ter sprake. Ik heb nu ook wel andere zorgen. Eerst de accu oplossen.&lt;br /&gt;Hira voert me naar een andere accuwinkel met de riksja. Een garagist komt mee, en de oude wordt uitgehaald. Intussen is René en zijn zoon er weer. Jamaar, die accu is ònze zaak! Terug naar de winkel met alledrie en een zware accu op de riksja.( er kan altijd eentje bij!) Hira raakt bijna niet vooruit. Hij wil geen hulp. ‘No problem, dad, it’s my profession. I  said that I wanted to give you full service for three days, when you came back’ Ik wil hem daar dan ook in respecteren maar voel me gegeneerd omdat hij zo tenger is en zo hard moet zwoegen. Liefst stampte ik zelf.(ja, olvatrappers, training voor na de zomer!!!) &lt;br /&gt;Eindelijk bij de winkel: Nee, we hebben er gene die past. We kunnen wel bestellen tegen morgen. Er bestaat geen Indische op dat formaat. Daarom veel duurder: 6 500 rupees. &lt;br /&gt;Het is veel, maar er zit niets anders op. Ik geef 1 000 rupees voorschot.&lt;br /&gt;We rijden weg, maar tot mijn grote verwondering, naar de acccuwinkel van vanmorgen ( de zoon van René is mee!) Er wordt gepraat en gepraat ( ik versta er niets van) met als resultaat: Het is hier 1 000 rupees goedkoper, en hij wordt vandaag geleverd. De oude accu gaat naar Hira, en ik verdenk zoon René ervan een commissie op te strijken. Maar soit. Wachten, wachten…is het voor mij. Voor hen niet. Wachten bestaat niet. Iedereen vindt het reuzegezellig: slowly, slowly, wat een avontuur, en een zakcentje er bij…&lt;br /&gt;Iemand anders komt. Die belt weer naar iemand anders, die  aangestormd komt en nog eens belt naar iemand anders. No problem, it’s OK, sir. Na een uur komt een vrachtriksja de accu afleveren. Made in the USA. Da’s rap &lt;br /&gt;Hira zwoegt ons weer naar het hotel. Accu erin. We kunnen direct starten.&lt;br /&gt;We rijden terug. Christine gaat mee, heel de Renébende en Hira. Allé, de auto zit toch nog niet vol?? Wat een dag voor hen.&lt;br /&gt;Eerst ons voorschot van de andere winkel terug halen. Daarna de accu betalen. Och, de toeter herstellen we gratis erbij. Dringend nodig, want in India ben je een gevaar op de weg zonder toeter!&lt;br /&gt;We spreken morgen af met Hira, om 9 uur, maar ik zit er wat mee in mijn maag dat het geleende geld na een ganse dag nog niet ter sprake kwam…&lt;br /&gt;We denken ’s avonds na wat we ermee gaan doen. Voor ons is het uiteindelijk geen ramp als we het niet terug krijgen, maar het gaat over het principe. We weten niet wat het beste is. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 februari&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Varanasi&lt;br /&gt;Als we ’s morgens opstaan, weten we het nòg niet. Want eigenlijk willen we het hem graag geven, maar toch wringt er iets.&lt;br /&gt;Hij staat al op ons te wachten, en zonder nadenken vliegt het er direct uit bij mij:&lt;br /&gt;-Ik wil niet dat je ons verschillende dagen gratis overal rondvoert. We willen je graag daarvoor betalen, maar jij moet ook nog je belofte nakomen. Kun je de geleende 4 500 rupees terugbetalen?&lt;br /&gt;Hira kijkt me diep ongelukkig aan.&lt;br /&gt;-Ik heb het niet. Ik kan het vandaag niet terugbetalen. Ik had onverwacht onkosten, omdat mijn moeder een operatie nodig had. Ik heb daar een deel van betaald en ook nog mijn treinticket om naar Calcutta te reizen. Zie je. Heel mijn familie woont daar, maar omdat men in Calcutta alle fietsriksja’a afschafte ( een ‘goede’ maatregel omdat dit veel te zwaar werk is voor mensen!) ben ik naar hier gekomen. Ik kan gewoon niets anders doen. &lt;br /&gt;-We praten er later nog over, maar je hebt een belofte gemaakt…&lt;br /&gt;De dag begint wat gespannen, maar de spanning ebt weg naargelang we verder rijden. We worden rondgevoerd naar een aantal verder gelegen Bouddhistische tempels en ashrams (waar verrassend veel westerlingen verblijven). Stuk voor stuk heilige plaatsen, maar het zegt ons niet zoveel.&lt;br /&gt;Wanneer we bij hem thuis arriveren is Hira alweer heel opgetogen. ‘Mijn vrouw heeft Chapatti voor jullie gemaakt. Jullie zijn vandaag mijn vrienden en gasten’.&lt;br /&gt;Heel de buurt verwacht ons. Na alle kennismakingen komen we in de woning. Nog steeds een krotwoning. Jutezakken, soms met gaten vormen de muren. Maar, er is nu TV. 4 100 rupees, vertelt Hira opwindend. De kinderen zijn alles voor me en een TV hebben ze nu eenmaal nodig. Mijn vriend heeft me 4 000 rupees geleend, maar ik moest er wel 4 400 terugbetalen. Hum, vriend.(Ik denk bij mezelf: net het bedrag dat we leenden) En ook een grote, nieuwe klok aan de muur. Je merkt aan de kinderen dat ze veel kwistiger zijn met de rijst dan 3 maand terug.  &lt;br /&gt;Het gezin van Hira is zo mooi als het kan uitgedost, en ze stralen een onglofelijke levenskracht uit. Als je dan aan de Aboriginals denkt, die het materieel beter hebben…&lt;br /&gt;Het eten staat klaar: Chapatti zijn een  soort pannekoeken met rijst en kip. Ze hebben speciaal 2 flessen mineraalwater gekocht, omdat Hira weet dat het Indisch water niet goed is voor ons. Ook kip is voor hen een grote luxe. Wanneer ze bier willen halen, weigeren we dit. Het eten is heel lekker, en we zijn ongelofelijk welgekomen. Ik twijfel of ik nog het geld ter sprake breng. Maar vooral die TV, die redelijk luid staat, en de meest onnozele kwis of zo uitbraakt blijft me dwars zitten. Niemand kijkt ernaar.&lt;br /&gt;We praten, en het is reuzegezellig, maar na verloop van tijd vraag ik aan Hira: &lt;br /&gt;-Hoe zit het met je belofte?&lt;br /&gt;-Het komt in orde, maar ik heb het geld eigenlijk gebruikt voor mijn moeder &lt;br /&gt;( toont de treinticketten naar Calcutta). Ik moet nu gewoon eventjes weg.&lt;br /&gt;Hira blijft geruime tijd weg, ik ga hem opzoeken.&lt;br /&gt;-Ik kon een goede deal bekomen bij mijn vriend. Jullie mogen voor 4 500 Rps zijde in zijn silkshop kiezen, en dan heb ik tijd om dit aan hem terug te betalen.&lt;br /&gt;(Weer handig bekeken van die schone vriend)&lt;br /&gt;-Maar we willen helemaal geen zijde.&lt;br /&gt;-Ik los het wel op.&lt;br /&gt;Na enkele uren nemen we afscheid. Hira voert ons terug. Bij het afscheid:&lt;br /&gt;-Ik kom morgen om afscheid te nemen, en breng het geld mee.&lt;br /&gt;Maar we kunnen toch niet laten te vragen:&lt;br /&gt;-Hoe ga je het bekomen?&lt;br /&gt;Eerst begrijpen we het niet zo goed, maar dan komt het eruit:&lt;br /&gt;-Ik kan mijn Riksja in pand geven, en weer bij mijn oude baas werken met een geleende riksja. Als ik,het geld terug heb, kan ik mijn riksja terugkopen.&lt;br /&gt;( Je mag er niet aan denken welke woekerinteresten hij moet bijgeven)&lt;br /&gt;-We willen niet dat je je riksja verkoopt.&lt;br /&gt;-Ik kan je dan nog enkel de TV aanbieden. Hij is dit ongeveer waard. Je mag hem hebben.&lt;br /&gt;-Nee, dat willen we niet.&lt;br /&gt;-Ik wil mijn belofte nakomen. Ik trek wel mijn plan.&lt;br /&gt;-Kom mee naar onze kamer. We praten erover.&lt;br /&gt;In het gesprek merken we dat het bij Hira niet vanzelfsprekend is geld opzij te leggen. Elke dag iets opzij leggen om dan na drie maand dat bedrag te hebben is heel moeilijk. Als je geld hebt, geef je het uit!&lt;br /&gt;‘Hebben jullie dan geen geld meer?’ vraagt Hira doodeerlijk.&lt;br /&gt;We leggen hem uit dat het niet over het geld gaat, maar over iets wat hij beloofd heeft, en dat het belangrijk is elke dag iets opzij te leggen om terug te betalen, of om het huis te verbeteren of zo. We praten lang, en zien dat hij het nu volledig begrijpt. We doen hem een voorstel:&lt;br /&gt;-We vertrouwen je, leg elke dag 30 rupees opzij, en als je het bedrag volledig hebt, schrijf het dan over naar ons. We willen je verder helpen met de school van je kinderen, maar eerst moet je je belofte nakomen. We willen ook niet gratis rondgevoerd worden. We betalen 500 Rps vooor die 2 dagen. Je moet dus maar 4 000 Rps sparen.&lt;br /&gt;-Ik ben doodglukkig. Ik zal hard werken, en schrijf 4 500 naar jullie over. Ik wil geen geld voor die dagen. Maar nu wil ik jullie nog naar de lijkverbranding op de Gangesrivier voeren.&lt;br /&gt;We bekijken met hem de foto’s op de laptop en laten hem er enkele uitkiezen, die we laten afdrukken in de fotoshop. Hij praat honderduit, we rijden bijna tegen een auto.&lt;br /&gt;De lijkverbranding hadden we al gezien, maar we nemen toch de boot op de Ganges.&lt;br /&gt;Overal moet je Hiras afslaan, die een graantje willen meepikken… bedelaars, de roeier van de boot, kinderen verkopen bloemen, schooien… Duizenden en duizenden Hiras… deze avond alleen al. Je kunt ze niet allemaal geld geven, en zelfs als je dat zou kunnen is er misschien niets opgelost. Wat betekent oplossen? Wellicht zouden er dan in India veel meer TV’s branden?&lt;br /&gt;Je weet niet wat je moet doen. Moeten wij Hira leren sparen? Uiteindelijk is hij een gelukkig man. En als die kinderen dan naar zo’n school gaan? &lt;br /&gt;Hira en zijn gezin leren òns van het leven te genieten, met heel weinig. Heb je plots geld voor een TV? OK leve de leute. We denken niet aan morgen. ‘Leef vandaag’: de titel van een dure meditatiecursus in Brugge! Je zou jaloers worden op zoveel levenskunst.&lt;br /&gt;Wie zijn wij om te zeggen wat er moet? Zijn wij zoveel gelukkiger in een goed huis? Vele vragen, weinig antwoorden. En, je moet zeker niet de pretentie hebben het hier eens te komen zeggen, want die mensen zij misschien veel gelukkiger in hùn leven dan vele Belgen. We staren ons blind op hun slecht huis of…dat ze dan een TV kochten op afbetaling voor hun kinderen?&lt;br /&gt;Maar als je naar het gezicht van die Bengali-people kijkt. Ja, man. Ze léééven. Waar zijn wij???&lt;br /&gt;We weten niets. Alles heeft zoveel aspecten.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;10 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Varanasi – Allahabad&lt;br /&gt;Als we klaar zijn met inpakken staat Hira al te wachten. We weten niet precies wat we gaan doen, vandaag. &lt;br /&gt;-Wil je vandaag naar mijn huis, of wil je liever eerst een school bezoeken?&lt;br /&gt;-Het hangt van jou af. Wat wil jij eerst?&lt;br /&gt;-We kunnen beter eerst naar de school van mijn wijk gaan. Ik weet niet hoe alles daar in mekaar zit.&lt;br /&gt;We worden ontvangen door de manager. Het is een privéschool.&lt;br /&gt;Hira legt uit dat we eventueel willen bijspringen om de studies van de kinderen te financieren.&lt;br /&gt;Op driejarige leeftijd kun je naar school. De eerste twee klasssen zijn een soort voorbereiding op, maar niet zoals bij ons in de kleuterklas. Ze leren hier al rekenen en schrijven.&lt;br /&gt;Tot 9 jaar volgt dan wat je zou kunnen noemen ‘primary school’, en tot je 14 een vervolmaking. Dan volgt middelbare school.&lt;br /&gt;Wat het kost? 2 000Rps voor uniform en schoenen, 2 000Rps voor de boeken, en de lessen zelf 3 000 Rps per schooljaar. Alles samen dus 7 000 Rps (= 125€) Na de negende klas zijn de kosten hoger: 9 tot 11 000 Rps.&lt;br /&gt;‘Kunnen we de school bezoeken? De lessen zijn bezig, maar na wat aarzelen kan het...&lt;br /&gt;Het wordt niet zomaar een kort bezoek. We maken kennis met de elf klassen, en we worden kort voorgesteld in elke klas: ‘Een scienceteacher uit België en zijn vrouw komen in onze school op bezoek!’  We zien Engelse les in òns alfabet. Ernaast is er les Hindu ,in het Indisch alfabet. In een volgende klas staat Urdu op het bord in Arabische lettertekens…Wat moeten die kinderen veel leren. Het is ontroerend plezant.&lt;br /&gt;Met de leraar wiskunde raken we aan de praat.&lt;br /&gt;-Vraagt lesgeven in België ook zoveel energie?&lt;br /&gt;-Ik denk het wel, alhoewel ik heel erg van mijn werk hou. Nu ik hier sta mis ik ongelofelijk de klas.&lt;br /&gt;-Wat doe je hier eigenlijk op dit moment?&lt;br /&gt;-Ik heb 30 jaar les gegeven. Nu kan ik een soort sabbatjaar nemen, en volgend jaar sta ik weer voor de klas.&lt;br /&gt;-30 jaar is heel erg lang. Je moet erg jong geweest zijn toen je begon. &lt;br /&gt;-Ja, 21.&lt;br /&gt;Ik vertel hem over Olva. hoe wij werken en zo.&lt;br /&gt;Christine neemt in elke klas een aantal foto’s, en ik beloof ook foto’s op te zenden van mijn eigen school, in september.&lt;br /&gt;De leraar vertelt in het kort ons gesprek aan zijn klas. Als ik hem hoor zeggen dat ik 30 jaar heb lesgegeven krijg ik een spontaan en daverend applaus. Het roert me tot in het diepste van mijn ziel. Het is de eerste keer in mijn leven dat ik applaus krijg van een klas leerlingen, gewoon omdat ik zoveel jaar les geef. &lt;br /&gt;De les wetenschappen interesseert me natuurlijk het meest. Het handboek is in het Engels en behandelt vele onderwerpen: Zonsverduistering, werking van het oog, bacteriën, kiemen van zaden…Liefst zou ik zelf beginnen uitleggen!&lt;br /&gt;Het lijkt ons een serieuze school, met een heel pak discipline. De kinderen in uniform springen recht, groeten…&lt;br /&gt;Dit schoolbezoek duurt ùren, maar is één van de mooiste ervaringen op deze reis…&lt;br /&gt;-We willen wel in de bres springen voor Hira…&lt;br /&gt;-het is inderdaad zo dat hij het niet kan betalen. Hij is al blij als hij elke dag genoeg verdient om zijn gezin te voeden. Het is goed wat je wil doen. Ik heb een fonds voor mensen die niet kunnen betalen. Indien je wil kun je voor andere kinderen ook iets doen…&lt;br /&gt;-Waarom is onderwijs hier toch zo duur?&lt;br /&gt;-Je kunt ook naar de staatsschool gaan, maar het probleem voor Hira is dat hij nooit de weg vindt naar daar, en de administratie ook niet rond krijgt. En je moet daar ook nog het uniform betalen…&lt;br /&gt;Ook naar hier vinden de meeste arme mensen niet de weg…&lt;br /&gt;We proberen de zoon van Hira bij te werken, zodat hij kan aansluiten bij de klas van zijn leeftijd, en de eerste twee klasjes kan overslaan.&lt;br /&gt;We worden thee aangeboden, voor Hira wordt geen glas gezet. Maar omdat Hira onze vriend is,dan wel:‘Bij ,jullie in Europa is iedereen gelijk, maar bij ons is iedereen verschillend’&lt;br /&gt;De school staat recht tegenover de krottenwijk waar Hira woont, dus we gaan nog langs en nemen afscheid van Rebecca, zijn vrouw. Het wemelt er van de kinderen, die…niet naar school kunnen gaan. &lt;br /&gt;Met Hira spreken we goed af. Het schooljaar begint op 2 april. We weten dat hij de 4 000 Rps onmogelijk op die korte periode kan terugbetalen. We vragen hem wat hij kàn, terug te storten vòòr 2 april. Via het emailadres van een vriend (die we niet erg vertrouwen ) kunnen we in contact blijven. Wij betalen rechtstreeks de school en kunnen de manager ook rechtstreeks bellen hoe het vooruitgaat met de studies.&lt;br /&gt;Onderweg komt een middelbare scholier naast ons fietsen om een praatje te maken. Ik neem zijn handboek chemie van het bagagerek. Hij denkt dat ik er niets van begrijp in het Hindi, maar niets van. Een reactievergelijking is natuurlijk universeel. Ik verbeter een fout, en heb het meeste plezier van de wereld. Weer een beetje leraar vandaag!&lt;br /&gt;We starten de auto. Hira rijdt in de stratenwirwar van Varanasi voor, tot we op de highway 2 naar Dehli zijn. Dan komt onvermijdelijk het afscheid.&lt;br /&gt;Nee, wellicht zien we mekaar nooit weer, maar we blijven in contact.&lt;br /&gt;We geven mekaar een diepe omhelzing. ‘See you in heaven’ fluistert Christine hem toe. Ze werpt hem in de auto nog een zoen toe. Hij werpt er één terug. Een trieste zoen. Hij ziet er zo breekbaar uit als we hem achterlaten…&lt;br /&gt;We voelen ons ook triest. Riiing, riiing,.. iedere fietsriksja is een Hira. We weten ook niet of het goed is wat we nu doen…Waarom is er toch zoveel leed op de wereld…?&lt;br /&gt;Het is stil in de auto. We zijn beiden in gedachten verzonken. Niet erbuiten. Die oorverdovende, allesomvattende chaos op de weg is India. Als je zelf een deel bent van het legertje toeterende auto’s, tussen de fietsers, voetgangers, motorriksja’s, huilende (hebben een speciale toeter, om uit je vel te springen!)  bussen en trucks moet laveren weet je het weer: We zijn in India! &lt;br /&gt;Dìt wordt je snel gewoon, maar die confrontatie met leed en armoede nooit.  Het snijdt in je, door alles heen. Waarom draait alles hier vierkant? Waarom geen vuilnisophaling, waarom voortdurende stroomonderbrekingen? Geen degelijk onderwijs, gezondheidszorg?&lt;br /&gt;Ook als ieder kind met buitenlandse hulp kon naar school gaan zou er niet echt ies opgelost zijn. Het grote vliegwiel van de economie moet beginnen draaien. Waarom dit hier zo traag op gang komt en in pakweg Thailand of China, zelfs in Cambodja na Pol Pot wel, wil ik graag begrijpen. Ik hoop dat een collega economie me dit kan uitleggen…&lt;br /&gt;’s Avonds kamperen we bij een benzinestation en koken op zijn Belgisch.. Het regent pijpestelen en het is een koude herfstavond. Ook dit is India.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;11 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Allahabad – Shikohabad&lt;br /&gt;Het heeft heel de nacht gegoten. Donder en bliksem. Op zich niet erg zou je zeggen. Maar hier…&lt;br /&gt;Alles ziet er zo vuil uit. Mensen ploeteren in het slijk. En dan die huizen. Veel mensen wonen nog slechter dan Hira: één slijkkboel. Zo deprimerend in de mistige vochtigheid. Het laat je nooit meer los&lt;br /&gt;Maar dan. Tussen de plassen ligt een stukje zeildoek opengespreid. Een man verkoopt bananen op zijn eilandje. Een andere kookt eieren.’Natuurlijk kun je er zes krijgen, sir! Wil je niets anders meer?’ Kinderen zwaaien ons toe. Mensen wuiven, glimlachen… En, hoe het mogelijk is dat ze er zo netjes bijlopen begrijpen we niet. Mensen hebben hier een ongelofelijke veerkracht. Ook dit is India. Het India waar we een grote bewondering voor hebben.&lt;br /&gt;Het wordt de ganse dag rijden in het onvoorspelbare verkeer op highway two, en weer kamperen bij een benzinestation. We proberen wat slaap in te halen.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;12 februari&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Sikohabad – Fatehpur Sikri - Jaipur&lt;br /&gt;Agra is in India niet eens een grote stad: 1,3 miljoen inwoners. We moeten de hoofdweg verlaten, en via het centrum van de stad op Hghw 11 raken. Je kunt niet beschrijven wat het is niets te kunnen lezen, en je ongeveer niet verstaanbaar te kunnen maken. Neem er nog het superhectische toeterende verkeer en de mensenmassa bij, en je moet steeds goed opletten, want als men hierin India van nee schudt met het hoofd, betekent dit van ja!&lt;br /&gt;Nu, na een uur rijden we op de juiste weg de stad uit. We komen in een veel landelijker gebied. Je merkt dat mensen het hier veel makkelijker hebben om te overleven: ze verbouwen hun eigen voedsel, en een huis is hier snel opgetrokken. In de stad moet je iedere rijstkorrel aankopen, dat is het probleem waar ook een Hira mee zit: elke dag is er voor het gezin een minimum van 100 Rps nodig.&lt;br /&gt;We stoppen even bij de moskee van Fatehpur Sikri. Was eigenlijk al aangegeven vanop hgw 2! Het is een prachtig gebouw, maar je kunt er niet van genieten omdat een massa kandidaat gidsen, kandidaat parkingwachters, autowassers en verkopers ons als bloeddorstige honden achtervolgen. Je moet het gebouw bewonderen door de armbanden, halssnoeren, postkaarten,… die schreeuwende verkopers voor je neus houden. Te begrijpen, die 100 rupies…&lt;br /&gt;Het is rustig rijden tot Jaipur. Weer een stadje van 2 miljoen zielen. Hectisch. Als dan nog een aantal straten éénrichtingsverkeer zijn, raken we helemaal het noorden kwijt…We nemen een kamer tegen het centrum, en zien achteraf wel waar we zitten. We eten op straat, want we zijn de Indische keuken nu echt helemaal gewoon geworden. Je zou verslaafd raken aan rijst.&lt;br /&gt;We mailen naar huis en ook naar Hira. Alhoewel. Het is eigenlijk naar die vriend die we niet vertrouwen, want hij kan niet lezen of schrijven. Kunnen we de manger van de school helemaal vertrouwen als we méér geld storten? We storten in elk geval het schoolgeld voor de zoon van Hira vòòr we India verlaten, maar voor de toekomst? Misschien zijn er ontwikkelingsorganisaties die in India met dit soort scholen werken? Misschien kunnen we die contacteren, voor we méér doen voor die school? Misschien kunnen we thuis iets doen,  bijvoorbeeld onze dia’s tonen, en de opbrengst ervan aan het schooltje schenken, als we via een organisatie zeker zijn dat het te vertrouwen is? Misschien kan ik stukken van mijn dagboek in een andere vorm uitgeven, en de opbrengst daarvoor gebruiken? We laten alles nog eens goed bezinken, want als we op deze reis al ìets geleerd hebben is het dit: slowly, slowly. De tijd lost alles op. Als een oplossing moet komen, komt het vanzelf voor je voeten gesprongen.&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-1792677980532855851?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/1792677980532855851/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=1792677980532855851' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/1792677980532855851'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/1792677980532855851'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/02/vervolg-7-februari-07-we-komen-direct.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-7139653056995305894</id><published>2007-02-07T17:15:00.000+01:00</published><updated>2007-02-07T17:18:46.574+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>Kupang – Darwin(Australia)&lt;br /&gt;23 januari ‘07&lt;br /&gt;Het kleine tweemotorig toestelletje van Merpati bonkt op de landingsbaan van Darwin! We remmen hard af. Welcome to Australia!&lt;br /&gt;De grensformaliteiten zijn snel afgehandeld, het elektronisch visum is in orde.&lt;br /&gt;De grenscontrole is zeer streng. De bagage wordt volledig ingescand en uitgehaald. Je mag geen voedingswaren overbrengen, zelfs geen koffie!&lt;br /&gt;Oei. we hebben een ananas bij in mìjn rugzak. De zak van Christine wordt helemaal uitgehaald, maar gelukkig de mijne niet, anders zaten we in deep trouble, want hier wordt niet gelachen!&lt;br /&gt;Met de airportshuttle raken we vlot in het centrum. Wat is alles hier netjes en goed georganiseerd! Het is wennen, na het chaotische Indonesia.&lt;br /&gt;We nemen een goedkope kamer in het jouthhostel ‘Youth Shack’.&lt;br /&gt;Wat een mooie kamer. Naar Europese normen écht geen luxe, maar voor ons…!&lt;br /&gt;Er is hier zelfs een klein zwembad, en internet, en een mooie keuken! So, to the supermarket for selfcooking!  &lt;br /&gt;Je loopt  verdwaasd tussen al die luxe! En dit op een uurtje vliegen van Timor. Niet te geloven. Het is net als thuis. &lt;br /&gt;Ik denk voortdurend: ‘nè, der zijn hier nog toeristen’. Maar, het is natuurlijk de blanke Australische bevolking. Wat raar. &lt;br /&gt;Vooral de enorme energieverspilling stoot tegen de borst: klimatisering met de deur wagewijd open, lichten blijven maar branden…Als ze enkele honderden kilometers hiervandaan maar een fractie van dìe energie zouden hebben…Het is onwezenlijk, en toch, het is je eigen wereld waar je binnenkomt.&lt;br /&gt;We bellen met skype direct naar huis en naar onze ouders. Het doet deugd iedereen te horen! &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;24 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Darwin&lt;br /&gt;Omdat onze tijd hier in Australië nogal beperkt is moeten we vandaag snel handelen en zo vlug mogelijk onze reis naar Melbourne plannen. Een auto huren schijnt hier relatief goedkoop te zijn. Ik vraag dit na op de hotelreceptie maar de prijzen vallen helemaal niet mee. Het kost ons zeker 1 000 € aan huurprijs voor een week. Brandstof en verzekering komen er dan nog bij, om de 3 000 km naar Melbourne te overbruggen, en dan heb je in het binnenland nog niets gezien. We onderzoeken andere mogelijkheden. De trein is nog duurder. Wanneer we dan besluiten toch een wagen te huren blijken er nergens beschikbaar, omdat het hier nog zomervakantie is.&lt;br /&gt;Bus en vliegtuig zijn ongeveer even duur. Een ticket naar Alice Springs kost 200 Austr Dollar (=125 €) We willen wel over land reizen…We raken er niet uit.&lt;br /&gt;In het youth hostel zijn we echt met ons gat in de boter gevallen. Niets is teveel om ons te helpen, en dat is nodig, omdat ieder land zijn eigen systeem heeft. Openbaar vervoer is hier vaak veel duurder dan een excursie met jeep. Raar maar waar.We bekijken een aantal brochures, en merken dat we goedkoper in Melbourne raken, als we een aantal woestijntochten  aan mekaar koppelen. We maken het volgend schema:&lt;br /&gt;-Eerst met de local bus naar Palmerston, 15 km verder. Het is dan nog 1500 km naar Alice Springs, zodat we een 1 500 km pas kunnen nemen voor het openbaar vervoer&lt;br /&gt;-Daarna de lijnbus naar Alice Springs: een dag en een nachtje bussen&lt;br /&gt;-We komen echter te laat om daar nog te vertrekken, maar de volgende morgen nemen we een driedaagse woestijnexcursie in de central desert.&lt;br /&gt;-Aansluitend een tweedaagse excursie: vertrek Alice Springs, drop off in Adelaïde&lt;br /&gt;-De volgende dag een driedaagse trip tot Melbourne.&lt;br /&gt;-We hebben dan nog één dag over om Melbourne te bezoeken voor we terugvliegen naar Bangkok!&lt;br /&gt;Het is een wonder dat alles zo haarfijn in elkaar past, omdat die excursies op vaste dagen vertrekken!&lt;br /&gt;We boeken alles, eten en hostals inbegrepen. Voor ons beiden ongeveer 1 000€.&lt;br /&gt;Australië is een peperduur land! We zouden het hier niet lang uithouden met mijn uitkering.&lt;br /&gt;In een halve dag is alles geregeld. We hebben nog wat tijd om Darwin te bezoeken. Eerst naar het gemeentemuseum. Het valt wat tegen, maar geeft toch een mooi beeld van de flora en fauna in de Northern Territories. De zoetwaterkrokodil kom je maar best niet tegen. Brrr, wat een kanjer!  Evenmin de 3 soorten jellyfish.(kwallen) Hun netelcellen zijn dodelijk!&lt;br /&gt;Een andere afdeling geeft de geologische geschiedenis en de evolutie van het leven van Australië weer. Natuurlijk, want de stad is genoemd door zijn ontdekker (de kapitein van de Beagle apropos), naar de vader van de evoutieleer, Charles Darwin. &lt;br /&gt;Eerst vormde Australië  samen met de andere continenten één oercontinent   Pangea. Daarna splitste Gondwana(=Antarctica en Australië) zich af van Pangea. Tenslotte begon Australië aan zijn eigen, eigenzinige zwerftocht; waardoor het leven hier op een totaal andere manier evolueerde. Biologisch kun je dit ook makkelijk aantonen: op de tijdschaal zie je de verdere evolutie van het dierenrijk. En dan komt de mens. Uit Afrika. Via Thailand, Maleisië en de Indonesische eilanden: Java, Bali, Lombok, Sumbawa, Flores, en Timor tot hier.&lt;br /&gt;We volgden dezelfde eeuwenoude route, 50 000 jaar later. Ontroerend.&lt;br /&gt;Via de kustwandelroute komen we terug in het centrum van Darwin. De zee is niet echt mooi, zeker na Indonesië, en met de jellyfish moet je er niet aan denken te zwemmen…&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;25 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Darwin – Katherin – Tennant Creek&lt;br /&gt;De busrit dwars door de ‘Outback’ is prachtig. Eén van de dunst bevolkte en onherbergzaamste gebieden van de wereld. De weg boort zich door een gebied dat schaars bebost is, en waar de grassen nu in het regenseizoen volop groen staan. De aarde is donkerrood. We rijden de ziel van Australië binnen. Een heel ander Australië. Waar we stoppen wemelt het van de Aboriginals. Blanken zijn hier in de minderheid. Maar, vele Aboriginals zijn er slecht aan toe! Het zijn clochards. Ze hangen rond, onverzorgd. Sommigen zijn dronken. Iemand komt naar ons toe: Heb je 5  dollar? We weten dat ziektes, alcoholisme en werkloosheid hoog zijn onder de oorspronkelijke bevolking van dit continent, en dat merk je nu op straat. Deze mensen zijn volledig ontheemd. Het is een trieste aanblik.&lt;br /&gt;Vandaag rijden we onder de zon door. Op 21/12 stond de zon loodrecht boven de steenbokskeerkring, dit is op 23°ZB, of net de ligging van Alice Springs. De zon schuift nu langzaam op, richting evenaar, waar hij loodrecht boven zal staan op 21/3. Je kunt dus makkelijk uitrekenen dat de zon vandaag loodrecht boven de breedtelijn van 14° ZB zit. Dit is iets ten zuiden van Katherin. We stoppen er net om 12.30 h. Ik neem een foto van een loodrechte paal in de zon, zònder schaduw ernaast. Verbluffend! We staan loodrecht onder de zon. Tot hier toe zat de zon ’s middags in het zuiden. Vanaf nu in het noorden! En je merkt het heel goed omdat we pal zuid rijden op de bus: na een halfuur zie je dat de verkeersborden weer een kleine schaduw geven, maar nu aan de zuidkant. Het is een prachtervaring dit met je eigen oogjes te mogen zien! Men wist reeds in de oudheid, dat als je maar ver genoeg langs de Nijl zuidwaarts trok, er een moment op het jaar was dat er géén schaduw meer was. De verklaring voor dit fenomeen van de sterrekundigen in die tijd is jammer genoeg verloren gegaan in de grote brand van de bibliotheek van Alexandrië. We hebben nog duizenden jaren moeten wachten op Galileï, en vooral de wetten van Keppler om een volledig inzicht te verkrijgen in de  interne beweging van ons zonnestelsel…&lt;br /&gt;Het is verder genieten. De begroeiing wordt schaarser. De zon zakt langzaam onder de horizon en zet het landschap in het westen in een vuurrode gloed… De eerste sterren…Het landschap schuift verder onder de twinkling stars. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;26 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Tennant Creek – Aileron – Alice Springs&lt;br /&gt;De bus stopt regelmatig om post in de omgeving te verdelen. We moeten er dan iedere keer uit, waardoor je niet kunt doorslapen. &lt;br /&gt;De chauffeur krijgt het tijdschema door de vele postpaketten bijna niet rond. Stress! Hij wordt kwaad omdat het nog 10 seconden duurt om iets uit mijn rugzak te halen. Het is vreemd, na slowly slowly Azië. Zo’n nachtje bussen kruipt toch echt wel in de kleren., maar de zonsopgang boven het ruwe Australische binnenland is zò adembenemend dat je dit snel vergeet.&lt;br /&gt;‘Just in time’ in Alice Springs, om 9h.&lt;br /&gt;We nemen een kamer in Annie’s place, een backpackers hostal. Er is een klein zwembad. Het doet deugd bij méér dan 40°C.&lt;br /&gt;We nemen het voor de rest van de dag op ’t gemak: wat lezen, foto’s klasseren, verslag schrijven, zwemmen en eens een goede maaltijd klaarmaken zoals thuis: gebakken vis met aardappelpuree en bloemkool. &lt;br /&gt;Ook hier maken Aboriginals een triestige indruk. We vragen ons af waarom.  Hun blik is levensloos…Op blote voeten lopen ze de geklimatiseerde supermarkt binnen, precies recht uit de bush. Zielig.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;27 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Alice Springs – Eridunda – Yulara – Uluru&lt;br /&gt;Vertrek om 6 h, in zuidelijke richting op de Stuart Highway. De tour waarvoor we boekten gaat niet door, maar het youth hostal waar we logeren heeft een overeenkomst met een andere maatschappij, om ons erbij te nemen. Alleen, de tour kost net het dubbel! Gelukkig niet bij te passen door ons. Het is zo’n beetje de ‘betere tour’, a la ‘back to nature’ en ‘small groups are beautiful’.&lt;br /&gt;Voor ons niet gelaten.&lt;br /&gt;Het is een lange rit naar het nationaal park, maar het steekt geen moment tegen: adembenemend mooi! De rode okerkleurige bodem en de staalblauwe lucht, gecombineerd met de prachtige plantengroei zouden Van Gogh een delirium bezorgd hebben. De gids vertelt dat we ‘lucky ones’ zijn: vorige week, viel hier de neerslag van een heel jaar, wat niet normaal is voor het hete zomerseizoen, waar we nu middenin zitten. De woestijn reageert daar direct op: zaden ontkiemen vliegensvlug, en andere planten komen in enkele dagen tot bloei. Het is hier dus net lente, in…de zomer! &lt;br /&gt;Onze eerste stopplaats  in het Uluru National Park is het infocentrum ivm de Aboriginals. We willen er graag meer over weten, want wat we tot nog toe zagen klopt niet met de vele boeken die we lazen thuis over de Aboriginalcultuur. We hebben veel sympathie voor die manier van leven, in complete harmonie met de natuur.&lt;br /&gt;In het infocentrum wordt dit ook uitgelegd.&lt;br /&gt;Het beheer van het nationaal park is een samenwerking tussen de ‘zwarte’ traditionele kennis en de ‘witte’ wetenschappelijke kennis  &lt;br /&gt;Het is allemaal prachtig, maar we zìen hier geen Aboriginals?? Zelfs aan de balie of de souvenirshop niet.&lt;br /&gt;Uitleg van de gids: Aboriginals hebben niet de cultuur om je ‘aan te kijken’. Iemand aankijken getuigt van heel weinig respect voor de persoon. Ze kunnen in deze jobs dus ook niet ingezet worden. Hum. Ik denk er het mijne van.&lt;br /&gt;We wandelen rond de ‘heilige Uluru monoliet’. Uit respect voor dit heilige der heiligen vragen Aboriginals de rots niet te beklimmen, wat we dan ook niet doen.&lt;br /&gt;Uluru zelf is schitterend. Een bloedrode monoliet in dit onwezenlijke woestijnlandschap. Je zou er ùren rondwandelen. Plots, aan de voet vinden we een waterreservoir! Het énige in de heel brede omgeving dat nooit uitdroogt. Je zou een berg voor minder heilig verklaren als je leven ervan afhangt in tijden van droogte. De gids bespreekt met ons de rotsschilderingen en plaatst dit alles in de Aboriginalcultuur. We komen diep onder de indruk van de ongelofelijke kennis en harmonie. Eén voorbeeld: Blanken hebben steeds geprobeerd brand in de woestijn te vermijden. Aboriginals wisten dat gecontroleerd afbranden na het regenseizoen nodig was, omdat bepaalde zaden maar ontkiemen na brand! &lt;br /&gt;We kunnen ook vele vreemdsoortige reptielen fotograferen. Een wereld van onbeweeglijkheid en stilte.&lt;br /&gt;Op onze ‘terug naar de natuurtocht’ slapen we natuurlijk buiten. In een ‘swag’. Dit is een soort impermeabele zak, met een kleine matras in, gebruikt door de ‘Outbackveteranen’. Je kunt er je slaapzak inleggen.  We leggen de swag neer op het rode zand. Je waant je op de rode planeet Mars! Het is heerlijk onder de sterrenhemel te slapen. We leren het zuiderkruis te vinden, maar jammer genoeg kan niemand ons vertellen hoe je dan daaruit het zuiden kunt afleiden. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;28 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Yulara – Kata Tjuta – Kings Creek&lt;br /&gt;Vier uur in de morgen: ‘Hello guys, wake up for the sunrise!’ &lt;br /&gt;In het donker opbreken, en nu naar Kata Tjuta. We zien de zon opkomen boven dit prachtige gebied, en wandelen de hele voormiddag in de ‘valley of the wind’, een indrukwekkend canyon, opgebouwd uit bloedrood conglomeraat. Zo’n machtige natuur &lt;br /&gt;is zalf voor de ziel. Ook dit is een heilige plaats. We worden verder ondergedomeld in de prachtige harmonie van de Aboriginals: Aboriginal betekent ‘de mensen’. Mensen zijn één met de natuur. Je kunt een land niet bezitten, nee, je bent er een deel van. Je mag het in dit korte leven gebruiken om te overleven, niet méér dan nodig, en in vol respect, want het is een deel van jezelf. Het stuk land dat je mag gebruiken hangt af van de hoeveelheid beschikbaar voedsel en water op dit gebied. In het zuiden van Australië leefden veel meer stammen kort op mekaar, omdat het er makkelijker overleven is dan hier in dit superhete, droge woestijngebied. Temeraturen van boven de 50°C zijn hier normaal, maar ook -10°C ’s nachts…&lt;br /&gt;We brengen de nacht door te midden van de woestijn. Er is ons gezegd in primitieve omstandigheden: Een ‘bush shower’ en ‘bush toilet’. Ik stel me daar een put in de grond bij voor, waar je boven moet schijten, en een emmer water met een pot om over je hoofd te gieten. Niet waar in Australië. Tussen de struiken staat een heus toilet met spoelbak en WC papier incluis. Wat verder een douche, ook…zoals thuis. Ik vind het een beetje raar zoveel water te gebruiken in een gebied waar er zo’n waterschaarste is… Ik zeg tegen de gids dat ik dit bush-luxuary vind. Wat zouden Aboriginals daar in hùn cultuur over denken? Voor mij niet gelaten hoor, maar het bewijst wat Truganini getuigt: ‘Wij passen ons aan, aan de natuur. Blanken passen de natuur aan, en gebruiken hem als wegwerpvoorwerp. Tegen zo’n manier van denken kunnen wij niets beginnen.’&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;29 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kings Creek – Alice Springs&lt;br /&gt;We vertrekken weer voor dag en dauw, om de lange wandeling  in Kings Creek Canyon vòòr de grootste hitte te kunnen doen.&lt;br /&gt;Dit prachtige canyon is een schoolvoorbeeld van winderosie. Geologische factoren en water hebben eeen diepe vallei uitgesleten. De wind heeft dit verder geërodeerd, zodat je je nu net in de ruïne  van een verlaten stad waant! Je kunt de pracht van dit gebied niet onder woorden brengen. Het is genieten, genieten…&lt;br /&gt;We zwemmmen in het machtige canyon. Is dit wel respectvol omgaan met zo’n heilige plaats, in een gebied waar drinkwater zò schaars is?&lt;br /&gt;De aanpassing van planten blijft verbazen. De ene plant is al 400 jaar oud, omdat hij maar 1 cm per jaar groeit, terwijl de andere dan weer zijn eigen natuurlijke zonnecrème maakt!&lt;br /&gt;Samen met de werkende Bromovulkaan en de onderwaterwereld behoort wat we in de voorbije dagen zagen tot het indrukwekkendste van onze reis.&lt;br /&gt;Het is een lange weg terug naar Alice Springs, deels over onverharde wegen. &lt;br /&gt;We wisselen van jeep, toevallig nét aan de rand van een Aboriginal nederzetting.&lt;br /&gt;De mensen wonen in redelijke huisjes, maar zien er weer zo zielig uit. Uit de vele berichten aan de muur van het gemeenschapshuis kun je afleiden dat er hier een reuzegroot drug-en alkoholprobleem is, met bijhorende criminaliteit. Mensen sloffen volledig levensmoe, onverzorgd de supermarkt binnen, gerund door…een blanke. Slechts één bericht doet je denken aan de vroegere prachtige harmonie met de natuur: WARNING: Issues such as global warming, population growth and the depletion of natural resources are being ignored by the worlds leaders despite threatening the foundations of our existence on planet earth. There is a chronic lack of leadership. Pity your grandchildren.&lt;br /&gt;Misschien krijg je ooit gelijk, Truganini: ooit spuwt de aarde jullie uit…?    &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;30 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Alice Springs – Coober Pedi (South Australia)&lt;br /&gt;We vertrekken weer vroeg, voor de 750 km durende rit naar Coober Pedi, langs de Stuarthighway.&lt;br /&gt;Het rode Marslandschap ontplooit zich in al zijn glorie. Het is bloedheet en zweten geblazen,  zelfs met de ruiten open, omdat de jeep niet geklimatiseerd is. Toch veel liever zo, omdat je alles veel dieper ervaart. Je weet anders niet wat een rit in 50°C is, alle geuren dringen tot je door, je proeft het woestijnstof, je haar wappert in de wind… heerlijk!&lt;br /&gt;Regelmatig passeren we een bordje:’Keep you alive!’ Je mag er inderdaad niet aan denken bij zo’n temperaturen een panne op te lopen en geen drinkwater bij te hebben! Geen streepje schaduw. Enkel de moordende zon.&lt;br /&gt;De weg zindert in de hitte. Er is weinig verkeer. Regelmatig passeert ons een ‘road train’. Dit zijn reusachtige trucks, met 3 of 4 opliggers. &lt;br /&gt;Een half uitgedroogde rivier is de oudste rivierbedding op onze planeet. Vormde samen met de Kongostroom en de Amazone op Gondwana ooit één riviersysteem.&lt;br /&gt;We rijden de staat ‘South Australia’ binnen, en draaien weer een uur door. Je staat er niet bij stil in Europa, maar Australië is net als België een federatie met aparte staten, met grenscontrole en een eigen parlement en zo. Je mag weer geen voedingswaren over de grens brengen, omwille van de ziekteverspreiding.&lt;br /&gt;Het landschap is grandioos, en blijft eindeloos variëren. Wat is dit een prachtig land, met ruimte, ruimte, ruimte…!&lt;br /&gt;Langzaam wordt, naar het zuiden toe, de begroeiing nog schaarser. Het land is hier zò heet, dat mensen hun huizen uitgraven in de bodem, en intussen naar opaal zoeken. Ook wij slapen vanavond in zo’n ondergrondse ‘frisse’ruimte. Het is er zeker nog méér dan 25°C! Merkwaardig. Nog merkwaardiger is de ‘konijneafsluiting, die we wat verder paseren. Ze is ooit 9400 km lang geweest, , van west naar oost, en moest de konijnen uit N Australië tegenhouden. Ze hadden geen natuurlijke vijanden in dit nieuwe continent, zodat ze zich ongebreideld konden voortplanten en een ware plaag werden! &lt;br /&gt;Tijdens de rit is er wat tijd om ons verder te verdiepen in het probleem van de aboriginals, dat ons blijft intrigeren. We lezen bij over het probleem en hebben geluk met de chauffeur. Hij heeft zich verdiept in leven en cultuur van die mensen en neemt geen blad voor de mond. &lt;br /&gt;Terwijl we door dit hete landschap rijden denk ik aan Dirk. De slaplantjes zijn gearriveerd. Dit is niet zomaar een gebeurtenis, nee, het is het eerste teken van de naderende lente thuis. Een ritueel, gevolgd door een kleine onuitgesproken straatwedstrijdje: om ter eerst sla.Elk jaar steevast gewonnen door… Dik of Arnold.  Je mist het. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;31 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kuber Peedi – Adelaïde&lt;br /&gt;Kuber Peedi kan ons niet echt bekoren, wel het landschap errond. Net als op de maan, oa door de opaalontginning.&lt;br /&gt;Het bizarre landschap schuift verder. Rood, rood, rood.&lt;br /&gt;Plots zien we een staalblauw meer, omgeven door een witte rand: een zoutmeer.&lt;br /&gt;Vroeger dacht men dat er een grote binnenzee in het centrum van Australië moést zijn, omdat de meeste rivieren richting binnenland stromen. Achteraf heeft men ontdekt dat ze na enkele duizenden kilometers uitgedroogd zijn, of in vele aparte zoutmeren uitmonden.&lt;br /&gt;We passeren een ‘verboden’ gebied, de grootte van Oostenrijk. Het is voor 2 miljoen jaar onbewoonbaar, omdat Britten en Amerikanen er kernbommen lieten ontploffen. Spijtig genoeg leefden er dan ook nog Aboriginals in dit gebied, maar ja, meneer, ze konden niet worden opgespoord omdat ze geen vaste woonplaats hadden.  Officieel waren er geen slachtoffers. De Ab bevolking weet dat er duizenden mensen ziek werden en stierven. Ook nu is er nog niets opgeruimd, en komt er nog steeds radioactiviteit vrij…Dit betekent, dat als de Neanderthalers zo’n proeven zouden gedaan hebben, dit nu nog steeds radioactief zou zijn! Waarmee zijn we eigenlijk bezig? &lt;br /&gt;Als we de kust naderen wordt de hitte weer draaglijk maar het landschap heeft hier heel wat minder te bieden. Rond 19 h rijden we doodmoe Adelaide binnen.&lt;br /&gt;We belanden in de Backpackers Oz. Net op woensdag kun je hier aanschuiven voor een gratis barbecue. Dat is kunnen passen. We raken in gesprek met een Duits student.&lt;br /&gt;-Waarom reizen zoveel Duitsers in Australië?&lt;br /&gt;-Het is bij ons een echte hype geworden. Als je 18 bent mòet je precies naar Australië, vòòr de aanvang van je studies. Je kunt er werken, dus selfsupporting  reizen, en ook je Engels leren. Maar het is wel een beetje een mythe.&lt;br /&gt;-Hoezo?&lt;br /&gt;-Je moet al 1 000€ vliegticket en 700€ verzekering ophoesten. Als je hier dan toekomt is het niet zo gemakkelijk werk te vinden, en als je dan eindelijk iets vindt is het vaak slecht betaald, in de fruitpluk of schoonmaak of zo. Je kunt in dit peperdure land met zo’n laag loon niet eens in je eigen levensonderhoud voorzien. En als je dan nog wat wil reizen…Je moet voortdurend spaarcenten bijpassen!&lt;br /&gt;Vrienden van me leenden geld voor hun ticket, en dachten het hier terug te verdienen. Ze zitten goed in de puree.&lt;br /&gt;En, wat het Engels betreft, ik praatte hier al veel meer Duits dan Engels. Het stikt van de Duitse jongeren. Je belandt hier gewoon weer in je eigen wereld.&lt;br /&gt;-Waarom maak je de oversteek niet naar Indonesië als je wat verdiend hebt? Het is maar enkele honderden kilometers ver, zelfs dichter dan Darwin?&lt;br /&gt;Ik krijg een twijfelachtige blik. Dit is duidelijk een brug te ver voor deze 18-jarige jongen. Begrijpelijk ook.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;1 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Adelaide – Halls Gap (Victoria) &lt;br /&gt;Een nieuwe tour brengt ons in drie dagen naar Melbourne.&lt;br /&gt;Eerst het national park van de Grampians. De Mc Kenziefalls zijn niet erg overtuigend. De uitzichtspunten evenmin. Misschien omdat je van de Himalaya komt? Ook omdat je overal naartoe gevoerd wordt. De very big and steep walk kun je in een half uur en in een rolstoel afleggen. Nogal boaring naar onze normen.&lt;br /&gt;’s Avonds zoeken we een ‘kangoeroespot’. De dieren komen grazen. Als je voorzichtig bent kun je ze tot op enkele meters naderen. Echt fascinerend om te zien hoe een jong in de buidel gezoogd wordt, hoe ze spelen of vechten met mekaar…  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;2 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Halls Gap – Killamey - Port Campbell&lt;br /&gt;Het cultureel centrum van de Aboriginals is de moeite! Het is de eerst maal dat het probleem écht getoond wordt zoals het is!&lt;br /&gt;Je wordt er stil van. Het onrecht aan die mensen aangedaan is niet onder woorden te brengen. We beginnen het nu een beetje te snappen. Van het klein miljoen Aboriginals is nu nog een 200 000 over. Je krijgt het bloed in je mond bij de fototentoonstelling en de vele moordpartijen. Toen uitroeiing niet lukte is een apartheispolitiek gevoerd met verplichte vestiging in nederzettingen. Ook dit was geen groot succes. De volgende stap was ‘volledige integratie’. Dit ging zo: Op een dag stopte een auto in het dorp, en werden alle kinderen door de politie opgeladen. Ze werden voor ‘heropvoeding’ in een missietehuis of pleeggezin geplaatst vaak onder erbarmelijke omstandigheden. Dit werd toegepast tot in de ‘70er jaren! Ook nu zoeken nog veel ouders naar hun kinderen. &lt;br /&gt;In de jaren ’90 pas kwam de kentering. De Ab cultuur werd erkend, en  ook burgerrechten en stemrecht werden toegekend. De gevraagde officiële verontschuldiging voor wat is gebeurd blijft wel nog steeds uit. &lt;br /&gt;Toch heeft de regering de laatste jaren geprobeerd vroegere fouten weer goed te maken door autonomie te verlenen voor grote gebieden en schadevergoeding uit te betalen. De opbrengst uit de mijngebieden stroomt nu ook gedeeltelijk terug naar de Aboriginalgemeenschap. Toch leven de Aboriginals nog steeds op een manier die niet de hunne is, op de slechtste plaatsen in Australië. Aan de kusten kom je ze bijna niet tegen. Die trieste blik laat je nooit meer los. &lt;br /&gt;Maar er is een revival bezig in vele gemeeschappen. De meeste mensen willen niet meer met hun speer gaan jagen, maar willen een integratie van de eigen cultuur in een evoluerende samenleving in respect voor de eigen gewoontes.&lt;br /&gt;In realiteit leven de meeste Ab van een uitkering, volledig ontheemd, met alle problemen vandien. Je kunt het vergelijken met de situatie van onze Allochtone jongeren, die ook allerlei problemen veroorzaken omdat ze geen toekomst zien. Hier is het nog erger, omdat het hun éigen land was.&lt;br /&gt;Ja, blanken passen zich overal aan…Ik ben beschaamd een blanke te zijn als ik zie wat er hier is gebeurd, en nog beschaamder in een land te wonen waar de grootste partij zo’n lulkoek verkoopt…&lt;br /&gt;Op de hoogste top in the Grampians is een aandenken geplaatst aan ‘Mc Dendienen..’, die in 1830 de top bedwong. Hoe belachelijk, als je weet dat Aboriginals, die toch à propos òòk Australiërs zijn hier al 50 000 jaar komen. Het moet er toch eens uit. Met onze gids heb ik het volgende gesprek aan tafel:&lt;br /&gt;-Jullie komen uit België, Europa?&lt;br /&gt;-Yes, yes.&lt;br /&gt;-Wat vind je het grootste verschil met Australië?&lt;br /&gt;-Het gebrek aan geschiedenis. Alles is rechtijnig, nieuw.&lt;br /&gt;-Ja, wij zijn een heel jong land.&lt;br /&gt;-Pardon, jullie hebben hier de oudste beschaving van onze planeet, en ook geologisch is dit continent het vroegst van de anderen weggedreven. Maar je moet het willen zien.&lt;br /&gt;-Hoezo? &lt;br /&gt;-Wel, het stoort me een beetje dat jullie geschiedenis begint met de ‘blanke pioniers’ die jullie zò vereren. Waarom kun je niet op een bergtop plaatsen dat vòòr de eerst Europeaan in 1830 daar al 50 000 jaar Aboriginals kwamen? Waarom negeren jullie dit? Het is toch de geschiedenis van jullie land? Aboriginals zijn toch ook Australiërs?&lt;br /&gt;Het wordt muisstil aan tafel…&lt;br /&gt;-Yèh, yèh,…&lt;br /&gt;Na de middag komen we op ‘the great oceanroad’. Een schitterende falaisekust.&lt;br /&gt;We stoppen op de meest schilderachtige plaatsen. Oa ‘Martyr Bay’. Eén van de vele plaatsen waar honderden Aboriginalpeople neergeschoten werden, of in zee geduwd. Gewoon om ervanaf te zijn… Weer vermeldt een plakkaatje wie hier eerst in de baai per schip toekwam. Geen enkel plaatje herinnert aan de vele slachtoffers…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;3 februari&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Port Campbell nat park – Otway nat park – Bells beach – Melbourne&lt;br /&gt;Vandaag twee andere delen van de kust: de groene kust en de surfkust. Een stukje gematigd regenwoud doet ons plots een heel stuk meer nog het tropisch regenwoud uit Maleisië apreciëren!&lt;br /&gt;Samen met de kleurrijke tropische vogels zijn koalaberen in de Eucaliptusbomen een speciale attractie…&lt;br /&gt;Heel mooi, maar zeker niet zo overtuigend als het binneland. Voor ons is dit het echte Australië!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;4 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Melbourne&lt;br /&gt;Een bruisend moderne stad, maar toch niet echt ons ding. Missen we het swingende van een Aziatische stad?&lt;br /&gt;Vanaf de haven van Melbourne vertrekken de ferry’s naar Tasmanië. We kijken uit over het water. Truganini…&lt;br /&gt;Melbourne is de verste plaats op onze reis. Morgen beginnen we eigenlijk aan onze 5 maand durende terugkeer. Een raar gevoel &lt;br /&gt;Wellicht gaan we nooit meer zo ver weg van ons geliefde Europa.&lt;br /&gt;Als we hier héél ver dòòr de aarde konden kijken zagen we nu de schoenzolen van onze vrienden en familie, hangend aan de aarde. En…voor ons is het nu zondagmorgen 8 h, Voor hen zaterdagavond 22 h!   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;5 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Melbourne – Bangkok&lt;br /&gt;Gekukkig is het vandaag maandag, en kunnen we een in een bureau van Thai air ons ticket naar Varanasi checken. Het is in orde. Joepie!!! Dus toch. Overmorgen vliegen we terug naar onze auto. Hoe zou het met Hira zijn?&lt;br /&gt;We nemen de skybus naar de luchthaven. Check in:&lt;br /&gt;-Geen fuel of gas mee?&lt;br /&gt;-Oei. Er zit nog een restje benzine in onze MSR fles…&lt;br /&gt;-We nemen hem in beslag…&lt;br /&gt;-Momentje!! Ik raak wel van die paar druppels benzine af.&lt;br /&gt;-We mogen het niet meer ruiken.&lt;br /&gt;Ook na uitspoelen met zeep enz mogen we de fles niet meenemen. Ik maak me goed kwaad en smijt hem in de handbagage.&lt;br /&gt;We bedenken een list. Christine spoelt de fles nog vele malen uit, tot hij naar zeep ruikt. De plastieken pomp blijft naar bezine ruiken, maar steken we in een plastiek zakje bij de computer. Gaat makkelijk door de elektronisch scanning. De aluminium fles wordt gededecteerd en bekeken. OK.&lt;br /&gt;Maar na de scanning worden we uitgepikt. Ze zijn verwittigd, natuurlijk! Alles wordt gecontroleerd op ‘explosifs’ zogezegd. De man is verwonderd. Nee, de fles ruikt niet. Computervalies open. Kijkt òver het zakje met de pomp. We glimlachen als engeltjes. Natuurlijk hebben we geen explosieven, sir…&lt;br /&gt;Ja, douaneformaliteiten kunnen soms spannend zijn.&lt;br /&gt;De vlucht naar Bangkok  duurt 9 uur, waarvan 4 uur boven Australië om de &lt;br /&gt;4 000 km te overbruggen die wij overland aflegden. Een wit lint slingert zich door die prachtige rode woestijn: de Stuarthighway. We zien nog veel meer: zoutmeren, witte zandvlaktes, rivierbeddingen, en rood, rood, rood…Je wil hier direct terug komen, het binneland verder doorkruisen. Wat we hier konden bewonderen behoort tot het mooiste van deze reis!&lt;br /&gt;Plots zien we het vliegveld van Darwin, waar we toekwamen. De kustlijn erachter. Net een landkaart van op 13 000 m hoogte.&lt;br /&gt;Good Buye, Australia…!&lt;br /&gt;We zijn dankbaar voor het toeval dat ons in dit continent bracht. We starten in de stad, genoemd naar de vader van de evolutieleer. Een trendsetter voor ons! De geologie en evolutie van onze prachtige blauwe planeet konden we bewonderen in de extremen van dit continent. Het permanent evolueren, veranderen van de aarde en zijn levensvormen. Als op geen enkele andere plaats op aarde ondervinden de Aussies wat opwarming van de aarde betekent. Het is hier al enkele jaren extreem droog door het stijgende broeikaseffect. Australiërs zijn daardoor méér milieubewust dan de doorsnee Europeaan: De kranten staan er bol van.&lt;br /&gt;We hebben ze ervaren als vriendelijke, rustige en behulpzame mensen, nogal opgesloten in hun eigen wereld: ‘we and the UK’. De geschiedenis begint met Captain Cook. Andere talen? Nog wel van gehoord, ja.&lt;br /&gt;De blanken hebben van dit land een modern land gemaakt. De helft van Azië wil hier direct komen wonen! Zouden de Europeanen Australië niet ontdekt hebben, dan waren het de Chinezen of Japanners die de Aboriginals in de moderne tijd brachten. &lt;br /&gt;Hoe pijnlijk dit verlopen is kun je hier zien. Een volk bijna uitroeien en zijn waardigheid afnemen is het ergste wat je iemand kunt aandoen. Dit verdriet van de Aboriginals is veel erger dan de armoede van Hira, die maar kan dromen van hun uitkering. Die blik laat je nooit meer los: dit land is ondergedompeld in hun tranen…&lt;br /&gt;Toch is de toekomst hoopvol: er is een kentering: erkenning van hun unieke cultuur als oudste beschaving van de wereld. &lt;br /&gt;Truganini, voor jouw Tasmaanse volk is het te laat gekomen, maar door je indrukwekkend getuigenis leef je verder in vele harten. Het Aboriginalgedachtengoed wordt oa door jou in de toekomst vast veel meer een deel van de Australische cultuur en geschiedenis en ook van het werelderfgoed. Misschien zullen we een stukje van jullie harmonie met de natuur hard nodig hebben om onze planeet morgen leefbaar te houden.&lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;6 februari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bangkok&lt;br /&gt;Omdat we met een tijdsverschil van 4 uur in de kleren zitten, zijn we al wakker om 4h ’s ochtends. Nogal op tijd voor ons Iraans visum dus, dat we direct meekrijgen. Alhoewel:&lt;br /&gt;-Je kunt hier de visa niet betalen, je moet dit overschrijven in de ank, en de overschrijving meebrengen, morgen&lt;br /&gt;-Morgen? Je zei ons in december dat we het direct meekregen?&lt;br /&gt;-Nee, pas morgen.&lt;br /&gt;-Maar dat kan niet, we vliegen morgenochtend naar India!&lt;br /&gt;-ja, ja…, en dan na wat aarzelen:&lt;br /&gt;-kom vanmiddag terug.&lt;br /&gt;Oef. We hebben weer dat kleine tikkeltje geluk gehad, elke dag broodnodig op zo’n reis… &lt;br /&gt;Yesss!!! Alle papieren en ticketten zijn nu in orde tot thuis! Als we heelhuids thuisraken gaan we wel een héle dikke kaars branden in de Rue St-Jacques…&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;7 februari&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bangkok – Varanasi ( India)&lt;br /&gt;Met een paar uur vertraging door de mist landen we in Varanasi. Het is hier uitzonderlijk koud en mistig. Je waant je in België in de herfst!&lt;br /&gt;Na de vlotte grensformaliteiten en een korte taxirit staat daar warempel… een peugeot boxer met Belgische nummerplaat, in de volksmond ook wel kameleon genoemd. En nog wel volledig in orde ook! Het is precies een beetje thuiskomen: de drukte op straat, getoeter, en mensen, mensen…India heeft een speciale aantrekkingskracht. We voelen ons gelukkig hier terug te zijn.&lt;br /&gt;Hoe zou het met Hira zijn?&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-7139653056995305894?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/7139653056995305894/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=7139653056995305894' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/7139653056995305894'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/7139653056995305894'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/02/kupang-darwinaustralia-23-januari-07.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-116963832504264093</id><published>2007-01-24T12:31:00.000+01:00</published><updated>2007-01-24T12:32:05.160+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>16 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Padangbai&lt;br /&gt;Christine heeft dit plaatsje uitgekozen omdat we hier op loopafstand van de ferry naar Lombok zijn, en er simpele guesthouses zijn aan het strand.&lt;br /&gt;Een schot in de roos. We ontwaken aan een prachtige blauwe baai. Het strand ligt bezaaid met vissersboten. Je zwemt tussen de boten, want dit plaatsje wordt niet gedomineerd door het toerisme, zoals de meeste stranden hier in Bali. Veerboten varen voor je neus uit naar het volgende eiland van de archipel: Lombok.&lt;br /&gt;We nemen wat tijd om onze verdere reis te plannen en het verslag bij te werken.&lt;br /&gt;Het plannen valt niet mee. De afstand naar Melbourne is enorm. We wegen veel mogelijkheden af: Een aircobus nemen met de ferryverbindingen erbij naar Flores? Vliegen naar Flores? Vliegen naar Kupang? Vliegen naar Darwin, of  rechtstreeks naar Sidney? Of naar Melbourne en dan de veerboot nemen naar Tasmanië, en Australië links laten liggen? Je krijgt er een punthoofd van…&lt;br /&gt;Uiteindelijk besluiten we niets vast te leggen en te kiezen voor avontuur. Overmorgen nemen we de boot, en dan zien we wel verder. We proberen volgende week dinsdag in Kupang ( West Timor) te raken, omdat er dan ‘normaal gezien’ een vlucht is naar Darwin. We doen alles met lokale bus en veerboot…&lt;br /&gt;Morgen willen we een motorfiets huren voor de ganse dag, maar constateren dat we ons internationaal rijbewijs in de auto in India achterlieten. Geen nood, we hebben alle documenten op ons emailadres ingescand, en kunnen er dus een kopie van maken.&lt;br /&gt;De internetverbindingen zijn hier erg traag, waardoor het méér dan een uur duurt onze rijbewijzen op de memorystick te downloaden, en… in dìt internetcafé wil de printer maar niet werken. Intussen verneem ik via een mail van Nele dat ma in het ziekenhuis ligt. Niets erg, maar het slaat je aan het hart. Ik probeer te bellen, maar er is niemand thuis… Via een spoedbericht vraag ik het nummer van het ziekenhuis om morgen te bellen. &lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;17 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Padangbai&lt;br /&gt;Uiteindelijk toch nog een werkende printer gevonden. Maar wat ben ik gisteren stom geweest! We hebben ook al onze documenten ingescand op onze laptop!! Het was helemaal niet nodig ze te downloaden via internet. &lt;br /&gt;Om 8.30h vertrekken we met de motorfiets. Fiets?!? Het ding haalt met gemak 90km/h, en hoger durf ik niet te proberen!&lt;br /&gt;We laveren langs die prachtige blauwe oceaan die Bali zo beroemd en aantrekkelijk maakte voor het toerisme. De rijstvelden in terrassen aangelegd tegen de wanden van de drie vulkanen zijn sprookjesachtig! Daarna naar boven,   het hart van Bali: de heilige Batur vulkaan. We rijden op de oudste kraterrand, waarin zich een blauw meer in bevindt. In het midden van het meer kun je een recentere vulkaankegel zien oprijzen. Adembenemend.&lt;br /&gt;De belangrijkste tempel van Bali leunt tegen de wand aan van de Agungvulkaan.&lt;br /&gt;We trotseren eerst weer alle commercie, maar hebben dan wel geluk: we komen een Hindoepriester-student tegen die ons wil rondleiden. Het wordt niet alleen een rondleiding met uitleg over die en die God, maar vooral een gesprekwaarin je kunt nadenken over je eigen gewoontes. We vernemen dat priesterstudies hier op Bali een volledige kennis van alle Hindoeïstische geschriften vereisen. Dit duurt jàren. Je moet de studie zelf betalen, het is dus enkel weggelegd voor rijkere mensen. (De student voor ons is arm) Een afgestudeerde wordt maar tot priester gewijd als hij gehuwd is. Het huwelijk is dus verplicht vòòr de wijding, wel met het meisje naar keuze. (Minder slecht dan het celibaat bij ons, maar toch ook niet wat je vrijheid kunt noemen.) Zelfde regels gelden voor de vrouw: een vrouw is een evenwaardig priester. (Daar kan de paus nog wat van leren!)&lt;br /&gt;Ook reïncarnatie is weer uitgebreid aan de orde. We staan voor dit idee zeker open, maar terugkeren in een dier kan volgens ons niet, omdat dit niet strookt met de opbouwende beweging van de evolutie.&lt;br /&gt;Vandaag is het nieuwe maan, en een drukke dag voor ceremonies. Ganse families komen hun offergaven brengen. Een kleurrijk en boeiend spectakel.&lt;br /&gt;Een greep uit ons gesprek:&lt;br /&gt;-Waarom kan enkeliemand die rijk is priester worden?&lt;br /&gt;-De staat geeft geen geld aan ons.&lt;br /&gt;-In België is dit wel zo, maar dit is niet eerlijk, omdat iemand die niet gelovig is dan ook moet meebetalen voor iets wat hij niet wil. De gelòvigen moeten volgens mij hun priesters betalen, en ook hun opleiding, als ze priesters willen.&lt;br /&gt;-(kijkt nogal geschrokken) Jamaar God wil dat ik een priester wordt. &lt;br /&gt;-Waarom zorgt hij dan niet voor geld? Hij kan toch alles?&lt;br /&gt;(Ik geef hem een fooi voor de rondleiding)&lt;br /&gt;-Dank je wel, ik zal het gedeeltelijk voor mijn studies gebruiken, en gedeeltelijk aan de tempel schenken.&lt;br /&gt;-Hou het maar voor je studies. De tempel heeft al geld genoeg.&lt;br /&gt;We nemen een foto. De open eerlijke blik treft je en de ogen zeggen je: we hebben een oeroude traditie hier op Bali, maar het is niet belangrijk welke godsdienst jij hebt, wel wie je bent als mens. Ik laat mijn vragen voor wat ze zijn. We kijken mekaar eerlijk en diep in de ogen en nemen afscheid.&lt;br /&gt;We snorren verder met de motorfiets, en nemen een afkorting, recht naar de noordelijke kust. De weg is heel smal en de natuur is overweldigend mooi. In elk dorp moeten we de weg vragen. Het bulkt er van de jongeren die oh zo graag een praatje willen maken. De noordkust is veel droger, het landschap is bezaaid met lavastenen. De azuurblauwe zee is nooit veraf. We draaien oostwaarts, het landschap wordt weer vriendelijker: adembenemende rijstterrassen, verscholen onder cocosbomen. Bananebomen groeien als onkruid. &lt;br /&gt;De tocht is lang, en we vallen van de ene verwondering in de andere, zodat we… de ganse dag vergaten te eten en te drinken.&lt;br /&gt;We zijn net vòòr het donker terug in Padangbai. We willen zo graag bellen naar het ziekenhuis, maar het kan niet: internet is volledig uitgevallen. Moeilijk bij neer te leggen met je westers verstand. Op de volgende eilanden zal de verbinding nog twijfelachtiger zijn. Wie weet.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;18 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Padangbai – Lembar(Lombok) – Mataram – Labuhan – Poto Tano(Sumbawa)….&lt;br /&gt;We nemen de veerboot van 6h naar Lombok. Normaal 3 uur, maar we doen er méér dan 4 uur over.&lt;br /&gt;De overtocht is mooi en rustgevend. Terwijl de zon opkomt krijg je een schitterend beeld van het vulkanische Bali. Vanop zee merk je hoe indrukwekkend de grootste vulkaan is, en waarom hij hier heilig genoemd wordt. Lombok wordt ook gedomineerd door een imense nog aktieve vulkaan. Je merkt direct dat het eiland veel méér verlaten is dan Bali. Prachtige, maar verlaten stranden, palmbomen, bananebomen… Vissers werpen hun netten uit voor de kust. Ze gebruiken een soort katamaran: een smalle boot met twee bamboestokken rustend op het water, voor het evenwicht. De tijd heeft hier stilgestaan… &lt;br /&gt;Geologisch en biologisch zijn we in een andere wereld terechtgekomen: Bali behoort tot de Aziatische plaat, terwijl je vanaf Lombok op de Australische continentale plaat toegekomen bent. Tussen de twee eilanden heb je diepzee, ondanks de kleine afstand!&lt;br /&gt;We lopen de natuurlijke haven van Lembar binnen, en worden direct bestookt met allerlei voorstellen: waar willen jullie naartoe??? We zijn al wat gewoon, en bargainen rustig ons ticket af, rechtstreeks naar Sape, aan de andere kant van het volgende eiland Sumbawa : 250 000 (22€) Rp.De chauffeur beklaagt het zich , en zegt de tweede veerboot niet meegerekend te hebben, maar we houden voet bij stuk.&lt;br /&gt;Na een half uur zijn we in Mataram, zo’n beetje de hoofdstad van Lombok. Een uur rust. Daar worden we voortdurend bestookt. Een man van de maatschappij komt ons vertellen dat we nog niet betaald hebben voor de bagage, en eist extra. We gaan er niet op in. We betalen wel, na goed bargainen extra voor een snellere boot tussen Sumbawa en Flores: 4 uur ipv 9 uur: 50 000 Rps/pers.(4,5€)&lt;br /&gt;Een vriendelijke jongen toont ons de weg in het grote busstation, op zoek naar ATM. We vragen de prijs van de bus na, en is er wel een snelle boot?? Ja,ja, je hebt een goede prijs betaald voor de snelboot. We nodigen hem uit een bord rijst mee te eten, hij vertelt ons vooral voorzichtig te zijn en goed op onze spullen te letten op de verdere eilanden... Hij is visser en parelduiker.(hier begin ik al de inleiding op verkoop te vermoeden) En ja, daar zijn ze, de plastieken parels. Maakt zich goed kwaad als we niet willen kopen. ‘Ik hielp jullie, waarom helpen jullie mìj nu niet??’ Met een nogal onzalig gevoel vertrekken we. &lt;br /&gt;Lombok is niet wat je zou zeggen een andere wereld, maar een vervolg van Bali: aan de noordkant een reusachtige vulkaan, aan de zuidkant prachtige verlaten stranden. Ertussen rijst, rijst…Na 2 uur doemt de oostferry op: Labuhan. &lt;br /&gt;De afstand tussen Lombok en Sumbawa is maar 1,5 uur. De bus gaat mee.&lt;br /&gt;Sumbawa is véél groter. 12 uur om tot aan de andere kant te raken, waar je dan weer de boot neemt naar Flores. Zo kom je eiland na eiland dichter bij Australië. Je komt hier in een andere wereld terecht. Ruikt dit naar Australië? Woeste vulkanen, een prachtige, superruige kust. Vissersdorpen wisselen mekaar af met mangrovebossen, op veel plaatsen opnieuw aangeplant als bescherming tegen een nieuwe tsunami. Je hart jubelt bij al dat schoons!!&lt;br /&gt;Intussen is de bus ook heel interessant. Deze lijnbus komt van Jakarta, en zit nokvol. Méér mensen dan zitplaatsen! Tussen die krioelende Indonesiërs twee blanken: wij. We vermoeden dat heel wat mensen terugkomen naar hun eiland omdat ze werken op Java, misschien wel in Jakarta. We horen het al vanop Bali: er is geen werk… &lt;br /&gt;We stoppen voor een avondmaal, inbegrepen in de busprijs. Heel gezellig, maar we komen niet tot een gesprek. Veel mensen lijken ons nogal gesloten.&lt;br /&gt;Jammer genoeg wordt het langzaam donker. Ik blijf buiten kijken, want je ziet ook wat in het donker als je de dorpen passeert. Toerisme moet hier nog uitgevonden worden. Boven ons hoofd kijkt de boogschutter toe…&lt;br /&gt;Na een tijd val je toch in slaap, zelfs op een hobbelige, bochtige weg, in een nauwe zitplaats…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;19 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;….Sape – Labuan Bajo(Flores)&lt;br /&gt;Om 3 h in de nacht worden we gedropt in het busstation van Bima. We slapen verder in de minibus, die ons twee uur later naar de ferry brengt.&lt;br /&gt;We ontmoeten weer iemand die ons vewittigt voorzichtig te zijn. Nee, er is géén snelle boot. Hij is al 2 jaar afgeschaft! We zijn dus bedrogen. Het gaat hem maar over 9 €, maar je hebt er zo’n onzalig gevoel bij, en voor hen is het een pak geld. Ook de ‘parelduiker’ heeft meegelogen, je wordt er triest bij. Wie kun je hier vertouwen?? Kunnen we deze man wel vertrouwen?&lt;br /&gt;Intussen heeft de busbegeleider ons ticket. Ik krijg het niet terug, en vrees dat we  de boot nog eens mogen betalen. We komen bij de ferry. Weer hetzelfde verhaal. Nee, de snelboot is er niet, maar onze ‘vriendelijke helper’ loodst ons binnen in de wachtzaal van de ferry. Als je hier wacht komt je ticket wel…De ‘wachtzaal’ is een kleine eetgelegenheid, waar we een koffie bestellen en ontbijten. Véél duurder dan naast de deur…, maar het ticket komt.&lt;br /&gt;We zien 2 Nederlanders die toekomen met een andere bus: zij betaalden voor de bagage, maar lieten zich niet foppen aan de snelle ferry. Hun ticket is een stuk duurder dan dat van ons. Een Ier zegt niet hoeveel hij betaalde, maar alle maaltijden waren inbegrepen. Niets van. Enkel het avondmaal, zoals bij ons. Je moet hier extra op je hoede zijn.&lt;br /&gt;Een ganse dag ferry is lang, maar je krijgt een prachtig beeld van wat een vulkanische eilandketen is. Aan de rechterzijde zien we enkele grote eilanden zoals Komodo en Rinca, en duizenden kleine eilanden: gewoon een kleine of grotere top van een vulkaan boven de zee, weelderig begroeid met tropisch regenwoud en omzoomd met schitterende witte stranden…&lt;br /&gt;Tussen de eilandhopping door proberen we wat slaap in te halen op de bloedhete boot.&lt;br /&gt;Om 16h leggen we aan in Lubuanbajo. We hebben pech. Er is hier een regeringscongres, alle hotelkamers zijn bezet. Na een uur vinden we toch een stulpje, maar het is te laat om ons ticket naar Kupang te boeken. Dit wordt nu wel uiterst dringend. Marcel, een jonge visser wil ons met de boot voeren naar Rinca, om Komodovaranen te bekijken, en we hebben daar wel oren naar, maar we willen morgen éérst ons transport in Kupang regelen.&lt;br /&gt;De zonsondergang hier boven de vissershaven is één van de mooiste die we in ons leven konden bewonderen. De lucht is bloedrood en zet alle vulkaanpieken die boven het zeewater uitsteken in een roze gloed. Het azuurblauwe water doet de rest. Vissersbootjes varen af en aan, vis ligt te drogen… Is er nòg een mooiere plaats op de aarde? Alleen al voor dit unieke moment is Indonesië de moeite waard!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;20 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Labuan Bajo(Flores) – Ruteng&lt;br /&gt;Marcel helpt ons verder. Wel met de bedoeling met ons naar Rinca te varen, maar hij lijkt ons ten minste eerlijk.&lt;br /&gt;Hij telefoneert naar meerdere luchtvaartmaatschappijen in het Indonesisch, en reserveert ons ticket tussen Kupang en Darwin voor dinsdag.  Dan naar een ernstig reisagentschap. Het is onmogelijk met bus en boot vòòr dinsdag in Kupang te raken waar onze vlucht naar Australië vertrekt. De volgende vlucht is pas op zaterdag. Véél te laat, want dan hebben we maar 10 dagen over in Australië! We kunnen morgen een korte vliegverbinding maken tussen Ruteng en Kupang. Dit wil zeggen dat we vandaag nog de 4 uur bus moeten nemen naar Ruteng. Geen tocht naar Rinca dus. Tot grote teleurstelling van Marcel. &lt;br /&gt;En eerlijk is eerlijk. Zonder hem waren we niet in staat de informatie te vinden. Ik geef hem een fooi voor de moeite, die hij eerst niet wil aanvaarden. Er zijn hier dus ook eerlijke en vriendelijke mensen.&lt;br /&gt;De bustocht van 4 uur wordt er 6. As usual. Niet door het drukke verkeer, nee. Jantje wordt dààr afgehaald, pietje wat verder. Bagage opgeladen. Twee varkens knorren op het bagagerek, en tussen mijn voeten fladdert een kip. De mensen stralen rust en vriendelijkheid uit. Ook in de dorpen: lachende, vriendelijke mensen. Het landschap is sprookjesachtig. Niet te beschrijven. We volgen een bergbaan, dwars door het tropisch regenwoud. Op en neer, draaien en keren…We zijn al veel te laat, maar iedereen wordt weer aan zijn deurtje afgezet, met véle zakken bagage. Ook voor een praatje is tijd. Altijd moet je er weer aan wennen dat mensen hier met de tijd anders omgaan! En daardoor héb je ook tijd…Raar maar waar.&lt;br /&gt;In de dorpen merk je voor het eerst sinds Europa weer kerken. Flores is reeds in de jaren 1500 gekoloniseerd door de Portugezen. 85% is hier Katholiek. De Europees Katholieke voornamen(zoals Marcel) zijn verrassend hier, maar een stuk makkelijker te onthouden voor ons!&lt;br /&gt;Op de kamer zien we dat het zijzakje van één van de rugzakken open geweest is. Er is niets weg, maar we zijn weer verwittigd: bijzonder opletten hier!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;21 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ruteng – Kupang(Timor) – Zoe&lt;br /&gt;Een uurtje vliegen vervangt twee dagen bus en boot. Spijtig, maar een noodzaak.&lt;br /&gt;Op de luchthaven raken we aan de praat met een handelsvertegenwoordiger. Een clevere jongen, uit Sumatra. Julius heeft zichzelf Engels geleerd door het lezen van boeken. Wanneer hij het kan betalen wil hij beter Engels en ook andere talen studeren.  We leggen uit hoe de financiering van studies en ons sociaal zekerheidssysteem in Europa werkt, gekoppeld aan belastingen afhankelijk van je inkomen. Hij heeft dit nog nooit gehoord, maar vindt het een fantastisch systeem. Hij kan er maar van dromen. Vele andere onderwerpen komen aan bod w. o. de oorlog in Irak en Afghanistan. Het is ons eerste ernstige gesprek hier in Indonesië, en het doet deugd! &lt;br /&gt;Julius woont voor twee jaar in Kupang, om het sigarettenmerk dat hij vertegenwoordigt op Timor te promoten, en kent de stad op zijn duimpje. No problem, man! Hij voert ons prompt naar Merpati, waar we ons ticket naar Darwin confirmeren en betalen. Het is OK. Dinsdag vliegen we. Australië is nog geen twee uur ver. De prijs valt ook mee: 110 €/pers. &lt;br /&gt;We hebben op het meest zuidelijk eiland van Azië, nog een dag extra.  Hop, weer de bus op naar het bergdorpje Zoe. Het  binneland van Timor is liefelijk mooi. Hier geen toerisme. Iedereen gaapt ons aan, en zwaait uit alle macht.&lt;br /&gt;Prachtige mensen. Terwijl we de eilanden doorreisden kon je het mensentype langzaam zien veranderen: Aziatisch in Java, naar het negroïde type (zoals de Aboriginals), hier in Timor.&lt;br /&gt;We komen in de namiddag toe in Zoe, na twee platte banden. De liefelijkheid van de natuur weerspiegelt zich in de mensen. Iedereen zwaait, roept ‘hello’…&lt;br /&gt;We zijn hier werkelijk een bezienswaardigheid! Ook heel kleine kinderen stoppen met drinken uit de papfles: hun mondje valt open. Welke rare mensen zijn dìt, met hun bleekscheetachtige huid en blauwe ogen? Jongeren passeren speciaal op hun moto. Algauw hebben we een bende kinderen achter ons aan. Maar…nooit gebedel.&lt;br /&gt;Eindelijk kunnen we op internet. Er is weinig nieuws, maar ook geen alarmerende berichten. Dinsdag kunnen we vast bellen naar het ziekenhuis, uit Darwin.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Zoe – Kupang&lt;br /&gt;Omdat er hier nagenoeg geen toerisme is krijgen we het niet voor mekaar een motorfiets te huren. Geen nood. Ik houd iemand tegen op de straat: 30 000 Rps voor je motorfiets? Om 13h zijn we terug.&lt;br /&gt;Hij heeft er oren naar, maar ik kan geen weg met de koppeling. Iemand anders stopt. Even een snelcursus vitessen schakelen op de brommer. De kracht van het ding is zò groot, dat ik bij het oefenen bijna onder een minibus beland! Hum. Spanning weer verzekerd vandaag. Na wat oefenen gaat het schakelen vlottter. Genoeg om te vertrekken. Eerst naar telekom. Ja, de vlucht naar Darwin gaat morgen door. Om 11h op de luchthaven chek in. &lt;br /&gt;Een mail van Roeland vertelt ons dat oma thuis is. Oef. Morgen proberen we te bellen uit Darwin. Linus en Nele hebben de sleutel van hun nieuw huis. Elke en Roeland helpen het papier aftrekken. Wat leuk, die alledaagse dingen. Hoe mooi het hier ook is, je mist ze…&lt;br /&gt;We rijden verder de bergen in, kriskras via kleine wegen. Adembenemend mooi. Wellicht is het aardsparadijs hier?!? De natuur is droger dan op Flores, maar zò liefelijk…Toch is het niet vooral dat wat je in vervoering brengt. Het is de mens, hierop Timor. Die rustige vriendelijkheid… Mensen roepen en zwaaien ons na, in elk dorp. Er komen twee jongeren naast ons rijden:&lt;br /&gt;-Welkom op Timoreiland.&lt;br /&gt;-Mogen we het nummer van je mobiel hebben?&lt;br /&gt;-We hebben geen mobiel, maar wel een emailadres&lt;br /&gt;-We geven dan wel òns nummer, en proberen wel eens email…&lt;br /&gt;De meeste huizen in een dorp stellen niets voor. Klein, uit hout opgetrokken, en een strooien dak erop. Mensen bezitten heel weinig, maar stràlen, zoals ik dit nooit voordien heb gezien…&lt;br /&gt;Hier in de bergen hebben mensen bijna niets aziatisch meer. Je waant je in Afrika, of Aboriginalland. En maar lachen en praten…&lt;br /&gt;Ze mensen leren ons: no sorrow, men! The sun is always shining even when it’s cloudy. Enjoy life my friend!&lt;br /&gt;Een stoel? Niet nodig. Mensen zitten op hun hurken te keuvelen, zitten in groepjes op het wegdek. Hebben tijd, tijd, tijd… Ze léven, léven, léven!&lt;br /&gt;Truganini, ik ben beschaamd en diep bedroefd om wat er met je volk gebeurde, maar jullie zijn niet uitgeroeid! In de lach, de manier van leven, de genen van deze mensen, leef ook jìj verder! Aboriginals in de moderne tijd. &lt;br /&gt;Om 14h zitten we op de nokvolle zweetbus, terug naar Kupang. We genieten verder van de aanwezigheid van dit unieke volk tijdens de 4 uur durende rit.&lt;br /&gt;In Kupang is het bloedheet, en omdat de kamer in Zoe zò basic was dat we ons niet eens deftig konden wassen, nemen we een betere kamer met aircon. Het doet deugd.&lt;br /&gt;Kupang is leuk om rond te slenteren. Mensen hebben hier nog niet geleerd geld te verdienen aan het toerisme, en willen gewoon met je praten. Timor is ons laatste Indonesisch eiland, het is de kroon op het werk!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;23 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kupang(Timor) – Darwin(Australia) &lt;br /&gt;Een dik uur vliegen of slechts enkele honderden kilometers zee scheiden ons van Australië. Met spijt in het hart verlaten we vandaag Indonesië. Makkelijk is het niet geweest. Door de enorme afstand, eiland na eiland. Maar ook door de mensen. Van Java tot Flores: op bepaalde momenten wist je niet meer wie je nu eigenlijk nog kon vertouwen. En dat is lastig. &lt;br /&gt;Maar het is méér dan de moeite waard geweest. De natuur heeft zich voor onze ogen ontplooid in al zijn heerlijkheid: vulkanische eilanden in een tropisch blauwe oceaan. Maar vooral die prachtige mens. Hij swingt van het Aziatische type op Java, naar het Aboriginal type, hier op Timor. Het is een dans, een dans van de mensheid. Dank je wel, lieve eilandbewoners voor deze dans! Wellicht komen we hier nooit weer. We houden jullie vast in ons hart…  &lt;br /&gt;Een rustige voormiddag. Nog wat fotootjes nemen in het schilderachtige Kupang. Toch ook weer iets té rustig,want we arriveren eigenlijk een kwartiertje te laat, om 11.15h. Nu, op een kleine luchthaven wordt alles snel afgehandeld, want er zijn maar enkele vluchten per dag. Darwin: gate open and check in.&lt;br /&gt;De beambte scant ons paspoort in, controleert, en controleert nog eens…&lt;br /&gt;-Ik vind je visum voor Australië niet terug in je paspoort.&lt;br /&gt;-Dat klopt. Het is een paspoort van de Europese Unie. Er is een verdrag met Australië waardoor we het visum kunnen krijgen op de luchthaven van Darwin.&lt;br /&gt;-Ja, maar je moet het vooraf elektronisch aangevraagd hebben!&lt;br /&gt;-Wablief??&lt;br /&gt;-Sorry, jullie kunnen dus niet mee met de vlucht!&lt;br /&gt;-Dit kan toch niet?? We verliezen ons ticket, en de volgende vlucht is pas zaterdag.&lt;br /&gt;-Toch is het zo. We kunnen je niet toelaten, maar er is nog één mogelijkheid. Ga terug naar de stad, en vraag je twee visa elektronisch aan op internet. &lt;br /&gt;-Maar, dat is 15 km ver! In één uur is dit onmogelijk!&lt;br /&gt;-Het is de enige oplossing, want op de luchthaven hebben we geen internetverbinding. Ik zoek het emailadres op van de Australische ambassade, en roep een betrouwbaar taxichauffeur.&lt;br /&gt;-OK, er zit niets anders op.&lt;br /&gt;Christine blijft op de luchthaven, terwijl ik de taxichauffeur aanvuur zo snel mogelijk te rijden. Na 20 minuten staan we aan een internetcafé. Eerst de ‘homepage’ van de ambassade. 5 min. Daarna kies je ‘visa’. 5min. Daarna ‘aanvraag’. 5min. Daarna ‘elektronische aanvraag’. 5min. Eindelijk het in te vullen formulier. Wil maar niet openen. 5min. 10 min….&lt;br /&gt;Rood, bezweet en trillend op mijn benen naar de balie: &lt;br /&gt;-Kunnen de andere klanten voor enkele minuten internet afsluiten, want ik krijg het niet voor mekaar!&lt;br /&gt;-Nee, dat doen we niet…&lt;br /&gt;Ik vraag de taxichauffeur me naar een ander internetcafé te voeren, en betaal niet voor de tergend slechte verbinding.&lt;br /&gt;We razen naar telecom. Nee, hier geen internet, maar ga naar…&lt;br /&gt;Intussen tikt de klok. Het is 12.45h. Om 13h is de deadline. Onmogelijk nog te halen, maar ik leg me er niet bij neer. Hier is alles mogelijk, en ze weten dat ik nog moet komen. Kleine kans, maar wie weet?&lt;br /&gt;Nieuw internetcafé. De verbinding is goed. Ik ben zò zenuwachtig, mijn vingers kunnen bijna de nummers en de namen niet intikken. De chauffeur en de internetman helpen me. We zitten met drie tegelijk op het klavier. Het internetcafé staat in rep en roer maar het werkt. In 10 min. is het elektronisch visum klaar. Ik neem het referentienummer op, en laat de taxichauffeur betalen, want ik heb geen roepiahs meer!&lt;br /&gt;We racen naar de luchthaven. De tijd tikt verder. 13h. File. 13.05h. Rood licht. De chauffeur rijdt erdoor. 13.10h. We passeren het laatste rond punt vòòr de luchthaven. Ik geef de chauffeur 20 USD voor alle kosten(rijdt plots nòg sneller), en storm om 13.15h de luchthavenhall binnen. Darwin: closed! Nééé, te lààt…&lt;br /&gt;Christine stormt naar me toe: ‘Ze wachten op ons!’ &lt;br /&gt;In 1 min zijn we ingecheckt. Ik vind mijn uitreisformulier voor indonesië niet meer…De beambte wil het regelen tegen wat smeergeld. Ik weiger! Plots vindt Christine hem toch…&lt;br /&gt;We stormen als laatsten naar het kleine tweemotorig vliegtuigje. Trap op, deur dicht, bam! Start the engines. Australia, here we come…!&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-116963832504264093?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/116963832504264093/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=116963832504264093' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116963832504264093'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116963832504264093'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/01/16-januari-07-padangbai-christine_24.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-116963814850642572</id><published>2007-01-24T12:25:00.000+01:00</published><updated>2007-01-24T12:29:09.090+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>16 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Padangbai&lt;br /&gt;Christine heeft dit plaatsje uitgekozen omdat we hier op loopafstand van de ferry naar Lombok zijn, en er simpele guesthouses zijn aan het strand.&lt;br /&gt;Een schot in de roos. We ontwaken aan een prachtige blauwe baai. Het strand ligt bezaaid met vissersboten. Je zwemt tussen de boten, want dit plaatsje wordt niet gedomineerd door het toerisme, zoals de meeste stranden hier in Bali. Veerboten varen voor je neus uit naar het volgende eiland van de archipel: Lombok.&lt;br /&gt;We nemen wat tijd om onze verdere reis te plannen en het verslag bij te werken.&lt;br /&gt;Het plannen valt niet mee. De afstand naar Melbourne is enorm. We wegen veel mogelijkheden af: Een aircobus nemen met de ferryverbindingen erbij naar Flores? Vliegen naar Flores? Vliegen naar Kupang? Vliegen naar Darwin, of  rechtstreeks naar Sidney? Of naar Melbourne en dan de veerboot nemen naar Tasmanië, en Australië links laten liggen? Je krijgt er een punthoofd van…&lt;br /&gt;Uiteindelijk besluiten we niets vast te leggen en te kiezen voor avontuur. Overmorgen nemen we de boot, en dan zien we wel verder. We proberen volgende week dinsdag in Kupang ( West Timor) te raken, omdat er dan ‘normaal gezien’ een vlucht is naar Darwin. We doen alles met lokale bus en veerboot…&lt;br /&gt;Morgen willen we een motorfiets huren voor de ganse dag, maar constateren dat we ons internationaal rijbewijs in de auto in India achterlieten. Geen nood, we hebben alle documenten op ons emailadres ingescand, en kunnen er dus een kopie van maken.&lt;br /&gt;De internetverbindingen zijn hier erg traag, waardoor het méér dan een uur duurt onze rijbewijzen op de memorystick te downloaden, en… in dìt internetcafé wil de printer maar niet werken. Intussen verneem ik via een mail van Nele dat ma in het ziekenhuis ligt. Niets erg, maar het slaat je aan het hart. Ik probeer te bellen, maar er is niemand thuis… Via een spoedbericht vraag ik het nummer van het ziekenhuis om morgen te bellen. &lt;br /&gt;  &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;17 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Padangbai&lt;br /&gt;Uiteindelijk toch nog een werkende printer gevonden. Maar wat ben ik gisteren stom geweest! We hebben ook al onze documenten ingescand op onze laptop!! Het was helemaal niet nodig ze te downloaden via internet. &lt;br /&gt;Om 8.30h vertrekken we met de motorfiets. Fiets?!? Het ding haalt met gemak 90km/h, en hoger durf ik niet te proberen!&lt;br /&gt;We laveren langs die prachtige blauwe oceaan die Bali zo beroemd en aantrekkelijk maakte voor het toerisme. De rijstvelden in terrassen aangelegd tegen de wanden van de drie vulkanen zijn sprookjesachtig! Daarna naar boven,   het hart van Bali: de heilige Batur vulkaan. We rijden op de oudste kraterrand, waarin zich een blauw meer in bevindt. In het midden van het meer kun je een recentere vulkaankegel zien oprijzen. Adembenemend.&lt;br /&gt;De belangrijkste tempel van Bali leunt tegen de wand aan van de Agungvulkaan.&lt;br /&gt;We trotseren eerst weer alle commercie, maar hebben dan wel geluk: we komen een Hindoepriester-student tegen die ons wil rondleiden. Het wordt niet alleen een rondleiding met uitleg over die en die God, maar vooral een gesprekwaarin je kunt nadenken over je eigen gewoontes. We vernemen dat priesterstudies hier op Bali een volledige kennis van alle Hindoeïstische geschriften vereisen. Dit duurt jàren. Je moet de studie zelf betalen, het is dus enkel weggelegd voor rijkere mensen. (De student voor ons is arm) Een afgestudeerde wordt maar tot priester gewijd als hij gehuwd is. Het huwelijk is dus verplicht vòòr de wijding, wel met het meisje naar keuze. (Minder slecht dan het celibaat bij ons, maar toch ook niet wat je vrijheid kunt noemen.) Zelfde regels gelden voor de vrouw: een vrouw is een evenwaardig priester. (Daar kan de paus nog wat van leren!)&lt;br /&gt;Ook reïncarnatie is weer uitgebreid aan de orde. We staan voor dit idee zeker open, maar terugkeren in een dier kan volgens ons niet, omdat dit niet strookt met de opbouwende beweging van de evolutie.&lt;br /&gt;Vandaag is het nieuwe maan, en een drukke dag voor ceremonies. Ganse families komen hun offergaven brengen. Een kleurrijk en boeiend spectakel.&lt;br /&gt;Een greep uit ons gesprek:&lt;br /&gt;-Waarom kan enkeliemand die rijk is priester worden?&lt;br /&gt;-De staat geeft geen geld aan ons.&lt;br /&gt;-In België is dit wel zo, maar dit is niet eerlijk, omdat iemand die niet gelovig is dan ook moet meebetalen voor iets wat hij niet wil. De gelòvigen moeten volgens mij hun priesters betalen, en ook hun opleiding, als ze priesters willen.&lt;br /&gt;-(kijkt nogal geschrokken) Jamaar God wil dat ik een priester wordt. &lt;br /&gt;-Waarom zorgt hij dan niet voor geld? Hij kan toch alles?&lt;br /&gt;(Ik geef hem een fooi voor de rondleiding)&lt;br /&gt;-Dank je wel, ik zal het gedeeltelijk voor mijn studies gebruiken, en gedeeltelijk aan de tempel schenken.&lt;br /&gt;-Hou het maar voor je studies. De tempel heeft al geld genoeg.&lt;br /&gt;We nemen een foto. De open eerlijke blik treft je en de ogen zeggen je: we hebben een oeroude traditie hier op Bali, maar het is niet belangrijk welke godsdienst jij hebt, wel wie je bent als mens. Ik laat mijn vragen voor wat ze zijn. We kijken mekaar eerlijk en diep in de ogen en nemen afscheid.&lt;br /&gt;We snorren verder met de motorfiets, en nemen een afkorting, recht naar de noordelijke kust. De weg is heel smal en de natuur is overweldigend mooi. In elk dorp moeten we de weg vragen. Het bulkt er van de jongeren die oh zo graag een praatje willen maken. De noordkust is veel droger, het landschap is bezaaid met lavastenen. De azuurblauwe zee is nooit veraf. We draaien oostwaarts, het landschap wordt weer vriendelijker: adembenemende rijstterrassen, verscholen onder cocosbomen. Bananebomen groeien als onkruid. &lt;br /&gt;De tocht is lang, en we vallen van de ene verwondering in de andere, zodat we… de ganse dag vergaten te eten en te drinken.&lt;br /&gt;We zijn net vòòr het donker terug in Padangbai. We willen zo graag bellen naar het ziekenhuis, maar het kan niet: internet is volledig uitgevallen. Moeilijk bij neer te leggen met je westers verstand. Op de volgende eilanden zal de verbinding nog twijfelachtiger zijn. Wie weet.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;18 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Padangbai – Lembar(Lombok) – Mataram – Labuhan – Poto Tano(Sumbawa)….&lt;br /&gt;We nemen de veerboot van 6h naar Lombok. Normaal 3 uur, maar we doen er méér dan 4 uur over.&lt;br /&gt;De overtocht is mooi en rustgevend. Terwijl de zon opkomt krijg je een schitterend beeld van het vulkanische Bali. Vanop zee merk je hoe indrukwekkend de grootste vulkaan is, en waarom hij hier heilig genoemd wordt. Lombok wordt ook gedomineerd door een imense nog aktieve vulkaan. Je merkt direct dat het eiland veel méér verlaten is dan Bali. Prachtige, maar verlaten stranden, palmbomen, bananebomen… Vissers werpen hun netten uit voor de kust. Ze gebruiken een soort katamaran: een smalle boot met twee bamboestokken rustend op het water, voor het evenwicht. De tijd heeft hier stilgestaan… &lt;br /&gt;Geologisch en biologisch zijn we in een andere wereld terechtgekomen: Bali behoort tot de Aziatische plaat, terwijl je vanaf Lombok op de Australische continentale plaat toegekomen bent. Tussen de twee eilanden heb je diepzee, ondanks de kleine afstand!&lt;br /&gt;We lopen de natuurlijke haven van Lembar binnen, en worden direct bestookt met allerlei voorstellen: waar willen jullie naartoe??? We zijn al wat gewoon, en bargainen rustig ons ticket af, rechtstreeks naar Sape, aan de andere kant van het volgende eiland Sumbawa : 250 000 (22€) Rp.De chauffeur beklaagt het zich , en zegt de tweede veerboot niet meegerekend te hebben, maar we houden voet bij stuk.&lt;br /&gt;Na een half uur zijn we in Mataram, zo’n beetje de hoofdstad van Lombok. Een uur rust. Daar worden we voortdurend bestookt. Een man van de maatschappij komt ons vertellen dat we nog niet betaald hebben voor de bagage, en eist extra. We gaan er niet op in. We betalen wel, na goed bargainen extra voor een snellere boot tussen Sumbawa en Flores: 4 uur ipv 9 uur: 50 000 Rps/pers.(4,5€)&lt;br /&gt;Een vriendelijke jongen toont ons de weg in het grote busstation, op zoek naar ATM. We vragen de prijs van de bus na, en is er wel een snelle boot?? Ja,ja, je hebt een goede prijs betaald voor de snelboot. We nodigen hem uit een bord rijst mee te eten, hij vertelt ons vooral voorzichtig te zijn en goed op onze spullen te letten op de verdere eilanden... Hij is visser en parelduiker.(hier begin ik al de inleiding op verkoop te vermoeden) En ja, daar zijn ze, de plastieken parels. Maakt zich goed kwaad als we niet willen kopen. ‘Ik hielp jullie, waarom helpen jullie mìj nu niet??’ Met een nogal onzalig gevoel vertrekken we. &lt;br /&gt;Lombok is niet wat je zou zeggen een andere wereld, maar een vervolg van Bali: aan de noordkant een reusachtige vulkaan, aan de zuidkant prachtige verlaten stranden. Ertussen rijst, rijst…Na 2 uur doemt de oostferry op: Labuhan. &lt;br /&gt;De afstand tussen Lombok en Sumbawa is maar 1,5 uur. De bus gaat mee.&lt;br /&gt;Sumbawa is véél groter. 12 uur om tot aan de andere kant te raken, waar je dan weer de boot neemt naar Flores. Zo kom je eiland na eiland dichter bij Australië. Je komt hier in een andere wereld terecht. Ruikt dit naar Australië? Woeste vulkanen, een prachtige, superruige kust. Vissersdorpen wisselen mekaar af met mangrovebossen, op veel plaatsen opnieuw aangeplant als bescherming tegen een nieuwe tsunami. Je hart jubelt bij al dat schoons!!&lt;br /&gt;Intussen is de bus ook heel interessant. Deze lijnbus komt van Jakarta, en zit nokvol. Méér mensen dan zitplaatsen! Tussen die krioelende Indonesiërs twee blanken: wij. We vermoeden dat heel wat mensen terugkomen naar hun eiland omdat ze werken op Java, misschien wel in Jakarta. We horen het al vanop Bali: er is geen werk… &lt;br /&gt;We stoppen voor een avondmaal, inbegrepen in de busprijs. Heel gezellig, maar we komen niet tot een gesprek. Veel mensen lijken ons nogal gesloten.&lt;br /&gt;Jammer genoeg wordt het langzaam donker. Ik blijf buiten kijken, want je ziet ook wat in het donker als je de dorpen passeert. Toerisme moet hier nog uitgevonden worden. Boven ons hoofd kijkt de boogschutter toe…&lt;br /&gt;Na een tijd val je toch in slaap, zelfs op een hobbelige, bochtige weg, in een nauwe zitplaats…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;19 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;….Sape – Labuan Bajo(Flores)&lt;br /&gt;Om 3 h in de nacht worden we gedropt in het busstation van Bima. We slapen verder in de minibus, die ons twee uur later naar de ferry brengt.&lt;br /&gt;We ontmoeten weer iemand die ons vewittigt voorzichtig te zijn. Nee, er is géén snelle boot. Hij is al 2 jaar afgeschaft! We zijn dus bedrogen. Het gaat hem maar over 9 €, maar je hebt er zo’n onzalig gevoel bij, en voor hen is het een pak geld. Ook de ‘parelduiker’ heeft meegelogen, je wordt er triest bij. Wie kun je hier vertouwen?? Kunnen we deze man wel vertrouwen?&lt;br /&gt;Intussen heeft de busbegeleider ons ticket. Ik krijg het niet terug, en vrees dat we  de boot nog eens mogen betalen. We komen bij de ferry. Weer hetzelfde verhaal. Nee, de snelboot is er niet, maar onze ‘vriendelijke helper’ loodst ons binnen in de wachtzaal van de ferry. Als je hier wacht komt je ticket wel…De ‘wachtzaal’ is een kleine eetgelegenheid, waar we een koffie bestellen en ontbijten. Véél duurder dan naast de deur…, maar het ticket komt.&lt;br /&gt;We zien 2 Nederlanders die toekomen met een andere bus: zij betaalden voor de bagage, maar lieten zich niet foppen aan de snelle ferry. Hun ticket is een stuk duurder dan dat van ons. Een Ier zegt niet hoeveel hij betaalde, maar alle maaltijden waren inbegrepen. Niets van. Enkel het avondmaal, zoals bij ons. Je moet hier extra op je hoede zijn.&lt;br /&gt;Een ganse dag ferry is lang, maar je krijgt een prachtig beeld van wat een vulkanische eilandketen is. Aan de rechterzijde zien we enkele grote eilanden zoals Komodo en Rinca, en duizenden kleine eilanden: gewoon een kleine of grotere top van een vulkaan boven de zee, weelderig begroeid met tropisch regenwoud en omzoomd met schitterende witte stranden…&lt;br /&gt;Tussen de eilandhopping door proberen we wat slaap in te halen op de bloedhete boot.&lt;br /&gt;Om 16h leggen we aan in Lubuanbajo. We hebben pech. Er is hier een regeringscongres, alle hotelkamers zijn bezet. Na een uur vinden we toch een stulpje, maar het is te laat om ons ticket naar Kupang te boeken. Dit wordt nu wel uiterst dringend. Marcel, een jonge visser wil ons met de boot voeren naar Rinca, om Komodovaranen te bekijken, en we hebben daar wel oren naar, maar we willen morgen éérst ons transport in Kupang regelen.&lt;br /&gt;De zonsondergang hier boven de vissershaven is één van de mooiste die we in ons leven konden bewonderen. De lucht is bloedrood en zet alle vulkaanpieken die boven het zeewater uitsteken in een roze gloed. Het azuurblauwe water doet de rest. Vissersbootjes varen af en aan, vis ligt te drogen… Is er nòg een mooiere plaats op de aarde? Alleen al voor dit unieke moment is Indonesië de moeite waard!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;20 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Labuan Bajo(Flores) – Ruteng&lt;br /&gt;Marcel helpt ons verder. Wel met de bedoeling met ons naar Rinca te varen, maar hij lijkt ons ten minste eerlijk.&lt;br /&gt;Hij telefoneert naar meerdere luchtvaartmaatschappijen in het Indonesisch, en reserveert ons ticket tussen Kupang en Darwin voor dinsdag.  Dan naar een ernstig reisagentschap. Het is onmogelijk met bus en boot vòòr dinsdag in Kupang te raken waar onze vlucht naar Australië vertrekt. De volgende vlucht is pas op zaterdag. Véél te laat, want dan hebben we maar 10 dagen over in Australië! We kunnen morgen een korte vliegverbinding maken tussen Ruteng en Kupang. Dit wil zeggen dat we vandaag nog de 4 uur bus moeten nemen naar Ruteng. Geen tocht naar Rinca dus. Tot grote teleurstelling van Marcel. &lt;br /&gt;En eerlijk is eerlijk. Zonder hem waren we niet in staat de informatie te vinden. Ik geef hem een fooi voor de moeite, die hij eerst niet wil aanvaarden. Er zijn hier dus ook eerlijke en vriendelijke mensen.&lt;br /&gt;De bustocht van 4 uur wordt er 6. As usual. Niet door het drukke verkeer, nee. Jantje wordt dààr afgehaald, pietje wat verder. Bagage opgeladen. Twee varkens knorren op het bagagerek, en tussen mijn voeten fladdert een kip. De mensen stralen rust en vriendelijkheid uit. Ook in de dorpen: lachende, vriendelijke mensen. Het landschap is sprookjesachtig. Niet te beschrijven. We volgen een bergbaan, dwars door het tropisch regenwoud. Op en neer, draaien en keren…We zijn al veel te laat, maar iedereen wordt weer aan zijn deurtje afgezet, met véle zakken bagage. Ook voor een praatje is tijd. Altijd moet je er weer aan wennen dat mensen hier met de tijd anders omgaan! En daardoor héb je ook tijd…Raar maar waar.&lt;br /&gt;In de dorpen merk je voor het eerst sinds Europa weer kerken. Flores is reeds in de jaren 1500 gekoloniseerd door de Portugezen. 85% is hier Katholiek. De Europees Katholieke voornamen(zoals Marcel) zijn verrassend hier, maar een stuk makkelijker te onthouden voor ons!&lt;br /&gt;Op de kamer zien we dat het zijzakje van één van de rugzakken open geweest is. Er is niets weg, maar we zijn weer verwittigd: bijzonder opletten hier!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;21 januari ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ruteng – Kupang(Timor) – Zoe&lt;br /&gt;Een uurtje vliegen vervangt twee dagen bus en boot. Spijtig, maar een noodzaak.&lt;br /&gt;Op de luchthaven raken we aan de praat met een handelsvertegenwoordiger. Een clevere jongen, uit Sumatra. Julius heeft zichzelf Engels geleerd door het lezen van boeken. Wanneer hij het kan betalen wil hij beter Engels en ook andere talen studeren.  We leggen uit hoe de financiering van studies en ons sociaal zekerheidssysteem in Europa werkt, gekoppeld aan belastingen afhankelijk van je inkomen. Hij heeft dit nog nooit gehoord, maar vindt het een fantastisch systeem. Hij kan er maar van dromen. Vele andere onderwerpen komen aan bod w. o. de oorlog in Irak en Afghanistan. Het is ons eerste ernstige gesprek hier in Indonesië, en het doet deugd! &lt;br /&gt;Julius woont voor twee jaar in Kupang, om het sigarettenmerk dat hij vertegenwoordigt op Timor te promoten, en kent de stad op zijn duimpje. No problem, man! Hij voert ons prompt naar Merpati, waar we ons ticket naar Darwin confirmeren en betalen. Het is OK. Dinsdag vliegen we. Australië is nog geen twee uur ver. De prijs valt ook mee: 110 €/pers. &lt;br /&gt;We hebben op het meest zuidelijk eiland van Azië, nog een dag extra.  Hop, weer de bus op naar het bergdorpje Zoe. Het  binneland van Timor is liefelijk mooi. Hier geen toerisme. Iedereen gaapt ons aan, en zwaait uit alle macht.&lt;br /&gt;Prachtige mensen. Terwijl we de eilanden doorreisden kon je het mensentype langzaam zien veranderen: Aziatisch in Java, naar het negroïde type (zoals de Aboriginals), hier in Timor.&lt;br /&gt;We komen in de namiddag toe in Zoe, na twee platte banden. De liefelijkheid van de natuur weerspiegelt zich in de mensen. Iedereen zwaait, roept ‘hello’…&lt;br /&gt;We zijn hier werkelijk een bezienswaardigheid! Ook heel kleine kinderen stoppen met drinken uit de papfles: hun mondje valt open. Welke rare mensen zijn dìt, met hun bleekscheetachtige huid en blauwe ogen? Jongeren passeren speciaal op hun moto. Algauw hebben we een bende kinderen achter ons aan. Maar…nooit gebedel.&lt;br /&gt;Eindelijk kunnen we op internet. Er is weinig nieuws, maar ook geen alarmerende berichten. Dinsdag kunnen we vast bellen naar het ziekenhuis, uit Darwin.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Zoe – Kupang&lt;br /&gt;Omdat er hier nagenoeg geen toerisme is krijgen we het niet voor mekaar een motorfiets te huren. Geen nood. Ik houd iemand tegen op de straat: 30 000 Rps voor je motorfiets? Om 13h zijn we terug.&lt;br /&gt;Hij heeft er oren naar, maar ik kan geen weg met de koppeling. Iemand anders stopt. Even een snelcursus vitessen schakelen op de brommer. De kracht van het ding is zò groot, dat ik bij het oefenen bijna onder een minibus beland! Hum. Spanning weer verzekerd vandaag. Na wat oefenen gaat het schakelen vlottter. Genoeg om te vertrekken. Eerst naar telekom. Ja, de vlucht naar Darwin gaat morgen door. Om 11h op de luchthaven chek in. &lt;br /&gt;Een mail van Roeland vertelt ons dat oma thuis is. Oef. Morgen proberen we te bellen uit Darwin. Linus en Nele hebben de sleutel van hun nieuw huis. Elke en Roeland helpen het papier aftrekken. Wat leuk, die alledaagse dingen. Hoe mooi het hier ook is, je mist ze…&lt;br /&gt;We rijden verder de bergen in, kriskras via kleine wegen. Adembenemend mooi. Wellicht is het aardsparadijs hier?!? De natuur is droger dan op Flores, maar zò liefelijk…Toch is het niet vooral dat wat je in vervoering brengt. Het is de mens, hierop Timor. Die rustige vriendelijkheid… Mensen roepen en zwaaien ons na, in elk dorp. Er komen twee jongeren naast ons rijden:&lt;br /&gt;-Welkom op Timoreiland.&lt;br /&gt;-Mogen we het nummer van je mobiel hebben?&lt;br /&gt;-We hebben geen mobiel, maar wel een emailadres&lt;br /&gt;-We geven dan wel òns nummer, en proberen wel eens email…&lt;br /&gt;De meeste huizen in een dorp stellen niets voor. Klein, uit hout opgetrokken, en een strooien dak erop. Mensen bezitten heel weinig, maar stràlen, zoals ik dit nooit voordien heb gezien…&lt;br /&gt;Hier in de bergen hebben mensen bijna niets aziatisch meer. Je waant je in Afrika, of Aboriginalland. En maar lachen en praten…&lt;br /&gt;Ze mensen leren ons: no sorrow, men! The sun is always shining even when it’s cloudy. Enjoy life my friend!&lt;br /&gt;Een stoel? Niet nodig. Mensen zitten op hun hurken te keuvelen, zitten in groepjes op het wegdek. Hebben tijd, tijd, tijd… Ze léven, léven, léven!&lt;br /&gt;Truganini, ik ben beschaamd en diep bedroefd om wat er met je volk gebeurde, maar jullie zijn niet uitgeroeid! In de lach, de manier van leven, de genen van deze mensen, leef ook jìj verder! Aboriginals in de moderne tijd. &lt;br /&gt;Om 14h zitten we op de nokvolle zweetbus, terug naar Kupang. We genieten verder van de aanwezigheid van dit unieke volk tijdens de 4 uur durende rit.&lt;br /&gt;In Kupang is het bloedheet, en omdat de kamer in Zoe zò basic was dat we ons niet eens deftig konden wassen, nemen we een betere kamer met aircon. Het doet deugd.&lt;br /&gt;Kupang is leuk om rond te slenteren. Mensen hebben hier nog niet geleerd geld te verdienen aan het toerisme, en willen gewoon met je praten. Timor is ons laatste Indonesisch eiland, het is de kroon op het werk!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;23 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kupang(Timor) – Darwin(Australia) &lt;br /&gt;Een dik uur vliegen of slechts enkele honderden kilometers zee scheiden ons van Australië. Met spijt in het hart verlaten we vandaag Indonesië. Makkelijk is het niet geweest. Door de enorme afstand, eiland na eiland. Maar ook door de mensen. Van Java tot Flores: op bepaalde momenten wist je niet meer wie je nu eigenlijk nog kon vertouwen. En dat is lastig. &lt;br /&gt;Maar het is méér dan de moeite waard geweest. De natuur heeft zich voor onze ogen ontplooid in al zijn heerlijkheid: vulkanische eilanden in een tropisch blauwe oceaan. Maar vooral die prachtige mens. Hij swingt van het Aziatische type op Java, naar het Aboriginal type, hier op Timor. Het is een dans, een dans van de mensheid. Dank je wel, lieve eilandbewoners voor deze dans! Wellicht komen we hier nooit weer. We houden jullie vast in ons hart…  &lt;br /&gt;Een rustige voormiddag. Nog wat fotootjes nemen in het schilderachtige Kupang. Toch ook weer iets té rustig,want we arriveren eigenlijk een kwartiertje te laat, om 11.15h. Nu, op een kleine luchthaven wordt alles snel afgehandeld, want er zijn maar enkele vluchten per dag. Darwin: gate open and check in.&lt;br /&gt;De beambte scant ons paspoort in, controleert, en controleert nog eens…&lt;br /&gt;-Ik vind je visum voor Australië niet terug in je paspoort.&lt;br /&gt;-Dat klopt. Het is een paspoort van de Europese Unie. Er is een verdrag met Australië waardoor we het visum kunnen krijgen op de luchthaven van Darwin.&lt;br /&gt;-Ja, maar je moet het vooraf elektronisch aangevraagd hebben!&lt;br /&gt;-Wablief??&lt;br /&gt;-Sorry, jullie kunnen dus niet mee met de vlucht!&lt;br /&gt;-Dit kan toch niet?? We verliezen ons ticket, en de volgende vlucht is pas zaterdag.&lt;br /&gt;-Toch is het zo. We kunnen je niet toelaten, maar er is nog één mogelijkheid. Ga terug naar de stad, en vraag je twee visa elektronisch aan op internet. &lt;br /&gt;-Maar, dat is 15 km ver! In één uur is dit onmogelijk!&lt;br /&gt;-Het is de enige oplossing, want op de luchthaven hebben we geen internetverbinding. Ik zoek het emailadres op van de Australische ambassade, en roep een betrouwbaar taxichauffeur.&lt;br /&gt;-OK, er zit niets anders op.&lt;br /&gt;Christine blijft op de luchthaven, terwijl ik de taxichauffeur aanvuur zo snel mogelijk te rijden. Na 20 minuten staan we aan een internetcafé. Eerst de ‘homepage’ van de ambassade. 5 min. Daarna kies je ‘visa’. 5min. Daarna ‘aanvraag’. 5min. Daarna ‘elektronische aanvraag’. 5min. Eindelijk het in te vullen formulier. Wil maar niet openen. 5min. 10 min….&lt;br /&gt;Rood, bezweet en trillend op mijn benen naar de balie: &lt;br /&gt;-Kunnen de andere klanten voor enkele minuten internet afsluiten, want ik krijg het niet voor mekaar!&lt;br /&gt;-Nee, dat doen we niet…&lt;br /&gt;Ik vraag de taxichauffeur me naar een ander internetcafé te voeren, en betaal niet voor de tergend slechte verbinding.&lt;br /&gt;We razen naar telecom. Nee, hier geen internet, maar ga naar…&lt;br /&gt;Intussen tikt de klok. Het is 12.45h. Om 13h is de deadline. Onmogelijk nog te halen, maar ik leg me er niet bij neer. Hier is alles mogelijk, en ze weten dat ik nog moet komen. Kleine kans, maar wie weet?&lt;br /&gt;Nieuw internetcafé. De verbinding is goed. Ik ben zò zenuwachtig, mijn vingers kunnen bijna de nummers en de namen niet intikken. De chauffeur en de internetman helpen me. We zitten met drie tegelijk op het klavier. Het internetcafé staat in rep en roer maar het werkt. In 10 min. is het elektronisch visum klaar. Ik neem het referentienummer op, en laat de taxichauffeur betalen, want ik heb geen roepiahs meer!&lt;br /&gt;We racen naar de luchthaven. De tijd tikt verder. 13h. File. 13.05h. Rood licht. De chauffeur rijdt erdoor. 13.10h. We passeren het laatste rond punt vòòr de luchthaven. Ik geef de chauffeur 20 USD voor alle kosten(rijdt plots nòg sneller), en storm om 13.15h de luchthavenhall binnen. Darwin: closed! Nééé, te lààt…&lt;br /&gt;Christine stormt naar me toe: ‘Ze wachten op ons!’ &lt;br /&gt;In 1 min zijn we ingecheckt. Ik vind mijn uitreisformulier voor indonesië niet meer…De beambte wil het regelen tegen wat smeergeld. Ik weiger! Plots vindt Christine hem toch…&lt;br /&gt;We stormen als laatsten naar het kleine tweemotorig vliegtuigje. Trap op, deur dicht, bam! Start the engines. Australia, here we come…!&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-116963814850642572?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/116963814850642572/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=116963814850642572' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116963814850642572'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116963814850642572'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/01/16-januari-07-padangbai-christine.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-116895389024497774</id><published>2007-01-16T14:22:00.000+01:00</published><updated>2007-01-16T14:25:07.570+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>8 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Brugge – Singapore&lt;br /&gt;Het is hier bijna middernacht, maar met je lijf sta je nog op Europees uur. De Chinese omroep  in Singapore zorgt ervoor dat we ons een beetje thuis voelen. Het is nodig, want het afscheid was hartverscheurend. Ja, je slaapt weer op een muffe hotelkamer in plaats van in je eigen bed. Ja, je mist iedereen. En ja, er was geen tijd om ook maar iets te doen in die twee weken. Nee, mijn rugzak is niet genaaid, nee, we namen geen vliegticketten, nee, we belden die en die niet op. We hadden geen tijd om onze weblog aan te vullen, en Christine stapt weer met dezelfde ongewassen broek. We hebben het vergeten (wasmachientjes draaien, lalala…) De reisgidsen voor Australië en Indonesië zijn teruggebracht naar de bib en de wegwijzer, we deden ze niet open. Ook onze fietsen zitten nog in de dozen van Chinapost. Zijn ze in orde? Zorgen voor later. &lt;br /&gt;Een directe zorg is de rugzak van Christine. Niet toegekomen hier in Singapore. &lt;br /&gt;Geen probleem, de Chinese radio maakt het hart lichter.&lt;br /&gt;Wat hebben we dan wel gedaan in die twee weken??? Ik weet het niet. In België geleefd. Het mooie België. Gefeest, gepraat, gegeten, gedronken, gemountainbiked, geslapen in ons eigen bed, spelletjes gespeeld met onze kinderen… zoals je dat enkel thuis kunt doen.&lt;br /&gt;Als ik afscheid neem van mijn ouders, ween ik als een kind. Als ik mijn huis zie verdwijnen, heb ik het gevoel het voor het laatst te zien. De  kinderen weer achterlaten voor een half jaar.&lt;br /&gt;En dan verdwijnt België onder ons… De tranen lopen me langs de wangen. Komen we wel terug?&lt;br /&gt;Door de vele emoties zit slapen er niet in op de vlieger, maar geen nood, 2h Belgisch uur komt de zon al op boven de Himalaya. We zien de Karakorum Highway in de sneeuw liggen. Vijf maand geleden waren we hier aan het zwoegen met de fiets. Daarna zien we Islamabad. Er is een dringende mail van Amir Ali, die geslaagd is voor zijn ingangsexamen aan de univ van Islamabad: Wanneer zend je eens een foto van je gezin? Nee, ook dat hebben we in die 14 dagen niet gedaan…We vliegen de Punjab over. Zo mooi en rustig uit de lucht. Maar niet over land. Vele beelden komen als een film in je geest…&lt;br /&gt;In de verte zien we de besneeuwde toppen van de Himalaya. Onder ons ligt Varanasi. Hoe zou het met Hira en zijn gezin zijn? Hij staat op dit moment op, om met zijn Riksja te rijden…&lt;br /&gt;Calcutta ligt in de ochtendzon tussen machtige rivierarmen.&lt;br /&gt;Aan méér dan 1000 km/h verder…&lt;br /&gt;Bangla Desh is een geschenk van de Himalaya en zijn deltarivieren…De lagunes blinken in de zon. Wat is de wereld toch mooi. Maar wat is er toch ook miserie daar diep beneden. Je bent niet meer detzelfde omdat je het allemaal hebt gezien. Je weet wat een drukte het daar beneden is. &lt;br /&gt;De GPS geeft aan dat we precies op 11 km hoogte vliegen. Het is buiten -52°C. Bitter koud. Beneden ons is er niet alleen tropische warmte, maar vooral menselijke warmte.  Ook het schiereiland van Myanmar is indrukwekkend. Een lagunekust bezet met tropisch oerwoud. Dit land bezochten we niet. Hoe leven mensen dààr, onder de militaire dictatuur? Er is hier draadloos internet. We telefoneren naar huis…  &lt;br /&gt;De Chinese zanger op de radio is zalf voor de ziel. Nee, de kamer is niet meer muf, en ja, zo’n bord rijst is ongelofelijk lekker. Het is hier mooi, warm, ook warme mensen…&lt;br /&gt;We komen een beetje thuis. Thuis in dit deel van de wereld. Je hebt het nodig om het afscheid te boven te komen.&lt;br /&gt;We verstaan geen woord van wat er gezongen wordt, maar dat is ook niet nodig. Het gaat recht naar het hart. Hebben we dit niet al zo vaak meegemaakt? De Turkse familie aan het Vanmeer, de Vissersfamilie in Silifke. Singaporese radio, nu. Een hartcontact zonder taal. Daar reis je toch voor? Om te ontdekken dat mensen dat hart hebben, via een blik, muziek, gewone vriendelijkheid. Ja, we zijn allemaal dezelfden. We lachen op dezelfde manier, en… we wenen op dezelfde manier. Lachen en wenen…, enkel mensen kunnen het.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Singapore – Batam(Indonesia)&lt;br /&gt;Happy birthday to you, happy birthday to you…Christine is vandaag 51. Weer zo oud als ik.&lt;br /&gt;De nostalgie zit ons nog een beetje rond het hart, maar veel tijd om stil te staan is er niet. We nemen de metro naar de veerboot met bestemming Batam.&lt;br /&gt;In 10 min zijn we ingecheckt. Stempel in paspoort: de zee tussen Singapore en Indonesië is niemandsland. De zee is woelig en het regent: moesson! Maar toch geestig zo’n boottocht tussen mamoettankers en reuzecontainerschepen, vlak vòòr het grootste industrieel complex van Azië. De zee hier ligt bezaaid met kleine eilandjes. Op één ervan wordt expeditie Robinson voor VTM opgenomen. Dus niet zo afgelegen als je wel zou denken op TV.&lt;br /&gt;Het visum en de grensformaliteiten voor Indonesië zijn in een kwartier geregeld.&lt;br /&gt;Batam is één winkelcentrum voor de Singaporezen. Weinig te beleven dus.&lt;br /&gt;Op straat wordt voortdurend aan onze mouw getrokken om vanalles te kopen. We vragen een man of er hier een eetgelegenheid is? Oh ja, natuurlijk. Eerst wil hij ons persé met de taxi voeren. Daarna persé naar restaurant Lavendel. (wellicht één of ander duur ding waar hij een commissie opstrijkt) Onderweg zien we een leuk straatrestaurantje met seafood. Dit is OK voor ons. Maar niet voor hem. Eerst wil hij meeëten ( stel je voor, ik wil een gezellige tête à tête op Christine’s verjaardag!) daarna zet hij zich bij om betaald te worden voor zijn diensten…En nee, hij geeft niet af als ik dreig de baas te roepen. Tot ik het doe. Ook kinderen komen aan onze tafel bedelen. Ze zien er meer dan behoorlijk gevoed uit. Nee, je mag niets geven, maar je denkt aan de parabel van de rijke vrek(=wij). We zijn hier op dit eiland wellicht de enige blanken, en blank = rijk. Ook dit moet je weer gewoon worden. Alleen, het is zo vermoeiend in ’t begin.&lt;br /&gt;Ik trakteer Christine natuurlijk eens extra. We zitten hier tussen de gewone Batamnezen, het eten is superlekker en veel.(het is ook onze eerste maaltijd vandaag, dus smaakt het extra!) We drinken er een heineken bij. (de Hollanders zijn hier nog niet helemaal weg) Het is gezellig, maar een beetje weemoedig denk ik dat de geschenkjes van de kinderen in de rugzak van Christine zitten. Nog steeds spoorloos. &lt;br /&gt;We komen vroeg op onze kamer om alvast onze vermoeidheid weg te slapen. Nee, we hebben duidelijk nog niet het nieuwe reisritme in onze botten…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;10 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Batam – Jakarta&lt;br /&gt;We vinden die verhalen van een jetlack nogal belachelijk, maar toch hebben we beiden slecht geslapen. Om 1h klaarwakker, een boekje gelezen tot 3h. Om 7h  gewekt en nog doodmoe. Het is nu middernacht in België…&lt;br /&gt;In de luchthaven heeft het vliegtuig van air Asia 3 uur vertraging. Ik lees verder in een prachtig boek: ‘Begraaf me over de bergen’, door de jeugdschrijver Ed Franck. Het is geen jeugdboek, maar het schrijnende getuigenis van, de laatste Tasmaanse vrouw(Tasmanië is een eilandengroep net ten zuiden van Australië): Truganini vertelt het verhaal van hun ondergang op haar sterfbed. In één mensenleven zijn de Britten erin geslaagd dit unieke ras volledig uit te roeien. Een wijze vrouw, die onze beschaving op de korrel neemt en in vraag stelt. Iedereen zou het moeten gelezen hebben. Verplichte lectuur voor elke Vlaamsblokker. Blanken passen zich toch overal aan?? Wat een lulkoek. Indianen, Aboriginals, Tasmaniërs,… De lijst van uitgemoorde volkeren is eindeloos. Ook hier in Azië merk je dat onze Westerse manier van leven als een pletwals over dit continent raast. Ontwikkeling zeggen we daartegen(ook ik). Welkom in club van de ‘Homo Economensis consumalis’ of oprotten. Andere volkeren, zoals we die tegenkwamen in Taman Negra, Maleisia, zijn gedoemd om te verdwijnen, tenzij ze economisch nut hebben. Een eindeloos triest verhaal, sinds de Spanjaarden in Amerika landden.&lt;br /&gt;Truganini dompelt je onder in een prachtige manier van voelen en denken, volledig in harmonie met de natuur. Haar oordeel is genadeloos: ‘tegen zo’n manier van denken kunnen we niets beginnen, maar ooit braakt de heilige aarde jullie terug uit…’&lt;br /&gt;Na een uurtje vliegen zijn we in Jakarta. Een megastad van 10 miljoen inwoners, aan zee. Eerst proberen we informatie in te winnen over de rugzak van Christine: ja, hij komt vanavond om 22h toe. Te laat dus, om af te halen. Morgen terug met de bus, dus…&lt;br /&gt;Met de airportbus rijden we Jakarta binnen. We waren het vergeten na 2 weken België: wat een boel! Van een verkeersindigestie gesproken. Overal vuil. En mensen, mensen…Overvol.&lt;br /&gt;Maar, iets sprankelends. Je hebt het thuis niet. Léven, léven, léven. We maken ons niet druk over een detail. Er wordt op sraat geleefd. Als het sneller gaat rijdt de bus weer als spookrijder(why not?), je ziet constant bijna-ongevallen, oorverdovend getoeter…alles met de glimlach: wìj, wij leven graag. Welcome to Asia!! &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;11 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jakarta&lt;br /&gt;We kunnen niet alles in Jakarta bezoeken op één dag, en maken een keuze: de oude havenwijk. Er is hier geen metro, en daarom nemen we de ‘economy-train’. Wat wil zeggen: bijna gratis, overvol, vuil, maar écht. Zo’n rit mag je niet missen! Men wil je alles verkopen, bedelaars passeren, kruipen tussen je voeten, het lawaai is niet te harden. Deuren worden nooit gesloten. Té heet , en zo’n ongelofelijk miernnest. Wellicht valt regelmatig iemand uit die trein?&lt;br /&gt;Centraal Jakarta is…met gans België in Brugge samenwonen. Ik kan het chaotische hier onmogelijk beschrijven. De vele kanalen naar zee zijn open riolen. Mensen wonen in krotten aan de rand van dit stinkende water. Overal drijft vuil: plastiek zakken, briks,..De mensenmassa, het verkeer.Hoe kun je hier leven?? Ooit braakt de aarde jullie terug uit… Ik denk aan Triganini.&lt;br /&gt;En toch. Onder de brug, net naast de smerigheid zit een jongeman zich te wassen. Je kunt het via een spleet in het wegdek net zien. Hij zal kraaknet uit dit krot komen. Mensen op straat hebben een rustige, vriendelijke blik… Hoe doen ze het? Waar halen velen hier die veerkracht?&lt;br /&gt;Er zijn hier geen toeristen. Een groepje scholieren is heel tevreden ons te kunnen interviewen. Een opdracht voor de leraar Engels. Ook een foto is erbij. Contact hebben met die leeftijd maakt altijd weer iets in me los: den olva!&lt;br /&gt;De oude visserswijk is nog chaotischer. Het water stinkt als de pest. Vuil is overal. Mensen gapen ons aan, kijken naar de bleke kleur van onze ogen. Kinderen lopen ons na. Hélemaal op ons gemak zijn we niet. Maar weer hetzelfde: die ongelofelijke levenskracht in elke blik. Vuur in de ogen. Vriendelijkheid: mister, mister…Ook éénmaal roept een kleine ‘mister Bean’ naar me…!Wellicht is die bekender dan de paus.&lt;br /&gt;We lopen terug naar het station, en komen weer een groepje scholieren tegen met een bijna wanhopige blik: we hebben nog geen toerist tegengekomen om te intervieuwen… We antwoorden met veel binnenpretjes weer geduldig op alle vragen. Ook fotootje. Wat zullen ze plezier hebben als beide groepen in de Engelse les zien dat ze hetzelfde interview hebben! &lt;br /&gt;We rijden terug met de overvolle, verhitte trein. Vier kinderen maken muziek in ons coupé( hum, hum, beter woord is laadbak met handgrepen aan ’t plafond)en zingen hun ziel uit het lijf. Het is prachtig en stijgt recht naar het hart. Deze chicos zijn voor gitaar en drumstel gemaakt. De wagon is voor mij nu mooier dan de concertzaal in Kuala Lumpur…De mensen hebben een ongelofelijke warmte in zich, die zich op je overzet. Je weet dat je dit in Europa een beetje mist.&lt;br /&gt;We splitsen ons nu op. Christine gaat haar bagage halen in de luchthaven, Ik ga naar het kantoor van Thaï Air, omdat we ons open ticket van Bangkok naar Varanasi nog moeten vastleggen op 7 februari. Dat is geen probleem, want de lijn is niet erg druk. Ik overhandig de tickets op het kantoor.&lt;br /&gt;-Wil je onze retourvlucht vastleggen op 7 februari?&lt;br /&gt;-(na nogal lang computeren)We hebben een probleem&lt;br /&gt;-Oh ja?&lt;br /&gt;-Op 7/2 is het vliegtuig vol&lt;br /&gt;-Wablief, hoe kan dat nu?&lt;br /&gt;-Er is een Bouddhistisch feest in Varanasi, het zit vol met pelgrims.&lt;br /&gt;-’T is nie waar hé&lt;br /&gt;-Wanneer is het volgende vliegtuig?&lt;br /&gt;-Op 10/2&lt;br /&gt;-OK, dan nemen we een tweede optie, want we komen maar op 5/2 uit Australië terug.&lt;br /&gt;-Dit gaat niet, je ticket is dan verlopen.&lt;br /&gt;-We hebben dus een serieus probleem.&lt;br /&gt;-Ik zet je als nummer één en twee op de reserveplaatsen&lt;br /&gt;Het wordt dus bang afwachten hoe we dit zullen oplossen. En hopen dat twee pelgrims zich bekeren.&lt;br /&gt;Christine arriveert met haar rugzak… én de cadeautjes van de kinderen. We worden er week van. Nee, de nostalgie is nog niet helemaal over.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;12 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jakarta – Jogjakarta – Borobudur&lt;br /&gt;Zo’n Aziatishe megastad met de trein buitenrijden is altijd deprimerend. Ook bij ons zie je met de tein niet de meest fraaie huizen langs het spoor. Maar het zijn nog huizen. Hier is het altijd warm, en is een stuk golfplaat genoeg. De krotten staan soms op minder dan een meter van het spoor. Daar zit je dan in een knusse zetel op de ‘exclusif train’. Wel een drie kwartier zie je vanop de trein hoe het leven zich hier afspeelt. De armoede. De hopen vuil. Stank, rioolwater. Om moedeloos van te worden. Ooit spuwt de aarde jullie uit…Met lede ogen zie je de slachtoffers van ons economisch systeem. &lt;br /&gt;En dan. Tussen de krotten een voetbalveldje met spelende kinderen. Daar komt die jongeman van gisteren kraaknet over een wegeltje uit zijn krot gelopen: Ik heb niets, maar ik heb alles. Mensen wuiven, lachen. Uit België? Dit is het land van Gererts. En van Eddy Merkx. Mijn grootvader heeft een zwartwitfoto van hem. &lt;br /&gt;Moeilijk te begrijpen waarom in een prachtig georganiseerde maatschappij als de onze in België mensen minder gelukkig schijnen dan hier. Misschien iets té geoganiseerd. Hier gebeurt elke dag iets onverwachts. Je moet vechten om te leven. In zo’n wijk ben je nooit eenzaam?&lt;br /&gt;Een Nederlands Antropoloog heeft een gesprek met het stamhoofd in een vissersdorp op Sumatra. Hij merkt dat sommige mannen heel goed een kano kunnen bouwen, anderen brengen er weinig van terecht. Toch maakt iedereen zijn eigen boot, kweekt zijn eigen varkentje…&lt;br /&gt;-Als je een minder goede boot hebt, kun je dan minder vis vangen.&lt;br /&gt;-Ja, dat is zo. &lt;br /&gt;-Maar de ene man kan beter een boot bouwen dan de andere. Waarom bouwen bepaalde mannen dan niet alle boten, en dan kun je een boot ruilen voor twee varkens of zo. Iedereen heeft dan een goede boot. En ook vlees.&lt;br /&gt;-Nee, we willen zò niet leven, dat zou veel te eentonig zijn. Bovendien delen we al onze vis.&lt;br /&gt;Nee, we willen armoede niet goed praten. Mensen hier kijken op naar òns leven. Het verschil tussen arm en rijk is schandelijk. Niemand op onze prachtige planeet zou mogen leven in omstandigheden zoals ze hier nu aan je voorbij glijden. Maar wìj zijn zò materieel geconditioneerd dat we de diepe kracht van veel van die mensen gewoon niet zien. Ze zijn arm. Punt. Dus ongelukkig. Dit is onze grootste verwondering: De mensheid is er véél beter aan toe dan we dachten vòòr onze reis. &lt;br /&gt;Als we de voorsteden achter ons laten krijg je een beeld van het plattelandsleven op Java, zoals dat beschreven wordt in Multatuli. Rijst, rijst en nog eens rijst. In terrassen aangelegd. De eindeloze cyclus. Uitzaaien op wachtbed. Intussen met de os het land ploegen. Daarna onder water laten lopen en de plantjes in het water uitzetten. De oogst volgt enkele maanden later.&lt;br /&gt;Mannen en vrouwen werken, onder hun kegelvormige hoeden, gebukt, in de brandende hitte. &lt;br /&gt;Op de achtergrond machtige vulkanen. Rond de top zitten cirkelvormige wolken. Het is prachtig. We genieten met volle teugen van die 8 uur durende rit. Langzamerhand is dit prachtige land ons hart aan het veroveren…&lt;br /&gt;In het busstation missen we net de laatse bus naar Borobudur. We nemen een andere lijnbus tot aan de bushalte op de hoofdweg. Met de ‘bijna – dood – ervaringen’ op de bus naar Borobudur zou ik in herhaling vallen. Wellicht is het ook weer zo’n elementje dat het leven hier steeds spannend maakt. Bloedstollend op het moment. Komisch achteraf.&lt;br /&gt;Voor de laatste kilometers scheuren we in het donker achteraan op de moto.&lt;br /&gt;We kiezen goed-komt-het-uit een kamer en bestellen rijst.&lt;br /&gt;Twee locals komen bij ons zitten. Ze spelen gitaar en zingen heel mooi.Ondanks onze chronische vermoeidheid blijven we luisteren en praten. Zo’n momenten zorgen ervoor dat je je steeds meer gaat thuisvoelen, tot…bij het afscheid Johannes ons een gidsenbeurt voor de tempel wil verkopen. Niet leuk.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;14 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Borubudur – Yogyakarta&lt;br /&gt;De Bouddhistische tempel van Borobudur wordt beschouwd als één van de allermooiste  op aarde. We staan vroeg op om de hitte te trotseren, hier net ten zuiden van de evenaar.&lt;br /&gt;Het is adembenemend. Het zwart lavagesteente contrasteert op een ongelofelijke manier met de staalblauwe lucht en het intens groen rond de tempel. Op de achtergrond kijken sprookjesachtige vulkanen toe, elk met hun kringwolkje. We genieten en genieten, ùren aan een stuk.&lt;br /&gt;Tegen de middag zijn we met een nieuwe adembenemende busrit in Yogyakarta. Specialiteit van deze chauffeur: de volledige file op het andere rijvak voorbij steken, door het rood , en zich dan voor de eerste auto plaatsen. Keer op keer. Bij iedere licht.  Niemand is verwonderd. Elk zijn specialiteit. &lt;br /&gt;We zijn het ook weer helemaal gewoon geworden. Ja, na een week begint de reisroutine er echt weer in te komen. Het is gewoon zàlig in Indonesië! &lt;br /&gt;We slenteren wat rond in het centrum van Yogya, ook weer Java op zijn best. Er wordt hier 24 uur geleefd: gegeten, verkocht... zoals dat enkel in Azië kan.&lt;br /&gt;We laten ons oog vallen op twee miniatuurfietsen, man en vrouw. Echt mooi. En voor ons is een fiets niet enkel een gebruiksinstument. Door het vele werken aan fietsen heb ik er de ziel van leren kennen. Hm, op onze kast…&lt;br /&gt;-How much rupiahs?&lt;br /&gt;-300 000 each&lt;br /&gt;-This is 600 000 for the two? Are you mad??&lt;br /&gt;-(we lopen weg) Sir, sir,… how much is your price?&lt;br /&gt;-100 000 for the two&lt;br /&gt;-impossible, but I like you, and therefore I sell 300 000 for the two….But, don’t tell it to someone!&lt;br /&gt;Zo spelen we het spel verder en eindigen op…150 000 rupiah voor de twee.&lt;br /&gt;Toch nemen we ze niet mee, omdat we nog gans Indonesië en Australië door moeten…Jammer.&lt;br /&gt;Terwijl we uitkijken voor een nieuw treinticket komen we een touroperater tegen. Hij biedt ons een ticket aan: met minibus naar de bromovulkaan, hotel en ontbijt, daarna bus en ferry naar Denpasar, hoofdstad van Bali. Na serieus bargainen (=een half uur spelen dat het je niet interesseert en liever met de trein reist) komen we uit op 250 000 rps. We kunnen dit niet goedkoper zelf organiseren, en beseffen dat we minstens een dag winnen. We besluiten het te nemen, vertrek om 9h, morgen.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;15 januari ’07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Jogyakarta – Bromo – Denpasar (Bali)&lt;br /&gt;We reizen in minibus, met twee Amerikanen uit San Francisco. Het zijn Joodse Russen, geëmigreerd in de jaren 80 onder Gorbachov.&lt;br /&gt;Intellectueel een superknap man van rond de dertig. Wel sympathiek, maar zo onhandig en simpel. Ze komen overal te laat, wat dan weeer ergerlijk is voor ons, en twee oerangsten duiken op in de urenlange gesprekken: communisme en islam. Je kunt moeilijk redeneren met zo iemand als je ervan uitgaat dat alles in de VS het beste is, maar ik leg hem toch het vuur aan de schenen ivm Irak en Afghanistan. Ik probeer hem te laten twijfelen over zijn eigen maatschappij. Nogal moeilijk. Toch zijn Europeanen veel beter in het bargainen: wij reizen goedkoper. Dan toch iets waar anderen beter in zijn.&lt;br /&gt;Aan de voet van de vulcano wil men ons een extra tour verkopen: om 4.00h met de jeep naar het hoogste punt op de buitenste krater voor de zonsopgang. Daarna naar de werkende Bromo zelf. Ik zeg hem dat ik wel wil onderhandelen voor een jeep voor ons vieren. Hij neemt toch het lot in eigen handen. De vraagprijs is 110 000, hij krijgt er 10 000 vanaf, is doodgelukkig en hapt toe. Niet de afspraak. Ik haak af. We zien wel boven, want eigenlijk willen we gewoon wandelen. Het komt ons over als een opgefokt gedoe. Intussen benadert de man me met een grotere discount, maar we wachten.&lt;br /&gt;We rijden met blèrende minibus naar boven. Het is intussen 22.30h. Omdat we nu op 7° ZB zitten schittert de boogschutter fier boven ons hoofd. De poolster zit natuurlijk onder de horizon in het zuidelijk halfrond, maar we hopen morgenochtend de grote beer te zien, omdat dit sterrenbeeld dan hoger dan de poolster zit. We zien ook wel dat we zelf in het donker de weg niet gaan vinden. En natuurlijk worden we buiten nog eens aangesproken. OK ,75 000 rupiahs, but you must promis not to tell it to the Americans…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;15 januari ‘07&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Bromo – Denpasar – Padangbay&lt;br /&gt;Het moet gezegd. De rit naar het hoogste kraterpunt is de moeite waard. Bij zonsopgang staan we op de buitenste krater, maar zien vòòr ons nog vier andere   kleinere kraters uit de ochtendmist opdoemen, binnenin de krater waar we nu op staan. Twee ervan roken. Alles is omgeven met het sprookjesachtig rood licht van de opkomende zon… We genieten uren , en zien om het kwartier een eruptie boven de hoogste piek. Daarna naar Mr Bromo vulkaan itself. Zwaveldampen hangen rond de berg. We klimmen de kraterrand op en staan stokstijf. Ik trek mijn tshirt over mijn neus voor de zwaveldampen. Hoesten. Je ogen prikken. Maar wat je hier ziet is niet te beschrijven. &lt;br /&gt;Je kunt tot op de bodem van de krater kijken. Daar is een reusachtig gat, waar met diep gebruis, en onder grote kracht zwaveldampen uitgebraakt worden. Ik hou me van schrik vast aan de rand van de krater. Er groeit niets, mijn handen zijn in zwavel. Zijn we hier in de hel? &lt;br /&gt;We wandelen wel twee uur op de kraterrand, omdat je zo’n intense ervaringen moet kunnen laten doordringen. Je komt diep onder de indruk van de imense kracht, diep van binnen in onze aarde. We denken dat we de aarde kunnen temmen, maar hier zie je dat dit niet zo is. Je hebt het gevoel dat, indien ook nog maar een fractie van die kracht vrijkomt, we er allemaal geweest zijn. Ooit zal de aarde jullie uitspuwen…&lt;br /&gt;De Amerikanen zijn weer een half uur te laat om naar beneden te rijden, maar hier scheiden onze wegen. Wij gaan in de minibus naar de ferry voor Bali.&lt;br /&gt;We passeren nog  een vulkaan, en worden een tocht aangeboden om die krater, met een smaragdblauw meertje en gele zwavelontginning op te rijden. Na wat bargainen moet je het niet meer laten voor het geld. We kunnen ook sneller reizen als we een vluchtje nemen van Bali naar Flores, ook nog binnen ons budget. We discussiëren er twee uur over, en besluiten het toch niet te doen. Het is altijd moeilijk iets voorbij te rijden, maar we hebben nu eenmaal niet gekozen  om zo snel mogelijk van de ene toeristische bezienswaardigheid naar de andere te reizen. We willen met de mensen van terplaatse reizen, en zijn daar in een minibus zoals nu ver vanaf…&lt;br /&gt;De chauffeur is wel iets minder vriendelijk als we de tocht niet nemen, zelfs voor zo’n lage prijs, dropt ons aan de ferry, en geeft ons geld om aan de overkant in Bali zelf ons ticket te nemen. Hum hum. Voor ons niet gelaten. &lt;br /&gt;Ja, weer zo’n superhete, supervolle lijnbus. Op iedere hoek stoppen. Maar prachtig. Dit is reizen, leven. Nee, niets speciaals: moeders met kinderen, fiere vaders, een prachtig meisje met haar boorling in doeken gewikkeld. Een jongere kamt zijn gitzwarte haren en lonkt naar een meisje. &lt;br /&gt;De busbegeleider is een filmrol waard. Hij roept wanneer de chauffeur moet stoppen, want een bel is er niet. Hij doet de deur open en dicht, en wijst je plaats aan met een stem méér dan een opera waard.&lt;br /&gt;Daar stapt de marktkraamster op met de rest van de groenten en fruit. Een grote zak of tien. Natùùrlijk is er plaats, maar diep inademen kun je niet meer, want mijn ruzak,klemt nu op mijn borst. Die van Christine ligt op haar been waardoor hij lekkker slaapt. Zweetproduktie en na vier uur een zeer gat verzekerd. Zàlig toch?&lt;br /&gt;In Denpasar nemen we direct de minibus naar Padangbay, en nemen een kamer aan zee. We eten nog een bord rijst. Het is intussen middernacht. We zijn doodop. Morgen moeten we een dagje tussen nemen en eens goed slapen, want met een slaapgemiddelde van 4 à 5 uur houd je het niet vol…&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-116895389024497774?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/116895389024497774/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=116895389024497774' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116895389024497774'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116895389024497774'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2007/01/8-januari-07-brugge-singapore-het-is.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-116697542132657107</id><published>2006-12-24T16:48:00.000+01:00</published><updated>2006-12-24T16:50:21.620+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>20 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kuala Lumpur – Singapore&lt;br /&gt;Met spijt ‘verhuizen’we(ja, we hebben hier echt een beetje gewoond tussen de Maleisiërs) vandaag naar Singapore, met de nachttrein. Morgen om 8h komen we toe, dachten we…&lt;br /&gt;Omdat de kapper nogal wat al te lang bezig was aan het haar van Christine, en we nog wat kleren wilden kopen, is het toch weer ‘in a hurry naar ‘Kuala Lumpur Sentral’. O ramp! We zijn er perfect in geslaagd al onze ringitts op te doen, maar vergaten twee ringitts voor de metro over te houden…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;We leggen het uit aan de balie van het hotel, ja, we krijgen vlug twee ringitts&lt;br /&gt;Op een drafje naar de metro. Oef, op tijd in het Centraal Station.&lt;br /&gt;Terwijl we daar puffend , en badend in ons zweet uitblazen: ‘attention, attention! The train to Singapore is cancelled because of the fluid  . &lt;br /&gt;Wablief! En wat nu??? We mòeten in Singapore geraken voor ons vliegtuig, overmorgen.&lt;br /&gt;We wisselen het ticket uit, en nemen de metro terug naar het busstation.&lt;br /&gt;-‘fluid? Yèèèss! But no problem for the bus.&lt;br /&gt;-Do you have ticket for tonight?&lt;br /&gt;-Yes, departure here at 00h, arrivel at Singapore 5.00h am, 35 ringitts.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;21 december ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Singapore&lt;br /&gt;En zo wordt het toch weer een nachtje buszitten, met weinig slapen, grensformaliteiten voor Maleisië om 3.30am, formaliteiten voor Singapore om 4.00 am, en drop out of the bus at 4.45 am, in de gutsende moesson..&lt;br /&gt;Natuurlijk zit onze regenjas onderaan in de rugzak.&lt;br /&gt;We nemen een taxi, en passeren vijf hotels, allemaal volzet. Wat is advance bookinng op internet toch interessant. Hum, hum.&lt;br /&gt;We laten ons afzetten in de Indische wijk. Na vele hotels vind ik toch een schappelijke kamer, en vallen we eerst enkele uren in slaap.&lt;br /&gt;In de loop van de voormiddag beginen we Singapore te verkennen. Het is avond voor we het weten, en het duurt ook zijn tijd om in zo’n wereldstad wéér eens het metrosysteem te leren kennen en een beetje je draai te vinden…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;22 december ‘06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Singapore&lt;br /&gt;We beginnen hier nu een beetje de weg te kennen. Ja, Singapore is een prachtige stad! Goed georganiseerd, net en hypermodern.&lt;br /&gt;We slenteren rond in Little India, Chinatown, de Arabische wijk. Even later ben je met de snelmetro tussen de wolkenkrabbers, of neem je de kabelbaan over één van de grootste havens ter wereld.&lt;br /&gt;Het is allemaal mooi, maar Singapore is vooral een voorbeeld een van multiculturele samenleving. Je ziet allerlei types mensen door mekaar. En allerlei godsdiensten: Bouddhabeelden staan broederlijk naast een moskee, en ook vele kerken sieren het straatbeeld. Engels is hier de voertaal, maar ook andere talen worden hier gebuikt, vooral het Chinees. Een gesluierde vrouw zit naast een paartje dat aan het zoenen is op de metro. Zo’n overvolle metro bekijken doet deugd aan het hart, omdat je hier merkt dat mensen van heel verschillende huiskleur, godsdienst of taal, perfect in harmonie kunnen samenleven. Iedereen mag in dit geheel zijn eigen gewoontes en cultuur behouden in volle vrijheid ( dit geeft juist extra kleur aan zo’n stad!), maar het begint mis te gaan als de ene groep iets wil opdringen aan de andere. We kunnen er iets van leren in België.&lt;br /&gt;Op de kamer  is draadloos internet ter beschikking, we nemen een vliegtuigticket tussen Batam en Jakarta, en kijken ook hoe de veerboot naar Batam in mekaar zit. Voor we het weten is het weer avond, en brengt de metro ons naar de luchthaven…&lt;br /&gt;Ook daar, met de klink van het vliegtuig in de hand kun je nog ‘free’ op internet. We mailen naar de kinderen dat we voor het vliegtuig staan. Ja, morgen arriveren we zeker&lt;br /&gt;Tussenlanding in Bangkok, tot 1h plaatselijke tijd.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;23 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Singapore – Bangkok – Helsinki – Brussel – Brugge&lt;br /&gt;23 dec, of moet ik zeggen 22 dec, want thuis is het nog 22 dec…&lt;br /&gt;Ik doe het zo, om het tijdsverschil te overbruggen: Eerst wakker blijven tot 4h Singapore tijd.( intussen hebben we al twee maal avondmaal gekregen, op de twee verschillende vluchten) Daarna val ik 7 uur in slaap. Bij het ontwaken verzet ik mijn uurwerk naar Westeuropese tijd, en dit is…weer 4 uur. We krijgen voor de eerste keer ontbijt. De dag is begonnen.&lt;br /&gt;Christine is wat nostalgischer. Ze laat haar uurwerk op Singapore tijd staan, om te kunnen zien in België hoe laat het nu zou zijn in Azië. Ook leuk.&lt;br /&gt;Op de GPS van het vliegtuig kun je volgen waar we vliegen, aan méér dan 1000 km/h, op 11 km hoogte. Zo’n vliegtuig is toch een echt wonder. We vliegen over Myanmar, India, Pakistan, de Karakorum over, en dan dwars over Rusland, de Baltische staten, recht op Helsinki, Finland. &lt;br /&gt;We kijken door het raampje. India…Onder ons slaapt Hira met zijn vrouw en 3 kindjes, bruist het leven in Pakistan. De Karakorum Highway… Zòveel beelden komen op je netvlies.  &lt;br /&gt;Na de tusenlanding in Helsinki zien we bij het opstijgen de zon opkomen boven de bevroren Oostzee. Wat een verschil! Enkele uren geleden stegen we op bij 29°C, boven een staalblauwe tropische zee…&lt;br /&gt;We naderen Brussel, en krijgen elk een glas Champagne. We klinken uit dankbaarheid voor dit stuk reis. We kunnen het bijna niet geloven dat we het doorsparteld hebben zonder ongelukken en gezondheidsproblemen.&lt;br /&gt;Koenraad, Nele, Goedele en Roeland staan ons op te wachten op de luchthaven. De emoties komen los, na zo’n lange periode. Wat zijn we gelukkig hen terug te zien. Na enkele uren zijn we het weer zo gewoon in België. &lt;br /&gt;Het doet deugd de familie terug te zien.&lt;br /&gt;Dan naar huis. Didier, Linus en Elke zijn er. We zien hen doodgraag, het weerzien is allerhartelijkst. We leren Ine kennen.&lt;br /&gt;In ons hart hebben we nu 8 kinderen. Ze hebben een allerhartelijkste ontvangst voor ons voorbereid, met een echte ‘spaghetti germonpraise’. Ik weet niet wat er nog méér deugd kan doen. Welkom thuis!&lt;br /&gt;We wensen iedereen een zalige Kerst en een gelukkig Nieuwjaar, en in de periode dat we thuis zijn is iedereen bij ons ook hartelijk welkom!&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-116697542132657107?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/116697542132657107/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=116697542132657107' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116697542132657107'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116697542132657107'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2006/12/20-december-06-kuala-lumpur-singapore.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-116659396180226061</id><published>2006-12-20T06:51:00.000+01:00</published><updated>2006-12-20T06:52:42.186+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>15 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kuala Lumpur&lt;br /&gt;We slenteren wat in Chinatown rond, maar vinden niet direct onze draai in deze wereldstad. De hitte slaat vermoeiend op ons en we blijven wat nostalgie hebben naar Kuala Assebroek. &lt;br /&gt;Je bent geneigd van de ene geklimatiseerde ruimte naar de andere te lopen! De metro is ideaal: lekker fris. Je zou erop blijven zitten.&lt;br /&gt;We nemen de metro gewoon naar een willekeurige bestemming in een buitenwijk, om het gewone leven hier, buiten het stadscentrum te zien. Na enkele haltes zitten we tussen de plaatselijke mensen. Iedereen houdt ons in het oog. Wat komen die hier in godsnaam doen??&lt;br /&gt;We stappen af tussen enkele gore flatgebouwen. Een beetje te vergelijken met de Bijlmer nabij Amsterdam. De reusachtige gebouwen worden bewoond door een moslimbevolking. Tussen de gebouwen wordt buiten geleefd. Het ziet er erg gezellig uit. We worden aangestaard alsof we wereldwonderen zijn.&lt;br /&gt;Nog een halte verder. Een heel andere wijk. Veel meer gemengd. Je ziet weer vrouwen met de rode stip op het voorhoofd, teken van Hindoe. Een biertje is ook te krijgen. Gezellige restaurantjes en winkels zomen de wijk af, maar krottewijken staan ook her en der verspreid. Dit is dan de andere kant van de hoogste twintowers ter wereld…&lt;br /&gt;We zijn vroeg terug op onze kamer en zetten radio Kievitstraat aan. Dit zijn al onze CD’s van thuis, die op de computer staan, die we in random laten spelen. De nostalgie blijft doorwerken. Nog een week en we zijn thuis…&lt;br /&gt;We zitten er ook een beetje aan vast, omdat we wat dagen over hebben, en in Singapore moeten eindigen. (Indien we niet naar Singapore zouden moeten, zouden we overmorgen de Straat Van Malaca oversteken, naar Indonesië,Sumatra, en zo onze reis richting Australië verderzetten.)&lt;br /&gt;   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;16 - 19 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kuala Lumpur&lt;br /&gt;We kennen nu in de wereldstad Kuala Lumpur goed de weg! We weten hoe het metrosysteem werkt, en laten ons volledig door de stad en zijn drukte opslokken. &lt;br /&gt;De gebouwen zijn indrukwekkend. Vooral de twintouwers, op één na de hoogste  wolkenkrabber ter wereld. Volledig opgebouwd met Europees roestvrij staal. De stijl en de inplanting is magnifiek. Een monorail metrostel kietelt de tenen van de wolkenkrabber…Je waant je in Walibi of zo.&lt;br /&gt;Op de benedenverdieping is een prachtige concertzaal. We nemen ticketten voor een concert van Tsjaikovsky.&lt;br /&gt;Maar, op onze sandalen en met kniebroek kunnen we niet binnen… Vlug naar de supermarkt om schoenen, een hemd, een broek.&lt;br /&gt;Daar staan we dan, sinds zes maand weer in ‘gewone’ kleren. Het is wat onwennig, maar ergens wel plezant, omdat je het gevoel hebt je toeschouwersrol als reiziger eens opzij te zetten, en weer deel te nemen aan het leven.&lt;br /&gt;We staan versteld over de informatica, hier in dit deel van Azië. We komen een’digitaal shoppingcenter’tegen (groter dan de makro), en…raken er niet meer buiten! We vergapen ons aan zoveel moderne communicatiemiddelen, en laten ons alles haarfijn uitleggen. Het wordt een interessante ‘cursus multimedia-communicatie-GPS’. Als je hier een internetabbonnement neemt, kun je overal draadloos rechtstreeks op internet. Kleine mobiele systeempjes, met opvouwbaar klavier,scherm…enz vliegen als zoete broodjes over de toonbank Daar staan we in Europa wel nog een tijdje vanaf.&lt;br /&gt;Het scheelt geen haar of we laten een gloednieuwe computer voor thuis samenstellen, maar de douane weet je wel….&lt;br /&gt;Ja, enkele dagen geleden stapten we nog in het oerwoud waar aboriginals leven, wat een verschil in hetzelfde land!&lt;br /&gt;Toch blijf je in Azië. Het is warm, waardoor alles op  straat gebeurt: verkoop, eten, je schoenen laten herstellen…Onder onze eigen zweetstromen laten we  ons volledig door die immense drukte overspoelen. Heerlijk een beetje in Kuala Lumpur te wonen!&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;20 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kuala Lumpur – Singapore&lt;br /&gt;Met spijt ‘verhuizen’(ja, we hebben hier echt een beetje gewoond tussen de Maleisiërs) we vandaag naar Singapore, met de nachttrein. Morgen om 8h komen we toe.&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-116659396180226061?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/116659396180226061/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=116659396180226061' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116659396180226061'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116659396180226061'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2006/12/15-december-06-kuala-lumpur-we.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-116606810337484250</id><published>2006-12-14T04:47:00.000+01:00</published><updated>2006-12-14T04:48:23.736+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>11 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Gua Musang – Kuala Tembeling – Kuala Tahan&lt;br /&gt;Het was middernacht toen we uiteindelijk in ons bed raakten, in Gua Musang. Om 2h wordt er op de deur gebonsd. Mijn hart bonst al even hard, want de guesthouse heeft geen voordeur, en er zit niemand aan de receptie. Iedereen kan dus binnen…&lt;br /&gt;-Hello, hello,…&lt;br /&gt;-What do you want???&lt;br /&gt;-Did you pay your room???&lt;br /&gt;-Yes…&lt;br /&gt;We doen uiteindelijk de deur open, en hebben alle moeite van de wereld de baas van het hotel ervan te overtuigen dat we reeds betaalden aan iemand anders…&lt;br /&gt;Om 5.15h er weer uit voor de trein van 6h.&lt;br /&gt;We vertrekken drie kwartier te laat, en zitten wat moetjes op de trein. De zon komt op boven de jungle, terwijl we verder zuidwaarts bollen. Het is prachtig. We hebben goed gekozen dit deel van de treinrit te sparen voor ’s morgens, en niet in het donker af te leggen!&lt;br /&gt;Op de kaart, en merk ik dat we in beter in Kuala(=dorp) Tembling kunnen uitstappen, en niet in Jerantut, zoals aangegeven in de Lonely Planet. Natuurlijk twijfelt Christine aan mijn kennis van zaken (hum, hum), maar achteraf blijkt dat het juist is. Het stationnetje ligt op een kwartier wandelen van het vertrekpunt van de ‘jetty’(een lange, houten, platte schuit met buitenboordmotor), die ons over de Sungai(=rivier)Tembeling naar Kuala Tahan&lt;br /&gt;brengt. &lt;br /&gt;Als we het achterste van de trein tussen de tropische plantengroei zien verdwijnen voelen we ons een beetje gedropt. Wat nu? Langswaar is het nù? Rondomrond oerwoud. Zegt Christine: &lt;br /&gt;-‘t was wellicht beter langs Jerantut&lt;br /&gt;-grr, grr&lt;br /&gt;Het is hier toch niet zo verlaten als we eerst dachten zodat we twee keer de weg kunnen vragen bij de wegsplitsing. Twee keer een verschillend antwoord… Uiteindelijk kiezen we de verkeerde weg dòòr het dorp, maar raken via een omweg bij de boot. Het is hier mooi, en we houden er beiden van zo op weg te zijn met de rugzak en voelen ons op de Santiagoroute.&lt;br /&gt;Al van gisteren merk je  niet alleen dat we weer in Islamgebied reizen aan de hoofddoeken, maar ook aan de hartelijkheid van de mensen. Het is net als in Pakistan.  Ze roepen en zwaaien, stoppen om te vragen hoe het met je gaat…Het moet gezegd: gastvrijheid is een traditie in de Islam wereld.&lt;br /&gt;Had je een jaar geleden moeten zeggen tegen me dat ik in Maleisië in 35°C in het vochtig oerwoud mijn laptop van 5 kg zou meeslepen, ik zou je gek verklaard hebben! Toch hebben we dit handige ding hier mee, maar het is extra zweten. Christine heeft zich dan weer laten gaan aan zee en maar efkens een kilootje schelpen mee, plus al enkele kilootjes ‘Christmas shopping’. ’ Bwaah, ‘t is toch maar op de trein en de bus’ zegt ze dan altijd als ze iets wil kopen. En nog een extra paar kilo’s  fruit en eten… Onze lijven zijn net twee dampende stoommachines. &lt;br /&gt;De trip op de jetty gaat in razensnel tempo. De houten schuit is net een speedboot! Het landschap is ontroerend mooi. Je waant je op de Amazone. Grote tropische bomen, met wortelgestellen, waar je verstoppertje kunt achter spelen begrenzen de rivier. Een kudde wilde buffels is aan het baden. We passeren een groepje spelende kinderen. Hun gitzwarte huid en hun kroeshaar glimt in het water en de brandende zon. Ze hebben niets aziatish meer: we naderen de Pacific. &lt;br /&gt;Kuala Tahan is een klein jungledorpje, maar toch wel goed toeristich. We zoeken een boshut, gaan iets eten en gaan vroeg slapen, want we voelen ons niet moe, maar uitgeput…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;12 december ’06 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kuala Tahan&lt;br /&gt;We maken een eerste wandeling in het nationaal park. In noordwaartse richting, naar de Kanopy walkway, zogezegd de langste en hoogste hangbrug ter wereld over het oerwoud. Het is een belachelijke toerstische bezighouder.&lt;br /&gt;We vervolgen een ander junglepad. Aanvankelijk niet erg interessant. Maar we gaan steeds dieper het oerwoud in. De plantengroei is overweldigend. Ik schommel aan lianen zoals in een Tarzanfilm. Ze hangen vast aan bomen van wel 50 meter hoog. De wortelgestellen van zo’n boom reiken tot boven mijn hoofd! De geluiden van de jungle kunnen we niet thuiswijzen. Wellicht chimpansees of oerang-oetangs die naar mekaar roepen. Christine roept eens terug. Takken vallen regelmatig naar beneden. Dieren zien ons, maar wìj zien hén niet. Plots zien we dat we begluurd worden door een hagedis. Hij zit zò stil om te profiteren van zijn schutkleur, dat we makkelijk een foto kunnen nemen. Brrr. &lt;br /&gt;De onbekende natuur bouwt langzaam een spanning in ons op. Aaaai! Christine heeft een bloedzuiger op haar voet. Ik probeer hem eraf te slaan, maar het lukt eerst niet. Het bloed gutst eruit wanneer hij lost. Het wemelt van die kleine diertjes en andere wormen. Regelmatig krijgen we beiden bloedzuigers op en tussen onze tenen. Het is onvoorstelbaar hoe snel die diertjes zijn! Het bloed plakt in onze schoenen. &lt;br /&gt;Ook vlieg en mug ordinalis doen lustig mee. En dit alles in een loodzware, vochtige warmte van boven de 40°C. Wanneer we dan ook nog twijfelen of we wel nog op het juiste pad zitten, roepen we iets minder enthousiast terug naar de vermeende chimpansees. Zegt Christine: &lt;br /&gt;-ziet eens dat we hier moeten slapen? &lt;br /&gt;-Brrr…&lt;br /&gt;Je zou geld willen geven om hier een homo sapiëns tegen te komen in dit ‘oudste tropisch regenwoud van de wereld’!&lt;br /&gt;We houden goed ons uurwerk in het oog, en besluiten nog een half uur verder te lopen. Indien we dan niet in oostelijke richting aan het terugdraaien zijn, kunnen we nog terugkeren vòòr het donker is.&lt;br /&gt;Ja, oerwoudtochtjes zijn behoorlijk spannend!&lt;br /&gt;Uiteindelijk zien we een wegwijzer naar Kuala Tahan, waar we logeren. Oef.&lt;br /&gt;We staan elk een kwartier onder de douche om de plakkerigheid en de bloedzuigers van ons af te spoelen. Wat een grandioze natuur, morgen gaan we zeker terug!&lt;br /&gt;Het is niet lang meer voor we naar huis gaan. Ik betrap mezelf erop dat ik veel aan thuis denk. We praten er ook vaker over.&lt;br /&gt;We kijken voor het eerst terug naar onze foto’s. We beginnen met ons afscheidsfeest in de tuin, waar we al onze familie en vrienden zien. Het is ontroerend weer een beetje thuis te zijn, onze keuken, living,… te zien. Wat is alles mooi en groot!&lt;br /&gt;Daarna laten we Turkije, Iran, Pakistan, China en India eens vlug passeren, en glimlachen bij sommige beelden waar we ons druk gemaakt hebben. Nu is die chaos zo normaal geworden…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;13 december ’06 &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Kuala Tahan&lt;br /&gt;Een mens heeft een groot aanpassingsvermogen. We doen kousen aan, en besprenkelen ze met een insektenwerend middel. Dit houdt de bloedzuigers heel efficiënt weg, en hebben onze zaklamp mee om in een grot af te dalen. &lt;br /&gt;De wandeling is heel mooi, maar de grot een lachertje. Hij zit wel vol met grote vleermuizen. Ik ben niet erg op mijn gemak. Christine neemt de leiding in de ondergrond.&lt;br /&gt;Onbevreesd en zaklamp op het hoofd als een ervaren mijnwerker daalt ze verder af. Ik roep, nogal dunnetjes:&lt;br /&gt;-pas op dat die vleermuizen niet in je haren vliegen, ze zien niet, en bewegen zich op een sonarsysteem, waarvan de ultrasonestralen dòòr je haren gaan!&lt;br /&gt;-ja, met jouw hoeveelheid haar zul jìj daar weinig last van hebben.&lt;br /&gt;-grr, grr…&lt;br /&gt;We wandelen terug en hòren wel veel dieren, maar zien niets. De hitte is ook vandaag loodzwaar. (We douchen hier drie keer per dag, maar stinken als de beesten naar zweet.)&lt;br /&gt;Plots komt de regen in bakken neer, om ons op een welkome manier te verfrissen. Het zou méér mogen zijn, want het oerwoud is één grote paraplu en we zijn toch al druipnat van ons eigen zweet.&lt;br /&gt;De natuur blijft mooi en indrukwekkend, maar toch besluiten we dat we een voldoende mooie indruk van het regenwoud hebben, en dat een derde tocht daar niet veel meer zal aan toevoegen. Morgen reizen we door naar Kuala Lumpur, maar we hebben beiden een beetje heimwee en zouden liever doorreizen naar Kuala Assebroek…&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/20014654-116606810337484250?l=dewereldreizigers.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/feeds/116606810337484250/comments/default' title='Reacties plaatsen'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=20014654&amp;postID=116606810337484250' title='0 reacties'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116606810337484250'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/20014654/posts/default/116606810337484250'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://dewereldreizigers.blogspot.com/2006/12/11-december-06-gua-musang-kuala.html' title=''/><author><name>Johan en Christine</name><uri>http://www.blogger.com/profile/16905190794237488565</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='16' height='16' src='http://img2.blogblog.com/img/b16-rounded.gif'/></author><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-20014654.post-116580739782908360</id><published>2006-12-11T04:21:00.000+01:00</published><updated>2006-12-11T04:23:18.326+01:00</updated><title type='text'></title><content type='html'>2 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Hat Yay -  Ko Lipe&lt;br /&gt;Omdat de trein 2 uur vertraging heeft (het is hier normaal dat de trein een halfuur later vertrékt) zijn we pas om 8 h in Hat Yay. We twijfelen nog steeds waar we naartoe willen gaan. De oostkust hebben we nu uitgesloten omdat-na telefoneren- alle eilanden blijkbaar  afgesloten zijn: het is hier moessontijd. &lt;br /&gt;Twee uur minibus dus naar Satun aan de westkust. We blijven twijfelen tussen Ko Lipe in Thailand en Pulau(=eiland in het Maleisisch) Langkawi in Maleisië . We besluiten naar Langkawi te gaan, maar nemen  dan toch weer op het laatste moment het ander bootticket omdat we hier vernemen dat Langkawi shopping centers heeft,  één van de grote trekpleisters is voor de inwoners van Kuala Lumpur, en ’t is juist weekend…&lt;br /&gt;De boottocht duurt 4 uur in plaats van 2 uur. We hebben het nog steeds niet afgeleerd te denken dat je hier ook ergens op tijd kunt komen! Tijd speelt hier gewoon géén rol…&lt;br /&gt;De tocht is sprookjesachtig. De boot voert ons door een smaragdgroene zee, bezaaid met kleine en wat grotere eilanden, met tropisch regenwoud, rotsen. Vaak heel bergachtig. Op de vlakkere delen van sommige eilanden krijg je parelwitte stranden met palm-en cocosbomen onder een staalblauwe lucht… Het geheel is een nationaal park, en beschermd. Uitgenomen Ko Lipe. Daar mag  gebouwd worden, privé-initiatief is toegelaten. We verwachten dus geen ‘ongerept’ eiland maar hopen dat het toerisme op Ko Lipe nog niet de bovenhand heeft op het gewone leven.&lt;br /&gt;Eindelijk, na drie uur komt het in zicht. Twee intens groene bergen, met daartussen een lagere zone met wat bebouwing en prachtige stranden. We komen dichter en stappen over op een kleine platte vissersboot omdat het laatste stuk zee heel ondiep is. Bij het dichterkomen zien we dezelfde taferelen als op andere eilanden: bungalows, bars, restaurants en vooral… veel muziek. Oh nee! De meeste passagiers stappen af. Wij dus niet! Other side of the island please… &lt;br /&gt;Gelukkig is het hier een andere wereld.Vissersboten domineren het strandbeeld en je moet de bungalows tussen de vissersdorpen gaan zoeken. Intussen is het aardedonker geworden, want er is geen elektriciteitsnet op het eiland. Mensen hebben hier een eigen beperkte stroomvoorziening via zonnepanelen of een kleine generator. Ook hier loont het de moeite prijs en ligging van wat ‘resorts’ te vergelijken! We nemen er onze tijd voor en vinden uiteindelijk een prachtige kleine bungalow op het strand met de zee vlak voor ons neusje  op ‘Tarutao resort’( 300 B = 7€/nacht ) We gaan dìrect zwemmen om onze oververhitte lijven af te koelen. Alhoewel, afkoelen. Het zeewater is 30°C! Het water is zò klaar dat je zelfs in het donker je voeten op het zand ziet staan. Genieten… onder de bijna volle maan en het boogschutter sterrebeeld… &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;3 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ko Lipe&lt;br /&gt;We wisten dat het ‘marinepark’ bekend is bij duikers en snorkelaars, en huurden daarom vooraf in Satun 2 snorkels voor de ganse week.  &lt;br /&gt;Eerst proberen, vanmorgen. Het is een waar feest…De koraalriffen zijn  aanwezig tot op het strand. Ik zag reeds honderden films over het onderwaterleven in dit gebied, maar kan niet geloven dat het zò mooi is! Het ontroert tot in het diepste van je ziel. Ik denk aan mijn twee grootvaders die hun leven op zee doorbrachten. Zij hebben dit nooit gezien. Een gevoel van dankbaarheid welt in me op door die ontmoeting met de diepe schoonheid van onze planeet…Bij Christine is het eender. We staan verstomd en zwemmen van het ene koraalrif naar het andere. Zeeappels met bewegende stekels en fluorescerende oogjes, wuivende zeeanemonen die in symbiose leven met wit en oranje gestreepte vissen, grijze vissen met een paars fluorescerende staart, bekerspons, bolspons, citroengeel-en intensblauw gestreepte vissen, de bodemkruipers met hun schutkleur… En dit in een rust en harmonie die je wellicht maar onder water kunt vinden. Als bioleerkracht kun je met dia’s of film maar een mistig  afkookseltje van zoveel schoonheid aan je leerlingen overbrengen. Ook het aquariumgebouw van de zoo geeft dit niet weer. &lt;br /&gt;We zwemmen en zwemmen, tot… onze rug tegen de middag roodverbrand is! Ja, ’t is ook nog waar. We bevinden ons op 7° NB, en de zon brandt genadeloos dòòr het water!&lt;br /&gt;Na de middag informeren we om eventueel een duikkursus te volgen met brevet,  zodat we dan later als de gelegenheid zich nog eens voordoet gewoon een uitrusting kunnen huren zonder begeleiding.&lt;br /&gt;We boffen. Er verblijft hier een Nederlands instructeur! De cursus kost 25 000B voor 2 personen, geen afbieden mogelijk. Ver buiten ons budget. De lokale mensen geven de opleiding voor 17 000B. Nòg buiten ons budget, maar we willen niet meer bargainen omdat het prijsverschil al groot is, en we ook een eerlijk loon willen geven aan de plaatselijke mensen. We twijfelen en nemen de handboeken in het Engels en Frans mee om in te kijken. Ze beloven morgen een boek in het Nederlands om ons examen af te leggen. Technische uitleg wel in het Engels…&lt;br /&gt;De wet van Archimedes, druk en oplosbaarheid in gassen en vloeistoffen… Er komt heel wat fysica bij kijken. Mijn domein. Ik heb er vertrouwen in en wil graag met de Thaise instructeur werken. Christine twijfelt… &lt;br /&gt;-geef ons de eerste initiatie, en als we merken dat we goed met mekaar kunnen communiceren doen we verder.  &lt;br /&gt;-OK. We beginnen om 16 h bij laag water! Daarna beslis je definitief.&lt;br /&gt;Intussen verkennen we het eiland. Er is aan onze kant een opkomend toerisme, maar het ‘gewone leven’ heeft hier nog de overhand. We logeren tussen twee vissersdorpen, waar de mannen hun boten schilderen en de naden met touw, gedrengd in pek, dichten. Netten worden hersteld zoals ik dat mijn grootmoeder in de keuken bij de buisstoof veel heb zien doen. Hier worden ook grote fuiken getimmerd, van plooibare takken uit de jungle, net achter ons… Het voert me terug naar mijn kindertijd, waar ik met mijn vader op zondagochtend langs de kade liep, naar het schip van zijn broers. Netten, motoren, het schip van mijn andere grootvader dat binnenvoer na de Ijslandreis, bulkend van de vis…Het is alsof het gisteren was. &lt;br /&gt;De duikinitiatie is geestig, en verloopt heel vlot. Yid is een goede instructeur. We leren stap voor stap op het strand, net onder de waterspiegel, met het materiaal omgaan. De luchtflessen, drukleidingen, ontspanner, ademhalingsspin.  Een heel nieuwe wereld gaat open. We besluiten de opleiding bij hem te nemen.&lt;br /&gt; &lt;br /&gt;4 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ko Lipe&lt;br /&gt;Vanmorgen komen we toe als twee ijverige studentjes. Maar wat blijkt? We gaan al direct het zeegat in! Het materiaal wordt ingeladen in een vissersboot, en een stoere vissersbonk, met een huid zo hard en gitzwart als een schoenzool zit aan het roer. We klieven door de golven naar één van de andere eilanden van het nationaal park. We herhalen het monteren en controleren van het materiaal, en de basistechnieken van gisteren. Nu gaat het dieper onder water.&lt;br /&gt;Yid is hier geboren en getogen, en kent de omgeving op zijn duimpje. Maar…zijn kennis van het Engels is beperkt. Hij kan min of meer de uitleg geven omdat hij dit ingestudeerd heeft, maar een vraag begrijpen en beantwoorden gaat moeilijk. Gelukkig is duiken pure fysica, en kan ik de uitleg verder doorgeven aan Christine. Langzamerhand leren we de wet van Archimedes op ons lichaam toepassen. Je lichaam moet zweven in het water, een samenspel tussen je longinhoud, de lucht in de luchtkamer van je duikerspak, en je loodgordel. Die fijne regeling moet je leren aanvoelen, en dat vraagt wat tijd en oefening.&lt;br /&gt;Intussen dalen we méér dan 5 meter. Koralen, in berg en dal, met  grote bekersponsen vullen het gezichtsveld. Dit mooie landschap bevolkt met prachtige vissen…&lt;br /&gt;Over de middag trakteert Yid ons op ‘fried rice’, en nemen we voldoende wachttijd om de stikstof in het bloed uit te scheiden.&lt;br /&gt;Na de middag duiken we wat dieper, en gaat het meer de ontspannen toer op: onderwater-natuurexploratie’. We komen terecht in de schatkamer van Ali Baba.&lt;br /&gt;In de grote bekersponsen ontbreken enkel de juwelen en goudstukken. Maar, het onderwaterleven is véél mooier dan goud…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;5 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ko Lipe&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;De cursus loopt aan een razendsnel tempo. We zijn nog wat moe van gisteren, maar zitten alweer in de boot, op weg naar grotere dieptes. Intussen merken we dat de taal waarin je de uitleg krijgt minder belangrijk is, omdat je onder water toch alle bevelen  in gebarentaal krijgt. Het Nederlandstalige boek is nog steeds niet toegekomen, en we missen dit wel. &lt;br /&gt;We duiken vandaag tot op 8 meter, en voelen de grote druktoename op ons lichaam, vooral op de trommelvliezen. Op 10 meter heb je al een dubbele luchtdruk: 2 atmosfeer! Als je dan nog de oefeningen erbij neemt wordt het behoorlijk spannend. Je moet je ademhalingsspin uit je mond nemen, en overschakelen op je  reservespin, of die van je mededuiker, zonder paniek. Je duikbril afnemen, rondzwemmen en weer opzetten, terwijl je met je onbeschermde ogen in het zoute water blijft kijken, is er voor mij teveel aan. Ik voel het zoute water in mijn neus en ogen prikken, mijn hart begint te bonzen van de spanning, waardoor ik méér zuurstof moet opnemen, het gevoel lucht te kort te hebben maakt zich van me meester, ik kijk naar het wateroppervlak zò ver bòven me en sla in paniek… Met één druk op de gele knop is de luchtkamer van mijn duikersuitrusting volledig met lucht gevuld en schiet ik naar boven…Ik zie de twee keer dat ik op zee de dood voor ogen zag klaar voor me: &lt;br /&gt;Als kind van 6 drijf ik samen met mijn zus en 2 neven langzaam de zee in. We kunnen niet meer terug. Ik zie het strand steeds kleiner worden, machteloos ronddobberend in panische angst… &lt;br /&gt;De tweede keer in april 2002:  Ik ga graag in hoge branding zwemmen. Dit keer  té hoog… Ik raak niet terug naar de kust… Om de minuut slaan metershoge golven over die me volledig opslokken en ronddraaien. Ik ben hun speelbal  en krijg voortdurend water binnen. Terwijl ik nog naar adem hap en bijna mijn longen uithoest van het koude, zilte water, na een metershoge muur , doemt de volgende alweer op met zijn vernietigende bruute vuist… Het zeewater is nog heel koud in april, ik voel mijn lichaam onderkoeld raken en het leven wegtrekken. Ik zie Christine in de regen op het strand staan, ze heeft het niet door dat ik in moeilijkheden ben. Ik zie haar voor het laatst want het is gedaan, mijn spieren kùnnen niet meer vechten. Alles wordt wazig rond me, doodgaan is niet moeilijk: je glijdt verder in verdoving het water in. Nog één of misschien twee golven…&lt;br /&gt;Maar, de volgende golven slikken me niet volledig op... De wind is nét iets verminderd, waardoor ik mijn laatste krachten kan gebruiken om me op het strand te storten. Ik grijp me vast in het zand en de keien, maar kan me niet meer oprichten. Vòòr ik het bewustzijn verlies zie ik Christine die naar me toeloopt. Ik zal verderleven…&lt;br /&gt;Yid ziet de angst in mijn ogen, en ik vertel hem kort wat er vroeger gebeurd is. We  gaan aan land. Einde van de eerst duiksessie voor vandaag. De fried rice doet deugd!&lt;br /&gt;In de namiddag maken we een nieuwe ‘onderwaterwandeling’. Je waant je in de ‘onderwater -  Himalaya’. Wat een schoonheid en afwisseling…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;6 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ko Lipe&lt;br /&gt;Vandaag worden we meegenomen voor een extra duik, want het praktisch programma van de cursus is eigenlijk al beëindigd. Na de voorbije twee dagen voel je dat duiken veel van je lichaam vergt. We leren berekenen, afhankelijk van de duikdiepte hoeveel stikstof in het bloed overblijft na een duik, en hoelang je lichaam erover doet om die stikstof weer af te scheiden. Je moet dus tijd nemen, tussen twee duiken. Het is van levensbelang dit te respecteren. Yid vertelt ons dat hij probeert die kennis over te brengen op de plaatselijke vissers hier, maar dat dit moeilijk lukt. Via een adembuis dalen ze soms diep onder water af, om de grote fuiken te plaatsen of te controleren. Omdat ze de rusttijden niet willen respecteren krijgt hun lichaam regelmatig te weinig zuurstof, wat vaak verlamming of de dood tot gevolg heeft. Ook onze fisherman heeft één been dat half verlamd is. Maar, zegt Yid: ‘hij is nog niet geleerd!’&lt;br /&gt;Het is heel ontspannen op de boot. We vertrekken met een 4-tal Thai, Yid en de fisherman die de boot voert. Indien je hier bij westerlingen cursus zou volgen zou dit zeker efficiënter georganiseerd worden. Thaise mensen gaan helemaal anders om met tijd. Een vertrekuur afspreken is bijvoorbeeld onmogelijk. Als je zegt om 9h zegt Yid: yes, yes. Om 10h? Yes, yes. Om 11h? Yes, yes…&lt;br /&gt;We vertrekken uiteindelijk in de voormiddag, als… we klaar zijn met inladen. Maar, als je nu toevallig iemand tegenkomt om een praatje mee te slaan, is dit nog later. Slowly, slowly…Wìj vinden ‘wachten’ om te vertrekken vervelend. &lt;br /&gt;Voor hen speelt tijd gewoon geen rol. Als je je probeert in te leven in hùn mentaliteit (wat moeilijk is!) zie je dat er een enorme rust en vriendelijkheid van die mensen uitgaat. Het is bizar, maar omdat tijd geen rol speelt hébben ze ook tijd. De les duurt geen uur of twee uur, nee, tot het gedaan is…&lt;br /&gt;Ik riskeer het niet om op grote diepte rond te zwemmen zonder masker. Yid respecteert het. Slowly, slowly…Christine heeft er geen probleem mee. Ik zie door mijn duikbril dat ze alle bewegingen perfect onder controle heeft.&lt;br /&gt;We duiken vandaag op 12 m. Het is prachtig. Toch ben ik niet 100% op mijn gemak. Ik houd alle meters goed in het oog. Het wateroppervlak zit zò ver…&lt;br /&gt;Na de duik varen we niet direct terug. De fisherman wil nog eerst vissen. Wat een figuur! Hij heeft niet die fijne Thaise trekken, maar de kop van een Australische Aboriginal. Hij stuurt de boot, hangend aan zijn dieselmotor, door de golven, terwijl hij de vislijn viert. De lijn bestaat uit een aantal haken met kippepluimpjes. Het is de wonderbaarlijke visvangst. Lijn uitwerpen, en na enkele minuten weer optrekken om de kilo’s grote vissen in de boot te werpen. Hij haalt maar binnen, tot de bodem van de boot vol ligt met spartelende vis. Hij heeft iets wilds, ik mag hem, en het is wederzijds. We lachen naar mekaar. Hij vertelt dat hij de oceaan overstak om voor de kust van India te vissen, maar daar gesnapt werd en een jaar in de gevangenis doorbracht. Ook mijn grootvader zat in de gevangenis in Portugal, omdat hij het niet kon làten ‘binnen de limieten’ te vissen. Zoals hij daar aan zijn roer hangt met een sigarettenpeuk in zijn mondhoek acht ik hem nog tot veel meer in staat. Het is beter met hem een Chang(=plaatselijk bier) te drinken dan ruzie te maken.&lt;br /&gt;We genieten van de boottocht op zijn Thais…&lt;br /&gt;In de late namiddag nemen we nog wat theorie door voor ons examen van morgen. En ja, sinterklaas heeft vandaag hier het Nederlands handboek meegebracht. Slowly, slowly.&lt;br /&gt;   &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;7 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ko Lipe&lt;br /&gt;Het 300 blz. tellende PADI – handboek volledig instuderen is onbegonnen werk. ’s Middags heeft Christine nog geen 100 blz door, en dan moet ik nog beginnen lezen, want we hebben maar één handboek. Ik heb er ook weinig zin in. &lt;br /&gt;We besluiten enkel de herhalingsvragen na elk hoofdstuk te lezen. De berekeningen die de maximale duiktijd en rusttijd bepalen oefenen we goed in. &lt;br /&gt;Om 16h zijn we er klaar voor….&lt;br /&gt;We zitten er al een hele tijd (grr, slowly, slowly!), en dan komt het examen. Gepeperd! De moeilijkste vraagstukken en de kleinste details  worden niet uit de weg gegaan…&lt;br /&gt;De hoofdzaken kennen we goed uit de praktijk. Ook alle berekeningen zijn correct. Van de detailvragen hebben we er enkele verkeerd, maar we halen ruim de vereiste 75% om te slagen. We krijgen een voorlopig duikersbrevet. Het definitieve diploma komt via PADI Australia naar ons thuisadres. We feliciteren mekaar, en eten ’s avonds elk een lekkere levende verse vis op de barbecue! Heerlijk.&lt;br /&gt;We praten nog wat na met Yid. Hij deed er 7 jaar over om duik-instructeur te worden. Omdat de opleidingen voor hem zò duur waren moest hij steeds weer een periode werken in Bali of Maleisia om de volgende cursus te betalen. Elk jaar  is een duur examen nodig om zijn licentie te vernieuwen. Hier op het eiland heeft hij nu een nieuwe duikschool opgericht, wat een zware investering in materiaal is voor hem. We zijn zijn eerste buitenlandse klanten, en schrijven een tekst in zijn herdenkingsboek om hem aan te bevelen…&lt;br /&gt;We zijn ook echt blij dat we niet kozen voor een buitenlandse opleiding die misschien wat professioneler is. Hier krijg je zoveel méér: Slowly, slowly…&lt;br /&gt;Christine geeft onze knappe Thaise instructeur drie dikke zoenen bij vertrek. Net iets té dik. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;8 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ko Lipe&lt;br /&gt;De laatste dag op ons paradijslijk eiland. We staan vroeg op om het binneland te verkennen. We draaien recht het oerwoud in en passeren de drie grotere vissers dorpen. De mensen wonen hier ongelofelijk simpel. Je kunt het met moeite een huis noemen. Enkel een afdak op palen met half-gesloten wanden. Slapen op de grond. Om te vrijen moet je wellicht wachten tot het donker is. Niet dat het een probleem is, want het wemelt hier van de spelende kinderen. Ko Lipe is toegewezen als vaste verblijfplaats voor een nomadenvolk dat hier op de oceaan tussen de eilanden rondtrok met hun ‘longtailboten’ en van de visvangst leefde. Voor hen moet het sedentaire leven en vooral het contact met westerlingen zoals wij een echte schok zijn…We bewegen ons zo bescheiden mogelijk tussen de dorpen, en durven met moeite foto’s nemen. Mensen lachen ons warm en vriendelijk toe. Ook zij kijken naar ons als een ‘curiosum’.&lt;br /&gt;Er zijn geen wegen, enkel paden door de wildernis. Het is hier heel stil. Je voelt de adem van het oerwoud. De geluiden klinken als muziek in de oren…Alles straalt een diepe rust uit&lt;br /&gt;Om 8 h is het al bloedheet. De plaatselijke middelbare school draait op volle toeren. Ik krijg zowaar heimwee. De leerlingen zitten in hun keurige witte uniformen voor de computer. De school beschikt over internet via satelliet. Ook onze website zouden ze kunnen lezen, indien we, zoals de meeste Nederlanders onze website lieten vertalen in het Engels door een vertaalprogramma . Of die website van een andere middelbare school ergens ver weg, in Brugge, den Olva... De wereld is klein, ook voor de kinderen van deze nomaden.&lt;br /&gt;We zien grotere, professionele vissersschepen aan de horizon. Natuurlijk vangen die nog véél sneller vis dan onze fisherman. Misschien zòveel dat binnen een aantal jaar kippeveren geen zin meer hebben? Het leven zal hier niet blijven zoals het is, in dit ‘laatste paradijs van Thailand’.&lt;br /&gt;’s Avonds maken plaatselijke mensen voor ons een heerlijke maaltijd klaar in hun eigen keuken. We zijn de enige klanten: Eerst zeevruchtensoep in een room van cocosmelk. De cocosnoten liggen hier voor het rapen! De vis uit hun zee, gebakken in cocosolie, met zoetzure saus van ananas, papayo en mango. (Ze vallen hier van de bomen in je mond) Met fried rice van zeevruchten erbij durven we niet meer diep ademen uit schrik dat we splijten! We wanen ons in een vijfsterrenrestaurant. En dat alles voor nog geen 10€…&lt;br /&gt;Terwijl we daar zitten barst een tropisch onweer los. De paden zijn in een handomdraai kleine rivieren. De bliksem slaat als een kleine vuurbal in op de weg, net naast ons. We verschieten nogal, maar zien dat men hier met moeite verpinkt. Het gebeurt hier blijkbaar vaak. De familie waarbij we eten weet dat we morgen vertrekken.&lt;br /&gt;-Wanneer kom je terug?&lt;br /&gt;-Wellicht nooit meer…Het is zò ver naar hier.&lt;br /&gt;-We geloven je niet! Iedereen komt hier terug…&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;9 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Ko Lipe – Hat Yai&lt;br /&gt;We zwemmen nog een laatste keer. Uit het water kijk ik naar het eiland. Ik neurie het liedje van H. Bellafonte: ‘Island in the sun’ en bedenk dat je hier nu met weinig kapitaal een stukje grond zou kunnen kopen, wat chalets verhuren, koken voor je gasten. Je zou hier goed kunnen leven, want binnen enkele jaren is dit hier een veel duurder toeristisch oord, zoals de vele andere eilanden in Thailand…Niet voor mij. Wellicht wél voor anderen want het is hier té mooi! Als de overheid de plaatselijke vissersbevolking niet beschermt wordt alles gegarandeerd opgekocht door kapitaalkrachtiger mensen. De bazin van onze resort is in onderhandeling met een Engelse firma om een vijfsterrenduikschool op te richten… &lt;br /&gt;We klauteren van in het water ( er zijn hier geen aanlegstijgers) een plaatselijke longtailboot in. &lt;br /&gt;De veerboot ligt al te wachten in de open zee.&lt;br /&gt;Motoren worden gestart. Aan hoge snelheid wordt Ko Lipe kleiner. Eerst verdwijnt het strand achter de ronding van onze aardbol. Daarna de vlakkere delen. Na enkele uren zie je nog vaag de twee bergen uitsteken. Daarna wordt het ganse eiland in de oceaan opgeslokt. De vissersgemeenschap van Ko Lipe is nu enkel nog herinnering. Ik voel me een beetje triest.  Dank je wel omdat we een week mochten meeleven in jullie aards paradijs, voor de rust en hartelijkheid die jullie uitstralen. Dank je wel voor de indrukwekkende ontdekkingstocht onder het wateroppervlak. Wellicht komen we hier nooit terug. We gaan jullie missen…&lt;br /&gt;We nemen de minibus terug naar Hat Yai. Morgenochtend de trein naar Maleisië. Als het aards paradijs ooit bestaanheeft, zal het wel hier geweest zijn. &lt;br /&gt;&lt;br /&gt;10 december ’06&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Hat Yai – Sungai Kolok - Pasir Mas ( Maleisië) – Gua Musang&lt;br /&gt;Om 6.50h zitten we al op de lokale trein voor een vijf uur durende treinrit naar Sungai kolok, het laatste stadje vòòr de oostelijke grensovergang met Maleisië.&lt;br /&gt;Zo’n treinrit is bloedheet, in nokvolle wagons met houten banken en open ramen. Maar het is iets écht. Je mag een glimp opvangen van het plaatselijke leven en zo stiekem mogelijk mooie plaatjes schieten.&lt;br /&gt;Het is hier weer een andere wereld. We komen sinds Pakistan voor het eerst weer in moslimgebied. Vrouwen lopen weer gesluierd. Ze zien er allerschattigst uit, met hun zwarte ogen onder de sluier.&lt;br /&gt;De trein lijkt wel belegerd. Soldaten houden de ganse reis de wacht met het machinegeweer in aanslag. Ook de stationnetjes zijn net versterkte burchten. Regelmatig gebeuren hier aanslagen omdat de moslimbevolking wil aansluiten bij het Islamitische Maleisië. Op de trein uit Bangkok vertelde ons dan weer een andere man heel fier dat het noordelijk deel van Maleisië éigenlijk van Thailand is. De Britten hebben de grens verkeerd getrokken. Zo zie je maar. Het is niet enkel de Vlaamse rand rond Brussel. Op de ganse wereld leven verschillende bevolkingsgroepen in de grensgebieden gemengd. Vaak met de nodige spanning.&lt;br /&gt;Good bye, Thailand…Je bent een prachtig land, een oase van rust en ontwikkeling in dit deel van Azië. We hebben genoten met volle teugen. Dank je wel.&lt;br /&gt;Wellcome to Malaysia!&lt;br /&gt;De grensformaliteiten zijn in 10 min. geregeld. Jawel! &lt;br /&gt;Uurwerkje weer een uurtje doordraaien. Baths opbergen en Maleisische Ringgits uit de muur halen…&lt;br /&gt;We nemen de bus naar het station van Pasir Mas. Het is een echt moslimstadje, dus op deze bloedhete dag is een frisse pint er niet meer bij.&lt;br /&gt;We beslu
